Nieuws Nieuws http://executive-people.nl http://executive-people.nl/item/200/interview.html Sat, 05 Sep 2015 14:14:20 +0100 FeedCreator 1.7.2-ppt (info@mypapit.net) SUSECon 2015 legt nadruk op praktijkkennis http://executive-people.nl/item/535223/susecon-legt-nadruk-op-praktijkkennis.html De eerste conferentie van softwareleverancier SUSE op Europese bodem, SUSECon 2015, nadert met rasse schreden. Van 2 t/m 6 november wemelt het in de Beurs van Berlage te Amsterdam van mensen die het naadje van de open source kous willen weten. Tijdens SUSECon krijgen zij onder meer veel verhalen te horen van mensen die enthousiast vertellen hoe zij de open source software producten van SUSE toepassen.

Ronald de Jong, Vice President EMEA Sales, en Marijn de Vos, Country Manager Benelux, kijken met gezonde spanning uit naar de komende conferentie. 1200 plaatsen zijn er. En, zoals gebruikelijk, is nog maar een deel gereserveerd. “Uiteindelijk loopt het vol, maar de meesten wachten tot slechts een paar weken voordat het begint met het kopen van een toegangskaart. Dat is een bekend gegeven, maar het maakt het wel spannend.”

Zij wijzen erop dat SUSECon 2015 veel te bieden heeft. Zo zijn er veel technische sessies over bijvoorbeeld SUSE Linux Enterprise Server (SLES) 12, SUSE Storage 2.0, SUSE Manager en SUSE OpenStack Cloud. Ook veel belangstelling voor Linux op System z en voor DevOps. Hoewel dat laatste natuurlijk meer over de organisatie van IT gaat. En niet te vergeten de zest Klanten en Partner Awards die gedurende de conferentieweek worden uitgereikt.

Zeer positief

Hoe spannend de aanloop naar de conferentie ook mag zijn, minder zenuwen heeft het tweetal over hoe de fusie met Micro Focus uitpakt. “Daar waren we op voorhand positief over, maar nu, bijna een jaar verder, zijn we zeer positief. “Het is bijvoorbeeld prettig dat we elkaars databases met klantgegevens mogen gebruiken. Micro Focus is als producent van onder meer Visual Cobol actief in datacenters. Op die manier komen we daar nu ook binnen”, legt De Jong uit. “Bovendien worden snel goede beslissingen genomen. Wij hadden behoefte aan meer beveiligingsexperts. Die konden we al vrij snel gaan aannemen. In het Verenigd Koninkrijk is Micro Focus een belangrijke IT-speler. Wij kunnen meeliften op dat succes.”

Ook de resultaten stemmen tot tevredenheid. “Wij hebben het eerste kwartaal van dit fiscale jaar in Nederland goed afgesloten”, zegt De Vos. “Er zit groei in. Zo is er veel vraag naar Linux voor SAP. Ons besturingssysteem voor SAP op HANA wordt goed verkocht. Ook SUSE OpenStack Cloud kan zich in veel belangstelling verheugen. Veel mensen zijn begonnen met de gratis versie, maar krijgen allengs in de gaten dat het zinvol is een ondersteunde versie te gebruiken. Dat geeft ons weer de inkomsten waarmee het product verder is te ontwikkelen.”

Meer partners

Ook de groei van het aantal partners stemt beide heren tot tevredenheid. Zo noemen zij Intenzz, een SAP-specialist, maar ook ICU uit Almere. Deze IT-dienstverlener is sterk in mainframe-omgevingen en daarom alleen al interessant voor SUSE. ICU is niet voor niets sponsor van SUSECon 2015.

Opleidingen zitten eveneens in de lift. “Vroeger zagen we dat aspect als een winstmaker. Dat legt beperkingen op. Tegenwoordig mag het iets kosten, omdat uiteindelijk ‘geleerde’ SUSE-gebruikers ons bedrijf ten goede komen. Dat opent nieuwe mogelijkheden; vooral voor onze partners. Ons streven is het opleiden van zoveel mogelijk mensen. Partners helpen daaraan mee. In ons nieuwe model mogen zij onze content gebruiken. Hoe ze het aanbieden, mogen ze zelf bepalen. Dit is het tegenovergestelde van wat normaal is in deze markt.”, stelt De Jong.

Personeel gezocht

Die groei over alle kanten heeft (natuurlijk) ook een schaduwzijde: personeelstekort. Hoe meer klanten, hoe meer ondersteuning er nodig is. Zo eenvoudig ligt het. “We hebben meer dan zestig vacatures open staan. Vooral mensen met een sterke technische achtergrond willen we aan ons team toevoegen”, zegt De Vos. De onderneming is actief op zoek. Zij gaat zelf naar bijeenkomsten van ontwikkelaars om talent te scouten, is nadrukkelijk aanwezig in de community met de boodschap op zoek te zijn naar nieuwe medewerkers. En intern zijn er vier nieuwe recruiters aangetrokken om het gat te dichten. "En SUSECon biedt natuurlijk ook weer gelegenheid om mensen een baan aan te bieden.”

Inschrijven voor SUSEcon 2015 kan hier.

Door: Teus Molenaar

]]>
Wed, 02 Sep 2015 10:33:39 +0200 SUSECon 2015 legt nadruk op praktijkkennis http://executive-people.nl/item/535223/susecon-legt-nadruk-op-praktijkkennis.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
i³ groep biedt klanten meer flexibiliteit met managed services http://executive-people.nl/item/533334/ia-sup3-groep-biedt-klanten-meer-flexibiliteit-met-managed-services.html Hoe begeleid je een klant naar een managed services model? Rob Vissers en Menno Verhaar van system integrator i³ groep zien twee omstandigheden die zo'n overstap aanzienlijk vergemakkelijken. “Ofwel de directie wil geen grote investeringen meer, ofwel het is in de IT-omgeving goed fout gegaan. Maar kom je met een propositie waarvan de klant de noodzaak niet inziet, dan heb je een lastig gesprek.”

Als directeur Rob Vissers en sales consultant Menno Verhaar de vraag krijgen waarom managed services nodig zijn, weten ze dat het een lastig klantgesprek wordt. “Dan komt er niet direct budget vrij”, weet Vissers. “Er moet eerst iets gebeuren wil je succesvol zijn. Ofwel er is een vraag vanuit de directie die zegt: moeten we opnieuw grote investeringen doen in een eigen IT-infrastructuur? En kunnen we niet beter het IT-management op pad sturen om bij cloudproviders alternatieven te bekijken? Of er heeft zich bijvoorbeeld een serieus probleem voorgedaan; ook dat kan de aanleiding zijn om – versneld – voor managed services te kiezen.”

 “Veranderen gaat niet vanzelf” aldus Menno Verhaar.”Mensen vinden veranderingen niet leuk. Er moet er een 'compelling event' zijn, geforceerd door de directie die bijvoorbeeld het IT-budget krimpt of anderszins kaders stelt om het IT-beheer tot creativiteit te stimuleren. Zoiets zorgt voor een veranderingsbereidheid die hard nodig is om een klant met managed services te laten beginnen. De gemiddelde IT-manager is niet sterk genoeg om zelfstandig zo'n verandering door te voeren. Er moet echt iets om hem heen gebeuren.”

Volgens Verhaar heb je drie dingen nodig in een veranderproces: mensen, processen en technologie. “Met processen en technologie kunnen wij wat. Maar de factor mensen is moeilijker. Vooral de SLA-contracten geven veel discussie, zeker in het begin. Welke processen nemen we over, wat zijn de KPI's, hoe zag de oude 'service catalogue' eruit en wat voeren we nieuw in? Een externe partij neemt het 'beheer' over, maar wat is dat precies? Je moet zo'n fase goed doorlopen, dat is ook voor ons een leerproces geweest. Maar is het eenmaal gelukt om een project professioneel en goed met de klant af te stemmen, met transparante en duidelijke afspraken, dan kun je een heel mooie en langdurige relatie hebben. Je moet helder zijn over wat je doet, en nog meer over wat je juist niet doet.”

Wat wil de klant?

Klanten beginnen niet altijd zelf over managed services, maar een managed services project begint natuurlijk wel met een klantvraag. Verhaar: “We komen klanten tegen die problemen hebben met cloudtoepassingen. De vraagstelling is bijvoorbeeld hoe een klant zijn data optimaal beschikbaar heeft vanuit welke cloud. Je ziet het bij eindklanten in bijvoorbeeld de gezondheidszorg, maar ook in de industrie: bedrijven hebben de afgelopen jaren hun IT-omgeving steeds complexer zien worden en hun afhankelijkheid van verschillende externe partijen alsmaar groter. Er draait iets in een cloud, ze hebben zelf iets draaien, er zijn allerlei koppelingen en ze missen het overzicht. Het is niet voor niets dat wij ons hebben ontwikkeld tot een totaalaanbieder van oplossingen op het gebied van IT-infrastructuren. Er is veel gebeurd de afgelopen jaren.”

Daarnaast is het een financieel verhaal, volgens Rob Vissers. “De interesse om ICT af te nemen als capaciteitsdienst ontstaat doordat bedrijven geen leningen kunnen krijgen. Klanten hebben problemen met hun exploitatiebudgetten en worstelen met grote investeringen. Dat versnelt de vraag naar IT als capaciteitsmodel, naar managed services.”

'Niet sexy'

Ook de veranderende aard van de beschikbare IT-kennis in bedrijven speelt een rol in deze 'versnelling', zoals Vissers het noemt. “Er komt een nieuwe generatie beheerders op de IT-markt, jongeren die meer geïnteresseerd zijn in internetapplicaties en mobiele toepassingen dan in de 'oude' IT die nog altijd het fundament vormt van een IT-infrastructuur. Op de een of andere manier vinden jongeren dat niet 'sexy' of 'cool'. Dus je ziet een enorme kennisverschuiving en tegelijk een verschraling. Er is bijvoorbeeld nog maar één beheerder en die is tegelijk 'specialist' op zowel virtualisatie als storage en backup. Oude en nieuwe ('snelle') IT botsen soms. De oplossing is dat klanten het technische beheer bij ons neerleggen. Wij zorgen voor continuïteit.”

Eindgebruikers moeten wel begrijpen dat de rol van de traditionele IT-beheerder verandert bij een overstap naar managed services. Vissers: “Hij wordt een soort dirigent, moet kunnen delegeren. IT-managers moeten vooral inzien dat hun IT-beheerders de boel hier en daar niet op orde hebben, dat er meer mis is dan aanvankelijk gedacht. Pas als dat duidelijk is, zijn de geesten rijp om het volledig aan ons over te laten.”

Portfolio

Welke managed services nemen klanten vooral af bij i³ groep? “Er is veel vraag naar backup”, antwoordt Vissers. “Klanten zoeken een oplossing om data van hun locatie af te krijgen. Maar ook disaster recovery (DR) wordt aan ons uitbesteed als een service: DRaaS. Klanten willen snel weer bij hun data kunnen als ze hun eigen IT-middelen of applicaties niet meer kunnen gebruiken.” Volgens Verhaar heeft i³ groep nagenoeg geen klanten die volledig kiezen voor cloud. “Veel blijft on premises; klanten zoeken daarom een club die verstand heeft van zowel een on-premises infrastructuur als een cloudinfrastructuur en vooral ook van de koppelingen tussen beide omgevingen. Wij zien een duidelijke overlap en verwachten dat het hybride model de komende jaren de boventoon voert.”

i³ groep richt zich met name op de middenmarkt. “De top van de markt heeft het goed voor elkaar met SLA's en service catalogues en spreekt meestal ook direct met leveranciers”, besluit Verhaar. “De onderkant van de markt is heel geschikt voor software as a service (SaaS). Daartussen hebben organisaties niet het volume om een heel volwassen IT-club neer te zetten, maar de businessprocessen zijn wel erg afhankelijk van IT. Vergeet trouwens niet dat managed services een belangrijke eerste stap zijn in de ontwikkeling van een software defined datacenter (SDDC), ons belangrijkste expertisegebied. Met alle voordelen van dien, een SDDC is echt de toekomst.”

]]>
Sun, 02 Aug 2015 09:00:11 +0200 i³ groep biedt klanten meer flexibiliteit met managed services http://executive-people.nl/item/533334/ia-sup3-groep-biedt-klanten-meer-flexibiliteit-met-managed-services.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Het geheim is interconnectie http://executive-people.nl/item/533333/het-geheim-is-interconnectie.html Van de hele economische crisis heeft de datacentermarkt de afgelopen jaren niet zoveel last gehad. Het zijn vooral ontwikkelingen als cloud computing, mobile data, IoT, Big Data en video die zorgen voor de enorme vraag naar en groei van datacenters.

En aan die groei komt voorlopig geen einde, denkt datacenterbedrijf Equinix dat collocatieruimte en connecties aanbiedt in 105 datacenters, ook wel International Business Exchanges (IBX) genoemd, verdeeld over 15 landen.  Alleen dit jaar al heeft Equinix nieuwe datacenters geopend in Melbourne, Singapore, Toronto, New York en Londen. Die wereldwijde aanwezigheid is van groot belang voor het businessmodel van Equinix, legt CEO Steve Smith uit in gesprek met Executive-People.

Volgens Smith kunnen bedrijfsconcepten op papier heel simpel zijn. Van Equinix is het geheim vooral interconnectie, partijen onderling wereldwijd met elkaar verbinden zodat ze data kunnen uitwisselen. "Datacenters bouwen en beheren kunnen veel bedrijven, maar de schaalgrootte waarop wij wereldwijd verbindingen kunnen leggen, daar ligt onze kracht", zegt Smith. De 'secret sauce' zit in de interconnectie. Equinix bestaat inmiddels 16 jaar en heeft klanten uit de financiële sector, de netwerksector en cloud- en mediabedrijven. "Die leggen allemaal verbindingen met elkaar."

Smith is voor de opening van het nieuwe LD6-datacenter naar Londen afgereisd. De opening van het nieuwste datacenter in Slough, vlakbij Londen, is dan ook belangrijk voor het bedrijf. Het datacenter is vergelijkbaar met AM3, het derde datacenter van Equinix in het Amsterdam Science Park. LD6 biedt in totaal 16.000 vierkante meter datavloer, dat in twee fasen wordt ingericht.

"Het bijzondere van LD6 is dat we eerst het koelsysteem hebben getekend, en dat we daar omheen het pand hebben ontworpen", zegt Russell Poole, Managing Director Equinix UK. De koeling gebeurt voor een groot deel met behulp van de buitenlucht. De warme lucht uit de dataruimte wordt via het plafond weggeleid naar de zijkanten waar het (achter de muren) wordt gekoeld met buitenlucht. Dit werkt in 85 procent van de tijd gedurende het hele jaar op deze manier. Als het buiten te warm wordt (10 procent van de tijd), wordt de warme lucht uit het datacenter gekoeld met een soort nevelgordijn dat wordt gehaald uit opgeslagen regenwater. En als het buiten echt bloedheet is (5 procent van de tijd, circa 50 uur per jaar), is er een pomp die koud water toevoegt om de hete lucht te koelen.

Dark fibers

Het grijze plaatsje Slough, onder meer bekend van de serie The Office, is de vestigingsplaats van veel tech-bedrijven. Equinix had er al twee datacenters, LD4 en LD5, en heeft dus recent de deuren van LD6 geopend. Samen bieden deze drie datacenters 36.000 vierkante meter datavloer. "De lessen die we geleerd hebben met LD4 en LD5, hebben we gebruikt voor de bouw van LD6", vertelt Poole tijdens een rondleiding door de nieuwe locatie.

Die aanwezigheid van drie datacenters bij elkaar heeft zo zijn voordelen, aldus Poole. "We hebben over en weer veel dark fibers getrokken om de connectiviteit nog beter en sneller te maken. Op die manier maakt het voor een klant in principe niet uit in welk van de drie datacenters hij zijn apparatuur heeft."

Verder groeien

Wereldwijd heeft Equinix ongeveer 140.000 cross connects gelegd, dus verbindingen tussen netwerken, tussen twee bedrijven onderling, of direct met een cloudprovider. Er zijn twee manieren om te interconnecteren: je kunt een directe kabel tussen twee servers aanleggen (cross connect) of je kunt een poort op een switch kopen. Een poort is een betere keuze als je gaat verbinden met veel partijen aan de andere kant. Op die manier willen veel klanten een directe verbinding met een cloudprovider. Deze interconnectie ofwel Cloud Exchange, is een van de nieuwe speerpunten van Equinix. De grootste cloudproviders (Google, Amazon Web Services, IBM/SoftLayer en Microsoft) willen niet overal een eigen datacenter bouwen, stelt Smith. "Bovendien kunnen ze extra omzet genereren als ze aansluiten op onze datacenters. Ze gebruiken bedrijven als Equinix om hun infrastructuur wereldwijd te verdelen. Ze bouwen hun eigen backbone-serverfarms en voor de frontoffice gebruiken ze datacenters als Equinix."

In de afgelopen drie jaar hebben we zo meer dan 1200 cloudproviders aan ons verbonden zoals Amazon Web Services, Salesforce.com, SAP et cetera. Allemaal Infrastructure of Software as a Service bedrijven. En er ligt nog meer in het verschiet, denkt Smith. "Wereldwijd wordt slechts twintig procent van het IT-budget uitbesteedt, bijvoorbeeld aan datacenterbedrijven. Tachtig procent van het budget gaat naar on-premises investeringen. Dankzij cloud computing zal een groter percentage uitbesteed gaan worden, dat is de veronderstelling."

Toekomst

Het gebruik van een datacenter is erg handig als een bedrijf meerdere verschillende clouddiensten  en meerdere netwerken gebruikt. Dit wordt de multi-cloud of hybrid cloud genoemd. Dat is zich nu aan het ontvouwen en daar zet Equinix stevig op in, omdat de twaalf grootste cloud providers zeggen dat cloud computing zich zo zal ontwikkelen.

Vanzelfsprekend let Steve Smith zeer goed op de andere marktpartijen. "We volgen de voorgenomen overname van Interxion door de Telecity Group nauwlettend, maar we zijn niet bang voor ze." Als de acquisitie doorgaat, is de nieuwe combinatie Telecity-Interxion in Europa wel een derde groter dan Equinix, gemeten in omzet en hoeveelheid datacenterlocaties, maar volgens Smith blijft Equinix voorop lopen in de globale aanwezigheid. Die globale footprint maakt het leggen van snelle connecties snel en gemakkelijk. Een bedrijf kan op die manier met servers in Londen klanten in heel Europa bedienen. "Een bedrijf dat wereldwijd zaken wil doen, komt daardoor al snel met ons praten."

 Door Edwin Feldmann

]]>
Sat, 01 Aug 2015 08:00:51 +0200 Het geheim is interconnectie http://executive-people.nl/item/533333/het-geheim-is-interconnectie.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Converged IT-architectuur ideaal fundament voor private cloud http://executive-people.nl/item/533331/converged-it-architectuur-ideaal-fundament-voor-private-cloud.html De IT-afdeling kan zich beter niet teveel bezig houden met handmatige integratie en updates, maar met het bieden van continuïteit voor de business en innovatie. Een converged IT-architectuur haalt de druk van de IT-afdeling en biedt die ruimte, zo betoogt Ronald van Heek, CCO bij IT-dienstverlener Tectrade. Zeker voor bedrijven die belang hechten aan de beschikbaarheid van data, is de geïntegreerde oplossing van storage, server en netwerk een grote winst.

De afgelopen jaren bleven organisaties, ondanks voorzichtig herstel van de economie, worstelen met hun uitgaven. De IT-afdeling bleef onder druk staan. Hoewel continuïteit van de business hun grootste uitdaging was, lagen de grootste obstakels op het gebied van budgetbeperkingen en het in de lucht houden van de bestaande systemen. Ook klaagden IT-afdelingen over het gebrek aan tijd voor het beheer en het optimaliseren van de omgeving. Ruimte voor innovatie was al helemaal beperkt.

De oplossing: private cloud op basis van converged IT-architectuur

Vanuit die worsteling is het idee bij leveranciers ontstaan om servers, netwerken en opslag al voor implementatie vanuit de fabriek te integreren. De grote soft- en hardwareleveranciers, zoals Cisco, NetApp, IBM en EMC, werken los van elkaar en soms in samenwerking met elkaar, aan het fundament van de interne private cloud, vertelt Van Heek: ‘Onder de naam converged IT-architectuur bieden ze een kant-en-klare infrastructuur.’

Het concept van een geïntegreerde infrastructuur die in één keer kan worden afgenomen en waar de IT-afdeling geen omkijken meer naar heeft na ingebruikname, slaat aan. Uit onderzoek van IDC blijkt dat wereldwijd ruim een kwart van de grote bedrijven een converged IT architectuur hebben. Bijna dertig procent heeft het momenteel in overweging en nog eens 24 procent overweegt het in de komende twaalf maanden in te zetten.

Waarde van data

Moet iedereen aan de slag met een converged IT-architectuur? ‘Zeker niet’, aldus Van Heek, ‘het zijn vooral middelgrote en grote ondernemingen die hiermee aan de slag gaan. Maar de belangrijkste voorwaarde is niet de omvang van het bedrijf, maar het belang dat een organisatie hecht aan data en zijn ondersteunende IT-omgeving. Het zijn bedrijven bij wie beschikbaarheid van data cruciaal is voor de continuïteit van de business. Laat staan innovatie.’

De eerste stap voor bedrijven die de mogelijkheden van een converged IT-architectuur willen onderzoeken, is het in kaart brengen van de eisen en wensen. ‘Het begint altijd met de bedrijfsdoelstellingen’, vertelt Van Heek. ‘Wat zijn de verwachtingen van groei? Welke basisvoorwaarden gelden om die groei te kunnen behalen?’ De IT-doelstellingen en de nieuwe IT-architectuur moeten in lijn liggen met de verwachtingen en bedrijfsdoelstellingen.

Waar het eigenlijk om draait, is dat de business zich niet druk hoeft te maken over IT. Het moet de continuïteit van het bedrijf waarborgen, zodat groei kan plaatsvinden. Om zo’n situatie te bereiken, wordt na het in kaart brengen van de eisen en wensen gekeken naar de huidige stand van zaken. Dan wordt bepaald welke stappen er nodig zijn om de gewenste infrastructuur te krijgen en in welk tempo dit gerealiseerd kan worden.

Geen big bang

‘Hoewel de eerste implementaties een volledige vervanging van een storage-, netwerk- en serveromgeving waren, is een ‘Big Bang’ aanpak niet noodzakelijk. Juist niet, want een private cloud is goed schaalbaar. Je kunt klein beginnen en snel uitbreiden. Ook het migreren van opslag en applicaties kan heel flexibel opgezet worden door omgevingen gefaseerd te migreren naar de interne private cloud omgeving’, vertelt Van Heek.

‘Als je de interne cloudinfrastructuur op orde hebt, kun je vervolgens eenvoudig koppelingen maken naar externe cloudomgevingen. Zo kom je tot een daadwerkelijke Hybride Cloud infrastructuur’, aldus Van Heek. Volgens de CCO van Tectrade is dit de nabije toekomst in de wereld van Enterprise Hybride IT, de term die Tectrade hanteert om haar cloudstrategie samen te vatten.

‘De converged IT-architectuur is in eerste instantie de basis van een interne private cloud, maar dat betekent niet dat het daarbij moet blijven’, vertelt Van Heek. ‘Als dienstverlener kunnen we externe cloudresources toevoegen door Amazon, IBM, Oracle of Microsoft Azure cloud aan de omgeving toe te voegen. Ook vCloud Air is momenteel veel gevraagd bij Vmware klanten. Het gaat om de juiste mix van extern en intern om de bedrijfsdoelstellingen optimaal te kunnen ondersteunen.’

Samenwerking met Cisco

Tectrade werkt in het opzetten van een converged IT-architectuur vaak samen met Cisco, die op zijn beurt weer samenwerkt met verschillende grotere storagefabrikanten in de markt. Zo combineert Cisco met opslagsystemen van NetApp, IBM en EMC. Cisco, zelf bij velen nog het meest bekend van zijn netwerkswitches, biedt met zijn UCS blades en servers perfecte bouwstenen voor converged infrastructuren. In combinatie met de servervirtualisatie software van VMware en Microsoft ontstaat een volledige converged IT, zeer flexibele en elastische architectuur.

Zo biedt Tectrade de oplossing Converged VersaStack aan, een gecombineerde oplossing van Cisco en IBM. Fred Gerritse, director partner organization & commercial segment van Cisco Nederland, vertelt over de samenwerking: ‘We zetten VersaStack via partners in de markt en dat doen we gedoseerd. Onze accountteams werken nauw samen met partners om klanten te interesseren voor VersaStack.’ Eén van die partners is dus Tectrade, die alle certificeringen haalde voor de oplossing. De eerste systemen zijn inmiddels aan klanten geleverd.

