Nationale ombudsman: ‘Toezicht op AIVD en MIVD moet onafhankelijk en gescheiden blijven’
30-08-2015 | door: Wouter Hoeffnagel
Deel dit artikel:

Nationale ombudsman: ‘Toezicht op AIVD en MIVD moet onafhankelijk en gescheiden blijven’

De nationale ombudsman Reinier van Zutphen noemt het onwenselijk dat de Commissie van Toezicht op Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) verantwoordelijk wordt voor de klachtbehandeling over de inlichtingendienst AIVD en MIVD. Deze behandeling zou altijd onafhankelijk en duidelijk gescheiden moeten blijven.

Dit stelt de ombudsman in een reactie op het conceptwetsvoorstel Wet op de Inlichtingen- en veiligheidsdienst van minister Plasterk, waarin de aftapbevoegdheid van inlichtingendienstn wordt uitgebreid. In een brief wijst de ombudsman de minister op het risico dat klachtbehandeling niet langer onafhankelijk en onpartijdig is, terwijl het uitbreiden van de bevoegdheden van de inlichtingendiensten juist om meer onafhankelijk rechtsbescherming vraagt.

Eerstelijns en tweedelijns klachtbehandeling
Op dit moment kunnen mensen een klacht over de AIVD en MIVD indienen bij de verantwoordelijke minister. De CTIVD adviseert de minister vervolgens over deze klachten, wat eerstelijns klachtbehandeling wordt genoemd. Indien de indiener van een klacht het niet eens is met de wijze waarop de minister de klacht heeft afgehandeld? Dan kan de indiener terecht bij de Nationale Ombudsman, wat tweedelijns klachtbehandeling wordt genoemd.

In het wetsvoorstel verandert deze situatie en wordt de tweedelijns klachtbehandeling niet langer uitgevoerd door de Nationale Ombudsman, maar door het CTIVD. Reinier van Zutphen stelt in zijn brief dat mensen niet terecht zouden moeten komen bij een klachtbehandelaar die verbonden is met de toezichthouder. De nieuwe structuur kan volgens de ombudsman gaan leiden tot het verwijt dat "de slager zijn eigen vlees keurt".

Onafhankelijk en onpartijdig instituut
De ombudsman wil dat het waarborg wordt gegeven dat de klachtenbehandeling op een objectieve wijze wordt uitgevoerd door een onafhankelijk en onpartijdig instituut. Hij adviseert minister Plasterk dan ook te zorgen dat de klachtbehandeling ‘daadwerkelijk en zichtbaar gescheiden’ plaatsvindt van het toezicht.

Terug naar nieuws overzicht