De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

29-11-2014 | door: Maaike Verschuren

De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

Een appartement huren voor je vakantie doe je goedkoop bij AirBNB, een taxi bestel je voordelig via Uber. Je kinderen werken op school met een iPad, en thuis bedien je met je tablet niet alleen de thermostaat, maar ook de televisie en de verlichting. Heb je nieuwe schoenen nodig? Ook die bestel je online en laat het de volgende dag keurig thuisbezorgen. Nieuwe technologische mogelijkheden maken ons leven vaak makkelijker, leuker en in veel gevallen goedkoper.

Maar, is er ook een keerzijde aan deze 'nieuwe economische realiteit'? Staan we vaak genoeg stil bij de impact die technologische ontwikkelingen hebben op onze economie en onze maatschappij? Stellen we voldoende kritische vragen, of laten we ons meeslepen door het luide 'halleluja' dat klinkt vanuit bedrijven als Google en Facebook? En hoe zou de rol van de overheid in dit debat eruit moeten zien?

Frits Bussemaker (voorzitter iPoort, partner CIOnet) ziet dat er tot nu toe weinig debat wordt gevoerd over deze vragen. Hier maakt hij zich zorgen over. “De gevolgen van technologische ontwikkelingen op de economie en de maatschappij als geheel zou een belangrijk onderwerp van debat zou moeten zijn, zowel in de politiek als daarbuiten”, stelt hij. Daarom organiseerde hij op 13 november een iPoort bijeenkomst met het thema: 'de digitale transitie – de keerzijde van de nieuwe economische realiteit.'

Executive-People sprak over dit onderwerp met de sprekers: Arda Gerkens (lid eerste kamer SP), Kees Verhoeven (lid tweede kamer D66) en Frans van der Reep (lector 'digital world' Hogeschool Inholland, spreker over dit onderwerp, strateeg bij KPN).

Is er een keerzijde?

Dat er wat aan de hand is, daar zijn Van der Reep, Verhoeven en Gerkens het over eens. Maar de definitie 'keerzijde' willen ze alle drie niet in de mond nemen. Gerkens denkt dat we het niet 'keerzijde' moeten noemen, omdat dit begrip een te negatieve lading heeft. “IT gaat onze maatschappij in toenemende mate veel kansen geven. In plaats van een keerzijde zou ik het willen zien als bezinningsmomenten.”

Dat die bezinningsmomenten ontbreken, ziet ook Frans van der Reep. “Of die keerzijde er is weet ik niet, maar we moeten er in ieder geval voor open staan. Dat gebeurt veel te weinig.” Verhoeven ziet ook geen reden om van een keerzijde te spreken. “In principe hoeft de digitale transitie geen keerzijde te hebben. Een transitie zal altijd een omslag meebrengen die voor spelers op de markt positief of negatief kan uitpakken, maar in principe zijn er meer positieve dan negatieve gevolgen.” Maar, zegt hij, we moeten er wel rekening mee houden dat het gebruik van nieuwe ICT en technologie mogelijkheden ook ruimte biedt voor misbruik. “Daarom moeten er goede afspraken worden  gemaakt voor gebruik van ICT en technologie.”

Geen technologiehater

Dat bezinningsmoment is precies dat wat Van der Reep mist. Hij ziet dat we weinig kritisch zijn als er nieuwe technologieën worden geïntroduceerd. “Tech is niet alleen fun, het heeft ook een evil kant. Er vliegen drones rond die op eigen gezag moorden. Dat vind ik levensgevaarlijk. Daar moeten we met elkaar iets van vinden. Begrijp me niet verkeerd: ik ben geen technologiehater, ik vind dat we in een leuke tijd leven. Maar er is ook een donkere kant, en daar moet je voor open staan. Dat geldt voor de technologie die er is en zeker voor de technologie die er aan komt. We moeten zorgen dat we met elkaar die mechanismes begrijpen en dat we zelf de regie in handen houden. En dat begint met het stellen van de juiste vragen.”

Maar wat zijn die vragen die we zouden moeten stellen en die we niet stellen? Volgens Verhoeven spreken we te weinig met elkaar over waar we naartoe willen met de samenleving. “Omarmen we de nieuwe innovatie, of houden we het op afstand? Wat zijn de kosten van ‘gratis’ diensten zoals Facebook en Twitter? Zijn consumenten zich genoeg bewust van hun rol en hun rechten in nieuwe verdienmodellen van bedrijven?”

Hoe ver willen we gaan?