Het voordeel van Cisco is dat de oplossingen waarmee een combinatie wordt gezocht, moeten voldoen aan een bepaalde blueprint. Er is een referentie-architectuur opgezet waaraan de omgeving dient te voldoen. Het is als het ware een framework waar de oplossingen aan moeten voldoen zodat het daadwerkelijk een converged model betreft. De kwaliteit blijft zo in het ultieme gewaarborgd.

Tijd voor innovatie

Van Heek denkt dat er maar weinig middelgrote en grote organisaties zijn die niet aan de slag willen met converged IT-oplossingen. Er zijn natuurlijk uitzonderingen: ‘Er blijven IT-afdelingen die lekker alles zelf willen implementeren en beheren, en de risico’s willen dragen voor onvoldoende continuïteit en uitval van IT-systemen.’

Van Heek sluit af met een overdenking: ‘De IT-afdeling is druk, vaak moeten ze met dezelfde mensen meer werk verzetten. Dan moet je keuzes maken: ga ik zelf server-, storage- en netwerkoplossingen integreren? Of kies ik voor een reeds geïntegreerde oplossing, van een gedegen fabrikant en een gespecialiseerde dienstverlener, zodat ik me kan bezighouden met ondersteuning van de business en innovatie? Wil je blijven controleren of alles werkt? Of met één druk op de knop zorgen dat beschikbaarheid en integriteit gewaarborgd blijven?’ 

Door Anne van den Berg

]]>
Sun, 26 Jul 2015 10:00:13 +0200 Converged IT-architectuur ideaal fundament voor private cloud http://executive-people.nl/item/533331/converged-it-architectuur-ideaal-fundament-voor-private-cloud.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
MKB-directeur hoeft niets te weten van technologie, aldus CEO Portland http://executive-people.nl/item/533332/mkb-directeur-hoeft-niets-te-weten-van-technologie-aldus-ceo-portland.html Terwijl het IT-landschap snel verandert, worden bedrijven afhankelijker van ICT. Ze zoeken daarom een dienstverlener die optreed als trusted advisor. Portland ondersteunt de resellers door honderd procent loyaal te zijn aan het kanaal. Kim van Brugge, algemeen directeur Portland, legt uit: “Als ICT-dienstverlener wil je diensten leveren met terugkerende inkomsten. Shrink Wrapped Service biedt een uitkomst, daarmee kun je de nieuwste software direct leveren aan je klant.”

Portland biedt een platform waar resellers en leveranciers elkaar kunnen vinden. De rol van Portland is het onderzoeken van de leveranciersmarkt op veelbelovende software en technologie. Nieuwe software wordt streng beoordeeld: kan het de eindklant, de MKB-directeur, ondersteunen op de gebieden van infrastructuur, continuïteit, communicatie en productiviteit? Ook wil Portland de beste distributeur zijn door innovatieve software en het MKB aan elkaar te koppelen.

Haalbaarheid en toegevoegde waarde

“Wij hebben de rol van intermediair tussen de reseller en leverancier op ons genomen, omdat we het belangrijk vinden dat de reseller zich kan richten op zijn klant en zich kan ontwikkelen tot trusted advisor”, vertelt algemeen directeur Kim van Brugge. Daarom helpt Portland door innovaties te onderzoeken op haalbaarheid en toegevoegde waarde. Het komt voor dat bedrijven nog niet klaar zijn voor een nieuwe generatie technologie. Daarom moet de klant meegenomen worden in de veranderingen.

“We hebben managed services in 2004, cloud services in 2008 en vorig jaar communication as a service (CaaS) geïntroduceerd. We gingen van reactief naar proactieve ondersteuning van de klant. De mindset verandert en soms gaat het gepaard met evangelisatie: we moeten laten zien wat er verandert in de markt, welke effecten dat heeft op resellers én hun klanten, en wat ze kunnen doen om succesvol te blijven”, vertelt Van Brugge.

“Wij spreken met de leveranciers over de toegevoegde waarde van hun producten. Ze gebruiken Nederland vaak als springplank voor het vaste land van Europa. Nederlanders staan bekend als ondernemende early adopters, dus dat maakt ons voor leveranciers interessant”, vertelt Van Brugge. Niet zomaar iedereen wordt toegevoegd aan het platform. Portland is de poortwachter voor de IT-dienstverlener en leveranciers moeten eerst door een strenge selectie.

De beste fit

Als de leveranciers zijn goedgekeurd, dan blijft de samenwerking transparant. Portland is onafhankelijk: er wordt gekeken naar de beste fit van het product met de eindklant. Resellers spelen daar een belangrijke rol in, want alleen zij weten precies wat hun klant nodig heeft. Portland nodigt de reseller wel uit om verder te denken dan de initiële, technische vraag: het gaat bijvoorbeeld niet zozeer om een nieuwe inbox, maar om bereikbaarheid. Met welke tools kan dat streven vervuld worden?

“Stel, de eindklant wilt overal kunnen werken, dus de reseller stelt voor om aan de slag te gaan met Google apps. Zo kan de klant overal werken, maar hoe zorgt de dienstverlener dan voor continuïteit? Door bijvoorbeeld een back-up te maken van de cloudomgeving. Het maakt de klant niet uit hoe het technisch geregeld is, als hij maar kan werken op elk moment, op elke plaats en via elk device”, legt Van Brugge uit. “Ik wil toch ook niet weten hoe een telefoon werkt, ik wil gewoon dat hij het doet.”

Portland ondersteunt de resellers in het aanbieden van een volledig dienstenpakket door de volledige channel aan software aan te bieden. Ook ontvangen resellers content en advies om de eindklant zo goed mogelijk van dienst te kunnen zijn. De relatie werkt overigens twee kanten op: Portland spreekt met resellers om de behoefte van de eindklant in kaart te brengen en oplossingen te vinden die passen bij het huidige aanbod.

Shrink Wrapped Service

Zo ontstond het idee van Shrink Wrapped Service: de plug and play van professionele software. “We bieden een uitgekiend portfolio op het gebied van IT en telecom. Die brengen we onder in ons platform en zo ontwikkelden we een one-stop-shop, waarbij de gebruiker centraal staat”, aldus Van Brugge. De gebruiker heeft lang niet altijd centraal gestaan, vertelt de algemeen directeur: “Heel lang hebben de grote leveranciers aan resellers opgedragen wat ze moesten verkopen en pushen richting de klant. Dat werkt niet meer zo.”

Ook het Shrink Wrapped Service concept draait niet zozeer om de technische ontwikkeling, maar om de mindset. Het SAP/Microsoft/Oracle-unless beleid is uit, het mix-and-match gedachtegoed is in. “Nu alles software gebaseerd is, zijn oplossingen makkelijk te integreren. Als je vertelt aan de ontwikkelaar waarvoor de klant het product gaat gebruiken, dan weet hij waar hij op moet letten bij de technische integratie. Daarom blijven we zeggen: kijk verder dan de technische vraag die er ligt.”

Portland wil de ondersteuning echter nog een stap verder doorvoeren en lanceert daarom een continuïteitsoplossing. “Tijd is geld, zeker als je offline bent of je werk niet kunt doen. Dus we willen met onze volgende oplossing garanderen dat je slechts zes minuten kwijt bent als er iets mis gaat met de software”, vertelt Van Brugge. Samen met shrinked wrapped services kan de MKB-directeur blijven werken aan zijn eigen succes. 

Door Anne van den Berg

]]>
Sun, 26 Jul 2015 08:30:04 +0200 MKB-directeur hoeft niets te weten van technologie, aldus CEO Portland http://executive-people.nl/item/533332/mkb-directeur-hoeft-niets-te-weten-van-technologie-aldus-ceo-portland.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
DDoS-protectie van Nederlandse bodem http://executive-people.nl/item/532890/ddos-protectie-van-nederlandse-bodem.html Serverius bestaat alweer vijf jaar en heeft in die tijd een breed portfolio aan datacenterdiensten opgebouwd. Relatief nieuw is een ‘in eigen huis’, mede op basis van Huawei-scrubbing-hardware, ontwikkelde filteringtool, waarmee DDoS-aanvallen tegengehouden kunnen worden. Een belangrijke nieuwe toevoeging, die met name voor ISP’s en aanverwante partijen interessant is. Namelijk als nieuwe mogelijkheid voor een zelf te configureren DDoS-filterservice die zij weer aan hún gebruikers kunnen leveren.

Een breed scala aan datacenterdiensten, dáár gaat het tegenwoordig volgens Gijs van Gemert om. Van Gemert is manager bij Serverius, leverancier van zo’n waaier aan diensten vanuit twee datacenters in respectievelijk Dronten en Meppel. Het conventionele datacenter, in de vorm van een enorme zaal voorzien van stroom, koeling en carriers, is – zegt hij – aan het verdwijnen. “Je hebt in de grote steden natuurlijk nog wel een aantal van die hele grote datacenters die juist door de grote hoeveelheid carriers erg populair zijn, maar daar zijn steeds minder eindgebruikers met dataopslag te vinden. Bij Serverius is dat wel het geval, want wij hebben nu twee moderne datacenters die een stuk kleiner van opzet zijn en door de nieuwste technische ontwikkelingen en extra diensten een grote meerwaarde kunnen leveren. Wij sluiten goed aan bij de trend dat grote bedrijven steeds kleinere hoeveelheden hardware gebruiken met een hogere densiteit en met een bredere afname van andere diensten. Daarbij hebben we er bewust voor gekozen om in verband met betere connectiviteit juist buiten de randstad te gaan zitten. Dat alles betekent dat wij ons richting de klant breder en beter kunnen presenteren. Wij richten ons daarbij vooral op klanten buiten de EU. In Nederland weet men ons ook goed te vinden, maar 80 procent van onze klanten komt uit het buitenland. Het verschil waarop wij het winnen van de concurrent zit hem vaak net in die paar kleine extra’s die wij wel in huis hebben.”

DDoS-protectie

Een goed voorbeeld daarvan is de door Serverius zelf nieuw ontwikkelde DDoS-filtering. Een DDoS-aanval (Distributed Denial of Service) is een poging om door middel van overbelasting of anderszins een website, internetdienst of server uit de lucht te schieten. Van Gemert maakt als hij het over DDoS heeft graag een vergelijking met de opkomst en inburgering van het spamfilter in de beginjaren van het internet. “Dat dat noodzakelijk was vond men in het begin ook maar vreemd, want spam, dat was toch gewoon strafbaar? Nu heeft niemand het daar nog over en vindt iedereen het de gewoonste zaak van de wereld dat er altijd een spamfilter bij een mailbox zit.”

Het DDoS-product zoals het er nu staat, dat Serverius zelf heeft ontwikkeld op basis van ondermeer DDoS-hardware van Huawei, is volgens Van Gemert enig in zijn soort. “Er is niemand anders die dat nog op deze manier heeft gedaan. Onze klanten zijn met name ISP’s, partijen dus die hun eigen klanten van de nodige services voorzien en daarom, als het gaat om zoiets als DDoS-protectie, het liefst zelf aan de knoppen willen draaien. In tegenstelling tot wat veel leveranciers beweren, bestaat er op dat vlak ook geen ‘final scrubbing solution’, zoals ze dat noemen, want je moet alles afstemmen op applicatieniveau van de klant. Er zijn partijen die dat voor hun klanten proberen te doen, als managed service. Wij draaien het om. Wij bieden een toolbox waarin men zelf filters kan bouwen en beheren. Het is tegenwoordig namelijk vrijwel onmogelijk om een globaal filter te maken dat tegen elke aanval werkt. En er is er maar één die exact weet welke softwareapplicatie er bij de eindklant draait, en dat is de klant zelf. Daarom geloven wij, en dat is ook zoals Huawei er tegenaan kijkt, dat je een DDoS-filter voor de volle 100 procent moet afstellen op de online-applicatie die in de achtergrond draait. Een website is namelijk totaal iets anders dan een VoIP-applicatie, storageoplossing of een remote werkplektoepassing. De instellingen daarvoor moet je daarom aan de klant overlaten. Huawei heeft daar een oplossing voor ontwikkeld. Daar zit een hele mooie webinterface bij, maar die is te complex om de klant daar direct op te laten inloggen en is volledig op één administrator ingericht. Daarom hebben wij een vertaalslag gemaakt en die geïntegreerd in onze Serverius Netwerk Toolbox, waarin we ook al allerlei andere functionaliteit beschikbaar stellen aan onze klanten. Dat versterkt elkaar en maakt het naar mijn mening uniek.”

Nieuw verkoopmodel

Serverius verkoopt zijn DDoS-filtering aan eindgebruikers, maar met name aan ISP’s en andere partijen die het product aan hun klanten in een of andere vorm kunnen doorverkopen. Het hanteert daarbij een heel flexibel verkoopmodel, grotendeels gebaseerd op het ‘pay per use’-concept dat we uit de cloudwereld kennen. “Onze concurrenten beginnen bij duizend euro of meer, bij ons begint het bij 180 euro. Daarvoor krijg je het standaardpakket, waarmee je zelf al die instellingen kunt doen. Verder betaal je naar gebruik per uur. Dus als een bedrijf een aanval te verduren krijgt, kan het zelf beslissen: gaan we de boel nog verder beschermen en betalen we daar extra voor, of zetten we het IP-adres uit. Dat is heel iets anders dan het model: je wordt klant bij ons en betaalt een paar duizend euro per maand, ongeacht of je nu wel of geen DDoS-aanval te verduren hebt gekregen. Want negen van de tien keer hebben klanten dat helemaal niet nodig en is het weggegooid geld.”

Van Gemert legt kort uit hoe zijn DDoS-filtering in de praktijk werkt. Allereerst stem je de filtering eenmalig  af op de applicatie die bescherming behoeft. Daarna zet je hem in learning-mode en laat je hem een paar dagen draaien, zodat het filter weet wat normaal verkeer is. Vervolgens zet je hem aan en verlaag je de hoeveelheid false positives. Mocht het nu zo zijn dat je een aanval te verduren krijgt en er toch nog vuil verkeer doorheen glipt – iets wat volgens Van Gemert in de DDoS-wereld van tegenwoordig af en toe zal blijven voorkomen – dan kun je middels een uitgebreide rapportage zien hoe dat komt en wat je eraan kunt doen (andere drempelwaarden activeren, et cetera). Je kan real-time meekijken. “Al dit soort functionaliteit maakt ons DDoS-filter tot een krachtig instrument”, besluit Van Gemert, “waarmee een accessprovider bijvoorbeeld per bedrijfsklant een container kan aanmaken met instellingen en filters die specifiek zijn afgestemd op de applicatie van die klant. En er kunnen zo nodig meerdere worden aangemaakt. Zo kan hij heel makkelijk dingen segmenteren en ook per klant rapportages genereren als dat nodig is.”

[kader]

Serverius’ DDoS-oplossing in een notendop

Serverius DDoS-filtering biedt onder meer:

  • Door gebruik van vier Huawei NE40E-X8A-routers en Huawei AntiDDoS8080-scrubbing-hardware wordt de laagst mogelijke latency gerealiseerd.
  • De gebruiker heeft volledig controle; hij kan zelf real-time filters aanmaken en aanpassen.
  • Infrastructuurbescherming voor 1 tot 1000 IP’s per filter door persoonlijke DDoS ‘filter-set’-instellingen per beschermd IP-subnet.
  • Default opereert het filter in-line; hierdoor heeft de gebruiker geen last van re-routing netwerkonderbrekingen.
  • Er wordt geen gebruikgemaakt van externe cleaning-centers voor het schoonmaken van het verkeer; uw verkeer blijft binnen de grenzen van Nederland.
  • Door middel van een GRE-tunnel of Cross Connect-kabel is de Serverius DDoS-filtering ook buiten de Serverius-datacenters – door niet-colocatieklanten – te gebruiken.
  • De totaaloplossing is uniek in zijn soort. Geen enkel ander DDoS-filter in de wereld biedt dezelfde functionaliteit en kwaliteit.

Door: Dick Schievels

]]>
Fri, 24 Jul 2015 08:01:36 +0200 DDoS-protectie van Nederlandse bodem http://executive-people.nl/item/532890/ddos-protectie-van-nederlandse-bodem.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'De toekomst is cloud' http://executive-people.nl/item/532885/de-toekomst-is-cloud.html Juniper is al jaren een fabrikant van routers, switches en firewalls voor de zware gebruikers. Onder de klanten treffen we ISP’s, hosting bedrijven, grote ondernemingen en telecomoperators. Tijd voor een nadere kennismaking.

Het Juniper kantoor treffen we aan op Schiphol-Rijk, gelegen op een strategische locatie nabij de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX). Aldaar spreken we met de technical director EMEA Nico Siebelink en senior system engineer Rick Mur.

Juniper is net als alle andere mastodonten in de internetwereld een relatief jong bedrijf. Het was de iconische Pradeep Sindhu die in 1996 in het Amerikaanse Sunnyvale de basis legde voor de onderneming. Hij zag dat internet aan het ontluiken was en er daardoor behoefte aan routers ontstond die het snel groeiende verkeer efficiënt konden afhandelen. Tot die tijd was internet, onder de naam ARPAnet (Advanced Research Projects Agency Network), een netwerk voor academische en militaire toepassingen. Om de snelle ontwikkeling vanuit die positie mogelijk te maken, was er behoefte aan krachtige, betrouwbare en schaalbare systemen, die uiteindelijk voor een carrier grade infrastructuur (beschikbaarheid 99,999%) borg zouden kunnen staan. De eerste afnemers waren de grote Amerikaanse ISP’s en serviceproviders, waaronder AT&T en Verizon. Een van de eerste producten, de M40, begon in 1998, na een ontwikkeltijd van twee jaar op de markt. Gesteund door het succes in de carrier markt, is Juniper in 2004 ook in de enterprise markt gestapt. Vanaf dan is de scope breder getrokken, Juniper Networks ontwikkelt en levert oplossingen op het gebied van routing, switching en security in datacenter- en campusomgevingen en voor de netwerken van serviceproviders. Kortom het zwaardere segment van de markt, waar ook bedrijven als HP, DELL en Cisco actief zijn.

Groeien via acquisitie, liever niet

Elk bedrijf wil groeien en doet dat door organische groei of via acquisities. Nico Siebelink is duidelijk: “Om verdere groei mogelijk te maken heeft het bedrijf, dat gewoonlijk organische groeit, NetScreen geacquireerd, en bracht daarmee een bijzondere technologie binnen bereik van de Juniper engineers.” Want, en daarin is Juniper nog steeds een uitzondering; de fabrikant ontwikkelt zelf de ASIC’s die het hart van de systemen vormen. Siebelink: “Andere fabrikanten maken gebruik van kant en klare chipsets van bijvoorbeeld Broadcom en Marvell Technology, dat is flexibel maar beperkt de mogelijkheden om te differentiëren”. De ASIC’s zitten in de forwarding plane van elke router. De ASIC’s zijn als FPGA geconstrueerd waardoor de hardware gedurende de hele levensduur configureerbaar is. De hardware laag in de forwarding plane is dus aan te passen als daar behoefte aan is. Met dit concept heeft Juniper al vanaf het begin de gelaagde structuur in de praktijk gebracht, waarop nu SDN gebaseerd is: Een gescheiden controle plane en de forwarding plane.

De toekomst is de cloud

CIO’s staan onder druk. Het moet allemaal sneller en goedkoper. Vandaar dat de trend naar cloud computing niet meer te stoppen is. Al was het alleen al om de vraag naar capaciteit te borgen. Vele krachtige servers via een netwerk verbinden is de enige manier om ook in de toekomst aan de snel groeiende vraag naar capaciteit en rekenkracht te voldoen. De structuur van onze hersenen, veel kleine eenheden die aan elkaar gekoppeld een sterk brein realiseren, is daarbij het voorbeeld.

Tal van bedrijven beginnen cloud technologie onderdeel te maken van hun bedrijfsstrategie. Daarbij is de private cloud nog steeds een belangrijke troef. Zowel vanuit strategisch, als regelgeving perspectief. Rick Mur wijst er op dat dankzij cloud technologie grote financiële voordelen te bereiken zijn bij snelle en strategische aanpassingen in de capaciteit. Rick Mur: “Banken zoals UBS, omarmen het concept. Belangrijk is daarbij de orkestratie, het managen van de netwerkinfrastructuur. Snel modules en segmenten configureren kan niet meer via de command line.” OpenStack, de op XML gebaseerde standaard om via SDN netwerken en andere infrastructuren te ontwikkelen en definiëren, is een van de populaire manieren om de orkestratie ter hand te nemen. De automatisering van de netwerk uitrol is ook voor resellers de grootste uitdaging van dit moment. Het wordt nu mogelijk een datacentrum in 32 uur uit te rollen, dat waren tot nu toe al snel zo’n drie weken. Grote spelers zoals Google hebben de kennis in huis ontwikkeld om datacentra snel en efficiënt op te zetten. Zij hebben daarvoor hun eigen recepten bedacht. In Nederland zijn er tal van innovatieve initiatieven die om ondersteuning vragen, daar kan Juniper als toeleverancier goed op inspelen. En Nederland heeft met de Amsterdam Internet Exchange een belangrijke troef. DINL bouwt daar op verder. De Stichting DINL verbindt de aanbieders van digitale infrastructuur in ons land. Via deze stichting worden datacentra, de hostingindustrie en netwerkproviders bij elkaar gebracht om synergievoordelen en een strategische positie te verkrijgen. Michiel Steltman van DINL heeft een belangrijke inzet: Internet als de derde ‘mainport’ van Nederland en de digitale gateway van Europa.

De snelheid gaat maar door

Nico Siebelink: “Mensen realiseren het zich amper, maar de groei van internetcapaciteit is fenomenaal. Ethernet verbindingen met een capaciteit van 100 Mbit/s hebben inmiddels plaats gemaakt voor verbindingen met 100 Gbit/s. De capaciteitsgroei is zelfs een factor 10.000 ten opzichte van het originele ontwerp, hij is goed te visualiseren door een koperen koudwaterbuis van 15 mm te nemen. Als we zelf uitgaan van de originele 10 Mbit/s verbinding die bij ontwikkeling van het protocol geïntroduceerd werd, dan hebben de buizen nu een capaciteit die tienduizend keer groter is, en zouden dus een 100 keer grotere diameter (1,5 m) moeten hebben.” Toch is de Ethernetkabel niet dikker geworden. Het gebruik van glas wordt voor grotere afstanden noodzakelijk, maar is relatief kostbaar omdat de optische units aan beide zijden van de kabel duur zijn. Toch komt het moment steeds dichterbij dat koper uit de datacentra zal verdwijnen.

POC omgeving voor de EMEA-klanten

Voor we afscheid nemen moet uiteraard een bezoek gebracht worden aan het proof of concept (POC) testlab in Schiphol-Rijk. In deze ruimte staan routers, switches en firewalls van Juniper opgesteld. Samen met testsystemen van Spirent en Agilent wordt de opstelruimte gebruikt om EMEA-klanten de ruimte te geven nieuwe netwerkconfiguraties te testen. Het lab is des te belangrijker omdat individuele gebruikers nooit kunnen investeren in de kostbare testsystemen die hiervoor noodzakelijk zijn. Tussen de racks met duizenden units zoemt de warme lucht ons tegemoet. Rick Mur: “Voor bedrijven die validatie van hun concepten hoog in het vaandel hebben staan, is dit ‘the place to be’.” 

Door: Hans Steeman

]]>
Wed, 22 Jul 2015 11:22:08 +0200 'De toekomst is cloud' http://executive-people.nl/item/532885/de-toekomst-is-cloud.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
HP: ‘mkb’ers zijn voor ons ontzettend belangrijke cloudpartners’ http://executive-people.nl/item/532901/hp-a-mkba-ers-zijn-voor-ons-ontzettend-belangrijke-cloudpartnersa.html HP wordt vaak gezien als een IT-gigant die vooral een interessante partner is voor grote bedrijven. Niets is echter minder waar. Het bedrijf levert ook een brede reeks oplossingen die onder andere gericht zijn op en geschikt zijn voor het mkb. Het HP Helion-portfolio is hier een goed voorbeeld van. “Middelgrote partners en Service Providers zijn voor ons een ontzettend belangrijke doelgroep, die wij graag willen helpen uit te groeien naar toonaangevende spelers in de cloudmarkt”, zegt Marco Lesmeister, Country Manager indirect sales HP Enterprise Group. Op de DHPA Techday demonstreerde HP hoe serviceproviders in het mkb-segment kunnen helpen te groeien, klanten te bedienen en omzet te draaien. 

