Alleen smart city is in de toekomst nog aantrekkelijk

28-06-2017 | door: Anne van den Berg

Alleen smart city is in de toekomst nog aantrekkelijk

Als het aan Spencer Hinzen, director EMEA business development bij Ruckus Wireless, ligt, is de case voor de smart city eenvoudig te maken. Als je als stad geen investeringen doet in een architectuur en bijbehorende diensten, dan wordt een stad minder aantrekkelijk voor zijn bewoners en ondernemers. Als een naburige stad vervolgens wél inspeelt op de smart city, dan zal de stad vanzelf leeglopen, zo betuigt Hinzen.

Gehaast komt Spencer Hinzen binnen. Hij heeft het druk, maar hij is met gave dingen bezig. Het kost hem dan ook geen moeite om over te schakelen en direct van wal te steken over slimme steden. ‘Ik houd me bezig met het creëren van oplossingen aan de hand van nieuwe technologieën en mijn focus ligt op het Internet of Things (IoT). Daarbij zijn we heel omzetgericht: nieuwe technologieën moeten snel naar de markt gebracht kunnen worden.’

Een ‘low hanging fruit’, zoals Hinzen het noemt, is de smart city. Het inzetten van IoT om een slimme stad te ontwikkelen kan ontzettend snel en kostenreductie, door middel van IoT, kan bijna altijd gerealiseerd worden, aldus Hinzen. Bekeken vanuit het productportfolio heeft Ruckus logischerwijs een plek in deze ontwikkelingen. ‘We zijn wereldwijd marktleider in de serviceprovider wifi-markt. Ook in outdoor wifi en toegangspunten zijn we marktleider.’

Veel ervaring met smart cities

‘Het marktleiderschap betekent dat we in de afgelopen vier à vijf jaar veel ervaring hebben opgedaan met wifi-projecten in een grootstedelijk gebied, in stadscentra, waarbij we ons onderscheiden in producten die goed om kunnen gaan met high volume, high density en high capacity. We hebben bijvoorbeeld met Ziggo samen wifi uitgerold in verschillende Nederlandse stadscentra, maar ook in Frankrijk hebben we samen met Afone in negentig steden wifi-access points uitgerold.’

Hinzen gooit regelmatig Engelse termen in het gesprek en zijn accent verraadt dat hij een ‘rasechte Limburger is’. ‘Ik spreek vier talen, ik woon vijf kilometer van de grens met Duitsland en mijn moeder is Frans’, vertelt Hinzen. Zijn internationale roots maken de huidige functie van Hinzen bijna als vanzelfsprekend. Welk land het meest smart is? ‘Er is geen enkel land dat helemaal smart is, maar Estland, met als hoofdstad Talin, is echt vooruitstrevend.’

In Nederland doet Amsterdam het goed. ‘Amsterdam combineert de smart city met een sharing economy. Dus niet alleen worden IoT-gerelateerde diensten ontwikkeld, ook wordt van alles gedeeld in de stad, zoals auto’s, hand- en spandiensten, en woningen.’ Ruckus werkt in andere steden, zoals Londen, San José en Kopenhagen respectievelijk mee aan smart beveiliging met CC-TV, smart parking en slimme nutsvoorzieningen, die automatisch en van een afstand worden uitgelezen.

Wifi-netwerk geen doel op zich

Kenmerkend aan alle nieuwe projecten is dat een wifi-netwerk, dat de hele stad beslaat, een resultaat, maar geen doel op zich meer is. Het doel is het uitleveren van services aan gebruikers van de stad. Overigens verstaat iedereen wat anders onder een smart city, aldus Hinzen: ‘Iedereen heeft andere uitgangspunten, maar wij zien een smart city als een wifi-infrastructuur die de backbone vormt om services op uit te voeren. Maar vraag het aan honderd andere mensen en je krijgt honderd verschillende antwoorden.’

