Betty Blocks: Het moet niet gaan over no-code versus low-code

07-10-2019 | door: Johan van Leeuwen

Betty Blocks: Het moet niet gaan over no-code versus low-code

“Mensen kiezen niet voor een term, maar voor een oplossing. Daarom moet de discussie ook niet gaan over no-code óf low-code, maar over hoe je applicatieontwikkeling wil benaderen in je organisatie.” Dat vindt Chris Obdam, de CEO van Betty Blocks.

“De afgelopen tijd zijn vooral de verschillen tussen no-code en low-code benadrukt. En die zijn er ook zeker. Maar bedrijven hebben beiden nodig, want ze versterken elkaar. We vinden dat je er niet zwart-wit naar moet kijken. Het moet niet gaan over no-code versus low-code.” Daarmee begint Obdam zijn duidelijke betoog over de manieren die er zijn om makkelijker en sneller applicaties te kunnen ontwikkelen.

Om uit te kunnen leggen waar de mogelijkheid zit om elkaar te versterken heeft Obdam toch eerst een kleine uitleg over de verschillen nodig. “Low-code is ontstaan aan de kant van de developers, als een manier om applicatieontwikkeling te versnellen. Zij kampen namelijk met een te grote workload. No-code kwam er om mensen zonder ervaring te helpen om zelf applicaties te kunnen ontwikkelen. Mensen aan de businesskant willen dat zelf kunnen. Dat kon en mocht nooit, maar bedrijven zien steeds meer in dat ze iets met die vraag moeten doen. Dat zijn dus twee aparte problemen waar IT-afdelingen mee te maken hebben gekregen.”

Escape hedge
“Wij zijn een no-code platform waar we de ervaren ontwikkelaar ook willen omarmen”, geeft Obdam aan. Dat houdt onder andere in dat er een zogeheten escape hatch is, waarmee Betty Blocks ook de mogelijkheid biedt om met low-code te ontwikkelen. "Op ons platform krijgen ervaren developers de kans om bij te springen en citizen developers op weg te helpen. Daarom zijn er voor de ervaren ontwikkelaars de low-code functionaliteiten."

No-code en low-code zijn beiden uiteindelijk het middel en niet het doel, zo is Obdam stellig. “Het gaat erom hoe je applicatieontwikkeling wil benaderen in je organisatie. Daar moet de discussie over gaan. De keuze voor een platform zoals dat van ons is geen check in the box. Als een bedrijf een bepaald probleem op wil lossen, dan is dat niet meteen opgelost met de keuze voor een platform. Daar komt change management bij kijken. In samenwerking met partners die daarin gespecialiseerd zijn, kunnen we daar ook bij helpen. Uiteindelijk gaat het erom wat je organisatie wil, hoe je de werkwijze wil veranderen. Dat is een stapsgewijs traject. Meteen overstappen op applicatieontwikkeling door de businesskant is vaak niet de juiste manier. Dat is te snel. Met behulp van best practices en trainingen helpen wij klanten om stapsgewijs op dat punt te komen.”

Drie soorten ontwikkelaars
Betty Blocks maakt, ook bij de trainingen die het geeft, onderscheid tussen drie soorten developers. “Aan de ene kant van het spectrum heb je uiteraard de ervaren ontwikkelaar en aan de andere kant de citizen developer. Die laatste is in het dagelijks leven misschien een verkoper of marketeer. Iemand zonder ontwikkelervaring, die een probleem ziet en daarvoor een applicatie wil bouwen. Die applicaties moeten ook worden onderhouden en daardoor ontstaat er een nieuwe persona die wij de no-code-ontwikkelaar noemen. Dat zijn geen traditionele ontwikkelaars, maar ze zijn wel full-time bezig met het maken, maar ook het onderhouden van applicaties. Heel vaak zijn dat voormalige citizen developers. We zien nu echt meerdere leuke voorbeelden van bedrijven waarbij er binnen een afdeling kleine teams van no-code-ontwikkelaars ontstaan. Het innovatievermogen van de afdeling groeit daardoor. Een interessante beweging.”

Te vaak heerst het idee dat de mogelijkheden met no-code beperkt zijn, vindt Obdam. “Er wordt gedacht dat het alleen geschikt is om kleine apps mee te bouwen. Terwijl het natuurlijk gewoon een ontwikkel-werkwijze is, het zegt niets over het uiteindelijke type applicatie. Want met no-code kun je dezelfde soort applicaties maken als met de hand. Het gaat om het proces en wie er achter het stuur zit. We zien aan de ene kant organisaties die grote aantallen simpele maar belangrijke applicaties maken. Aan de andere kant staat een klant die met onervaren ontwikkelaars een heel complex IoT-platform heeft gebouwd dat in verbinding staat met tienduizenden sensoren. Natuurlijk duurde dat traject langer, maar die keuze is bewust gemaakt om als organisatie innovatief te kunnen zijn. Vanuit de businesskant, want de IT kon dat niet.”

“De afgelopen jaren hebben we bij veel organisaties gezien dat de komst van een no-code of low-code platform zorgt voor innovatie en efficiëntere werkwijzen”, sluit Obdam af. “Een no-code platform brengt veel mogelijkheden met zich mee, ook omdat het platform zelf doorontwikkelt. Daardoor zie je dat organisaties meegroeien. Dat levert mooie resultaten op.”

Door: Johan van Leeuwen

Terug naar nieuws overzicht
Cloud