“Serviceproviders zijn voor HP van groot belang en zijn in feite de volgende generatie businesspartners voor ons bedrijf. Voorheen hadden we vooral Value Added Resellers als partner, partijen die hardware en software van HP inkopen, daarop hun eigen dienstverlening leggen en dit pakket leveren aan klanten. Je ziet vandaag de dag echter steeds vaker dat eindklanten liever diensten en oplossingen afnemen vanuit de cloud, zonder dus hardware en software te hoeven aanschaffen. Dit biedt kansen voor serviceproviders, die hier hun businessmodel op hebben afgestemd”, legt Marco Lesmeister uit. 

Eindklanten functionaliteit leveren
“Onze partners verkopen dus steeds minder hardware en software door aan de klant, maar implementeren deze oplossingen zelf en leveren eindklanten op basis hiervan capaciteit. Dit is een duidelijke verschuiving”, legt Marco Lesmeister uit. “Uiteindelijk gaat het erom dat eindklanten toegang hebben tot functionaliteiten die zij nodig hebben. De cloud biedt deze toegang snel en efficiënt.”

“HP speelt hierop in met het HP Helion portfolio. Wij leveren steeds meer software en hardware waarmee serviceproviders een servicecatalogus kunnen leveren aan klanten. Ook bieden wij serviceproviders via dit portfolio de mogelijkheid de orchestratie en automatisering van deze cloud te verzorgen. Centraal hierbij staat OpenStack, de open standaard waarop HP Helion is gebaseerd. Deze standaard zorgt dat serviceproviders niet gebonden zijn aan één fabrikant en dus hardware, software en diensten van allerlei fabrikanten kunnen combineren. Serviceproviders kunnen met HP Helion zowel een public-, private- als hybride cloudomgeving voor klanten beheren”, zegt Marco Lesmeister.

Drie soorten cloudpartners
“Niet iedere serviceprovider pakt dit uiteraard op dezelfde wijze aan. We zien drie soorten cloudpartners van HP ontstaan: cloudbuilders, cloud serviceproviders en cloudresellers. Wij bedienen deze groepen met het HP Helion-portfolio. Aan cloudbuilders leveren wij software die hen in staat stelt een cloudomgeving te bouwen voor een klant. Deze partijen leveren dus eigenlijk rauwe cloudcapaciteit aan eindklanten. Voor cloudbuilders stellen wij onder andere een Cloud OS en hardware in de vorm van een converged system beschikbaar. Dit is een systeem waarin service, storage en networking is geïntegreerd.” 

Marco Lesmeister: “De tweede categorie bestaat uit cloud serviceproviders. Dit zijn serviceproviders die gebruik maken van de HP Helion cloudsoftware om beheertaken, virtualisatie van verschillende omgevingen en orchestratielaag te automatiseren. De cloudproviders kunnen hierdoor een hybride omgeving voor klanten opzetten, die opgebouwd kan zijn uit de private cloud in de eigen omgeving van de serviceprovider, een public cloud en een on-premise datacenter van de klant. HP Helion integreert voor serviceproviders het beheer van deze omgevingen en neemt hen veel werk uit handen.”

Cloud resellers
“De derde soort cloudpartners die wij zien ontstaan zijn cloudresellers. Dit zijn partijen die zelf niet een eigen cloud willen bouwen, maar wel cloudfunctionaliteit willen kunnen leveren aan klanten. Cloudresellers nemen dus capaciteit af bij verschillende serviceproviders en deze capaciteit combineren tot een dienstverlening die zij via HP Helion aan eindklanten leveren. Deze partijen beschikken zelf dus niet over een eigen cloudomgeving en combineren capaciteit uit zowel de private cloud bij andere service providers, de public cloud, als het on-premise datacenter van de eindklant in een hybride cloudomgeving. Eindklanten profiteren hierdoor van de voordelen die de verschillende opties hen te bieden hebben.”

Een variant hierop zijn partijen die cloudfunctionaliteit vanaf een eigen cloudplatform leveren aan andere partijen. “Een voorbeeld hiervan is Booking.com, een grote klant van ons. Dit bedrijf biedt eindgebruikers de mogelijkheid via haar website hotelkamers te boeken. Deze functionaliteit wordt door Booking.com op haar eigen website aangeboden, maar wordt door het bedrijf ook geleverd aan allerlei andere bedrijven. Deze partijen kunnen de dienstverlening van Booking.com hierdoor aanbieden op hun eigen website en via deze wijze hun eindklanten bedienen”, legt Lesmeister uit. “Dit is een ontwikkeling die je steeds vaker ziet. Bedrijven leveren functionaliteiten via een service catalogus aan klanten. Deze eindgebruikers kunnen simpelweg door de catalogus bladeren en de functionaliteiten selecteren waaraan zij behoefte hebben.”

‘Hardware bepaalt in belangrijke mate de kosten’
“De kosten die verbonden zijn aan het opzetten van een cloudomgeving zijn in grote mate afhankelijk van de hardware. Het gaat hierbij niet alleen om aanschafprijs, maar juist vooral om de Total Cost of Ownership (TCO). Denk hierbij aan energieverbruik, beheerkosten en kosten van upgrades. De hardware bepaalt dus in belangrijke mate tegen welk tarief een serviceprovider cloudfunctionaliteit kan aanbieden aan eindklanten. Zowel Software Defined Networking (SDN) als Open Network Functionality Virtualization (OpenNFV) maken het mogelijk deze kosten tot een minimum te beperken. Door netwerkfunctionaliteit software-gebaseerd te maken en te virtualiseren kunnen serviceproviders netwerkcapaciteit tegen een lagere TCO beschikbaar maken en kunnen zij zowel flexibeler als sneller inspelen op ontwikkelingen in de markt of bij klanten. Dit zonder opnieuw te hoeven investeren in infrastructuur.” 

Marco Lesmeister: “Wij zien serviceproviders niet als klant, maar juist als partner. Wij willen deze partijen helpen hun eindklanten te bedienen. Serviceproviders die gebruik willen maken van HP Helion kunnen dan ook HP partner worden. Bedrijven hoeven hiervoor alleen te zorgen dat hun omgeving (grotendeels) op HP is gestandaardiseerd en kunnen laten zien dat zij groeien in hun markt. Een partnership met HP biedt partners interessante opties. Zo helpen wij deze partijen met flexibele mogelijkheden om capaciteit bij ons af te nemen, waarvoor wij ook financiering kunnen leveren. Wij helpen partners echter ook met marketing, waarvoor wij een marketingbudget beschikbaar stellen. Met dit budget willen wij deze partijen helpen groeien in hun specifieke markt en segment. Wij willen met onze partners gezamenlijk business creëren.”

]]>
Wed, 22 Jul 2015 09:12:09 +0200 HP: ‘mkb’ers zijn voor ons ontzettend belangrijke cloudpartners’ http://executive-people.nl/item/532901/hp-a-mkba-ers-zijn-voor-ons-ontzettend-belangrijke-cloudpartnersa.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Documentmanagement moet werk niet in de weg zitten’ http://executive-people.nl/item/532957/a-documentmanagement-moet-werk-niet-in-de-weg-zittena.html Brieven, e-mails, chats, juridische en administratieve documenten. Elk bedrijf slaat het weer anders op en vaak is het efficiënt vinden, bewerken en archiveren van deze documenten een tijdrovende taak. ‘Dat is zonde, want de klant gaat niet betalen voor de tijd die je kwijt bent met het zoeken van informatie’, aldus Vincent Heijckmann, ceo bij ETTU. Trek daarom je processen strak en richt je op hoe je echte toegevoegde waarde kan bieden.

De wereld is voor veel bedrijven, zoals de zakelijke dienstverlening, aan het veranderen. Klanten hebben de macht. Enerzijds doordat ze vragen die ze hebben eerst zelf online uitzoeken. Anderzijds doordat ze niet meer zomaar akkoord gaan met uurtje factuurtje: ze eisen transparantie. Breng je volgend jaar honderd euro meer in rekening voor dezelfde werkzaamheden van het jaar ervoor? Daar gaat de klant niet mee akkoord.

Denk mee met de klant

‘Zit je vast in je kostenstructuur? Dan ga je het niet redden. De toekomst van bedrijven zoals advocatenkantoren en accountantsbureaus zit in samenwerking met de klant’, vertelt Vincent Heijckmann, ceo van ETTU. ‘Denk bijvoorbeeld aan een accountant die uitzoekt of een kapper minder verdient dan een concurrent in de buurt. Waar ligt dat dan aan? Het benchmarken, meedenken met de klant, daar zit de toegevoegde waarde. Nooit in het opstellen van de jaarrekening.’

Wil je op die toegevoegde waarde gaan zitten? Dan moeten de basis processen in orde zijn, vertelt Heijckmann: ‘Als accountant of jurist moet je dan zonder problemen je werk kunnen doen en niet bezig willen zijn met het opslaan van documenten, hoewel dat wel een vereiste is voor deze bedrijven.’ Bedrijven die de processen nog niet op orde hebben, hebben hun documenten vaak verspreid door de organisatie staan en de documentatie wordt een vervelend klusje voor het einde van de maand.

Totaalpakket eConnect@Work

‘In samenspraak met de klant hebben we documentmanagement geïntegreerd met de Outlook en Office-omgeving. Daar kwamen softwaredienstverleners Documentaal, DocuSign en Epona ook bij, zodat we een totaalpakket konden aanbieden om naadloze oplossing te maken voor het werken met documenten en e-mails, het archiveren daarvan en het meenemen van deze documenten in communicatie met klanten en collega’s’, aldus Heijckmann.

De oplossing die is ontstaan, heet eConnect@Work. In de oplossing komen drie werelden samen, namelijk: documentmanagement, workflowoptimalisatie en relatiebeheer. Er wordt een bronbestand aangehouden om de documenten aan te koppelen, zoals een Enterprise Resource Management (ERP) of Customer Relationship Management (CRM) systeem. De documenten worden opgeslagen in Microsoft SharePoint.

‘Het maakt met de oplossing niet uit waar je werkt. Als je werkt in een Office-omgeving dan wordt het automatisch gearchiveerd op de juiste plek, bij de juiste klant. Als je werkt in de Outlookomgeving, dan zie je bij het toevoegen van een document aan een e-mail gelijk de laatste tien documenten. In negentig procent van de gevallen wil je een recentelijk bewerkt document versturen. Je wilt niet eerst de hele structuurboom door om bij het juiste mapje uit te komen’, aldus Heijckmann.

Op de zeepkist

Als Heijckmann de oplossing presenteert, dan begrijpen de toehoorders snel hoe de oplossing werkt en hoe het in hun voordeel kan werken. Maar dat betekent niet dat iedereen in de organisatie even happig is op nóg een softwaretool die ‘alle problemen gaat oplossen’. Vincent: ‘Het is vooral het bestuur dat op de zeepkist moet gaan staan om uit te leggen waarom de oplossing hen zal helpen bij hun werk.’

In het overtuigen van de organisatie is het vooral belangrijk dat duidelijk wordt dat de organisatie niet meer de ivoren toren zit, waar sommige organisaties zich nog in wanen. Heijckmann: ‘De kracht van de organisatie is kennis, maar ze zit wel in een keten van de informatiefabriek. Het is dus belangrijk dat je kennis kan uitwisselen en snel kan terugvinden op het moment dat je het nodig hebt. Je bent maar één radertje, als jij niet snel kan acteren, dan doet een ander dat wel.’

Werken vanuit de silo-gedachte

Waar het om draait, is dat de processen gestroomlijnd moeten worden in een organisatie om efficiënter te kunnen werken. ‘Je gaat werken vanuit de silo-gedachte’, vertelt Heijckmann. ‘Er is één silo waar je alle informatie inzet en door middel van intelligente software in kan vinden. Of het nu een mailtje, brief, video of chat is, ongeacht klant en project, alles komt in één silo te staan. Door de software kan een projectmanager zelf een project of klant aanmaken waaraan alle documenten gehangen worden.’

Uiteindelijk kun je door je eigen processen en communicatie naar buiten toe op orde te brengen, de toegevoegde waarde gaan leveren waar de klant op zit te wachten. Je hoeft de klant alleen maar te bevestigen in zijn bevindingen en je werkt vanuit dat startpunt verder aan advies waar de klant echt wat aan heeft. Zo kom je los van de oude uurtje-factuurtje-wereld door je klanten boven hun concurrenten uit te laten stijgen.

Door Anne van den Berg

]]>
Wed, 22 Jul 2015 08:00:58 +0200 ‘Documentmanagement moet werk niet in de weg zitten’ http://executive-people.nl/item/532957/a-documentmanagement-moet-werk-niet-in-de-weg-zittena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Open source database volwassen alternatief voor commerciële varianten’ http://executive-people.nl/item/532922/a-open-source-database-volwassen-alternatief-voor-commercia-laquo-le-variantena.html Onlangs bezocht Marc Linster, Senior Vice President Products and Services bij EnterpriseDB Nederland. Zijn missie is om CIO’s ervan te overtuigen dat open source databases een reëel en volwassen alternatief zijn voor de grote commerciële databases. Executive People sprak met hem over de kansen en uitdagingen bij het implementeren van een open source database in een enterprise-omgeving. Waarom zouden CIO’s dit overwegen, en waar krijgen ze bij dat proces mee te maken?

“Mijn boodschap is dat er een enorme hoeveelheid innovatie mogelijk is door geld te verschuiven van de lagere naar de hogere IT stack:, zegt Marc Linster. “Dat kan onder meer door open source te gaan gebruiken voor de database. Want de database is een enorm duur onderdeel van de IT stack. Tegelijkertijd zijn databases de afgelopen dertig jaar echter een commodity geworden, en de capabilities van open source zijn ondertussen goed genoeg voor het werk van een database in een Enterprise-omgeving.”

“Wij roepen CIO’s op om daar hun voordeel mee te doen. Zo kunnen ze in hun organisatie geld vrijmaken uit van keeping the lights on ten gunste van daadwerkelijke innovatie. Dat kunnen ze ook nog eens doen op een manier die vergelijkbaar is met de manier waarop Linux op OS-gebied geld vrij heeft gemaakt voor innovatie. Dat kan dus ook met de database, wat ook nog eens een veel groter deel is van de uitgaven van CIO’s. Zo kun je veel meer doen op het gebied van innovatie en verbeteren van de klantervaring.”

Snel migreren

Volgens Linster hoeft dat helemaal geen ingewikkelde exercitie te zijn. “In onze ervaring zien we dat klanten in een paar weken kunnen migreren van de Oracle database naar onze database. Dat kan niet altijd even snel, maar wel in het overgrote deel van de gevallen. We hebben diverse case studies waarbij zelf voor meerdere databases de migratie in twee weken gedaan is. De duur daarvan is afhankelijk van de features, wanneer ze meer proprietary functies gebruiken duurt het wat langer. Maar waarom zou je betalen voor dure proprietary licenties, als je hetzelfde kunt doen met open source?”

Hij ziet vooral veel adoptie van open source databases in de financiële sector en bij de overheid. “De overheid is met name sterk bezig met besparen op kosten, en databases zijn bij uitstek onderdelen van de infrastructuur waar je veel geld op kunt  besparen. Maar ook veel andere sectoren zien de voordelen van open source-databases. Het framework is er nu, dankzij bedrijven als EnterpriseDB, om het op een veilige manier te doen. Wij bieden dezelfde zekerheden als Red Hat dat bijvoorbeeld doet met Linux. Bedrijven hebben toegang tot ondersteuning en diensten, ze kunnen het dus op een verantwoordelijke manier doen.”

Adoptie

Hij constateert en sterke adoptie in Europa van open source databases. “Ook in Nederland is open source belangrijk, zowel bij bedrijven als bij de overheid. In Engeland en Frankrijk zien we eveneens veel steun voor open source. In Europa is de steun traditioneel zelfs groter dan in de Verenigde Staten.”

Als hij erover spreekt met CIO’s is de belangrijkste vraag die ze hebben hoe ze het moeten aanpakken. “De vraag of ze het moeten doen en of de technologie het aankan wordt tegenwoordig veel minder gesteld. Ze zien ondertussen wel dat het kan. Ze vragen zich nu vooral af hoe ze ondersteund kunnen worden, hoe snel ze over kunnen stappen, of ze mensen met de juiste vaardigheden kunnen inzetten. De vraag is dus vooral: hoe gaan we het aanpakken?”

Verantwoordelijk

In  Nederland werkt EnterpriseDB daarom nauw samen met partners, en heeft het een support team plus consultants die on site werken. “We zijn dus uitstekend uitgerust om onze klanten op allerlei gebieden te ondersteunen met de transitie naar een open source-database. Dat is allemaal belangrijk, want CIO’s nemen in zekere zin een risico wanneer ze deze stap nemen, en ze willen zeker weten dat er iemand is die ze helpt bij deze transitie, en die kan helpen als er iets mis zou gaan. Zo kunnen ze op een verantwoordelijke manier overgaan op open source.”

Het begin van de invoering lijkt in veel gevallen sterk op de manier waarop dat in het verleden gebeurde bij de adoptie van Linux. “Dat begon vaak aan de rand van het bedrijf, en bewoog toen steeds meer naar het centrum van de bedrijfskritische applicaties. Dat was een geleidelijke aanpak die veel te maken had met de volwassenheid van Linux.”

Valkuilen

“Nu heeft de geleidelijke aanpak bij open source vaak meer te maken met de organisatie zelf, die zich vertrouwd moet gaan voelen met de nieuwe database. De organisatie moet er klaar voor zijn, en de juiste resources inzetten. In functionaliteit van de open source-database is sterk vergelijkbaar met die in Oracle. In die zin is de transitie dus eenvoudig. De look and feel is identiek aan de grote commerciële databases. Dat maakt het ook eenvoudig voor de beheerders om op open source over te stappen.”

Dit neemt niet weg dat er valkuilen zijn waar CIO’s op moeten letten. “Iedere keer wanneer je iets verandert neem je een zeker risico. En hoewel er veel overeenkomsten zijn met bestaande databases, zijn er wel kleine verschillen. Wij weten wat die verschillen zijn, en we helpen klanten te voorkomen dat ze fouten maken die daar uit zouden kunnen komen. Het zijn geen problematische verschillen, maar daar moet je je wel van bewust zijn.”

“Training is dus belangrijk, en je hebt de juiste partner nodig die je helpt bij open source, die 24 x7 beschikbaar is en in staat is om problemen op te lossen binnen een termijn die acceptabel is voor bedrijven. En tenslotte heb je een partner nodig die open source aanbiedt op een manier die aansluit bij de doelen van het bedrijf. En dat is uiteindelijk om cash vrij te maken uit de basisinfrastructuur, om te innoveren in het hogere segment van de IT stack.”

]]>
Mon, 20 Jul 2015 12:15:45 +0200 ‘Open source database volwassen alternatief voor commerciële varianten’ http://executive-people.nl/item/532922/a-open-source-database-volwassen-alternatief-voor-commercia-laquo-le-variantena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Ruimte creëren voor innovatie is dé uitdaging van dit moment’ http://executive-people.nl/item/532921/a-ruimte-crea-laquo-ren-voor-innovatie-is-da-copy-uitdaging-van-dit-momenta.html Hij verdiende zijn sporen bij IBM waar hij diverse managementrollen vervulde op het gebied van hardware, software en channel. Hij werkte vanaf eind 2010 op het IBM-hoofdkantoor in New York met als doel het bedenken en uitrollen van IBM’s cloudstrategie voor Business Partners en System Integrators. Drie maanden geleden trad hij toe tot de directie van BPSolutions. Hoog tijd om eens nader kennis te maken met Martijn van Veen in zijn nieuwe functie van Commercieel Directeur bij deze bekende Nederlandse ICT-dienstverlener. Wat is Van Veens visie op een IT-markt die in steeds sneller tempo aan het veranderen is?

Er vindt heel duidelijk een kentering in de markt plaats”, constateert Martijn van Veen. “De tijd van exploitatie van eigen hardware is misschien nog niet geheel voorbij, maar je ziet wel steeds meer klanten die alleen nog geïnteresseerd zijn in functionele oplossingen, waarbij ze alleen willen betalen voor het daadwerkelijke gebruik. Die kentering is heel snel gegaan.

Gevolgen

Wat zijn de gevolgen van die verandering voor een bedrijf als BPSolutions? “IT is steeds meer een onderdeel van de business zelf aan het worden. Die transitie zie je nu versneld plaatsvinden. Aan de ene kant moet IT steeds sneller opdrachten voor de business kunnen uitvoeren, en aan de andere kant moet de bestaande operatie draaiende gehouden worden. Hierdoor verdwijnt vaak 80 procent van het budget aan het in de lucht houden van de bestaande ICT omgeving , waardoor er nog maar 20 procent overblijft voor het drijven van innovatie. En dat is voor heel veel bedrijven een uitdaging. Niet alleen omdat de business dat graag wil, maar ook omdat hun klanten dat eisen. Daarbij wordt er nu vooral gekeken naar hoe cloud deze innovatie kan faciliteren.”

Inzoomend op de situatie in Nederland stelt hij: “Er wordt heel veel gesproken over cloud in Nederland, maar het is nog steeds voor veel bedrijven een erg moeilijk begaanbaar pad. Ze willen wel naar de cloud, maar de roadmap erheen is voorzien van veel lastige hindernissen.” BPSolutions heeft volgens Van Veen de juiste kennis en kunde in huis om die bedrijven op hun weg naar de cloud adequaat te begeleiden. BPSolutions heeft dan ook een nieuw Business Innovation Framework ontworpen dat hierbij als leidraad kan dienen.

Data

BPSolutions kent van huis uit drie kennisgebieden: Infrastructuur, Analytics en Security. “En die hebben allemaal te maken met het feit dat we van data graag informatie willen maken”, verduidelijkt Van Veen. “Onze competenties liggen op het gebied van dataverwerking, -opslag, -analyse en de beveiliging daarvan. Daar kan ik heel veel over vertellen, maar om het kort en krachtig neer te zetten: op het gebied van data doen we alles wat er vandaag de dag in de markt gevraagd wordt, zowel on-premise  en in een public of private cloudomgeving. Dat gaat om backup, data management en archivering, de disaster recovery-omgeving, plus het 24 uur, 7 dagen per week managen daarvan. Dat betreffen allemaal taken van IT-organisaties die ze eenvoudig aan een partij als de onze willen en kunnen uitbesteden. Een eerste stap om ruimte te creëren voor innovatie.

En dat is voor heel veel bedrijven dé uitdaging op dit moment!”

Analytics

Om van data informatie te maken heb je analytics nodig, vervolgt hij. “Aan de hand van slimme analyses van hun data kunnen bedrijven nieuwe businessmodellen ontwikkelen voor nieuwe markten, of – omgekeerd – juist ontdekken dat ze met bepaalde activiteiten beter kunnen stoppen. We kijken naar de bestaande omgeving met gestructureerde data, hoe we die gegevens door middel van analytics kunnen exploiteren. Op dit moment doen we bijvoorbeeld veel projecten op het gebied van SAP HANA en het Microsoft Analytics Platform System.

Maar we kijken ook naar analyse van ongestructureerde- en zogeheten ‘streaming data’. Dat laatste is een gebied dat ik persoonlijk erg leuk vind. Dat heeft heel erg te maken met de actualiteit van vandaag de dag: wat gebeurt er op media als Twitter en LinkedIn, hoe breng je die streaming data weer samen met je bestaande data-omgeving. En dan heb je over alle domeinen heen natuurlijk nog te maken met security. Vooral een onderwerp als dataprivacy wordt daarbij steeds belangrijker.”

Cloud

Om de transitie naar de cloud voor klanten te faciliteren, heeft BPSolutions een menukaart van cloud services voor haar klanten ontwikkeld. Je ziet langzamerhand steeds meer vraag naar dat soort services ontstaan in een ‘one-stop-shopping’-model. “Hiermee ontzorgen we klanten op het gebied van het managen van verschillende cloud-contracten en bijkomende facturatiestromen”, aldus Van Veen. “Ook beschikken wij hier over een monitoring en beheerdivisie die zorgdraagt voor een onverstoorde 24x7 dienstverlening aan onze klanten, met name in de retail- en de zorgmarkt.”

Toekomst

BPSolutions blijft in de visie van Van Veen primair een IT solution- en cloud service provider, maar met de blik op de toekomst zal het ook steeds meer de stap maken richting management advies op de grensvlakken van strategie, ICT en organisatie, waarbij je moet denken aan business transformatie projecten, enterprise architectuur advisering en ondersteuning bij sourcing beslissingen.