Ook Gerkens maakt zich hier zorgen over. “We gaan van een oude wereld naar een nieuwe wereld en de vraag is of wij wel in staat zijn om zo snel met die nieuwe wereld mee te komen. Ik maak me zorgen om de mensen die er heel enthousiast mee bezig zijn, the sky is the limit voor hen. Die mensen gaan ontwikkelen maar vergeten daarbij een aantal aspecten van het dagelijks leven te betrekken. Dat vind ik een serieuze bedreiging.

Daarom pleit ze ervoor om het debat hierover met elkaar aan te gaan. “We kunnen straks alles, maar wat doet dat met ons leven? Hoe ver willen we daar in gaan? Ik geloof dat we al tegen de grens aan zitten, of er zelfs al overheen zijn gegaan. Mensen zijn zich daar nog niet bewust van, want oorzaak en gevolg liggen in de IT heel ver uit elkaar. Het is pas een onderwerp van discussie, als het al gebeurd is. Als de gegevens op straat liggen of mensen er last van ondervinden. Een voorbeeld daarvan is Google Street View: dat ontlokte een discussie omdat mensen zich realiseerden dat zij op internet stonden. Maar die discussie ontstond pas, toen het er al was.”

Van der Reep noemt het toenemende gebruik van iPads op scholen als voorbeeld van een ontwikkeling waarbij we geen vragen bij gesteld hebben. “Voordat we een nieuwe technologie omarmen, moeten we er met z’n allen bij stilstaan of we dat wel moeten willen. Kijk eerst eens wat die Ipad met de ontwikkeling van ogen en hersenen van jonge kinderen doet. Misschien is het wel oké, maar je moet het niet klakkeloos aannemen. Je moet de vraag stellen.”

Gelatenheid

Maar waar komt die 'gelatenheid' vandaan? Zijn we niet slim genoeg? Is er een gebrek aan interesse voor deze onderwerpen in de maatschappij? Van der Reep stelt dat we afhaken als onderwerpen te abstract zijn om onszelf een voorstelling van te maken. “Neem bijvoorbeeld cybersecurity. Dat is veel te abstract voor ons en op abstracte zaken reageren wij niet. We reageren alleen op concrete zaken, waar een concrete context voor is. Het Amber Alert is daar een goed voorbeeld van: als je een Amber Alert krijgt, reageer je meteen want je hebt er een beeld bij. Bij bedreigingen online is dat niet zo, we hebben geen idee wat die inhouden. Tegen de tijd dat het wel concreet wordt, is de weg terug te lang.”

Ook Gerkens denkt dat we het lang niet altijd doorhebben als er wat aan de hand is en daarom ook niet of niet snel genoeg reageren. “Ik wil de vooruitgang niet stuiten maar er moet wel meer bewustzijn komen rond technische ontwikkelingen. Er moet een omslag in ons denken komen. Ik denk echter niet dat die omslag er komt, vooral omdat oorzaak en gevolg in de IT dus zover uit elkaar liggen. Dat is ook niet iets dat weggroeit met generaties. Op een gegeven moment gaan we voorbij de menselijkheid met de ontwikkelingen, puur omdat het kan.”

Verhoeven stelt dat er wel aandacht is voor de 'keerzijde', maar dat deze lang niet altijd wordt ingevuld als 'bezinningsmoment'. “Wat dit betreft wordt het debat teveel beheerst door hypes en politici die angstbeelden scheppen in plaats van mogelijkheden en kansen zien. Ze kiezen voor nachtmerries in plaats van een positieve visie voor de toekomst. Een goed voorbeeld hiervan is minister Lodewijk Asscher (PVDA) die waarschuwt voor robots die onze banen afpakken.” Deze kijk op innovatie is niet waar Verhoeven voor pleit. “Nieuwe technologie verhoogt de productiviteit van arbeid, wat economische groei mogelijk maakt. Waar we het wel over moeten hebben, is of de ontwikkeling en groei op een verantwoorde manier plaatsvinden. Wij pleiten voor groene, duurzame groei waarbij er op verstandige wijze gebruik wordt gemaakt van technologie en mogelijkheden.”

Ook Gerkens gelooft niet dat automatisering per se leidt tot een kille gerobotiseerde wereld, het beeld dat soms geschetst wordt. “Ik geloof juist dat je door automatisering meer ruimte en tijd hebt voor menselijk contact en dat je daar je maatschappij op moet gaan inrichten.”

AirBNB: wel leuk, maar is het ook fair?

