Mendix ziet enorm potentieel aan low-code-ontwikkelaars

Hans de Visser, vice-president product management bij Mendix

02-04-2021 | door: Johan van Leeuwen

Mendix ziet enorm potentieel aan low-code-ontwikkelaars

Uit een onderzoek dat Mendix in meerdere landen liet uitvoeren, blijkt eens te meer hoe groot de potentie voor de low-code en no-code-markt is. Bedrijven benutten nog maar een klein deel van de mogelijkheden. Hans de Visser (foto), vice-president product management bij Mendix, bespreekt en duidt de onderzoeksuitkomsten.

“We vonden het interessant om te kijken wat de potentie is van de ‘makers’”, vertelt De Visser over de gedachte achter het onderzoek. Mendix spreekt sinds een paar jaar over ‘the maker movement’, waarbij het doelt op het grote aantal mensen dat dankzij low-code of no-code software kan maken. Niet alleen professionele fulltime ontwikkelaars, maar ook citizen developers, werknemers die aan de businesskant werken en die geen ontwikkelervaring hebben.

Het onderwerp van het onderzoek is juist nu actueel, merkt De Visser op. “Door covid is digitalisering alleen maar hoger op de agenda komen te staan en tegelijkertijd is talent erg schaars. Juist nu is het interessant om te kijken hoeveel mensen op de arbeidsmarkt low-code en no-code kennen en gebruiken, en hoeveel er in potentie iets mee zouden kunnen.”

Positief signaal
In samenwerking met onderzoeksbureau Reputation Leaders voerde Mendix het onderzoek Low-Code Forecasts 2021 uit onder een representatieve groep van 250 Nederlandse werknemers. De uitslagen waren opvallend en van de andere kant ook weer niet. De Visser: “Er kwam duidelijk uit naar voren dat wanneer mensen eenmaal bekend zijn met het concept, ze veel interesse hebben. Die uitkomst verrast mij niet, dat zag ik wel aankomen. Ook bleek duidelijk dat werknemers willen bijdragen aan de digitalisering, in de breedste zin van het woord. Een positief signaal voor werkgevers.”

Maar er zit op dit moment nog een groot gat tussen ‘willen’ en ook echt ‘doen’. Waar 77 procent van de Nederlandse werknemers graag nieuwe digitale vaardigheden wil ontwikkelen, en 57 procent een bijdrage wil leveren aan de digitalisering van de organisatie, is slechts 6 procent actief bezig met het ontwikkelen van digitale vaardigheden. In andere landen waar het onderzoek werd gedaan, zoals de VS, de UK en Duitsland, was het beeld vergelijkbaar. Low-code is daarnaast nog lang niet bij iedereen bekend, vooral buiten de IT niet, zo bleek ook uit het onderzoek. Maar tegelijkertijd is de potentie ervan enorm groot. De Nederlandse beroepsbevolking kent 1,8 miljoen potentiële low-code gebruikers, zo berekende Mendix. “Er is duidelijk nog wel een wereld te winnen om dat potentieel te ontsluiten”, zegt De Visser.

Werk aan de winkel dus voor Mendix zelf, maar ook voor bedrijven. “Mijn boodschap voor hen is duidelijk: weet dat er mensen in je organisatie zitten die bereid zijn om hierin te investeren omdat ze dat nuttig of noodzakelijk vinden, ook voor hun eigen ontwikkeling. Het is zonde om daar geen gebruik van te maken.”

Kloof
No-code en low-code kunnen zeer goed van pas komen om de kloof tussen business en IT kleiner te maken. “Van de mensen die aangaven dat ze bij wilden dragen aan de digitalisering, gaf 40 procent daarvoor als reden dat ze hun kennis en ervaring vanuit de businesskant beschikbaar wilden stellen tijdens ontwikkelprojecten. Liefst 35 procent van die totale groep wilde ook echt zelf meebouwen, wat ik zelf een interessant gegeven vond. Die moet je dus echt zien te mobiliseren.”

De kloof tussen business en IT kwam duidelijk naar voren uit een klein maar bijzonder resultaat van het onderzoek. De Visser: “61 procent van de mensen aan de IT-kant heeft het idee dat ze erg nauw samenwerken met de business. Andersom ervaart maar 37 procent van de mensen aan de businesskant dat op die manier. Dat is precies het probleem dat we met ons platform willen voorkomen. We willen IT en business écht samenbrengen.”

Mobiliseren
Het is interessant en belangrijk om die groep potentiële ontwikkelaars te ontdekken en te gebruiken, legt De Visser uit. “Omdat de vraag structureel hoger is dan het aanbod, is er heel veel behoefte aan het op een slimme manier beschikbaar stellen van ontwikkeltools aan de business. Dat is ook noodzakelijk, want anders ontstaat er vroeg of laat altijd shadow IT, met alle gevolgen van dien. Het is belangrijk om alles transparant te houden en de governance op orde te hebben. Want wanneer je minder ervaren ontwikkelaars loslaat op applicatieontwikkeling, moet je er wel voor zorgen dat er geen grote hoeveelheid legacy ontstaat waar je nooit meer vanaf komt. Voor ons is dat een heel belangrijk thema binnen onze platformstrategie. Daarnaast bieden no-code en low-code gewoon veel voordelen om de kennis en kunde vanuit de business te mobiliseren. Als je dat om kunt zetten in oplossingen die ervoor zorgen dat je als bedrijf je werk beter kunt doen, kun je je onderscheiden van de concurrentie.”

Er is dus nog veel te winnen voor de no-code en low-code-markt. Dat dat zal gaan gebeuren, daar twijfelt De Visser niet aan. “Gartner voorspelt dat low-code in 2024 verantwoordelijk is voor meer dan 65 procent van alles wat er op het gebied van applicatie-ontwikkeling gebeurt. Dat heeft als gevolg dat er een enorme shift komt van traditionele programmeeromgevingen naar low-code. Vanuit de markt merken wij dat ook heel duidelijk. Je ziet dat bedrijven meer en meer met no-code en low-code bouwen. Niet alleen kleine huis-tuin-en-keuken-applicaties, maar ook steeds grotere en complexere. Onze investeringen in het platform zijn er mede op gericht om dat mogelijk te maken. Er kan daardoor steeds meer met low-code. In heel veel industrieën slaat dat verhaal heel duidelijk aan.”

Door: Johan van Leeuwen

Terug naar nieuws overzicht