]]>
Mon, 20 Jul 2015 08:48:22 +0200 ‘Ruimte creëren voor innovatie is dé uitdaging van dit moment’ http://executive-people.nl/item/532921/a-ruimte-crea-laquo-ren-voor-innovatie-is-da-copy-uitdaging-van-dit-momenta.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Jill Dyché: ‘Geen business strategie meer denkbaar zonder analytics’ http://executive-people.nl/item/532798/jill-dycha-copy-a-geen-business-strategie-meer-denkbaar-zonder-analyticsa.html ‘Innoveren met IT’ is een bezigheid waar veel over wordt gesproken en geschreven. Maar hoe pak je dit in praktijk succesvol aan? Om antwoord te krijgen op die vraag heeft SAS VP Jill Dyché onderzoek gedaan bij organisaties die echt het verschil maken met technologie. Executive People sprak exclusief met haar tijdens een recent bezoek aan Nederland, waar zij in een workshop van gedachten wisselde over innovatie met C-level executives die vooral willen weten waar ze moeten beginnen.

Het nieuwe boek van Jill Dyché, Vice President, SAS Best Practices heet The New IT. How technology leaders are enabling business strategy in the Digital Age. Voor dit boek heeft zij vooral gesproken met mensen die in de praktijk ervaring hebben opgedaan met veranderingen die tot stand zijn gekomen met technologie. Zij heeft een reeks gesprekken gevoerd met diverse C-level functionarissen die verantwoordelijk zijn voor IT.

Dit betekent dat ze net alleen aan tafel heeft gezeten met CIO’s, maar ook met CFO’s, CMO’s en CDO’s.  “Hierdoor hebben we een breed beeld gekregen van de manier waarop deze organisaties IT en analytics hebben ingezet om te innoveren”, zegt Dyché. Van die dertig executives zijn er uiteindelijk dertien met hun verhaal in het boek terecht gekomen.

Schaduw IT uit de kast

“Het boek gaat over de manier waarop IT verandert, en hoe die verandering eruit ziet”, legt Jill Dyché uit. “Daarbij gaat het om diverse aspecten, waaronder een verandering in ownership, veranderingen in de organisatie en verschuivingen in de interne brand van een organisatie.” De publicatie is primair bedoeld voor IT leiders, maar zeker niet uitsluitend voor hen, voegt ze eraan toe. “Want schaduw IT is nu een realiteit. Ik heb dat in een eerder blog wel eens geformuleerd als ‘shadow IT is out of the closet’.”

“Ik heb tijdens het onderzoek voor mijn boek met dertig verschillende C-level executives gesproken. Daar heb ik uiteindelijk de dertien echte change agents uit geselecteerd, die in het boek aan bod komen. Zij zijn werkzaam in een breed scala van branches, en het zijn niet allemaal CIO’s.”

Disruptive

“In een van de beschreven case studies is zelfs sprake van een situatie waarbij zowel de CIO als de CFO hiërarchisch onder de CMO vallen. De gemene deler bij deze personen is dat ze allemaal echte change agents zijn die daadwerkelijk Disruptive zijn geweest, sommigen hebben grote en ingrijpende veranderingen teweeg gebracht. En voor alle geïnterviewden geldt dat zij IT strategisch hebben ingezet voor hun organisatie.”

Innovatie met IT heeft de traditionele taakverdeling rond technologie volledig op zijn kop gezet. Dyché wijst in dat verband op de term Bi modal IT, die door Gartner is geïntroduceerd tijdens de laatste editie van Symposium/ITXpo. “Dit geeft weer dat er een tweedeling bestaat tussen traditioneel IT en innovatieve technologie. Maar een van de zaken die zijn voortgekomen uit mijn gesprekken met executives is dat dit in praktijk een iets te simplistische voorstelling van zaken is.”

Archetypen

Als alternatief heeft zij daarom voor een meer genuanceerde indeling gekozen in haar boek, in de vorm van zes verschillende IT archetypen die weergeven hoe de IT bij bedrijven is georganiseerd. De basis is het tactische model, waarbij het er vooral om gaat de lichten aan te houden. Andere archetypen zijn ordertaking door te luisteren naar de business, samenwerken met de business om waarde te creëren,  data provisioning waarbij IT zelf data naar de business stuurt, en het brokering model dat veel CIO’s nu omarmen. Het model IT everywhere is een dunne laag die IT beheert bij partners. In ieder geval hebben ze allemaal heel goed nagedacht over de vraag waar ze heen willen met hun IT.”

Wat de change agents in hun karakter gemeen hebben is volgens Dyché dat ze allemaal een passie hebben om het goede te doen, ongeacht of dat hen populair maakt of niet. “Daarnaast zijn ze bereid om zich niet teveel van de traditionele normen in een organisatie aan te trekken. ‘Omdat we het altijd zo gedaan hebben’ is geen acceptabel antwoord voor hen. Ze hebben daarbij goed nagedacht over de vraag wat going digital betekent voor hun organisatie, vooral: hoe verandert dat de klantervaring. Want uiteindelijk gaat het altijd om die klant, wie dat ook mag zijn.”

Uitdaging

“De uitdaging is om te onderkennen wat het probleem is dat je wilt oplossen. Daarna is het de vraag waar je moet beginnen. De echte leiders weten niet alleen wat er moet gebeuren, maar weten ook hoe ze het moeten uitvoeren, waar ze moeten beginnen.” De bezoekers aan de workshops willen volgens haar vooral weten wat er komt. “Allemaal zitten ze met vragen over analytics en hun data. De meesten weten dat ze een stap verder moeten gaan, maar in veel gevallen weten ze niet hoe ze dat moeten aanpakken. Waar krijgen ze succes mee?”

“Ik heb dertig mensen geïnterviewd, maar ze hebben het niet allemaal gered in het boek. Dat was soms lastig te zeggen tegen ze, omdat ze verwachten dat ze in het boek staan omdat ze het zo goed doen. Ze doen het dan ook niet fout, maar ze kwamen er niet in omdat ze het op een traditionele manier hebben aangepakt. Dat is het verschil met de cases in het boek.”

Data spelen bij alle cases een cruciale rol. “Want beslissingen zijn zo goed als de onderliggende data. Daarnaast is het zaak de corporate strategie te begrijpen. Want de beste manier om executives ervan te overtuigen dat ze analytics, ook financieel, moeten ondersteunen, is te laten zien dat het de bedrijfsdoelstellingen ten goede komt. Er is geen enkel strategie meer denkbaar waar je geen data analytics voor nodig hebt. Daar ligt dan ook de kans voor CIO’s. CIO’s die klagen dat ze niet mee praten in de directie doen er goed aan naar innovatie te kijken.”

]]>
Sat, 18 Jul 2015 08:00:16 +0200 Jill Dyché: ‘Geen business strategie meer denkbaar zonder analytics’ http://executive-people.nl/item/532798/jill-dycha-copy-a-geen-business-strategie-meer-denkbaar-zonder-analyticsa.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Samsung ontwikkelt zich verder in zakelijke markt http://executive-people.nl/item/532889/samsung-ontwikkelt-zich-verder-in-zakelijke-markt.html Voor Samsung is de tijd meer dan rijp om de zakelijke markt te betreden. Daarover zijn Erwin van der Valk, verantwoordelijk voor marketing zakelijke markt bij Samsung Nederland, en Mildo Meijer, Head of Operations B2B, het roerend eens.

Samsung lijkt als onderneming vooral op de consumentenmarkt actief te zijn en daar kennen de meeste mensen het merk ook van. Van TV's,  camera’s, monitoren, wasmachines tot en met natuurlijk smartphones en tablets. Maar Samsung is zo'n internationaal bedrijf dat van alles maakt; van medische apparatuur tot mammoettankers, van processoren tot wolkenkrabbers. De laatste jaren heeft Samsung bij het grote publiek als merk vooral furore gemaakt met zijn intelligente apparaten als slimme schermen, smartphones en tablets en de wijze waarop deze met elkaar samenwerken. “Dat is meteen ook de aanleiding geweest om de zakelijke markt te gaan benaderen,” zegt Van der Valk. Want al die consumentenelektronica en dan vooral de smartphones en tablets worden in toenemende mate zakelijk gebruikt.

Executive Briefing Center en Proof of Concept Center

Drie jaar geleden is op strategisch niveau in Korea besloten de zakelijke markt te betreden. Van der Valk: “In onze bedrijfsdoelstelling staat dat we wereldwijd een omzet van 400 miljard dollar willen halen.Ongeveer 100 miljard dollar daarvan moet uit de zakelijke markt komen.Dat is de stip aan de horizon om samen met partners naartoe te werken”

Wie wil weten wat Samsung de zakelijke markt te bieden heeft, kan terecht in het Executive Briefing Center in Delft om kennis te maken met het zakelijk portfolio van Samsung en zijn solution partners. Als er een keuze is gemaakt voor Samsung en de gewenste zakelijke oplossing, dan is er ook nog een Proof of Concept Center in Breda; een échte omgeving om op basis van klantconfiguratie de oplossingen van Samsung te testen.

Samsung investeert dus niet alleen in een ervaring, maar investeert vooral flink in het partnerkanaal voor de zakelijke markt.

Mobility in een centrale rol

Mobility is een deelgebied waar Samsung zich nadrukkelijk op begeeft. Niet alleen met  smartphones en tablets, maar vooral met de oplossingen voor de zakelijke gebruiker van mobile device management en – uiteraard – beveiliging. Denk ook aan  specifieke applicaties voor onderwijs, overheid en bijvoorbeeld de zorgsector. Kijken we naar mobile security dan kent Samsung de eigen oplossing genaamd KNOX. Deze oplossing zorgt voor een unieke vorm van beveiliging van mobiele apparatuur, de applicaties en het dataverkeer; KNOX voldoet aan de allerstrengste eisen. Mildo Meijer: “Bij mobility gaat het om de integratie van mobile devices in alle bedrijfsprocessen Mobiele apparaten nemen een centrale rol in als het gaat om het ontsluiten van het bestaande en het toekomstige netwerk van hardware en processen. Dan moet je ook denken aan het inrichten van virtuele werkplekken die via mobile devices zijn ontsloten,  tot aan het uitlezen van echo’s en patientendossiers in een ziekenhuis op je smartphone.” Dit gaat trouwens verder dan de mobiele apparatuur zelf, want ook managed print services enmobile cloud printing horen hierbij. En dan is er nog virtualisatie: Samsung werkt nauw samen met bedrijven als VMware en Citrix om de virtuele werkplek goed en veilig te bedienen.

Sleutelrol voor partners

Los van Samsung’s eigen intelligente oplossingen zijn partners voor de zakelijke tak van het merk van cruciaal belang.  Partners ontsluiten voor Samsung een breed scala aan oplossingen;   er is heel bewust gekozen om  indirect de zakelijke markt via partners te bedienen.   Van der Valk vind deze structuur van grote toegevoegde waarde. “We hebben wel een direct touch team voor een aantal corporate klanten maar die beheren in hoofdzaak de relatie.De oplossingen worden altijd samen met een partner naar de klant gebracht. Als er samen met een klant wordt gekeken naar de oplossingen, dan zoeken wij samen met de partners naar de beste..”

De onderneming is een relatief jonge speler op de zakelijke markt. “Maar het gaat goed”, zegt Meijer, “Er komen dagelijks nieuwe partners bij. We hebben nu 475 geregistreerde partners. Dat zijn bijvoorbeeldsystem integrators, solution providers die totaaloplossingen leveren, maar denk ook aan de verkoper om de hoek die is gespecialiseerd in een aantal oplossingen of in een bepaalde verticale branche. Wij hebben iedereen nodig om onze klanten zo goed mogelijk te kunnen bedienen.”

Samsung kent drie soorten niveaus voor partners, verdeeld naarplatina, goud en zilver. Wegingsfactoren zijn onder andere kennis en ervaring, grootte van de sales en service organisatie en natuurlijk de omzet. De laatste is slechts indicatief, want de insteek van Van der Valk en Meijer is altijd om samen verder de omzet te ontwikkelen.

Kennisoverdracht

Samsung schenkt veel aandacht aan kennisoverdracht. Daarvoor is in Delft ook het Executive Briefing Center ingericht. “We kunnen hier op dit moment 104 scenario's laten zien”, vertelt Van der Valk. Wie door het centrum heen loopt, ziet overal Samsung hardware draaiend in één van de scenario’s en krijgt tegelijk uitgelegd voor welke specifieke oplossing de toepassing bedoeld is. Een voorbeeld is smart signage. Van der Valk: “Vroeger was je een week verder als je het beeld op een scherm wilde wijzigen. Je moest een ontwerper inhuren, artwork laten maken, enzovoort. Dat hoeft nu niet meer, de schermen laten zich intuïtief bedienen. Of het nu gaat om één scherm of een volledig netwerk op nationaal niveau; de content is eenvoudig en hoogwaardig te ontsluiten. Of het nu gaat om een retailer of een nationale winkelketen, de informatie die je wilt laten zien is binnen enkele minuten live en dat kan je hier direct beleven.”

Zeven marktsegmenten

Samsung Nederland heeft zeven marktsegmenten gedefinieerd om actief te bewerken en waarvoor het bedrijf nog partners zoekt.

Het gaat om retail/services, gezondheidszorg, transport, financiële dienstverlening, overheid, onderwijs, en het hotelwezen. Die kernmarkten vind je terug in het  Executive Briefing Center. Er is een hotelkamer ingericht, evenals een operatiekamer, er staan kassasystemen. Er zijnmeerdere ruimten ingericht zodat je in het echt kunt ervarenwelke oplossingen mogelijk zijn en welke producten daarbij horen. Wie denkt bijvoorbeeld aan klimaatcontrole als het over educatie gaat? Er is de laatste tijd veel over te doen geweest over slecht geventileerde klaslokalen en beroerde luchtkwaliteit in scholen. Mildo Meijer: “Wij kunnen laten zien hoe je dat wel kunt regelen en we kunnen je ook laten beleven  hoe een smart white board werkt en hoe je eenvoudig een klas kunt omvormen tot een digitale leeromgeving.Als een klant een keuze heeft gemakt, dan kunnen we in Breda ook nog eens de gewenste oplossing toetsen en verankeren en een Proof of Concept aanbieden. Natuurlijk allemaal in nauw overleg met onze partners.”

Door: Teus Molenaar

]]>
Fri, 17 Jul 2015 12:51:50 +0200 Samsung ontwikkelt zich verder in zakelijke markt http://executive-people.nl/item/532889/samsung-ontwikkelt-zich-verder-in-zakelijke-markt.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Reportage: Het maken van slimme beslissingen – het is niet zwart-wit http://executive-people.nl/item/532795/reportage-het-maken-van-slimme-beslissingen-a-het-is-niet-zwart-wit.html Van ‘s ochtend vroeg tot ’s avonds laat worden we omgeven met data. Het grote volume kan soms als overweldigend worden ervaren. Organisaties bouwen complete strategieën om op basis van data beslissingen te nemen. Bedrijven investeren dan ook in technologie, Business Intelligence om sneller en betere beslissingen te kunnen nemen. Maar wat is de rol van de mens hierin? James Richardson, voorheen Research Director bij Gartner en nu Business Analytics Strateeg bij Qlik, deelde tijdens de Visualize Your World Roadshow van Qlik zijn visie rondom Human Intelligence. Meer dan 165 aanwezigen luisterden naar zijn verhaal.

Intelligente machines
“Ondanks wat Hollywood ons wil doen geloven, zouden we maar al te graag machines ons werk laten doen”, trapt Richardson af. Machines die onze manier van denken overnemen, ons verlossen van handmatige handelingen en ons behoeden voor het maken van fouten. Maar juist ook bij het nemen van beslissingen. Dit gebeurt nu al op grote schaal.

Intelligent Decision Automation
Intelligent Decision Automation wordt al in veel organisatie toegepast, vertelt Richardson. Dit is terug te zien in operationele, herhaalbare processen die voorspelbaar zijn en worden gekenmerkt door het ‘als dit, dan dat’ principe. Het zijn processen waarbij minimale menselijke interactie nodig is, zoals het routeren van kredietaanvragen, factureren en aankoopbegeleiding bij webshops. Deze vastomlijnde beslisbomen nemen veel werk uit handen. Desondanks blijven het routinematige en operationele beslissingen. Wat als beslissingen complexer zijn en om meer nuance vragen?

Hybride aanpak
De technologie is nog niet zo ver om strategische  beslissingen te nemen. De ontwikkeling van kunstmatige intelligentie gaat snel, maar is nog niet zo ver dat het menselijke handelingen overbodig maakt. “Eerlijk  gezegd is dat ook niet iets wat we zouden willen”, zo licht Richardson toe. Beslissingen rondom nieuwe strategieën, fusies of overnames, neem je niet alleen op basis van data en Intelligent Decision Automation. Deze beslissingen vereisen input van de mensen die kunnen omgaan met veranderingen en complexiteit. Dubbelzinnigheid, context en grijze gebieden zijn onderdeel van ons leven en zo ook van data. Menselijke intelligentie is nodig om dilemma’s te tackelen. Een hybride aanpak zal het meeste effect hebben op de besluitvorming. Maar menselijke intelligentie komt het best tot haar recht als ondersteund wordt door complete en accurate data.

Data van onschatbare waarde via storytelling

Om deze hybride aanpak succesvol te implementeren is storytelling volgens Richardson the next big thing. Beslissingen worden genomen door alle lagen van de organisatie, van manager tot medewerker, op elk moment van de dag en op elk mogelijke device. Het krijgen van inzichten uit data is niet langer een kwestie van kijken naar een statische afbeelding of grafiek. Mensen willen de verhalen achter de data die wordt gepresenteerd. Of het nu gaat om verkoopcijfers voor het afgelopen kwartaal of de verzuimcijfers van de afgelopen paar maanden. Ze worden vaak gepresenteerd in staafdiagrammen en grafieken, die een eendimensionaal, statisch beeld geven van de werkelijkheid.

Human Intelligence

Dit nodigt niet uit tot discussie. Statische visualisaties nodigen enkel uit tot luisteren en absorberen van informatie. “Een gemiste kans”, aldus Richardson. Met visual analytics is het mogelijk rechtstreeks door te klikken naar de bron, vragen kunnen worden gesteld en de discussie kan worden gestart. Mensen zijn nodig om de betrouwbaarheid te toetsen en om zeker te zijn dat die ‘menselijke beslissing’ gebaseerd is op inzicht in betrouwbare data. Nieuwe vragen ontstaan door samen dieper in de data te duiken, een belangrijk speerpunt van Qlik. Je wilt immers geen antwoord op vragen die je al had, maar juist antwoord op de vragen waarvan je zelfs nog niet eens wist dat je ze had.

]]>
Fri, 17 Jul 2015 07:33:39 +0200 Reportage: Het maken van slimme beslissingen – het is niet zwart-wit http://executive-people.nl/item/532795/reportage-het-maken-van-slimme-beslissingen-a-het-is-niet-zwart-wit.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Veeam blijft hard aan de weg timmeren in storageland http://executive-people.nl/item/532768/veeam-blijft-hard-aan-de-weg-timmeren-in-storageland.html Veeam levert availability-software voor virtuele omgevingen voor zowel het MKB als de enterprise-omgeving. Onlangs was Ratmir Timashev (foto), CEO van Veeam, voor een korte tussenstop in Nederland. Hij was gaarne bereid tot een beknopte toelichting op de nieuwste features van de in aantocht zijnde versie 9 van de Veeam Availability Suite, die de reseller onder meer de mogelijkheid biedt zich te ontwikkelen tot een heuse zogeheten ‘DRaaS-provider’.

Veeam-CEO Ratmir Timashev heeft zowel de Russische als de Cypriotische nationaliteit en woont tegenwoordig in de VS. Timashev is opgeleid in de wetenschap. Hij behaalde in 1990 zijn Physics-master aan de Moscow Institute of Physics and Technology, door sommigen ook wel de Russische MIT genoemd. Het waren dynamische tijden. De Berlijnse muur was net gevallen en Timashev toog in 1992 naar de VS waar hij verder studeerde aan de Ohio State University, hetgeen in 1996 uitmondde in een tweede master, dit keer in Chemical Physics. De wetenschap lonkte, maar Timashev voelde zich veel meer een entrepreneur. Na in 1997 te zijn gestart met Aelita Software, dat managementsoftware leverde voor het Windows NT-platform en zeven jaar later voor 115 miljoen dollar kon worden verkocht aan concurrent Quest Software, richtte hij samen met zijn zakenpartner Andrei Baronov in 2006 Veeam op.

Met Veeam, dat zijn hoofdkwartier in Zwitserland heeft en ondertussen wereldwijd zo’n 1700 medewerkers telt, werd de blik gericht op de ontluikende virtualisatiemarkt rond VMware. Daarbij kwam de focus te liggen op snelle en veilige backup- en replicatiesoftware: Veeam Backup & Replication, dat nu – acht jaar later – is geëvolueerd tot de Veeam Availability Suite. Versie 8 werd gelanceerd in november 2014 en versie 9 zal naar verwachting ergens in de herfst van dit jaar het licht zien.

DRaaS!

“Veeam Availability Suite v9 biedt onze resellers in de Benelux de mogelijkheid zich te ontwikkelen tot serviceproviders”, zegt Timashev, “terwijl bestaande serviceproviders hun omzet met de nieuwe versie kunnen vergroten doordat ze naast Backup-as-a-Service straks ook Disaster-Recovery-as-a-Service (DRaaS) kunnen aanbieden.” Versie 9 herbergt veel nieuwe features belooft Timashev. Twee daarvan werden onlangs reeds naar buiten gebracht. De eerste betreft integratie met EMC-storagesnapshots en de tweede behelst een uitbreiding op Veeam Cloud Connect: na Cloud Connect Backup in versie 8 komt er nu ook Cloud Connect Replication in versie 9, wat DRaaS mogelijk maakt. Een bèta daarvan is reeds beschikbaar, begrijpen we, zodat een ieder die dat wil daarmee nu reeds ervaring kan opdoen. Met Cloud Connect (volledig multi-tenant) kunnen serviceproviders en geïnteresseerde resellers vanuit hun eigen cloud op een veilige manier en voor zoveel klanten als ze zelf willen, nu zowel het backup- als het replicatiebeheer verzorgen als managed cloudservice. Mocht een eigen cloudinfrastructuur ontbreken dan kunnen Veeam-partners eventueel gebruikmaken van de vCloud Air-infrastructuur van VMware of van het Microsoft Azure-platform, aldus Timashev. Daarbij is er voor partners alle vrijheid eigen additionele services te ontwikkelen rond het cloudplatform dat Veeam hen hiermee biedt.

Toekomstplannen

Gevraagd naar Veeams toekomstplannen, houdt Timashev zich nog enigszins op de vlakte. “Datamanagement bestrijkt een omvangrijke markt met diverse sectoren”, zegt hij. “We doen op alle vlakken mee, maar er is nog volop ruimte voor groei op gebied van bijvoorbeeld data-analyse en archivering. We kijken altijd heel goed naar welke technologie we zelf kunnen of moeten ontwikkelen in de eerstvolgende jaren en wat we beter kunnen kopen. Als iets onze kernfunctionaliteit voldoende raakt, doen we het liever zelf, omdat integratie met technologie van anderen dan meer inspanning kost. Dus over het algemeen breiden we ons platform liever organisch uit”, besluit hij. Ons nog even in spanning latend op welk vlak Veeams volgende organische uitbreiding precies zal gaan plaatsvinden.

Door: Dick Schievels

]]>
Thu, 16 Jul 2015 14:07:37 +0200 Veeam blijft hard aan de weg timmeren in storageland http://executive-people.nl/item/532768/veeam-blijft-hard-aan-de-weg-timmeren-in-storageland.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Big Data belangrijk, maar lastig onder controle te krijgen http://executive-people.nl/item/532459/big-data-belangrijk-maar-lastig-onder-controle-te-krijgen.html Menig bedrijf worstelt er nog mee als ware het een tegenstander, terwijl het eigenlijk een enorme bondgenoot zou kunnen zijn. Dat was althans de kern van de boodschap van Xerox op een onlangs door het Xerox Research Center Europe belegde dag rond het fenomeen Big Data, een onderwerp dat steeds vaker helemaal bovenaan het prioriteitenlijstje van de CIO komt te staan.

De Big Data-bijeenkomst die plaatsvond in Grenoble was opgebouwd rond een door Forrester Consulting in opdracht van Xerox uitgevoerd onderzoek naar Big Data in West-Europa. Daarvoor bevroeg Forrester 330 topmanagers uit vijf West-Europese landen, te weten: Duitsland, Frankrijk, UK, België en Nederland. Maar liefst 74 procent van de ondervraagden verwacht dat zijn of haar bedrijf het komend jaar op een of andere manier al de vruchten zal plukken van investeringen in Big Data. Tegelijkertijd blijkt uit het onderzoek dat er nog heel veel uitdagingen liggen, met name op gebied van datakwaliteit en specifieke Big Data-expertise.

