IBM stippelt reis uit naar moderne omgevingen

Albert Verhoeff, Systems Hardware Leader IBM Nederland

15-09-2020 | door: Witold Kepinski en Teus Molenaar

IBM stippelt reis uit naar moderne omgevingen

Het samenbrengen van traditionele IT (legacy) en de nieuwe moderne IT (data scientists) leidt tot de vraag hoe deze twee verschillende werelden gebruikmaken van dezelfde data, het belangrijkste aspect van een bedrijf. De discussie moet ook gaan over hoe medewerkers automatisering willen gebruiken, hoe zij met apps werken. Daar begint het gesprek, zo meent Albert Verhoeff, Systems Hardware Leader IBM Nederland. “Maar vergeet niet dat dit effect heeft op de infrastructuur, vooral ook op de storage-omgeving.”

De Windows- of klik-generatie, zo noemt Verhoeff de mensen die gewend zijn met applicaties op pc’s te werken; met muis en toetsenbord. In de coulissen staat de app-generatie al klaar om het bedrijfsleven te bevolken. Gewend om met vingerbewegingen het werk gedaan te krijgen op tablet, telefoon en notebook. Je ziet dat op den duur containers de overhand gaan krijgen binnen multi-cloud omgevingen, aldus Verhoeff. “Natuurlijk zullen legacy applicaties grotendeels doorontwikkeld worden, nieuwe functionaliteit krijgen, maar moderne apps zijn opgebouwd uit containers. Uit onderzoek van IBM blijkt dat de komende tien jaar deze twee verschillende aanpakken naast elkaar zullen bestaan. Nieuwe functionaliteit wordt ontwikkeld op containers en zullen naast de legacy applicaties draaien. Dat is ook logisch, want bij bestaande applicaties bestaat de infrastructuur uit meerdere lagen: met onderaan het storage netwerk, dan de virtualisatie laag, het virtuele besturingssysteem en ten slotte de applicatie. Als je iets wilt aanpassen aan de applicatie, dan moet je dat door al die lagen heen doorvoeren. En het is nog maar de vraag of er genoeg storage is om alles goed te laten werken. Dit proces of deze aanvraagprocedure kan weken, maanden duren. Daar wil men, begrijpelijk, van af. Apps kun je deployen en aanpassen in het Red Hat Open Shift Container Platform. Geen centje pijn. Uiteindelijk gaan we toe naar een omgeving die alleen bestaat uit microservices. Je ziet nu al dat 98 procent van de softwarehuizen apps containeriseren. Daarnaast is app refactoring gaande, waarbij code van bestaande applicaties wordt herschreven om te passen binnen een moderne omgeving.”

Reis

Uiteindelijk gaat het helemaal niet om applicaties en apps, maar om de data. Dat is de levensader van elke organisatie, aldus Verhoeff. “Dus moet je ervoor zorgen dat de gegevens beschikbaar zijn voor iemand die met bijvoorbeeld een moderne app gegevens nodig heeft uit een legacy systeem voor deep learning, of analyses wil uitvoeren. De data moeten veilig worden opgeslagen en getransporteerd; alleen bereikbaar voor degenen die ertoe gemachtigd zijn.”

Microservices

Verhoeff beschouwt het als een reis naar de microservices-omgeving. Daar kom je in drie stappen. Hoewel het gesprek dus ‘bovenaan’ begint: ‘Wat wil je met de bedrijfsdata?’, begint de eerste stap ‘onderaan’: de modernisering van de opslaginfrastructuur om de data voor beide werelden op een veilige, gecontroleerde en snelle methode beschikbaar te stellen. “Moderne apparatuur; wij hebben wat dat betreft alles in huis”, zegt hij. “Virtualisatie van opslagstructuren zet door; standaardisering, automatisering en optimalisatie. Dit alles leidt tot lagere IT-kosten. Dat heb je nodig om te investeren in stap 2: de modernisering van het applicatielandschap; alles wat we hiervoor hebben besproken. Om uiteindelijk stap 3 te kunnen zetten: de (hybrid) cloud native omgeving.”

Hoewel Intel het gros van de moderne omgevingen voor zijn rekening neemt en zal nemen zijn er, volgens Verhoeff, situaties waarbij snelheid tussen data en memory een belangrijke rol speelt in beperking van de total cost of ownership. Dan komen de Power- en Linux ONE systemen van IBM in beeld. “Die zijn uitermate geschikt voor de zware en/of sterk beveiligde taken; bijvoorbeeld blockchain of kunstmatige intelligentie. Daarom begint het gesprek bij wat een organisatie met haar data wil doen. Onze partners beginnen dan bij stap 1 om dat mogelijk te maken.”

Flape

Het lijkt alsof tape zijn beste tijd heeft gehad (een uitspraak die overigens al 20 jaar rondzingt), maar niets is minder waar. “Wij blijven opslagsystemen vervolmaken. Vooral voor back-up en recovery, maar er zijn ook bedrijven die tape gebruiken voor actuele data; als het om enorme hoeveelheden gaat. En als betrouwbaarheid een hoogste vereiste is”, aldus Verhoeff. Hij ziet zelfs Flape ontstaan: geïntegreerde systemen van flash en tape. “Flash voor de ‘hot data’ en tape voor de ‘cold data’: een nieuw type voor opslag dat snel is, reactief en kostenefficiënt.”

Relatie-therapie

Budgetten verplaatsen dan ook van Legacy IT, naar de moderne tools, zo besluit Verhoeff. “Echter bestaat er vaak geen relatie tussen deze twee afdelingen, maar hebben ze wel dezelfde data nodig. Door de IBM Hybride laag ertussen te zetten, bouwen we ook aan de relatie tussen deze twee verschillende afdelingen en door de budgetten te combineren, is er veel meer mogelijk om van data echte informatie te halen.”

Door: Witold Kepinski en Teus Molenaar

Terug naar nieuws overzicht