De services in de smart cities kennen bij Ruckus vier verschillende doelgroepen: de stad, retail, inwoners en toeristen. Iedere doelgroep heeft een eigen wens en behoefte. Zo wil de overheid het liefst de stad zo efficiënt mogelijk inrichten, wil de retailer graag location based services aanbieden, wil de inwoner ondersteund worden in zijn dagelijkse leven en wil de toerist geleid worden naar de meest interessante plekken van de stad.

De vraag is alleen: wie gaat dat betalen? ‘Je ziet drie vormen van investeringen, namelijk private investeringen, zoals van advertentiebedrijven die graag verbinding willen leggen met de eindklant. Of er is een mix van private en publieke gelden als de infrastructuur meerdere doeleinden heeft. Als laatste kan een project ook volledig betaald worden met publieke gelden. ‘Maar ik moet wel zeggen: hoe groter de stad, des te interessanter het is voor de private investeerders.’

Angst voor smart city ongegrond

Als gekeken wordt naar de publieke investeringen, is er nog best wel wat angst, vertelt Hinzen. ‘Ze zijn bang, omdat ze niet weten wat zo’n project met zich meebrengt. Dus aan ons de taak om helder inzichtelijk te maken welke kosten aan een project verbonden zitten en vooral: welke kostenreducties levert een project op? Zodat een snelle ROI gerealiseerd kan worden. Die reductie is uiteraard per project verschillend, maar kan uiteindelijk bijna altijd gerealiseerd worden.’

De smart city is tegenwoordig een buzz woord, een hype, maar steden zullen zich toch moeten aanpassen als ze willen blijven concurreren. ‘Urbanisatie is nog steeds gaande, maar burgers trekken alleen naar aantrekkelijke steden. Je ziet dat steden zich daar heel erg van bewust zijn en dat de slimme stad daar onderdeel van is. En je wilt toch ook niet achterblijven op een buurstad, die zeer waarschijnlijk wél al aan de slag is met slimme toepassingen.’

Verdiepen en vertalen

Als advies geeft Hinzen mee dat betrokkenen bij steden zich eerst zouden moeten verdiepen in de mogelijkheden van de slimme stad. ‘Zoek uit wat die zijn en vertaal het naar wat jij nodig hebt. Vervolgens is goed gejat beter dan slecht bedacht: ‘Ga kijken bij je buren. Er zijn veel samenwerkingsplatforms waar steden kennis en ervaringen kunnen uitwisselen. Kijk of die ontwikkelingen toepasbaar zijn voor jouw stad en probeer het uit in je eigen stad.’

Het uitproberen is tip nummer drie: ‘Begin zo snel mogelijk met uitrollen. Er zijn geen gegronde redenen meer om de kat uit de boom te kijken. Stap over je angst heen.’ Maar hoe zit het dan met veiligheid? ‘IT security is uiteraard onderdeel van de architectuur en als eigenaar van de smart city moet je daar een goede strategie voor hebben. Maar het is de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer, dus als je een goede fundatie wilt bouwen, dan moet je daar goed over nadenken.’

Subsidie voor basisomgeving smart cities

Overigens is er voor steden die binnenkort aan de slag willen met smart city toepassingen goed nieuws uit Brussel: ‘De Europese Commissie wil graag innovatie promoten en onder de naam wifi4eu geld beschikbaar stellen aan steden om een basisomgeving, inclusief implementatie, op te zetten. Wij spelen daar als Ruckus natuurlijk op in door promoties aan te bieden en dan niet alleen op de wifi-architectuur, maar ook op aanvullende diensten.’

De services liggen op allerlei vlakken, zoals traffic control, crowd monitoring, locatie gebaseerde services voor bijvoorbeeld retail. Maar ook voor assettracking leverde Ruckus Wireless eerder de wifi-infrastructuur. In de Duitse stad Monheim worden bijvoorbeeld publiek beschikbare stadsfietsen gevolgd met behulp van het door Ruckus-geleverde netwerk. Zo raakt er geen fiets meer kwijt. Dat zou wellicht voor Amsterdam ook een leuke toepassing zijn. 

Door: Anne van den Berg 

Terug naar nieuws overzicht