Wat maakt ‘Big Data Analytics’ eigenlijk zo apart? “Voor de analyse van Big Data is altijd iets extra’s nodig”, zegt Graig Saunders, director Analytics Resource Center, Xerox Consulting & Analytics. “Velen claimen dat ze te doen hebben met Big Data, terwijl dat in werkelijkheid helemaal niet zo is. Die werken wel met grote datasets, en misschien dat ze Hadoop nodig hebben voor de verwerking, maar de manier waarop ze de data analyseren, is niet wezenlijk anders dan ze gewend zijn. Ze kijken naar de data, laten hun algoritmes erop los, koppelen de resultaten terug naar het businessprobleem, gaan een paar stappen terug, passen weer wat aan en zo vorderen ze”, beschrijft Saunders. “Als je met Big Data vandoen hebt, dan is een belangrijk kenmerkend aspect dat je geen enkele manipulatie op de data los laat in de keten zelf. Je perst de data als het ware in een keer door de technologie en kijkt wat eruit komt. Als je iets wilt aanpassen, ga je helemaal terug naar het begin en start je het proces opnieuw. Want als je ergens halverwege iets verandert, dan stort het hele systeem in elkaar. Dus wat mij betreft heb je te doen met Big Data indien je technologisch of procesmatig iets speciaals moet doen, omdat de data dat afdwingen op basis van de gevarieerdheid, de snelheid of de omvang van de data.”

Grootste uitdagingen

De uitdagingen die uit het Xerox Big Data-onderzoek naar voren komen zijn gevarieerd en talrijk. De grafiek waarin ze zijn terug te vinden, telt er niet minder dan negentien. Aan de top van het lijstje vinden we de onderwerpen die zowel nu als over 12 tot 24 maanden de nodige aandacht verdienen. Het gaat om data-security en -privacy, slechte datakwaliteit, gebrek aan eigen interne vaardigheden, te weinig goede gebruikerstrainingen en geen of gebrekkige toegang tot klantgegevens of data van derden.

Tot de zaken die met name de komende 12 tot 24 maanden als uitdaging worden gezien behoren: de groei in volume en gevarieerdheid van de data, gebrek aan specialistische kennis op gebied van data-engineering, het kunnen voldoen aan wet- en regelgeving en gebrek aan vaardigheden voor het opstellen van een solide ROI-case.

De gevarieerdheid van het landschap aan Big Data-uitdagingen moet volgens Saunders niet worden geïnterpreteerd als een gebrek aan focus bij de betreffende bedrijven in West-Europa. Het is volgens hem veel meer een indicatie van de complexiteit van het Big Data-vraagstuk en geeft aan dat in de zich steeds sneller ontwikkelende wereld van tegenwoordig geen enkele uitdaging echt definitief kan worden geëlimineerd. “Er is geen enkel Big Data-probleem dat je voor eens en altijd kunt oplossen. Je kunt een bepaalde graad van controle bereiken en vervolgens regelmatig evaluaties uitvoeren. Maar je bent er nooit helemaal klaar mee. De wereld verandert daarvoor te snel. Net als de wet en regelgeving. Ook die is constant in beweging.”

Om succes te hebben met Big Data zullen bedrijven allereerst de diverse datasilo’s te lijf moeten die ze vrijwel allemaal nog hebben staan. “Klanten vragen om een zogeheten ‘single view of services’, compleet met de gepersonaliseerde interactiemechanismes en informatiestromen die daar bij horen. Om daaraan te kunnen voldoen, moeten bedrijven echter kunnen beschikken over een ‘single view of the customer’. En om dat voor elkaar te krijgen, zal bij menig bedrijf de nodige verouderde technologie moeten worden opgeruimd.”

Statistiek en Big Data

Wat is de rol van statistiek in de analyse van Big Data? Wordt die misschien minder belangrijk, gezien de enorme datasets die je tot je beschikking hebt? Saunders is van mening dat die alleen maar belangrijker wordt. “Even simpel gesteld is het waar”, zegt hij, “dat als je een iets minder goed algoritme hebt, waar je een hoop data tegenaan kunt gooien, je toch nog tot een resultaat kunt komen. En omgekeerd, dat als je over minder data beschikt, je meer algoritmische trucjes nodig hebt om hetzelfde resultaat te behalen. Maar dat neemt niet weg dat je ook voor de analyse van Big Data de allerbeste statistiek moet inzetten. Want Big Data kunnen heel misleidend zijn. Voordat ik bij Xerox kwam, heb ik een tijdje als consultant gewerkt en een groot deel van de problemen die ik tegenkwam, was terug te voeren op mensen die gebruikmaakten van de krachtige technieken die voorhanden waren, maar de statistiek niet begrepen die eraan ten grondslag lag. Met slechte businessbeslissingen tot gevolg.”

Succesvoorbeeld

Wat je met een adequate inzet van analysetechnieken met behulp van Big Data kunt bereiken, heeft Xerox Services onder meer aangetoond in Los Angeles waar het met een ingenieus systeem van met sensoren uitgeruste parkeerplekken, gecombineerd met slimme real-time analyse van parkeervraag- en aanbodgegevens een enorme efficiëntieslag heeft weten te bewerkstelligen. Niet alleen kunnen parkeerders nu dynamisch naar vrije parkeerplekken worden gedirigeerd, waardoor onnodig rondrijden wordt voorkomen. Dat op zich is natuurlijk al een enorme vooruitgang op bijvoorbeeld milieugebied. Maar de Big Data-analyse leverde tevens een krachtig instrument voor de beïnvloeding van het parkeergedrag door middel van subtiele aanpassingen in de parkeertarieven. Het betreffende systeem kon in het XRCE in Grenoble live worden gedemonstreerd. Zeer indrukwekkend!

Door: Dick Schievels

]]>
Mon, 13 Jul 2015 12:11:18 +0200 Big Data belangrijk, maar lastig onder controle te krijgen http://executive-people.nl/item/532459/big-data-belangrijk-maar-lastig-onder-controle-te-krijgen.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Terug naar de basis: IT ondersteunt de business http://executive-people.nl/item/532351/terug-naar-de-basis-it-ondersteunt-de-business.html De IT-afdeling moet zich niet meer bezig houden met het instellen van e-mailboxen en het aanmaken van gebruikersaccounts. Die processen kunnen automatisch lopen, zodat IT kan doen waar ze voor in het leven zijn geroepen, namelijk het ondersteunen van de business. RES Software helpt bedrijven met die uitdaging, maar daarvoor moesten ze zelf ook eerst terug naar de basis: ‘We kijken nu weer naar de businesswaarde, de technische details zijn van ondergeschikt belang.’

De consumerization of IT zorgt ervoor dat zakelijke gebruikers dezelfde technologie-eisen hebben als consumenten. Software moet snel uit te rollen zijn, het liefst met één druk op de knop. De oplossing moet intuïtief zijn, zodat het gebruik ervan als vanzelfsprekend voelt. Single sign-on voor alle omgevingen en applicaties, ongeacht apparaat en netwerk. Snelheid gaat boven alles en wachten is niet meer van deze tijd. Ook niet als het de werkvloer betreft, of misschien juist niet.

Hoge verwachtingen van IT

Dat legt een hoge druk op de IT-afdeling, die zo zijn eigen uitdagingen heeft. Dezelfde mensen moeten meer werk verrichten. Ze werken met legacy systemen, die niet altijd even gebruiksvriendelijk zijn. En IT verricht veel handmatig werk. Als er bijvoorbeeld een nieuwe medewerker komt, dan moet een nieuwe inbox aangemaakt worden. Er moet een inlog komen voor allerhande systemen en oplossingen. Om maar niet te spreken van de applicaties die op de desktop, laptop en mobiele telefoon voor de nieuwe werknemer moeten komen te staan.

Kun je het als IT-afdeling niet bijbenen, dan heb je de uitdaging dat andere afdelingen buiten de deur gaan shoppen. Door het steeds groter wordende aanbod cloudoplossingen kan de business zelf wel een oplossing uitrollen. Hoe ga je daar als IT-afdeling mee om? En hoe zorg je ervoor dat je organisatie wel op één lijn blijft en informatie niet wegsijpelt door de cloudoplossingen waar jij geen controle over hebt?

Volgens Bob de Kousemaeker, vice president research and developement bij RES Software, is het vooral een verandering in mindset: ‘IT werkt om business te ondersteunen, maar IT kan pas toegevoegde waarde leveren als de business toegang geeft tot data, systemen en processen.’ Ondersteuning van de business staat echter niet gelijk aan het aanmaken van inlogcodes en e-mailboxen. Dat soort simpele processen kunnen geautomatiseerd worden of via selfservice worden aangeboden.

Waarde voor de business

‘Door automatisering en selfservice is handwerk niet meer nodig’, vertelt De Kousemaeker. RES Software is in die markt gesprongen met verschillende desktop- en automatiseringsoplossingen, maar tot voor kort was het bedrijf zelf ook nog sterk gericht op de technische aspecten van de software. ‘Wij zijn terug gegaan naar de basis en laten nu zien wat onze oplossingen kunnen betekenen voor de waarde van de business.’

Onderdeel van de verfijning is de nieuwe naam van de RES Suite, namelijk RES ONE Suite 2015. De drie oplossingen om werknemers binnen een bedrijf te ondersteunen, heten nu: RES ONE Workspace, RES ONE Automation en RES ONE Service Store. De drie producten krijgen in de nieuwe release verschillende verbeteringen mee. Zo heeft RES ONE Workspace onder andere verbeterde beveiliging. RES ONE Automation heeft veel nieuwe integraties met andere systemen en RES ONE Service Store biedt verbeterde ervaring voor de beheerders via een nieuwe web-based management console.

Analisten van Gartner en Forrester zijn enthousiast over deze verfijning en de releases, omdat de propositie nu helderder is. Gartner beloonde de innovatie van het bedrijf al eerder met de onderscheiding voor Cool Vendorin Infrastructure Services. Het bureau prijst RES Software voor zijn hulp bij de paradigmaverschuiving naar gebruikersgeoriënteerde levering van software en diensten. De nieuwe releases ondersteunen dit des te meer.

De keuze om de namen te veranderen werd in eerste instantie vooral gedreven door verwarring bij de klant over de IT-store, de voorloper van de ServiceStore. De Kousemaeker vertelt: ‘We hebben een customer advisory board waarin IT-management en C-level klanten hebben plaatsgenomen. Ze sturen ons bij en dat is waar we het voor doen. We ontwikkelen onze producten voor klanten en voor niemand anders.’

Om tafel met HR

Naast het automatiseren van bepaalde processen, helpt RES Software ook bij het waardevol inzetten van de oplossingen. Human Resources (HR) vinden het bijvoorbeeld vaak lastig om de medewerkersgegevens te delen met de IT-afdeling, vertelt De Kousemaeker: ‘Het is ook best eng om je database te openen voor de IT-afdeling, omdat je broninformatie vrijgeeft en wat gaat er dan mee gebeuren? Het is dus belangrijk om personeelszaken en de IT-afdeling met elkaar om tafel te krijgen.’

‘Bedrijven vinden het lastig om een datamodel te ontwikkelen, omdat ze denken dat ze geen processen hebben om in kaart te brengen. Maar iedereen heeft binnen het bedrijf tools om zijn werk te kunnen doen, dus die processen zijn er wel, maar nog niet helder in kaart gebracht. Als het bestaande proces duidelijk is, dan kun je stapje-voor-stapje automatiseren. Dat hoeft absoluut niet met een soort big bang aanpak. Het is juist beter om gefaseerd te werken, want dan ontwikkelen de HR- en IT-afdeling zich langzaam mee’, aldus De Kousemaeker.

Investeringen waarborgen

Door de bestaande processen in kaart te brengen, wordt duidelijk of oplossingen ingezet worden in het bedrijf en hoe een eerdere investering gewaarborgd blijft. Zeker als het gaat om cloudoplossingen vergeet men weleens om een gebruiker af te melden als hij het bedrijf verlaat. Zo betaalt een bedrijf vaak meer dan nodig. Datzelfde geldt als de datakwaliteit van HR-oplossingen niet op orde is en er medewerkers staan vermeld die niet meer werkzaam zijn of verschillende systemen gehanteerd worden en helemaal niet duidelijk is welke data daarin leidend is. Ook is dit gevaarlijk vanuit security oogpunt.

Door de processen en datakwaliteit op orde te brengen moet het uiteindelijk haalbaar worden om te voorspellen welke applicaties een medewerker nodig heeft als hij in dienst komt, aldus De Kousemaeker. ‘Welke functie gaat iemand bekleden op welke locatie? Uit het persoonlijke en technische profiel kun je veel parameters instellen om een persoonlijke werkplek te realiseren. Denk bijvoorbeeld aan een dokter die ’s ochtends in het ene ziekenhuis werkt en ’s middags op een andere locatie: dan kan de context bepalen welke dossiers belangrijk zijn.’

Als die werkprocessen allemaal zijn geautomatiseerd, dan kan de IT-afdeling aan de slag met andere uitdagingen en het echt ondersteunen van de business. Zoals het intuïtiever maken van de gebruikservaring, zodat de zakelijke ervaring niet meer zoveel verschilt van de consumenten-IT. De Kousemaeker vertelt: ‘De business moet kunnen kiezen wat hij nodig heeft, waarop het automatisch wordt uitgerold. Dan heeft de IT handen en tijd vrij om te werken aan echte innovatie.’

Door Anne van den Berg

]]>
Sat, 11 Jul 2015 13:30:48 +0200 Terug naar de basis: IT ondersteunt de business http://executive-people.nl/item/532351/terug-naar-de-basis-it-ondersteunt-de-business.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
DDoS-protectie van Nederlandse bodem http://executive-people.nl/item/532349/ddos-protectie-van-nederlandse-bodem.html Serverius bestaat alweer vijf jaar en heeft in die tijd een breed portfolio aan datacenterdiensten opgebouwd. Relatief nieuw is een in eigen huis, mede op basis van Huawei-scrubbing-hardware, ontwikkelde filtering-tool, waarmee DDoS-aanvallen tegengehouden kunnen worden. Een belangrijke nieuwe toevoeging, die met name voor ISP’s en aanverwante partijen interessant is. Namelijk als nieuwe mogelijkheid voor een zelf te configureren DDoS-filterservice die zij weer aan hún gebruikers kunnen leveren.

“Waarom zou een IT-manager eigenlijk bij een datacenter diensten-leverancier als Serverius moeten aankloppen?”, val ik maar direct in huis bij Gijs van Gemert, general manager bij het betreffende bedrijf. “Omdat wij simpelweg meer diensten bieden dan andere datacentra. En ook bijvoorbeeld omdat wij kunnen garanderen dat zijn dataverkeer niet via allerlei wereldwijd verspreide schijven gerouteerd wordt”, antwoordt hij zonder nadenken. “Voor veel partijen is het namelijk onacceptabel indien hun data op het traject van gebruik naar opslag Nederland verlaat. Wij houden het daarom allemaal netjes binnen de vereiste grenzen.”

Het is een van de voorbeelden van het brede palet aan datacenterservices dat Serverius te bieden heeft vanuit zijn twee datacenters in respectievelijk Dronten en Meppel. Het conventionele datacenter, in de vorm van een enorme zaal voorzien van stroom en koeling, is volgens Van Gemert aan het verdwijnen. “Je hebt in de grote steden natuurlijk nog wel een aantal hele grote datacenters die juist door de grote hoeveelheid carriers erg populair zijn, maar daar zijn steeds minder eindgebruikes met dataopslag te vinden. Bij Serverius is dat wel het geval, want wij hebben nu twee moderne datacenters die een stuk kleiner van opzet zijn, en die door de nieuwste technische ontwikkelingen en extra diensten een grote meerwaarde kunnen leveren. Wij sluiten goed aan bij de verandering dat grote bedrijven steeds kleinere hoeveelheden hardware gebruiken met een hogere densiteit en met een bredere afname van andere diensten. Daarbij hebben we er bewust voor gekozen om in verband met betere connectiviteit juist buiten de randstad te gaan zitten. Dat alles betekent dat wij ons richting de klant breder en beter kunnen presenteren. Wij richten ons daarbij vooral op klanten buiten de EU. In Nederland weet men ons ook goed te vinden, maar 80 procent van onze klanten komt uit het buitenland. Het verschil waarop wij het winnen van de concurrent zit hem vaak net in die paar kleine extra’s die wij in huis hebben.”

Redundant netwerk

Een goed voorbeeld daarvan is de door Serverius zelf nieuw ontwikkelde DDoS-filteringsoftware, die we verderop in dit artikel wat uitgebreider zullen bespreken. Maar ook wat zijn twee datacenters betreft en qua netwerk is Serverius onderscheidend, aldus Van Gemert. “Zorgen dat je ook hier tóch carriers in huis hebt, zorgen dat je carriers in huis hebt die níet – of niet alleen – via Amsterdam zijn aangesloten”, somt hij op. “Nederland kent veel regionaal gelegen datacenters, maar hun fibers lopen allemaal via Amsterdam. Wij doen dat anders. Ook wij hebben fibers naar Amsterdam, we hebben wat dat betreft hier in Dronten zelfs de grootste capaciteit van Noord-Nederland, maar daarnaast hebben wij als enige in Nederland, voor als het in Amsterdam een keer misgaat - en ook om veel lagere latency naar de rest van Europa aan te bieden - ook een dubbel uitgevoerde glasvezelverbinding direct naar Frankfurt. Dus wij onderscheiden ons in de uitgebreidheid van ons aanbod, of het nu gaat om ons redundante low-latency netwerk, onze colocatie-faciliteiten of onze nieuwe DDoS-filtering. Daarnaast financieren en bouwen we bijvoorbeeld ook netwerken, en helpen we onze klanten, of het nu gaat om eindgebruikers, ISP’s, VoIP-leveranciers of cloudproviders, bij het vinden van nieuwe klanten.”

DDoS-protectie

Goede en doorlopende DDoS-protectie is voor bedrijven die op internet opereren tegenwoordig een must. DDoS staat voor Distributed Denial-of-Service, en een DDoS-aanval is simpel geformuleerd een poging om door middel van overbelasting, of anderszins een IP-infrastructuur uit de lucht te schieten. Tegenwoordig gaat dat veel verder dan alleen bescherming van een website, internetdienst of server. Van Gemert maakt als hij het over DDoS heeft een vergelijking met de opkomst en inburgering van het spamfilter. “Dat dat noodzakelijk was vond men in het begin ook maar vreemd, want spam, dat was toch gewoon strafbaar? Nu heeft niemand het daar nog over en wordt het algemeen toegepast.

Het DDoS-product, dat Serverius heeft ontwikkeld op basis van de BGP-routing en DDoS-hardware van Huawei en een eigen gebouwde softwarebeheerpakket, is volgens Van Gemert enig in zijn soort. “Er is niemand anders in de wereld die een totaalproduct zoals het onze aanbiedt. Bij bedrijven die hun eigen infrastructuur willen beschermen en zelf ‘in control’ willen zijn, is ons DDoS-product de enige oplossing. Daar zijn we als bedrijf erg trots op. Anders dan veel leveranciers in de wereld van DDoS-scrubbing willen doen geloven, bestaat er echt geen ‘final scrubbing solution’, zoals ze dat noemen. Om een zo hoog mogelijke kans van slagen te behalen, is er maar een oplossing: een filter echt 100 procent afstemmen op de applicatie bij de eindgebruiker. Een websitefilter is namelijk totaal iets anders dan een filter voor VoIP, storrage of remote werkplekken. De instellingen daarvoor moet je daarom aan de gebruiker zelf overlaten, want alleen die kent zijn infrastructuur tot in de puntjes en kan goed anticiperen op technische- en gebruikersveranderingen van zijn applicaties. Daarom heeft Serverius nu deze nieuwe totaaloplossing ontwikkeld: de Serverius DDoS-tool welke aan de Serverius Netwerk Toolbox is toegevoegd. Deze toolbox is een heldere webinterface waarin we verschillende applicaties beschikbaar stellen aan onze gebruikers. Deze applicaties versterken elkaar en dat maakt deze oplossing daarom ook zo uniek.”

Hoe en wat?

Hoe verkoopt Serverius zijn DDoS-filtering en wat krijgt de IT-manager voor zijn geld? Serverius’ verkoopmodel is grotendeels gebaseerd op het ‘pay per use’-concept dat we uit de cloudwereld kennen. “Onze concurrenten beginnen bij duizend euro of meer. Bij ons begint het bij 180 euro.” Daarvoor krijgt een bedrijf een standaardomgeving, waarmee het zelf alle instellingen kan doen en tot vijf IP-infrastructuuromgevingen geheel kan afstemmen op de gewenste situatie. Verder betaalt een bedrijf naar gebruik per uur. “De Serverius DDoS-oplossing is een volledig zelfgebouwde, meerlaagse DDoS-beschermingstool”, tekent Van Gemert ter afronding nog aan. “Het verkeer van de klant doet geen enkel ander extern netwerk aan, en wordt ook niet naar een of andere ‘scrubbing cloud’ van derden geleid. Dat versnelt de bescherming en zorgt voor low-latency in het hele proces. En we gebruiken ook geen extern detectiemechanisme die de filtering pas opstart als de aanval reeds begonnen is.” Het DDoS-filter wordt daartoe tussen de eigen IP-infrastructuur en het internet geplaatst, legt Van Gemert uit. Dat betekent dat inkomend verkeer altijd door het filter wordt geleid, ook als er geen aanval is. Zo krijgt het filter een perfect beeld van het normale verkeerspatroon, zodat het een aanval vrijwel direct zal herkennen en de kans op ‘normaal verkeer wegfilteren’ minimaal wordt.”

]]>
Sat, 11 Jul 2015 08:00:25 +0200 DDoS-protectie van Nederlandse bodem http://executive-people.nl/item/532349/ddos-protectie-van-nederlandse-bodem.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Bedrijven berusten erin dat ze datalek-regels niet naleven’ http://executive-people.nl/item/531858/a-bedrijven-berusten-erin-dat-ze-datalek-regels-niet-nalevena.html Hoewel het wetsvoorstel al bij de Eerste Kamer ligt, is vrijwel geen enkele organisatie klaar voor de Meldplicht Datalekken. Om na gegevensverlies hoge boetes te voorkomen, moeten organisaties nu aan de slag met encryptie. IT-dienstverleners kunnen de CIO daarbij goed helpen, maar zijn zich nog onvoldoende bewust van de noodzaak. Dat zegt Pieter Lacroix, managing director van Sophos Nederland.

Struisvogelgedrag, noemt Lacroix het. Hij sprak de afgelopen weken veel organisaties over de aanstaande wetgeving en concludeert dat de meesten erin berusten dat ze de regels niet naleven. ‘Toch moet elke onderneming waarschijnlijk al dit jaar op elk moment kunnen aantonen en garanderen dat klantgegevens adequaat zijn beveiligd. Kan hij dat niet, dan loopt hij kans op een geldboete die kan oplopen tot 5 procent van de wereldwijde omzet. Bij grote organisaties gaat het dus om tientallen miljoenen.’

Om het bedrijfsleven bewuster te maken van de verplichte databeveiliging, organiseerde Sophos kortgeleden een heuse roadshow door Nederland. Veel ondernemingen die Lacroix daar sprak, denken al flink op weg te zijn. ‘Sommigen gebruiken wel encryptie om gevoelige gegevens te beschermen. Maar als je ze erop wijst dat ze de versleuteling ook achteraf daadwerkelijk moeten kunnen bewijzen, wordt het stil. Bewijzen is heel iets anders dan de encryptie regelen. Anderen melden dan weer heel trots dat ze een interne gedragscode voor het opslaan en delen van gegevens hebben. Maar de wetgever eist dat alle medewerkers echt weten wat de code inhoudt en dat ze ernaar handelen. Daar mankeert het nu vaak aan. Afdwingen van de code is lastig. Even een document opslaan in een persoonlijke Dropbox is nu eenmaal heel makkelijk, al druist het in tegen interne afspraken.’

Aantoonbaar compliant

De oplossing ligt in automatische versleuteling, of encryption by default zoals Lacroix het noemt. ‘Met ons encryptieproduct SafeGuard bieden wij alle mogelijkheden daartoe. Het maakt niet uit of je de gegevens opslaat op een laptop, een server, een smartphone of in de cloud bij bijvoorbeeld Google of Dropbox. Het gaat niet om hopen, denken of verwachten dat je gegevens veilig zijn, maar om dit zeker te weten en aantoonbaar compliant te zijn met regelgeving.’

Datalekken zijn helaas niet de enige bedreiging voor organisaties. Malware kan evenzeer schadelijk zijn. De belangrijkste uitdaging is dat virussen via diverse manieren de IT-omgeving kunnen binnendringen en dat ze slimmer en gerichter zijn dan voorheen. ‘Wij zien dagelijks meer dan 250.000 nieuwe malwarecodes voorbijkomen. Dat vereist een heel andere aanpak dan tot dusver gebruikelijk is.’

