Verbod en dwangsommen voor topman Sanderink en zijn ex krijgt billijke vergoeding

03-03-2021 | door: Redactie

Verbod en dwangsommen voor topman Sanderink en zijn ex krijgt billijke vergoeding

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft drie uitspraken gedaan in een strijd tussen de topman (Gerard Sanderink) van een aantal bedrijven, waaronder Strukton (en Centric), en zijn ex-partner (Brigitte van Egten), die directeur was van twee van zijn bedrijven. Dit meldt rechtspraak.nl

De website rechtspraak.nl meldt:

"Beschuldigingen in de pers
Centraal staan twee beschuldigingen die de topman in de pers heeft geuit aan het adres van de voormalig directeur. Namelijk dat de communicatie tussen haar en de AIVD de aanleiding is geweest voor een inval van de FIOD bij Strukton (de FIOD-beschuldiging). En daarnaast dat de voormalig directeur fraude heeft gepleegd (de fraudebeschuldiging).

Kortgedingvonnis en beslissing hof
De rechtbank Overijssel heeft in een kortgedingvonnis van 25 juni 2019 de vordering van de voormalig directeur tot rectificatie van de FIOD-beschuldiging toegewezen en heeft de topman verboden deze beschuldiging opnieuw te uiten. Op overtreding van dit verbod heeft de rechtbank een dwangsom gesteld (het dwangsomvonnis). De voormalig directeur had ook gevorderd om de topman te verbieden de fraudebeschuldiging te uiten en ook daarvoor een rectificatie te plaatsen. Die vorderingen heeft de rechtbank Overijssel afgewezen, omdat de uitlatingen waar het om ging daarvoor niet ernstig genoeg waren. Het hof is het op beide punten eens met het vonnis van de rechtbank Overijssel.

Vonnis niet opgevolgd
De topman is na het vonnis van de rechtbank Overijssel doorgegaan met het uiten van beschuldigingen. Hij heeft een verklaring aan het zakenblad Quote gestuurd (die gepubliceerd is op de website van Quote en van Strukton) en heeft een stroom e-mail- en whatsappberichten aan diverse media en publieke personen gezonden, zowel met de FIOD-beschuldiging als met verdergaande fraudebeschuldigingen. Het hof legt de topman een verbod op om dit in de toekomst te blijven doen. Ook moet hij een rectificatie plaatsen voor de fraudebeschuldiging. Als hij dit negeert, moet hij een nog hogere dwangsom betalen dan de rechtbank had bepaald.

Dwangsommen
Ook over het opvolgen van het dwangsomvonnis hebben de partijen nog twee andere procedures gevoerd. Het ging er om of de topman het dwangsomvonnis heeft overtreden en daarom dwangsommen moest betalen. In de eerste procedure krijgt de voormalig directeur ook in hoger beroep gelijk. Zij mag de opgelegde dwangsommen incasseren. Het hof is het verder eens met de beslissing van de rechtbank om de dwangsom voor de periode na het vonnis te verhogen. In de tweede procedure (die slechts over een beperkte periode van 5 dagen gaat) slaagt het hoger beroep van de topman. Over die periode hoeft de topman de dwangsommen niet te betalen."

Verder wordt een andere uitspraak door rechtspraak gemeld over een vergoeding voor de ex van Sanderink:

"Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft vandaag een beslissing genomen in een zaak over een arbeidsovereenkomst. Aan de werknemer wordt geen transitievergoeding toegekend, maar wel een billijke vergoeding van € 100.000.

Werkgever en werknemer hebben allebei fouten gemaakt

Het gaat in deze zaak om de arbeidsovereenkomst van een directeur/bedrijfsleider die door de werkgever is opgezegd. De werknemer vecht niet het einde van haar dienstverband aan, maar vindt wel dat aan haar onder meer een transitievergoeding en een billijke vergoeding toekomt. De werkgever bestrijdt dat. Partijen maken elkaar ernstige verwijten waar het gaat om het einde van de arbeidsovereenkomst. Het hof vindt dat de werknemer en de werkgever naar elkaar toe ernstig verwijtbaar hebben gehandeld. 

Geen transitievergoeding

Net als de kantonrechter stelt het hof de werkgever in het gelijk als het gaat om de transitievergoeding. De werknemer heeft haar aanspraken daarop verspeeld door haar eigen ernstig verwijtbaar handelen. Zij heeft aan zichzelf een bonus laten uitbetalen, voor een collega een gunstige exit regeling opgesteld en aan zichzelf een salaris toegekend bij een buitenlandse vennootschap waarbij zij te werk was gesteld. Dit alles gebeurde zonder de nodige afstemming met de werkgever, in een fase waarin het conflict tussen partijen al hoog was opgelaaid. Volgens de werknemer was zij door de werkgever in het nauw gebracht, maar zij koos de verkeerde manier om haar eigen belangen veilig te stellen.

Wel een (hogere) billijke vergoeding

De billijke vergoeding wordt net als bij de kantonrechter aan de werknemer toegekend, maar pakt hoger uit. Het hof komt uit op een billijke vergoeding van € 100.000 bruto, die de werkgever aan de werknemer moet betalen. Dit bedrag is gebaseerd op twee pijlers. De werkgever heeft de arbeidsovereenkomst in strijd met de geldende regels opgezegd. Dat is ernstig verwijtbaar tegenover de werknemer. In hoger beroep is daarnaast ook gekeken naar een aantal andere verwijten die de werknemer aan de werkgever maakt, allemaal in verband met het ontslag. Dat is de tweede pijler. Het gaat dan om het doorspelen van salarisgegevens van de werknemer aan de media, het plaatsen van informatie over het conflict met de werknemer op de bedrijfswebsite en het doorzoeken van de e-mail van de werknemer. Daarmee is door de werkgever zonder goede reden de privacy van de werknemer geschonden. Ook in dat opzicht heeft de werkgever ernstig verwijtbaar gehandeld."

 

Terug naar nieuws overzicht