Van der Reep ziet vreemde dingen gebeuren als gevolg van het gebrek aan aandacht van de politiek voor nieuwe technologische mogelijkheden en businessmodellen. “Het is handig dat we bij elkaar kunnen slapen via AirBNB, maar is het wel fair tegenover hotels? Een AirBNB appartement hoeft zich niet aan dezelfde regels te houden als een hotel, maar concurreert wel direct met hotels. Een ander voorbeeld is dat het fijn is dat je in de supermarkt zelf je boodschappen kunt afrekenen, maar wist je dat het praatje met de caissière voor veel oude mensen het enige sociale contact op een dag is? Die vragen worden niet gesteld. Ik vind dat wij te makkelijk doen en onvoldoende rekenschap geven van de impact op de ordening van de maatschappij waar mijn kleinkinderen in zullen leven.” Hij ziet het als een taak van de politiek om in debat te gaan over deze onderwerpen en in actie te komen. 

Goede en eerlijke regels

Als het aan Verhoeven ligt, komen die regels er ook. “Goede regels moeten ruimte bieden aan innovatie en het juist stimuleren. Een overheid moet niet in de weg staan met bureaucratie en regels maar juist een vruchtbare bodem creëren waarop nieuwe initiatieven kunnen groeien. Aan de andere kant moet er een eerlijk speelveld gecreëerd worden waar bestaande spelers op de markt en nieuwkomers gelijkwaardig worden behandeld. Consumenten moeten beschermd worden als dat nog niet (goed) geregeld is met bestaande regel- en wetgeving.”

Daarnaast is er ook in het onderwijs werk aan de winkel. “Kamerlid Paul van Meenen heeft er recent voor gepleit om programmeren een examenvak te maken op het voortgezet onderwijs. De minister en andere politieke partijen zien hier dan de noodzaak niet van in, vinden het dus niet belangrijk en vinden het huidige onderwijs voldoende. Veel mensen zijn bang hun baan kwijt te raken door ICT en automatisering. We moeten ons niet verzetten tegen vooruitgang maar zorgen dat mensen op de arbeidsmarkt goed om kunnen gaan met ICT en technologie en daardoor kunnen profiteren van vooruitgang. Dat begint met goed onderwijs en mogelijkheden om bij te scholen/om te scholen.”

Geen zwart klusbedrijf

Gerkens vindt dat de politiek wakker moet worden. “De economie, die gaat echt veranderen. Ons hele economisch bestel gaat op de schop en we hebben nog geen idee van hoe. We gaan terug naar een diensteconomie en een deeleconomie, er zijn fantastische nieuwe business modellen. Maar de oude en de nieuwe economie raken met elkaar verweven en ik denk dat je dat moet scheiden. Een carpoolsysteem is heel goed, maar als je daar een zwart klusbedrijf van gaat maken, dan moet je het hele idee veranderen.”

Hoewel Van der Reep hoopt dat de overheid wakker gaat worden en echt iets gaat doen, heeft hij er niet veel vertrouwen in. “Ik denk niet dat de politiek wakker zal worden. Ik denk dat er helemaal niets zal gebeuren, we laten dit gewoon over ons heen komen.”

En als we echt verder slapen...

Dan zien de geïnterviewden het somber in. “Er komen straks allemaal slimme auto’s die op elkaar zijn afgestemd. Maar één hacker en het is totale chaos”, zegt Gerkens. “En er wordt zoveel informatie opgeslagen en verzameld. Door slimme energiemeters weet men straks precies hoeveel stroom je gebruikt. Ze kunnen je kenteken opvragen of zien waar je met de trein allemaal komt. De techneuten beslissen dan hoeveel privacy ik heb.”

Verhoeven: “Als we op deze manier verder gaan zullen we bij elke ‘disruptieve innovatie’ er tegenaan lopen dat de huidige regelgeving geen antwoord biedt op nieuwe vraagstukken. Daarom moeten we er voor zorgen dat we een samenleving neerzetten waarbij we een visie hebben voor de toekomst. Daarbij hoort het maken van keuzes en de overheid dient de burger daar op democratische wijze bij te betrekken omdat het uiteindelijk ons allemaal aangaat.”

Naïeve digitale optimisten

Hoe de toekomst eruit ziet? Van der Reep: “Het politieke probleem is dat de oude wereld voorbij is en de nieuwe wereld er nog niet is. Dan krijg je een machtsvacuüm en dat is wat je in de wereld ziet op dit moment. Dat is een groot probleem. De technologie is daar een enorme accelerator in denk ik, we kunnen steeds meer en de vraag is of we dat wel zouden moeten willen. We zijn een soort naïeve digitale optimisten die maar doorlopen en dan constateren dat we in een wereld terechtkomen die we eigenlijk helemaal niet willen.”

Terug naar nieuws overzicht
Security