Holistisch

Lacroix: ‘De markt denkt nog te veel in silo’s. Organisaties beveiligen hun endpoints, netwerk, mailserver, cloudapplicaties en kiezen daarvoor telkens de best-of-breed. Dat leidt tot een lappendeken van misschien wel zeventien verschillende security-oplossingen. Het is kostbaar en biedt onvoldoende overzicht. Wij bepleiten daarom een meer holistische aanpak. Het gaat immers om de beveiliging van gegevens, ongeacht waar die staan. Door een integrale security-oplossing bespaar je niet alleen kosten, maar verbeter je ook de beveiliging. Het leggen van correlaties tussen potentieel verdachte activiteiten op het netwerk, de mailserver, de laptop, de smartphone en in de cloud is daarbij essentieel. Op zichzelf staande activiteiten hoeven niet op te vallen, maar wel als ze zich op meerdere plekken in de IT-omgeving manifesteren.’

Sophos Next-generation Enduser Protection is zo’n allesomvattende IT-beveiligingsoplossing, zegt de managing director. Daarbij wordt encryptietechnologie ingezet om informatie op desktopcomputers en mobiele apparaten te beschermen. Zo herkent de geïntegreerde oplossing alle schadelijke dataverkeer op de apparaten en kan deze hiermee informatie correleren tussen de endpoints, het netwerk en de cloud.

Risk management

De kosten zijn voor veel organisaties nog steeds een leidend aspect bij de keuzes voor IT-beveiliging. Lacroix: ‘Veel klanten worstelen met security. Ze zitten in de nasleep van de economische crisis en zien hun IT-budgetten gereduceerd worden. En dat terwijl ze het drukker dan ooit hebben. Cybercriminaliteit en de onthullingen van Snowden en Assange zijn regelmatig in de media. De bewustwording neemt toe, maar de budgetten niet.’

‘Organisaties moeten security eigenlijk niet beschouwen als onderdeel van de bedrijfs-IT, maar als verlengstuk van de financiële afdeling. Het schurkt namelijk aan tegen risk management en business continuity, twee thema’s die juist nu heel populair zijn in het bedrijfsleven. De problemen die je met IT-beveiliging voorkomt, raken aan het voortbestaan van de onderneming. Ze behoren tot de kritische risico’s die je als bedrijf het hoofd moet bieden. Als je IT security op deze manier ziet, is het gemakkelijker om er meer aandacht voor te krijgen binnen een organisatie.’

Resellers

Lacroix ziet een belangrijke rol weggelegd voor de resellers van Sophos die de IT-afdelingen van organisaties voorzien van IT-security. Zeker sinds het van oorsprong Britse bedrijf in 2013 besloot om zijn organisatie nog beter in te richten op het ondersteunen van partners. Dat resulteerde een jaar later onder meer in een organische Nederlandse omzetstijging van 35 procent. De onderneming dankt dit voor een groot deel aan zijn distributeurs Crypsys, Contec en Avnet en de ruim vijfhonderd wederverkopers in het land.

De komende tijd biedt de aanstaande invoering van de Meldplicht Datalekken nieuwe kansen voor de IT-reseller, zegt de directeur. ‘Het marktpotentieel is enorm. Uit onderzoek blijkt dat slechts 23 procent van de Europese ondernemingen de encryptie van hun klant- en bedrijfsgegevens op orde heeft. Onze partners kunnen ze van informatie voorzien en daarbij diensten aanbieden. De uitdaging is momenteel dat veel partners nog onvoldoende kennis van dataprotectie in huis hebben. Sophos zal ook hen op weg moeten helpen.’

Commitment

Voor Lacroix is het logisch dat zijn team zich daarbij voornamelijk richt op de groep partners die het meeste commitment bieden. ‘De partners moeten ook kleur bekennen. Onze channel first-strategie betekent dat wij continu bouwen aan de relatie met hen. We bieden ze graag training, certificering en extra ondersteuning, maar wel in ruil voor commitment. Je kunt nu eenmaal geen diepgaande kennis van heel veel verschillende security-oplossingen hebben. Als ze dat op orde hebben, beseffen ze hoe gemakkelijk zij de Sophos-producten kunnen verkopen.’ De managing director is er van overtuigd dat het bedrijf met een verhoogde focus op zijn sterkste partners uiteindelijk meer omzet kan genereren.

Voorlopig is er voor Lacroix en zijn team nog veel werk te verzetten. Nederland is zich nog onvoldoende bewust van de aanstaande wetgeving over dataprotectie en te veel organisaties accepteren dat ze de regels niet naleven. De directeur ziet dus volop kansen en hoopt dat ook zijn resellers binnenkort deze handschoen oppakken en de IT-beslissers overtuigen dat encryptie data veel beter kan beveiligen.

Door: Diederik Toet

]]>
Sat, 04 Jul 2015 12:09:49 +0200 ‘Bedrijven berusten erin dat ze datalek-regels niet naleven’ http://executive-people.nl/item/531858/a-bedrijven-berusten-erin-dat-ze-datalek-regels-niet-nalevena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘The language of today in the boardroom is risk’ http://executive-people.nl/item/531853/a-the-language-of-today-in-the-boardroom-is-riska.html Als íemand zijn sporen op gebied van cybersecurity verdiend heeft, dan is het wel Al Kinney. Zo hield hij zich tijdens zijn 24-jarige carrière bij de US Navy vooral bezig met ‘cyber warfare’, en werkte hij daarna twee jaar als Cyber Warfare Systems Engineer bij de John Hopkins University. Onlangs bezocht Kinney, die sinds 2010 werkzaam is bij HP, de Global Conference on Cyberspace in Den Haag. Executive-People sprak met hem.

Al (Albert) Kinney is Director Cybersecurity Strategy and Operations US Public Sector bij HP Enterprise Services. Op de dit keer door Nederland in Den Haag georganiseerde vierde editie van de Global Conference on Cyberspace zal hij onder meer een voordracht houden tijdens de sessie ‘Ethical hacking and responsible disclosure’. Kinney oogt – geheel passend bij zijn marine-achtergrond – als een echte ‘Commander’ en neemt niet snel een blad voor de mond. Op rustige toon beantwoordt hij geduldig en uitgebreid de ene na de andere vraag tijdens een door HP georganiseerde rondetafeldiscussie met de vakpers.

Risicomanagement
Het draait allemaal om risicomanagement, luidt de kern van de in zijn antwoorden verpakte boodschap aan het C-level management. En die risico’s liegen er niet om. Door het gemak en de efficiency die cyberspace ons oplevert, en de mate waarin wij ons er daaraan overgeven, maakt vrijwel elk kritisch onderdeel van onze openbare infrastructuur er ondertussen deel van uit. Daarmee maken we ons kwetsbaar voor een cyberaanval waarvan de gevolgen ingrijpend zullen zijn en die volgens Kinney ook bijna onafwendbaar binnen enkele jaren zal plaatsvinden. Daarmee wil hij niet zeggen dat we onze ondergang tegemoet gaan. Het is gewoon de nieuwe realiteit. “Internet levert ons zoveel voordelen en nieuwe mogelijkheden op, dat we het niet meer willen afschaffen. Het roept echter tevens zoveel nieuwe risico’s in het leven dat we ons niet meer kunnen permitteren onvoorbereid de toekomst tegemoet te gaan. We zullen alles uit de kast moeten halen om straks adequaat te kunnen reageren. Vliegen en autorijden gaan ook gepaard met de nodige risico’s. We dekken ons daartegen in. En dat moet op grotere schaal op dit vlak ook gebeuren.”

Met dezelfde accuraatheid waarmee de tegenstander onze IT-infrastructuren aanvalt, moeten wij ze verdedigen, zegt Kinney. We moeten zorgvuldig in kaart brengen wat zich op onze netwerken bevindt en wat de belangrijkste onderdelen zijn. We moeten precies weten wat erin en wat eruit gaat, en welke informatie het meest kritisch is voor het in stand houden van onze business. “Want we kunnen niet alles beschermen. Bedrijven die trots roepen dat ze dat doen, snappen het niet. Voor een adequate beveiliging moet je juist heel goed weten welke zaken het belangrijkst zijn. Aanvallen dáárop moet je kunnen detecteren en onschadelijk maken.”
Doe je dat als bedrijfsmanagement niet, dan kunnen de gevolgen ingrijpend zijn. Als door een inbreuk op je IT-beveiliging de privacy van je klanten wordt geschonden, kan dat bijvoorbeeld hoge boetes tot gevolg hebben, om nog maar te zwijgen over de reputatieschade die in het ergste geval je hele bedrijf te gronde kan richten. Kinney toont wat grafieken van onderzoek waaruit blijkt dat wereldwijd de gemiddelde kosten van een security-incident over de laatste vier jaar, door het toegenomen raffinement van de aanvallers, verdubbeld zijn, en nu ruim boven de 10 miljoen dollar per incident uitkomen. Terwijl het gemiddeld aantal dagen om zo’n incident te neutraliseren in die vier jaar is verviervoudigd tot 45.

Risicoanalyse
“Elke CEO van tegenwoordig moet beseffen dat de IT-infrastructuur kritisch is voor zijn bedrijfsvoering. Er komen genoeg incidenten naar buiten die dat duidelijk maken. En onze financiële middelen zijn niet onuitputtelijk, dus de man aan de top moet altijd keuzes maken: stop ik mijn geld in onderzoek en ontwikkeling, of krik ik voor een deel mijn beveiliging verder op? Zo’n beslissing moet gebaseerd zijn op een gedegen risicoanalyse. “The language of today in the boardroom is risk”, stelt Kinney vast. “Modern leiderschap vereist daarom modern risicomanagement. Veel managers en raden van bestuur, dachten te weten hoe met risico’s om te gaan, maar die komen er nu achter dat het risicolandschap om hen heen de laatste jaren ingrijpend is veranderd. Die risico’s gaan verder dan alleen technische of financiële, het betreft ook risico’s op gebied van reputatieschade, niet kunnen voldoen aan wet- en regelgeving, of noem maar op. Alle risico’s moeten in kaart worden gebracht. En dat is omvangrijk.”
Goede risicoanalyse of niet, één ding weet je als CEO of CIO zeker: het zál ooit ook jouw organisatie een keer treffen, stelt Kinney. Dat moet althans volgens hem het uitgangspunt zijn. En als dat gebeurt, moet je je maatregelen klaar hebben liggen. “Je moet op technisch vlak kunnen reageren, op juridisch vlak weten wat je moet doen, je moet pr-scenario’s hebben klaarliggen. Op geen enkel terrein mag er zo’n voorbereide respons ontbreken. Want het is te laat als je de dag na een serieus incident nog zo’n plan moet gaan opstellen. Dat plan moet je regelmatig testen, zodat je er ook zeker van kunt zijn dat het vlekkeloos werkt als dat gedurende een crisis nodig is.”

Continu monitoren
Ter verlaging van de risico’s pleit Kinney voor een zo ver mogelijke automatisering van de IT-security. “Monitoring moet continu plaatsvinden. Je moet je configuraties bewaken, je compliancy, de identiteit van zij die op je netwerk actief zijn, et cetera, zodat je ook altijd het fundament kunt leveren voor toekomstig forensisch onderzoek, indien noodzakelijk.” Er zijn specifieke tools die op diverse niveaus kunnen worden uitgerold. Kinney geeft identiteitsmanagement, waar iemand in bepaalde gevallen tot in de derde graad moet worden geauthentiseerd, als voorbeeld. Of een netwerk dat ziet dat iemand van buiten zich geautomatiseerd toegang probeert te verschaffen, omdat hij sneller wachtwoorden intikt dan menselijk gezien mogelijk is. “En de risico’s die we niet kunnen verminderen, zullen we moeten accepteren. Of bijvoorbeeld beslissen dat het risico verbonden aan een bepaald onderdeel soms zó groot is, dat we het maar beter niet aan internet kunnen koppelen.”

]]>
Sat, 04 Jul 2015 08:00:27 +0200 ‘The language of today in the boardroom is risk’ http://executive-people.nl/item/531853/a-the-language-of-today-in-the-boardroom-is-riska.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Ceo die geen risico's neemt kan geen bedrijf leiden' http://executive-people.nl/item/531427/ceo-die-geen-risicos-neemt-kan-geen-bedrijf-leiden.html Een van de langstzittende ceo's in de technologiesector stapt op. Maar voor John Chambers afzwaait maakt hij nog even tijd voor een afscheidsgesprek samen met opvolger Chuck Robbins. Wie Chambers ooit zag spreken zal dat nooit vergeten. Een begeesterd spreker die je meesleept met boute uitspraken doorspekt met het sappigste West-Virginiaans accent dat je je maar kan inbeelden. Chambers speelt met het publiek, durft te zeggen waar het op staat maar weet ook hoe hij gevoelige vragen beleefd moet ontwijken.

Wat was je grootste teleurstelling in je tijd bij Cisco?

Chambers: "Er zijn drie zaken. Ofwel niet snel genoeg bewegen, of net te snel gaan zonder het proces dat achter zo'n beweging zit. De derde is dat we een diverser personeelsbestand hadden kunnen hebben. Maar ik ben trots dat we dat zowel in onze raad van bestuur als in ons senior management intussen wel hebben. Ons nieuw uitvoerend comité bestaat voor de helft uit vrouwen, niet omdat het vrouwen zijn, maar omdat ze de juiste mensen zijn."

Dat nieuw comité is meteen het eerste wapenfeit van ceo-designate Chuck Robbins. Maar Chambers wil er geen kwaad woord over kwijt. "We staan op de rand van een nieuw soort internet dat een heel nieuwe impact heeft. Een ceo die dan geen risico's neemt, kan geen bedrijf leiden."

Als een buitenlandse journalist hem vraagt wat zijn erfenis is bij Cisco, dan wordt Chambers filosofisch:

Chambers: "Je bedrijf is, net zoals je kinderen, niet je erfenis. Je wil dat je kinderen blij zijn en van Cisco wil ik dat het bedrijf het goed doet, liefst beter dan toen ik er was. Je wil hen zien groeien terwijl ze de beste waarden houden, maar ook de moed hebben om te veranderen. En persoonlijk hoop ik dat het bedrijf aan de top blijft."

"We willen absoluut winnen," treedt Chuck Robbins hem bij. "Maar we geven ook om ons team, onze partners en onze aandeelhouders. We hebben een bedrijfscultuur die uniek is en die willen we behouden. John (Chambers) heeft ons door zoveel transities geholpen. Kijk naar de bedrijven rond ons en noem er één dat onze complexiteiten heeft geëvenaard. Onze strategie werkt, klanten besteden hun geld bij ons en onze strategie komt aan bij hen."

Als we Robbins vragen wat hij nu eerst gaat doen dan horen we vooral samenzitten met het nieuwe uitvoerend comité "Met ons nieuw team zitten we de komende 3-5 jaar samen. We moeten nu nadenken over waar onze klanten tegen dan willen zijn en hoe we daar zo snel mogelijk geraken."

Chambers weet ook hoe hij een vraag subtiel ontwijkt. wanneer iemand in de zaal vraagt of hij ooit antwoord heeft gehad van Obama op een brief waarin hij zijn bezorgdheid uitdrukt om de NSA-praktijken die Amerikaanse bedrijven schaden.

Chambers: "De reputatie van Cisco zet vertrouwen bovenop. In Europa, in China en de rest van Azië en ik denk niet dat iemand twijfelt aan onze integriteit. Zelfs niet in Moskou. Maar onze regeringsleiders moeten met gemeenschappelijke regels komen. Elke overheid spioneert, niet enkel nu, maar doorheen de ganse geschiedenis. Maar voor bedrijven is het belangrijk dat iedereen het eens is over de regels. Verder hangt de manier van zakendoen ook voor een groot deel af van hoe onze regeringsleiders overeenkomen. Maar (reagerend op de NSA-schandalen, nvdr) als bedrijf komen we hier doorheen. We zijn zeker niet perfect, maar wel transparant."

Maar heeft Obama de brief nu wel of niet beantwoord?

Chambers: "Ze gaan je niet antwoorden als ze weten dat ik dat antwoord zomaar met het grote publiek zal delen."

In zijn keynote benadrukte Chambers dat hij voortaan nog maar halftijds bij Cisco rondloopt. Maar kijkt de man ook naar projecten en hobby's buiten zijn bedrijf?

"Als ceo is familie je enige hobby. Verder ben je gefocust op je bedrijf. Dat is intens, maar ontzettend leuk en Chuck (Robbins) en ik delen die ambitie. Nu ik halftijds bij Cisco zit wil ik meer tijd doorbrengen met mijn familie. Mijn vrouw, mijn twee kinderen en twee kleinkinderen. Ik hou nog steeds van golfen en vissen en ik ga ook tijd maken voor andere leuke dingen, zoals spreken voor universiteitsstudenten."

Verder denkt de aftredend topman aan vrijwilligerwerk. "Iets teruggeven is belangrijk. Als je succes hebt dan is het je plicht als mens en als bedrijf. Ik hoop iets te kunnen bijdragen aan vrede in het Midden-Oosten. Door er een middenklasse te creëeren denk ik dat een land zijn toekomst kan bouwen"

Ook wat getouwtrek in de startup-scene sluit Chambers niet uit.

Chambers: "De kans bestaat dat ik in zee ga met een paar starters maar dat maken we later wel bekend. Dat kan hulp zijn om hen door bepaalde fases te krijgen, of door in de raad van bestuur te zitten of als investeerder om hen te helpen schalen. Zo'n dingen zijn enorm leuk om te doen dus die komen er waarschijnlijk wel. En verder moet Chuck maar zien wat hij met mij wil aanvangen."

Chambers blijft voorzitter van het bedrijf. Hoewel hij de dagelijkse leiding uit handen geeft, wil opvolger Robbins hem wel actief in het bedrijf houden.

Robbins: "John krijgt enorm veel respect van onze klanten, partners, werknemers en aandeelhouders. Hij heeft de ups en down gekend en hij blijft de belangrijkste klantenrelaties en partnerrelaties verzorgen. Ik wil hem als de drijvende kracht achter onze strategische samenwerkingen en daarnaast gaat hij mee aan de kar trekken voor de nationale digitalisering in een aantal landen, waaronder hopelijk ook de VS. Tot slot heb ik hem gevraagd als executive sponsor voor onze security business. Johns vrouw heeft me trouwens gebeld met de vraag om hem nog wat bezig te houden zodat hij niet de hele tijd thuis zou zitten."

Robbins wist meteen te verrassen met een nieuw uitvoerend comité. Al wil hij geen slecht woord over de vertrekkers.

Robbins: "De meesten blijven bij Cisco en sommigen blijven zeker aan als adviseur. Maar ik heb iedereen gevraagd om zeker drie tot vijf jaar aan te blijven en sommigen hadden andere ambities."

Chambers: "Dit proces is al meer dan drie jaar aan de gang, waarvan de laatste tien maanden zeer intensief. Onze raad van bestuur wist aan welke mensen we dachten. Het zijn mensen die operationeel geweldig zijn, operationele machines als het ware. Ook Chuck. Zowel hij als ik leiden de organisatie met strakke hand. En een van de redenen dat we hem kozen is omdat hij de moed toonde om snel verandering door te voeren."

Robbins: "Eens de richting duidelijk was zijn we zo snel mogelijk naar buiten gekomen met alles. Verwacht niet dat we volgende week opnieuw grote veranderingen zullen doorvoeren. Dit verhaal ligt nu achter ons."

Op twintig jaar tijd wist Chambers Cisco om te toveren van een groot bedrijf van 1,2 miljard dollar naar een mastodont van 47 miljard dollar omzet. Reden genoeg om hem te vragen wat hij zelf beschouwt als goede kwaliteiten van een ceo.

"Visie, strategie en een goede uitvoering. Je moet een strategie kunnen implementeren, maar er ook over kunnen communiceren. Tegelijk moet je dingen kunnen veranderen. Dat geldt voor alle ceo's en bij de zoektocht naar een nieuwe ceo scoorde Chuck hoog op al die zaken dus verwacht ik dat hij veel zaken beter zal doen dan mij."

Chambers beweert dat het vertrouwen in zijn bedrijf tot in Rusland reikt. Maar is dat ook zo in het huidige conflict?

Chambers: "We zijn altijd trouw gebleven aan klanten in moeilijke tijden en bedrijven onthouden dat. Als er dingen gebeuren buiten onze macht dan proberen we nog steeds ons best te doen en als relaties met de tijd verbeteren, dan kunnen we weer verder." De aftredende topman zegt het niet al te expliciet, maar in weze komt het er op neer dat Cisco graag zaken doet met Russische bedrijven zo lang er geen embargo's zijn.

Robbins wordt overvallen met een vraag uit het publiek: "Waarom hebben ze jou gekozen als ceo?"

Robbins: "Het bedrijf heeft eerst de eigenschappen en capaciteiten opgesomd van hun ideale kandidaat en nadien zijn ze gaan kijken wie er past." Subtiel laat Robbins daarbij uitschijnen dat hij niet de meest voor de hand liggende kandidaat was.

Chambers: "Hij is gekozen om de eenvoudige reden dat hij visie en strategie heeft. Chuck is wereldklasse en is ontzettend slim. Hij kan teams leiden, hij neemt beslissingen en luistert voor hij iets doet. Hij is transparant en eerlijk en vertegenwoordigt de cultuur van waar het bedrijf naartoe gaat. We hebben hem grondig getest en geïnterviewd en na 8,5 maanden evaluatie was de raad unaniem gewonnen voor hem."

Robbins looft ook het feit dat er over de machtswissel geen enkel lek is geweest. Zo verneemt onze redactie dat de zoektocht naar een nieuwe ceo al even bekend was binnen het bedrijf. Maar niemand heeft daarover gelekt naar buiten toe.

Tot slot vraagt de redactie naar welke leiders Chambers zelf opkijkt, Met enkel verrassende antwoorden.

Chambers: "Ik heb zowel binnen het bedrijfsleven als in de politiek enkele mensen waar ik naar opkijk. Voor mij is Shimon Peres (voormalig Israëlisch premier en president, nvdr). Hij is een enorm inzichtvol man en begrijpt hoe technologie een land verandert, net zoals Netanyahu. Ik heb met hem samengewerkt en gesproken over vrede in de regio en hij is een buitengewoon man."

"De andere staatsleider die ik bewonder is Bill Clinton. Geen evidentie voor mij als republikein. Hij was de man die de informatiesnelweg uitgelegd kreeg bij het grote publiek en hij heeft honderdduizenden jobs gecreëerd in enkele jaren tijd. Ik heb enorm respect voor mensen zoals zij dus als ik advies nodig heb, dan bel ik hen op."

"In het bedrijfsleven zijn er ook enkelen waar ik groot respect voor heb. De Walton familie, ze veranderden Walmart en de retailsector, hebben zich weten heruit te vinden. Ook van Jack Welch (van 1981 tot 2001 ceo van General Electric) heb ik veel geleerd. Een laatste is David Thodey (voormalig ceo van Telstra, de grootste telecomspeler van Australië, nvdr). Hij durfde risico's te nemen met zijn bedrijf."

De 65-jarige John Chambers geeft zijn ceo-zitje af aan Chuck Robbins op 26 juli.

In samenwerking met Datanews

]]>
Sun, 28 Jun 2015 10:21:06 +0200 'Ceo die geen risico's neemt kan geen bedrijf leiden' http://executive-people.nl/item/531427/ceo-die-geen-risicos-neemt-kan-geen-bedrijf-leiden.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Enterprise IT wordt mogelijk voor het MKB http://executive-people.nl/item/531276/enterprise-it-wordt-mogelijk-voor-het-mkb.html Vooral in het midden- en kleinbedrijf weten velen niet wat de mogelijkheden zijn van cloud computing; en welke groeikansen die bieden. Daarom is Scott Swanburg (foto rechts) van Citrix zo enthousiast met het Executive Briefing Center dat Multrix onlangs opende in het Amsterdamse hoofdkantoor. Hier kunnen mensen zelf ervaren hoe handig virtuele werkplekken zijn.

Scott Swanburg is Global Senior Director Citrix. Het is zijn taak partners van de softwareleverancier te voorzien van kennis en kunde over zijn producten. Over Multrix heeft hij geen klagen, integendeel: het bedrijf is al jaren een gewaardeerd partner; in de categorie Diamond. Zelfs op Europees niveau springt deze partner er positief uit. Het mooiste vindt Swanburg de proactieve rol die Multrix vervult.
In het gloednieuwe kantoor van Multrix in Amsterdam Zuidoost is een aparte ruimte ingericht waar klanten kunnen ervaren hoe het is om met de oplossingen van Citrix aan de slag te gaan. Aan de wand diverse schermen, op de tafel verschillende types toegangsapparaten (smartphones, tablets, notebooks) om te ervaren hoe het in de praktijk werkt.
Multrix is inmiddels een van de grootste aanbieders van online werkplekoplossingen in Nederland. Zo rekent de onderneming bijvoorbeeld Bakkersland tot zijn klanten. Deze firma bakt het brood voor bijna alle supermarkten in Nederland. “Wij hebben een oplossing gebouwd waarmee Bakkersland de vraag naar brood op tijd kan analyseren, zodat ze zo efficiënt mogelijk kunnen werken. Zelf zeggen wij wel eens dat ze geen bakkerij zijn, maar een softwarebedrijf”, glimlacht Erik van Laar (foto links), die bij Multrix tevens verantwoordelijk is voor het partnermodel.

