eMagiz: Integratie is niet sexy, maar wel de bottleneck

Rob ter Brugge, eMagiz

20-10-2021 | door: Anne van den Berg

eMagiz: Integratie is niet sexy, maar wel de bottleneck

Een applicatie is zo goed als de integratie ervan. Toch komt het regelmatig voor dat de integratie wordt vergeten. Bijvoorbeeld omdat het specialisme ontbreekt in het team. Daarom greep eMagiz de lowcode revolutie aan en ontwikkelde een hybride lowcode integratie platform as a service (iPaaS) voor de Enterprise markt. ‘Integratie is geen sexy domein, maar het is vaak de bottleneck voor applicaties die data uit de organisatie gebruikt’, aldus Rob ter Brugge, CEO van eMagiz.

In de afgelopen anderhalf jaar ervaarden organisaties veel druk om vaart te zetten achter hun digitale transformatie. De digitale werkplek werd uitgerold voor het hele bedrijf en cloudoplossingen hadden meer tractie. ‘Toch hadden veel bedrijven al vóór de pandemie hun eerste stappen gezet op hun reis’, vertelt Rob ter Brugge. Hij ziet die versnelling bij veel van zijn klanten, zowel grote als kleine organisaties.

eMagiz levert aan die klanten een lowcode en hybride integratie platform as a service, vaak afgekort tot iPaaS. ‘Het platform is hybride omdat het zowel de traditionelere vormen van integratie faciliteert als de ‘nieuwe’, innovatievere manieren van integratie. En hetzelfde geldt voor waar het platform draait, in de cloud, on-premise of in een mengvorm. Ook is het inzetbaar voor grote en kleine organisaties, vanwege de schaalbaarheid van het platform. Daarbij is onze ambitie dat wij alle integraties die bedrijven nodig hebben kunnen faciliteren; any to any protocol, device of app.’

4 trends met invloed op ontwikkeling van apps en integratie
Als Ter Brugge kijkt naar trends die specifiek invloed hebben gehad op de ontwikkeling van applicaties en integraties, dan onderscheidt hij er vier. Ten eerste is er die beweging van een center of excellence naar autonome teams: ‘In een center of excellence zijn teams georganiseerd rondom een specialiteit. Jij bouwde de applicaties en daarna knoopte ik ze aan elkaar. In autonome teams ontwikkelen verschillende specialisten een service of dienst.’

‘Hoewel we zien dat steeds meer organisaties werken met autonome teams, ondersteunen wij overigens beide vormen van organisatie. Een doorgewinterde specialist in een center of excellence kan met ons platform werken, maar ook een applicatieontwikkelaar die weet welke data nodig is om de nieuwe app te laten werken en dus de aangewezen persoon is om de integratie op te zetten.’

Build to change, not to last
De tweede trend is dat deze autonome teams ontwikkelen met de SCRUM-methode. ‘Applicaties worden niet ontwikkeld om te blijven bestaan, maar om te kunnen veranderen. Het eindresultaat is niet zichtbaar, je kijkt steeds een paar weken vooruit. Applicaties moeten snel te ontwikkelen, te testen en aan te passen zijn om mee te groeien met de wensen van de klant. En daarin moet integratie meegroeien.’

Ook de tweede trend werd allang voor de pandemie ingezet, maar het belang om te kunnen anticiperen op verandering werd pijnlijk zichtbaar tijdens de pandemie. ‘PostNL, een klant van ons, maakte een enorme digitalisering en schaalvergroting door. De vraag van de klant is veranderd en onverminderd hoog. De verandering werd al ingezet voor de pandemie, maar de schaalvergroting die de pandemie eiste, is enorm.’

Integratie wordt vaak vergeten
De derde trend is het belang van integratie. ‘Digitale transformatie vraagt om nieuwe klantervaringen, maar vaak wordt de integratie van applicaties en data vergeten. Het is ook geen sexy domein, maar het is vaak de bottleneck voor elke applicatie die data gebruikt. Zeker als data uit verschillende applicaties moet komen, is de integratie al snel de helft van het hele project.’

Dat integratie wordt vergeten, komt in veel gevallen doordat ontwikkelaars van applicaties ook verantwoordelijk worden gehouden voor de integratie. Daarom is lowcode in opkomst, want hierdoor kan in principe iedereen applicaties aan elkaar koppelen, aldus Ter Brugge. ‘Het idee van lowcode is dat zelfs mijn moeder Google moet kunnen koppelen aan Microsoft. Maar dat gaat te ver, wat mij betreft.’

Ad hoc ontwikkelaars aan de slag met herbruikbare componenten
‘eMagiz gaat uit van ad hoc ontwikkelaars die in abstracties kunnen denken en met herbruikbare componenten een integratie kunnen opzetten. Maar ook integratie-experts kunnen werken met eMagiz om koppelingen nog sneller op te zetten. Je kunt desgewenst ook in highcode ontwikkelen en deze koppelingen wel in ons platform plaatsen en daar beheren. Ook kunnen we highcode beschikbaar maken als lowcode component.’

Dat veel bedrijven een digitale versnelling hebben doorgemaakt, betekent niet dat alle oudere applicaties als een kind met het badwater moeten worden weggegooid. Legacy moet soms gekoppeld worden aan nieuwere applicaties. Daarom biedt eMagiz niet alleen API’s en streaming, maar ook asynchrone integraties. ‘Applicaties hoeven dan niet 24/7 online te zijn, maar data wordt pas gesynchroniseerd als beide applicaties online zijn.’

Integratie voor Internet of Things
Als laatste en vierde trend wijst Ter Brugge naar de opkomst van streaming, bijvoorbeeld bij IoT: ‘Als je een slimme koelkast hebt die de temperatuur in de gaten houdt, dan wil je niet elke keer data synchroniseren waarin de normale temperatuur wordt genoemd. Je wilt alleen data synchroniseren als de temperatuur afwijkt van de normale temperatuur. Daar heb je een integratie op basis van streaming voor nodig. Maar welke integratie je ook gebruikt, je kunt die allemaal beheren in eMagiz.’

Door lowcode te gebruiken voor integraties, worden die overigens toegankelijker en beter overdraagbaar, aldus Ter Brugge: ‘In plaats van lappen tekst maken we de integratie inzichtelijk met een afbeelding: met blokjes, pijlen en kleuren maken we processen en verbindingen inzichtelijk. Dat maakt de integratie heel visueel en daarmee snapt een ander direct wat ermee bedoeld wordt. Dat is ook handig als die ander het werk overneemt.’

Geen schroef erin slaan met een hamer
Ondanks dat lowcode in veel gevallen handig is, wil Ter Brugge daarmee niet zeggen dat highcode niet waardevol is. ‘Ik zou niet voor alles lowcode gebruiken. Probeer niet met een hamer een schroef erin te slaan. Ik praat zuiver over lowcode voor applicatieontwikkeling en integratie. En wij bewijzen elke dag weer dat je voor de meeste integraties geen Java nodig hebt.’

Auteur: Anne van den Berg

Terug naar nieuws overzicht
Digitale Transformatie