Geïntegreerd
Van Laar vertelt dat Multrix meer dan 400 bedrijfsspecifieke applicaties integreert en onderhoudt voor meer dan 6500 werkplekken vanuit private/public cloud omgevingen. “Via Citrix-producten bieden wij een werkplek aan in de cloud. Maar de organisaties hebben natuurlijk tal van applicaties. Sommige draaien in onze eigen datacenters, sommigen draaien on-premise en anderen integreren functionaliteiten met enterprise software zoals Salesforce.com. Wij zorgen ervoor dat al die applicaties aan elkaar worden geknoopt. Voor de gebruiker maakt het niet uit waar de toepassingen draaien. Wij zorgen voor een snelle en veilige verbinding en een geïntegreerd platform.”
Hij geeft aan dat de Multrix-technologie en het platform ook beschikbaar zijn voor ISV's en VAR's die onder white label een virtuele werkplek aan hun klanten kunnen aanbieden.

‘Man in the van’
Volgens Swanburg gaat het niet zozeer om technologie, maar om de manier waarop mensen werken. “Vooral de bedrijven met tien tot tweehonderd medewerkers weten niet wat er allemaal mogelijk is. Het gaat bijvoorbeeld om 'the man in the van': mobiele werknemers. Denk aan vertegenwoordigers, onderhoudsmonteurs en dergelijke. In de financiële dienstverlening, maar ook in de zorgsector; vooral de thuiszorg. Via Multrix bereiken wij die mensen.”
“Iedereen praat over virtuele werkplekken en het nut van cloud computing, maar hebben er geen ervaring mee. Er is veel koudwatervrees. Met ons nieuwe Executive Briefing Center kunnen ze ervaren wat het is, zelf ermee aan de slag. Wij maken scenario's voor de diverse verticale markten waarop we actief zijn. Dan gaat het vooral om accountancy en de zorgsector. We gaan onze vaste partners als eerste benaderen om hier te komen”, vult Van Laar aan.

Concurrentie
Met de virtuele werkplek maakt het niet uit waar je bent, hoe laat en met welk computerapparaat je werkt. Je beschikt altijd over de applicaties en gegevens waarmee je gewoon bent te werken. “Cloud service providers als Multrix maken dit mogelijk. Ze bieden niet alleen een platform met onze producten, maar zorgen ervoor dat het werkt zoals de klant wil dat het werkt. Daarmee beschikken de kleinere bedrijven ineens over de IT-mogelijkheden tegen een aanvaardbare prijs, waar eerst alleen de grote ondernemingen over beschikten. Ze kunnen nu de concurrentie aangaan met grotere bedrijven”, vindt Swanburg.
Van Laar vult aan: “Wij helpen organisaties beweeglijk te zijn; beweeglijk, zodat ze zich snel kunnen aanpassen aan veranderende marktomstandigheden of gewijzigde wet- en regelgeving. En we bieden een veilige toegang tot hun bedrijfsapplicaties en -gegevens via single sign-on.”
Veilige toegang en identiteitsbeheer zijn de sleutelwoorden, aldus Swanburg, om cloud computing te laten slagen. “Daar hebben wij onze partners voor nodig. In de tweede helft van dit jaar komt Citrix met de Cloud Workspace; dan hebben we de onderdelen die je nodig hebt voor een virtuele werkplek gebundeld, maar er is altijd meer nodig: de bedrijfsapplicaties. Partners als Multrix zorgen dan voor de cloud-orkestratie. Zij zorgen ervoor dat alles naar behoren en veilig werkt.”

Thought leadership
Multrix, zo zegt Van Laar, heeft thought leadership als bedrijfsstrategie. “We willen voorop lopen in de markt. Zien wat er gebeurt en oplossingen aanbieden. We hebben een focus op de markt, omdat we weten welke bedrijfsapplicaties het meest worden gebruikt in bepaalde sectoren. Wij moeten immers niet alleen kennis hebben van de infrastructuur maar vooral van de bedrijfsprocessen en ondersteunende software. In die zin is het geen Citrix demo centrum, maar echt een Executive Briefing Center; we willen laten zien hoe bedrijven slimmer hun werk kunnen organiseren. En je kunt nog zo'n mooi verhaal houden: het beklijft pas als ze zelf ervaren wat er mogelijk is.”
Hij voegt er nog aan toe dat organisaties willen dat het IT-platform voorspelbaar is (ook qua kosten) en flexibel. “Uiteindelijk zien we dat IT de manier waarop mensen hun werk doen verandert. Wij willen dat faciliteren.”

Explosief
Automatisering is voor de meeste mensen geen ver-van-mijn-bed-show meer. In hun vrije tijd zien ze wat er allemaal mogelijk is met apps. “Toch hebben ze geen idee wat dit betekent voor hun bedrijfsvoering. Het is echt explosief; door toepassing van oplossingen zoals Multrix die zelfstandig of via zijn partners aanbiedt, kunnen zij hun bedrijf laten groeien.”
In september – na de vakantieperiode – gaat Multrix actief met haar Executive Briefing Center aan de slag. “We nemen per kwartaal een ander thema. We beginnen eind dit jaar met de zorgbranche. Dan gaan we bedrijven uitnodigen om hier een kijkje te komen nemen”, besluit Van Laar.

Door: Teus Molenaar

]]>
Thu, 25 Jun 2015 11:57:41 +0200 Enterprise IT wordt mogelijk voor het MKB http://executive-people.nl/item/531276/enterprise-it-wordt-mogelijk-voor-het-mkb.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Business in de lead door Eshgro Cloud services http://executive-people.nl/item/531043/business-in-de-lead-door-eshgro-cloud-services.html Anno 2015 is het management van organisaties steeds vaker leidend bij het nemen van IT-beslissingen. Voor IT-leveranciers is het daarom even schakelen, aangezien ze nu met beslissers over de business aan tafel zitten. Eshgro Cloud Services helpt IT-leveranciers met het ontwikkelen van een succesvolle cloudpropositie en recurring businessmodel. Dit doet Eshgro door hun innovatieve cloudplatform beschikbaar te maken voor de reseller, zodat hij zij hun oplossingen ‘as a service’ aan kunnen bieden aan hun klanten. Welke techniek of platform daarvoor wordt gebruikt doet er niet toe, aldus Anton Loeffen, CEO bij Eshgro: ‘Je hoeft toch ook niet te weten welke messen en pannen een kok gebruikt, je wilt gewoon een kwalitatief gerecht op tafel.’

Waar de value added reseller en softwareleverancier gisteren om tafel zaten met de IT-afdeling, praten ze vandaag met het management. ‘Het IT landschap is in rap tempo complex geworden’, aldus Guido Wouters, Chief Operations Officer (COO) bij IT-dienstverlener Eshgro. De business, in de vorm van een CEO of CFO,stelt geen systeemeisen, maar heeft functionele vragen. Hij weet hoe belangrijk veiligheid is, hij weet wat de kritische kerntaken van het bedrijf zijn, hij weet welke performance hij wil behalen en hij wil weten welke IT-oplossingen hiervoor zijn.

IT’er wordt regisseur

De slimme IT’er verandert mee en neemt de regierol. Hij vraagt zich af hoe hij voor de business meer kan halen uit alle beschikbare informatie of bijvoorbeeld de ERP-oplossing die hij heeft draaien. Welke techniek er nodig is om te zorgen dat dit gerealiseerd wordt ziet hij niet langer als zijn probleem. Dat is namelijk de verantwoordelijkheid van zijn trusted advisor, de huidige value added reseller. Zo kan de IT-afdeling zich richten op de groei van het bedrijf in plaats van alleen maar bezig te zijn met het implementeren en integreren van oplossingen.

De relatie tussen de IT-afdeling, de business-beslisser, de reseller en de softwareleverancier verandert daarmee drastisch. Niet langer ligt de verantwoordelijkheid voor de performance bij het bedrijf, maar bij de IT-leverancier. Het gaat er niet om hoeveel uur een partner maakt, als hij maar levert wat hij beloofd heeft. Daarvoor hanteren zij een bedrag per gebruiker per maand. Daardoor is er geen investering meer in overcapaciteit en kunnen klanten flexibel op- en afschalen.

De omschakeling van IT is sterk beïnvloed door de opkomst van cloudservices. Maar waar het begin van cloud vooral draaide om losse oplossingen, is nu de fase aangebroken dat geïntegreerde cloudservices worden aangeboden. Eshgro speelt daar een belangrijke rol in. Zij brengen oplossingen van resellers en softwareleveranciers naar de cloud. ‘We hebben een duidelijke cloudbroker functie en onze focus ligt op het bieden van de toegevoegde waarde voor value added resellers en softwareleveranciers’, aldus Loeffen.

Functionele vragen worden beantwoord

Vaak zit Eshgro samen met hun partners bij de eindklant, zowel IT-managers als business-beslissers, om helder te krijgen welke cloudoplossing geschikt is. Wouters: ‘We hebben een ondersteunende tool ontwikkeld om de cloudoplossing te configureren. De eindklant beantwoordt een aantal functionele vragen, zoals: is het belangrijk dat je data op Nederlandse grond staat en dus onder Nederlandse wetgeving valt? Welk securityniveau wil je gegarandeerd hebben? Welke servicelevels wil je hebben vastgelegd?’Om deze functionele vragen te beantwoorden heeft Eshgro een speciale tool ontwikkeld, de cloud configurator.

Met de cloud configurator kunnen verschillende cloudoplossingen worden geselecteerd en wordt er direct een overzichtelijke offerte opgesteld. Iets wat in het verleden veel rekenwerk vroeg van technici en accountmanagers. Bovendien is de offerte één-op-één te vergelijken met de factuur! Als er een gebruiker minder gebruik maakt van de diensten, dan is dat direct te zien aan de prijs. ‘Wij werken transparant en kostenefficiënt: de business kan hun software pakket maandelijks op- en afschalen.Het gaat ons om het businessresultaat en voor business-beslissers is het vaak belangrijk dat de veiligheid en continuïteit in orde is’, aldus Loeffen.

Gevoel met de markt

In 2004 is Eshgro gestart met de ontwikkeling van een cloudplatform waarin alle onderdelen van een IT-omgeving met elkaar geïntegreerd worden. Daarom draaien er nu al meer dan 600 applicaties op het cloudplatform en elke dag komen daar nieuwe applicaties bij. Hoewel Eshgro alleen zaken doet met de reseller en de softwareleverancier, vinden Wouters en Loeffen het belangrijk om contact te houden met de eindklant. Wouters: ‘Het is belangrijk om een goed gevoel te houden met de markt. Niet alleen om de behoefte van de eindklant in kaart te brengen, maar ook onze partners beter te ondersteunen. We ontwikkelen, naast de ondersteunende cloud configuratietool, ook referentiecases om te laten zien hoe het is om met de cloudservices van Eshgro te werken.’

Voordat bedrijven aan de slag gaan met cloud is het belangrijk dat de IT-manager ook de waarde ziet van het as-a-service-model. ‘We zitten steeds vaker aan tafel met de business, maar als de IT-manager niet wil, dan gaat het niet gebeuren. Daarom zijn de relaties met de IT-leveranciers, ofwel de trusted partners zo belangrijk: zij kunnen de relatie met de klant ontplooien en aangeven als het bedrijf klaar is om hun IT als een service af te nemen’, vertelt Loeffen.

Publiek en private cloud binnen dezelfde omgeving

Overigens maakt het volgens Loeffen niet uit of het om een publieke of private cloud gaat. ‘Als je de vragen over veiligheid, privacy en compliancy beantwoordt, dan wordt vanzelf duidelijk of een oplossing in de private of publieke cloud uitgerold wordt. Eventuele verklaringen zoals ISAE3402 en audits van onafhankelijke derde partijen zijn ook in die antwoorden afgevangen. De klant hoeft zich daar niet mee bezig te houden: ze hebben maar één online desktop voor zowel publieke als private cloudoplossingen’, legt Wouters uit.

Omdat de oplossingen eerst op basis van technische eisen werden geselecteerd, is een ommekeer naar het inzichtelijk maken van functionele behoeften soms lastig voor te stellen. Maar zo ingewikkeld is het volgens Loeffen niet: ‘De beste vergelijking is de kok: je hoeft niet te weten welke machines of messen een kok gebruikt.Je wilt gewoon een kwalitatief en lekker gerecht op tafel. Zo is het uiteindelijk ook voor de business-beslisser: als zijn functionele vragen zijn beantwoord, dan zijn de security en compliance eisen afgetikt en is de performance op orde. Hij hoeft zich vervolgens alleen maar te richten op zijn eigen core business en de groei van zijn bedrijf.’

Door Anne van den Berg

]]>
Wed, 24 Jun 2015 10:20:36 +0200 Business in de lead door Eshgro Cloud services http://executive-people.nl/item/531043/business-in-de-lead-door-eshgro-cloud-services.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
De ‘Connected Enterprise 3.0’: bent u goed voorbereid? http://executive-people.nl/item/530984/de-a-connected-enterprise-a-bent-u-goed-voorbereid.html Country Manager Benelux Paul van der Wilk zit nu acht jaar bij Aruba Networks en in die periode is de organisatie, maar ook de markt, sterk veranderd. Acht jaar geleden was een draadloos netwerk ‘nice to have’. Men had hier en daar in een vergaderruimte een access point aan het plafond hangen, want dat werkte zo lekker samen. Toen kwam, april 2010, de ‘disturbing iPad’.

“De komst van de iPad markeerde de definitieve doorbraak van ‘wireless’ als primair connectiemechanisme”, blikt Van der Wilk terug. Vanaf dat moment begon het bekabelde netwerk, dat twintig jaar lang de scepter had gezwaaid, volgens hem aan belang in te boeten. “Dat is een enorme technologische verschuiving geweest, een geheel nieuwe, tweede fase in connectiviteit: wireless als primair connectiemechanisme.”

Nu, vijf jaar later, staan we alweer aan het begin van de derde fase. Want wat kunnen we nu? “We kunnen nu met medewerkers, klanten, gasten, passanten, of wie het ook maar mogen zijn die draadloos met ons netwerk connecteren, door middel van zogeheten ‘location based services’ ook op een geheel nieuwe manier gaan communiceren. Dat is de volgende stap.” En dan moeten we niet alleen denken aan retail, waarschuwt Van der Wilk, want er zijn wat dat betreft legio mogelijkheden op allerlei gebied.

Kansen

De ‘Connected Enterprise 3.0’ dient zich dus aan. Het is geen term die Van der Wilk zelf in de mond neemt, maar vrij vertaald mijn interpretatie van zijn boodschap. Gevraagd naar een voorbeeld van de kansen die hij ziet, schetst hij: “Vorig jaar was ik op een partnerevent in Italië waar we een mooi draadloos netwerk over meerdere hotels hadden geïmplementeerd, inclusief location based services. Dat zat heel gesofisticeerd in elkaar. Op het moment dat je daar aankwam en verbinding maakte, kon je een app downloaden, waarna je als het ware de hele omgeving tot je beschikking had. Je kon zien waar de volgende breakout-sessie plaatsvond, en nog sterker: met ‘Blue-Dot indoor navigation’ kon je smartphone je laten zien hoe je moest lopen. Dat sloeg enorm aan. Zo kwam er een bekende op me af die verantwoordelijk is voor de access-laag bij een grote Nederlandse universiteit. Hij had direct door dat dit voor hem ook een prachtige oplossing was. Die krijgt namelijk elk jaar in augustus 8000 nieuwe studenten die in eerste instantie geen idee hebben waar ze heen moeten op het campusterrein. En als ze een beetje hun weg gevonden hebben, willen ze soms allemaal tegelijk naar dezelfde bibliotheek. Met behulp van die location based services kon hij dat allemaal heel slim in goede banen leiden. Gewoon tellen wat de bezettingsgraad is, dat real-time implementeren in die app, en als zo’n bibliotheek vol is, dat door bijvoorbeeld een rood stoplichtje in de app kenbaar maken, of iets dergelijks.”

Het was ook voor Van der Wilk een eye opener. “Want dat betekent dat je het kunt gaan koppelen aan roosterplanning, of – ander voorbeeld – aan de de gates op een luchthaven. Het geeft in een notendop de enorme mogelijkheden van toegepaste location based services: de derde fase in enterprise-connectivity.”

Gevaren

Maar geen kansen zonder gevaren. En die gevaren zijn groter dan menig CIO beseft. Dat althans is de conclusie die kan worden getrokken uit het onderzoeksrapport ‘Securing #GenMobile: Is Your Business Running the Risk’, dat half april 2015 door Aruba Networks naar buiten werd gebracht (zie http://www.arubanetworks.com/mobileriskindex/ voor als u de securitypositie van uw eigen bedrijf wilt benchmarken). “Wat wij met het betreffende onderzoek wilden uitzoeken, was in hoeverre de security-awareness die hoort bij de evolutie of revolutie van de afgelopen vijf jaar, is doorgedrongen tot bedrijven, en met name tot de medewerkers van die bedrijven. Want de essentie zit hem natuurlijk in de gebruiker.”

Het onderzoek legt wat dat betreft een aantal interessante zaken bloot. Ten eerste blijkt dat jongeren veel argelozer zijn als het om securityzaken gaat dan oudere medewerkers. “Die ‘generation mobile’, of #GenMobile zoals wij die aanduiden, legt een zekere onverschilligheid aan de dag als het gaat om dingen als het delen van mobiele devices met anderen en het gebruik van wachtwoorden. Delen is bij hen de norm. Daarnaast, dat blijkt ook uit ons onderzoek, zijn ze veel meer ‘self-empowered’. Daarmee bedoelen we dat ze makkelijker net een stapje verder gaan om te realiseren wat ze in hun hoofd hebben. Dat betekent bijvoorbeeld dat als zij informatie moeten delen met hun buurman om hun doel te bereiken, terwijl hun baas hen dat eigenlijk verboden heeft, zij geneigd zijn dat toch te doen.”

Dat is risicovol gedrag, dat echter ook zo zijn positieve kanten heeft, gezien de snelheid waarmee de strijd met de concurrent tegenwoordig gevoerd moet worden, zegt Van der Wilk. “Bovendien gaat die #GenMobile zijn gedrag heus niet meer aanpassen”, onderstreept hij. “Dat zal je gewoon moeten accepteren als een gegeven. Dat betekent dat je dat gedrag als organisatie moet gaan faciliteren. We moeten er dus zelf voor gaan zorgen dat die #GenMobile geen fouten meer kán maken.”

Oplossing

Gelukkig kan dat ook met de technologie die nu voor handen is en die Van der Wilk ons tot slot in grove lijnen schetst. “Waar we naartoe willen, is dat we context-aware gaan bepalen: wie mag wat, waar, wanneer, met welk apparaat. Netwerktoegangscontrole was voorheen veel minder belangrijk, want je kon alleen maar op het netwerk als je binnen het bedrijfspand was. Tegenwoordig moet ik overal kunnen werken, en waar ik mij ook bevind op een veilige manier bij mijn informatie kunnen. Dat kan alleen nog met een accesslaag die van de nodige intelligentie is voorzien.”

Hij geeft als voorbeeld een arts die op dinsdag en woensdag in een bepaald ziekenhuis werkt, en op het moment dat hij in een zaal bij een patiënt belandt op zijn iPad alle informatie over precies die specifieke patiënt krijgt voorgeschoteld. Loopt hij vervolgens naar een bed op de volgende afdeling, dan kan hij alleen nog bij de informatie van die volgende patiënt. En op donderdag kan hij überhaupt niet meer bij die patiënten informatie, of alleen nog via een aparte procedure, maar in ieder geval niet meer via zijn persoonlijke iPad of vergelijkbaar mobiel device. “Dat is de wereld waar we heen gaan, en waarvan iedere CIO zich rekenschap moet geven.”

Auteur: Dick Schievels

]]>
Sun, 21 Jun 2015 11:44:04 +0200 De ‘Connected Enterprise 3.0’: bent u goed voorbereid? http://executive-people.nl/item/530984/de-a-connected-enterprise-a-bent-u-goed-voorbereid.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Lotte de Bruijn (Nederland ICT): 'ICT verdient een hoofdrol in het onderwijs' http://executive-people.nl/item/530922/lotte-de-bruijn-nederland-ict-ict-verdient-een-hoofdrol-in-het-onderwijs.html Als het aan Lotte de Bruijn ligt, is Nederland in 2020 de meest geavanceerde digitale economie van Europa. De directeur van Nederland ICT wil iets doen aan de 'enorme mismatch' tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. “Ik wil meer waardering voor de positieve bijdrage van ICT-projecten aan onze samenleving.”

Lotte de Bruijn is sinds een jaar directeur van Nederland ICT, na verschillende sales- en marketingfuncties te hebben bekleed bij onder andere Dell en IBM. “Het was een jaar van ontdekkingen, hoewel de ICT-wereld allesbehalve nieuw voor me is. Werken voor een hele sector in Nederland is iets anders dan voor één grote Amerikaanse ICT-organisatie. Toch is mijn ervaring aan de bedrijvenkant heel waardevol in mijn huidige functie. Het is belangrijk dat ik me kan verplaatsen in onze leden en weet wat er speelt. Ik heb een ontzettend groot ICT-hart en ik geloof heilig dat ICT een belangrijke bijdrage levert aan bijna alle maatschappelijk relevante vraagstukken.”

De Bruijn wil laten zien wat ICT allemaal kan en doet. “We moeten onze ogen niet sluiten voor minder positieve zaken, zoals problemen met privacy als gevolg van het werken met 'big data'. Sterker: juist wij stropen de mouwen op om zo'n probleem aan te pakken. Maar Nederland ICT wil vooral benadrukken wat ICT mogelijk maakt. Door de huidige digitale technologieën blijven ouderen langer thuis wonen, bijvoorbeeld. En door ICT-toepassingen gaan we slimmer om met logistiek en mobiliteit, zodat we fileproblemen oplossen.”

Het imago van de ICT-sector is niet per se goed, weet De Bruijn. “Als een ICT-project mislukt, wordt dat breed uitgemeten in de media. Diezelfde media berichten gretig over de net al genoemde privacyrisico's. Maar wat in onze sector allemaal wél goed gaat, daar hoor je veel minder over of wordt door het publiek ervaren als vanzelfsprekend. Mensen zijn zo gewend geraakt aan ICT-toepassingen, dat ze die niet meer als zodanig herkennen. We vinden het normaal dat een ziekenhuis draait zoals het draait, maar vergeten dat zo'n instelling helemaal vol zit met technologie. Ook scholen en overheidsorganisaties kunnen niet meer zonder ICT. Stel je een Belastingdienst voor waar je niet digitaal je aangifte kan doen. Ik vind dat we trotser moeten zijn op wat we hebben.”

Mismatch

Ook het imago van ICT als schoolvak laat te wensen over. “Met als gevolg een enorme mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, vooral als het gaat om hoger opgeleiden. Onze achterban schreeuwt werkelijk om programmeurs, die komen onvoldoende van school af. Informatica heeft een 'nerd-imago' en te weinig leerlingen kiezen daarvoor. Ik wil dat digitale vaardigheden vanaf zo jong mogelijke leeftijd in het onderwijs worden meegenomen. Dat kan spelenderwijs; het lijkt mij heel 'cool' om als kind je eigen game te ontwikkelen. Engeland is veel verder, daar leggen leerlingen vloeiend uit hoe scripting en coderen werkt. Nederland ICT wil het analytisch vermogen van kinderen zoveel mogelijk stimuleren, overigens zonder van iedereen een programmeur te willen maken.”

Meer aandacht voor technologie op school betekent volgens De Bruijn niet alleen lesuren informatica. “De toepassing van ICT kun je ook betrekken bij andere schoolvakken. Waarom zou de inzet van ICT bij de analyse van DNA-gegevens geen onderwerp kunnen zijn van een biologieles? Zo laat je zien dat ICT niet alleen leuk is voor nerds, maar ook gewoon praktisch. Laat vooral zien dat je als ICT'er echt een verschil maakt. Ik hoop dat ICT de hoofdrol krijgt in het onderwijs die het verdient.”

Samen met ECP en het CIO Platform heeft Nederland ICT een speciaal programma om kinderen te enthousiasmeren voor ICT: 'Geef IT door'. “We zeggen tegen IT-professionals: ga maar voor de klas staan. Mijn achterban wordt uitgedaagd om na te denken hoe ze zelf ICT-onderwijs zouden geven, met de bedoeling om leerlingen en studenten een beter beeld te geven van de mogelijkheden op de ICT-arbeidsmarkt. Iets anders: we willen dat technologie deel uitmaakt van assessment-trajecten. Om de kwaliteit van een school te bepalen, wordt vaak gekeken naar een beperkt aantal vakken en daar zit techniek meestal niet bij. Omdat scholen dergelijke beoordelingen erg belangrijk vinden, missen ze de 'incentive' om goed technologie-onderwijs aan te bieden.”

ICT en overheid

Net als  in haar vorige functie heeft Lotte de Bruijn als directeur van Nederland ICT veel te maken met de overheid. “Onze missie is om het ondernemersklimaat te optimaliseren voor onze achterban. Daarin hebben we ook gelijke belangen, want ook het Rijk, provincies en gemeenten hebben behoefte aan gekwalificeerd ICT-personeel. Een ander aspect van onze relatie met het openbaar bestuur is de discussie over privacy en wet- en regelgeving. Ik vind privacy superbelangrijk, maar de 240 vormen van wetgeving op dat terrein mogen geen belemmering zijn om verder te innoveren. Ik vind innovatie en privacy überhaupt twee totaal verschillende gesprekken. Een belangrijke factor in onze relatie met de overheid is vertrouwen. Een gebrek aan vertrouwen leidt tot angst en dat is altijd een slechte raadgever. De angst dat wij niet weten wat met onze data gebeurt, mag mijns inziens nooit een reden zijn om te stoppen met de verdere ontwikkeling van ICT-toepassingen. Dat soort zaken zijn namelijk goed op te lossen”

ICT is volgens De Bruijn juist niet alleen een aangelegenheid voor CIO's en andere ICT-professionals. “Ook voor politici, CEO’s en andere managers geldt: ICT zit in alles. Dus ook als je niet direct verantwoordelijk bent voor de ICT-portefeuille, moet je enige kennis hebben van de mogelijkheden van ICT. Iedereen zou er een beetje van moeten weten. Het bewustzijn is toegenomen en het staat op de agenda, dat merken we in onze gesprekken. Wij delen graag kennis. De overheid heeft de ambitie om in 2017 alles digitaal te kunnen aanbieden en daarvoor hebben zij ons als markt hard nodig. We merken dat de politiek zeker bereid is om naar bedrijven te luisteren.”

Over het kennisniveau bij politici is De Bruijn minder negatief dan veel critici. Het mislukte automatiseringssysteem SPEER bijvoorbeeld, volgens NRC Next 'het grootste en duurste ICT-project van de overheid ooit', staat volgens haar niet model voor een normale gang van zaken, er zijn ook positieve voorbeelden “Ik ken onvoldoende details om over dit specifieke dossier een oordeel te hebben, maar een goed ICT-project begint altijd met de juiste vraagstelling, al ver voordat überhaupt sprake is van een aanbesteding. Wat wil je bereiken,wat wil je doen, wat is haalbaar? Zo'n vraag krijg je als opdrachtgever alleen beantwoord in samenwerking met de markt. Wij hebben een haalbaarheidstoets die problemen als met SPEER voorkomt. Twee bijeenkomsten en een heel duidelijk rapport met adviezen, allemaal heel open.”

Imago

We mogen best positiever zijn over wat ICT oplevert, vindt De Bruijn. “Er is altijd commentaar, bijvoorbeeld op alwéér een nieuw ICT-project bij de Belastingdienst. Soms terecht, vaak onterecht. In onze sector werken een kwart miljoen mensen en de economische groei in Nederland is heel direct te herleiden naar de ICT-branche. Maar wat ICT betekent naar buiten toe, voor de zorg, de transportsector, de tuinbouw of wat dan ook; er is een rol weggelegd voor Nederland ICT om dat wereldkundig te maken. De effecten van geslaagde ICT-projecten, de impact daarvan op de samenleving, zijn altijd moeilijker inzichtelijk te maken dan mislukkingen.”


De ambitie van Nederland ICT is dat ons land in 2020 de meest geavanceerde digitale economie is van Europa, of zelfs van de wereld. “We zien een aantal belemmeringen, waaronder wet- en regelgeving en een tekort aan de juiste ICT'ers”, besluit Lotte de Bruijn. “Mijn werkzaamheden hebben niet direct te maken met 'hardcore' technologie, maar met uitdagingen als big data, cyber security en privacy, hoewel die natuurlijk een technisch aspect hebben. Het gaat me vooral om het ondernemersklimaat. Ik wil dat Nederland leidend is in zowel de ontwikkeling als het gebruik van digitale technologieën. Ik wil meer samenwerking, ook met de overheid, en de erkenning dat ICT niet alleen een ding is van CIO's. Technologie zit ver doorgevoerd in de business. Ik zie een CIO vooral als een ambassadeur. Hij kan laten zien dat ICT meer productiviteit oplevert, of voorspellen welke technologische vernieuwingen morgen voor de deur staan, zoals robotica of artificial intelligence. Want dat is het mooie van ICT: 'never a dull moment' en altijd iets dat verandert.”

]]>
Sat, 20 Jun 2015 08:00:32 +0200 Lotte de Bruijn (Nederland ICT): 'ICT verdient een hoofdrol in het onderwijs' http://executive-people.nl/item/530922/lotte-de-bruijn-nederland-ict-ict-verdient-een-hoofdrol-in-het-onderwijs.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Aruba Networks kan met HP nu wereldwijde services bieden’ http://executive-people.nl/item/530159/a-aruba-networks-kan-met-hp-nu-wereldwijde-services-biedena.html Aruba Networks, leverancier van zakelijke wlan-oplossingen, verwacht zijn groei in de markt te versnellen na de overname door HP. Aruba Networks kan door het wereldwijde aanbod van HP services aan zijn klanten producten en diensten leveren zodat ze door meer mobiel kunnen werken en sneller hun business kunnen laten groeien. Hierbij is grote rol weggelegd voor channel partners, aldus Keerti Melkote, cto en mede-oprichter van Aruba Networks.

Melkote ziet door de overname veel groeikansen in verschillende branches, waarbij een rol is weggelegd voor channel partners zoals service providers en retailers. “Zo bieden we bedrijven migratietrajecten naar nieuwe wlan 802.11ac access point omgevingen. Of Wave 2 toepassingen met ondersteuning van nieuwste HP switches. Aruba Networks en HP vormen een goede combinatie met sterk beveiligde vaste en draadloze netwerken en een breed services aanbod.”

Microsoft

Door de overname van Aruba Networks door HP hebben klanten de keuze tussen twee grote zakelijke wlan-leveranciers vervolgt Melkote. ”Dat zijn HP en Cisco, omdat dit de enige partijen zijn die wereldwijd services kunnen leveren. Dat is van belang, omdat een WiFi netwerk belangrijk is voor de business; het is een utiliteit geworden. Dat kan Aruba Networks bieden. We krijgen doordoor steeds meer klanten, zoals Microsoft die Aruba Networks WiFi access points gebruikt in zijn ruim 400 wereldwijde kantoren."

MKB

Melkote is positief over de toekomst nu Aruba Networks onder de paraplu van HP valt. “We groeien wereldwijd omdat we focus hebben door innovatie van onze producten met lokaal-gerelateerde diensten. Zo wordt Aruba Networks in steeds meer voetbalstadions gebruikt waar toeschouwers toegang hebben tot het internet en lokaal-gebaseerde diensten krijgen aangeboden. We bieden ook security oplossingen zoals ClearPass Exchange die beveiligde workflows van andere merken mobile device management (mdm) software automatiseert, zoals van IBM, AirWatch en MobileIron. Dit is bijvoorbeeld een interessante toepassing voor banken. Ook is de MKB markt belangrijk waar we sterk in groeien, zoals met Aruba Networks cloud-gebaseerde centrale Instant Access points. Deze zijn gemakkelijk te installeren & te onderhouden, en zijn een uitstekende oplossing voor het MKB die door channel partners kunnen worden verkocht.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Wed, 10 Jun 2015 11:01:59 +0200 ‘Aruba Networks kan met HP nu wereldwijde services bieden’ http://executive-people.nl/item/530159/a-aruba-networks-kan-met-hp-nu-wereldwijde-services-biedena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Xerox Research heeft nog niets aan glans verloren http://executive-people.nl/item/530123/xerox-research-heeft-nog-niets-aan-glans-verloren.html Het Xerox Research Center Europe (XRCE) ligt een half uurtje rijden buiten Grenoble. Gesitueerd op een landgoed langs de flanken van de Alpen, beslaat het een handvol gebouwen. De centraal gelegen oude villa herbergt de directiekamer van Monica Beltrametti. Aanleiding voor ons bezoek is een door Xerox voor de media georganiseerde Big Data-bijeenkomst. Reuze interessant, maar wij zijn er vandaag ook nog met een andere missie: de definitieve ontmaskering van Xerox als zijnde louter een fabrikant van printers en de daaruit voortvloeiende documentmanagement-services.

Natuurlijk is er een kleine groep van ingewijden die allang weet dat Xerox met de overname van ACS, vijf jaar geleden, zijn scoop enorm heeft verbreed, maar het wordt ons inziens hoog tijd die kennis eens wat breder uit te dragen.

 Terugblik

We worden met alle egards ontvangen door Beltrametti, in een omgeving die perfect past bij de onderzoeksroem die Xerox sinds de opening van zijn Xerox Palo Alto Research Center (PARC) in 1970 heeft vergaard. Want was het niet Xerox PARC dat aan de basis stond van de eerste echte pc (de Xerox Alto), het Ethernet-protocol (mede) ontwikkelde en innovaties als de GUI en de WYSIWYG-teksteditor op zijn naam heeft staan?

Beltrametti – Italiaans donker haar en bijpassende ogen – is naast haar directeurschap van het XRCE tevens vice president van de Xerox Innovation Group en Xerox Chief Services Research Officer. In die laatste rol coördineert ze op gebied van services wereldwijd de onderzoeksactiviteiten van de verschillende Xerox-researchcentra. Ooit was ze zelf wetenschapper. Haar roots liggen in de theoretische astrofysica. Via Canada, waar ze leidinggevende IT-functies bekleedde op gebied van netwerkservices en softwareontwikkeling, en het NASA Ames Research Center in Californië, kwam ze uiteindelijk bij het XRCE in Grenoble terecht.

Van sterren naar copiërs, en nu hoofd R&D bij het XRCE met focus op services, Beltrametti begrijpt de vraag: how come? “Om een lang verhaal kort te maken: ik was op een gegeven moment zo’n lastige Xerox-klant dat ze uiteindelijk vroegen of ik niet bij ze wilden komen werken”, zegt ze met een glimlach. Dat was in 1993 en sindsdien heeft Xerox de nodige stappen gemaakt. De belangrijkste stap was de overname van ACS (Affiliated Computer Services), begin 2010. “Xerox heeft sinds de overname van ACS een ingrijpende verandering doorgemaakt”, blikt Beltrametti terug. “ACS was een groot Amerikaans bedrijf actief op gebied van BPO, Business Proces Outsourcing. Het opereerde in domeinen die volledig nieuw waren voor Xerox, zoals vervoer, gezondheidszorg, financiële dienstverlening en retail. Ze waren gespecialiseerd in het managen van de businessprocessen van onze klanten. Met die overname kunnen bedrijven die zich helemaal willen toeleggen op hun core business, hun administratieve, financiële, HR- en klantrelatieproces, of wat voor ondersteunend businessproces dan ook, nu ook gewoon uitbesteden aan ons.”

“Je kunt je de transformatie misschien voorstellen die de ACS-acquisitie bij Xerox teweeg heeft gebracht”, zegt ze. “Met name op onderzoeksgebied moesten we ons terrein drastisch uitbreiden. Tot dan toe concentreerden we ons vooral op services rond printers en kopieerapparaten. Maar nu moesten we ons ter ondersteuning van het nieuwe Xerox plotseling ook met al die nieuwe domeinen als vervoer en de zorg gaan bezighouden. Voor ons als onderzoekers was dat overigens een buitengewoon interessante uitdaging.”

XRCE

Waarmee houdt een onderzoekscentrum als het XRCE zich nu vooral bezig? “We proberen de toekomst te voorspellen en dan vooral uit welke hoek de echte doorbraken te verwachten zijn die de markt ingrijpend zullen veranderen. Het voorspellen van disruptieve veranderingen dus. Op die gebieden proberen we nieuwe technologische oplossingen en diensten uit te vinden, die onze klanten kunnen helpen de aankomende golven van verandering het hoofd te bieden. Dus we bestuderen de trends, we bestuderen waar de technologie heengaat, proberen ons een beeld van de toekomst te vormen en zetten, in samenspraak met onze klanten, zo verstandig mogelijk in op die dingen die volgens ons de meeste kans van slagen hebben.”

Het XRCE in Grenoble was vooral gespecialiseerd in data- en tekstanalyse rond printers en aanverwante zaken, expertise die het nu ook op alle nieuwe genoemde gebieden inzet. Andere specialismen zijn ‘computer vision’, het herkennen van beelden en patronen, en werkomstandigheden in de breedste zin van het woord. Voor dat laatste gebied heeft het XRCE zelfs sociologen en antropologen in dienst genomen.

Innovatie

“Als we praten over innovatie, dan denken de meeste mensen in eerste instantie aan techniek, aan de technologische expertise & know-how die daarvoor nodig is. Maar als het gaat om echt disruptieve zaken, dan moet je ook kijken naar het menselijk gedrag en de sociale context waarin die innovatie plaatsvindt, plus de businessmodellen die erbij horen”, schetst Beltrametti. “Ons onderzoek beweegt zich dan ook op het snijvlak van die drie domeinen. Je kunt nieuwe technologie niet zomaar op mensen loslaten. Je moet begrijpen hoe er gewerkt wordt en wat de processen zijn. En ook de ontwikkeling van de juiste businessmodellen speelt een grote rol, met name in de snel veranderende wereld van vandaag.” Beltrametti geeft een mooi voorbeeld uit de geschiedenis van Xerox zelf. Het vond 75 jaar geleden niet alleen de xerografie uit, zegt ze, maar omdat niemand in die tijd zelf een kopieermachine wilde aanschaffen, vond Xerox ook het leasemodel uit en ‘betaling per tik’.

Trends

Computers en netwerken hebben onze hele maatschappij veranderd. Van mainframes gingen we naar pc’s en distributed computing, vervolgens werd alles wat computer heette aan elkaar verbonden (internet). En met de smartphone, die net zo krachtig is als het mainframe van veertig jaar geleden, zijn we nu in het tijdperk van ‘ubiquites computing’ aanbeland. Een tijdperk waarin medewerkers overal, vanaf elk willekeurig device kunnen werken op het uur dat hen lief is. Het is een tijdperk waarin er steeds meer interactie ontstaat tussen de fysieke en de digitale wereld, stelt Beltrametti vast.

De vraag is natuurlijk, wat komt er nu. Beltrametti schildert een toekomst waarin steeds meer objecten met internet worden verbonden (Internet of Things). “Je googelt nu nog alleen informatie, straks googel je de realiteit – een ding! Daarnaast worden machines steeds intelligenter. Ze zullen meer en meer worden uitgerust met sensoren en steeds beter in staat zijn te leren. Ze kunnen je helpen beslissingen te nemen, tegen je praten en zelfs een dialoog met je voeren. Dat is de wereld die lonkt.”

Big Data!

En dan belanden we uiteindelijk toch nog waarvoor we oorspronkelijk naar het XRCE in Grenoble zijn afgereisd: Big Data! Want de wegen van de wereld waar we heen gaan, met één been al binnen zijn getreden, zijn geplaveid met data. Data afkomstig van sensoren die overal inzitten, van computers, van processen en wat al dies meer. “Met dat beeld voor ogen zijn we onze competenties op gebied van data-analytics sterk gaan uitbreiden”, besluit Beltrametti het gesprek. “Xerox Services, de divisie opgericht na de ACS-overname, beschikt over enorme hoeveelheden data, en we buiten dat nog veel te weinig uit. Neem bijvoorbeeld het vervoer. In dat bereik beschikken we over enorme hoeveelheden valideringsdata van vervoersbewijzen. Daaruit is allerlei waardevolle informatie te halen over verplaatsingspatronen. Hetzelfde geldt voor de gezondheidszorg. Binnen al die domeinen liggen enorme bergen aan vrij beschikbare data te wachten op nadere exploratie en exploitatie. En in die richting begeeft zich dan ook een groot deel van onze nieuwe onderzoeksinspanning: Big Data Analytics!” Met vooruitziende blik heeft Xerox er drie jaar geleden al een aparte business-unit voor opgericht.

Door: Dick Schievels

]]>
Mon, 08 Jun 2015 14:01:34 +0200 Xerox Research heeft nog niets aan glans verloren http://executive-people.nl/item/530123/xerox-research-heeft-nog-niets-aan-glans-verloren.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Insight nieuwe stijl richt zich primair op ‘de business’! http://executive-people.nl/item/529426/insight-nieuwe-stijl-richt-zich-primair-op-a-de-businessa.html Iedere professionele IT-watcher had door dat er iets aan het gisten was bij de wereldwijd opererende IT-reseller Insight. Sinds vandaag weten we ook wát. Insight neemt zijn businessmodel op de schop en gaat zijn go-to-marketstrategie drastisch uitbreiden richting ‘de business’. President EMEA Wolfgang Ebermann bezocht onlangs Insight Nederland en was bereid aan de vooravond van dit nieuws Executive People van een toelichting te voorzien.

Insight Enterprises is een bedrijf dat tijdens zijn ruim 25-jarig bestaan altijd voor verandering heeft opengestaan. Zij die de grote internationale reseller van IT-producten en -diensten (omzet ruim 5 miljard dollar) een beetje kennen, weten ook dat het bedrijf zich in de loop der jaren al een aantal keer opnieuw heeft uitgevonden. Om de groei te continueren, is het nu tijd voor de volgende stap in de evolutie van Insights businessmodel, zegt Wolfgang Ebermann, President EMEA bij Insight.

Het was een opmerkelijke stap van Wolfgang Ebermann om anderhalf jaar geleden, na 22 jaar Microsoft, te transfereren naar Insight. Maar hij heeft er geen moment spijt van gehad, verzekert hij. En hij ziet het als ‘een opwindende belevenis en een eer’ dat hij door CEO Ken Lamneck werd aangezocht om aan de nieuwe koerswijziging, die nu net door Insight officieel is aangekondigd, mede gestalte te geven.

Analyse

“De belangrijke koerswijziging die het management heeft uitgestippeld om een volgende impuls te geven aan onze groei”, zegt Ebermann, “is gebaseerd op een beter begrip van wat onze klanten werkelijk nodig hebben om hun problemen op te lossen.” Het C-level management van het merendeel van Insights klanten ziet IT volgens hem nog steeds als een kostenpost. IT is in hun ogen wel een ‘must have’ voor de bedrijfsvoering, maar geen strategisch wapen waarmee ze hun business van nieuwe impulsen kunnen voorzien. “Elke CFO zal het je direct kunnen voorrekenen. Die laat je zo zien dat 90 procent van het IT-budget wordt besteed aan het in stand houden van de bestaande infrastructuur.” En inderdaad, Ebermann heeft gelijk: ook wij moeten regelmatig constateren dat veel organisaties relatief nog steeds weinig IT-geld uitgegeven aan echt innovatieve zaken die de business naar een hoger plan tillen. “Dat is de kern van het probleem waar de gehele IT-industrie mee worstelt. En dat is wat we onder ogen moeten zien”, onderstreept Ebermann.

Cloud als ‘game changer’

De voor de hand liggende vraag luidt natuurlijk, hoe los je dat probleem op! Ebermann: “Met het verleggen van onze koers, willen wij dat probleem serieus adresseren en daarmee een leiderschapsrol op ons nemen in de IT-industrie.” Een andere belangrijke vraag is, waarom Insight juist nu het moment gekomen acht om zijn businessmodel te veranderen. Het sleutelwoord hier is ‘cloud’! Cloud is een echte ‘game changer’, stelt Ebermann vast. Dat is, zegt hij, de context waarin alles opnieuw moet worden doordacht.

Cloud maakt het mogelijk om als IT-leverancier direct op CXO-niveau de discussie aan te gaan. Door de mogelijkheden die cloudcomputing biedt, kunnen de dagelijkse IT-kosten worden verlaagd en veel beter in de hand worden gehouden, omdat de IT-financieringsmodellen verschuiven van Capex naar Opex. Het geld dat zo vrijkomt, kan worden gestoken in puur door IT gefaciliteerde businessoplossingen die het verschil maken. Oplossingen die de productiviteit van de werknemers substantieel verhogen, doordat ze snellere en betere beslissingen mogelijk maken. “En let wel, arbeidskosten zijn de grootste uitgavenpost in het merendeel van alle organisaties”, zegt Ebermann. Ebermanns betoog heeft natuurlijk alles vandoen met de toegenomen kracht van Business Intelligence, die ervoor zorgt dat beslissers op sleutelposten op het juiste moment van de juiste informatie kunnen worden voorzien.

Het nieuwe Insight

“De manier waarop wij ons bedrijf nu transformeren, is volledig geënt op de zojuist gegeven analyse”, vervolgt Ebermann. “Ons nieuwe businessmodel haakt daarop in. Dat betekent echter niet dat we onze bestaande business overboord gooien. We blijven, indien men dat van ons verlangt, gewoon dé standaard huisleverancier voor hard- en software plus de diensten die daarbij horen. Maar daarnaast presenteren we ons nu nadrukkelijk ook als de aangewezen gesprekspartner voor het C-level management, waarbij we hun businessproblemen adresseren met businessoplossingen.”

Daartoe zet Insight twee nieuwe zaken in de markt. Ten eerste biedt het organisaties een propositie waarmee deze de arbeidsproductiviteit van hun medewerkers kunnen verhogen. Te beginnen bij de CXO’s zelf. “We gaan rechtstreeks op dat niveau de discussie aan: hoe run je je business nu. Hoeveel tijd besteed je aan de afhandeling van je e-mail. Ben je wel productief op dat vlak. Kun je dat niet beter op een geheel nieuwe manier inrichten. Hoeveel tijd ben je kwijt met fysieke verplaatsing van A naar B. Kun je dat wellicht voor een deel niet beter vervangen door videoconferencing…”
Met name bij bedrijven met tussen de 250 en 10.000 medewerkers is volgens Ebermann wat dat betreft nog een wereld te winnen. “Daar wordt nog heel veel gebruikgemaakt van legacy-applicaties.” Insight gaat dit ‘gat in de markt’ adresseren met een nieuw go-to-marketpakket onder de naam ‘Modern Workplace’. Daar zit ook een consultancydienst bij in, die de huidige situatie bij een bedrijf inventariseert. Op grond daarvan wordt een afgerond pakket aangeboden bestaande uit software, hardware en implementatie, plus het onderhoud dat erbij hoort, tegen een van te voren vastgestelde prijs.
Insights tweede propositie betreft een hybride cloud-aanbieding. Die is erop gericht om de IT-kosten te verlagen door, als bestaande infrastructuur is afgeschreven, bedrijven te begeleiden bij transities naar de cloud. We moeten daarbij denken, zegt Ebermann, aan zaken als Back-up-as-a-service, het bouwen van tijdelijke testomgevingen op de infrastructuur van een cloudprovider, et cetera. “De laatste zes jaar hebben we daarvoor al een heel kanaal opgebouwd van hostingpartijen die daarin een rol kunnen spelen. Dus ook dat kunnen we in pakketvorm aanbieden.”

Conclusie

Uit de woorden van Wolfgang Ebermann kunnen we kort samengevat concluderen dat Insight serieus werk gaat maken van iets wat al jarenlang door heel veel CIO’s tevergeefs wordt nagestreefd: Business-IT-Alignment! Met zijn twee nieuwe proposities gaat het zich rechtstreeks toegang verschaffen tot de businessgebruikers die in de hogere lagen van bedrijven en organisaties opereren. Dat zijn de twee extra pijlers onder het businessmodel van het nieuwe Insight dat voor ons ligt.

Door: Dick Schievels

]]>
Mon, 01 Jun 2015 12:01:43 +0200 Insight nieuwe stijl richt zich primair op ‘de business’! http://executive-people.nl/item/529426/insight-nieuwe-stijl-richt-zich-primair-op-a-de-businessa.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Fujitsu wil met zijn partners meer 'direct touch' naar eindklant http://executive-people.nl/item/529234/fujitsu-wil-met-zijn-partners-meer-direct-touch-naar-eindklant.html Fujitsu heeft een nieuw marktmodel. De IT-leverancier wil meer 'direct touch' met de markt, door samen met partners eindklanten te benaderen. “We zien partners niet alleen als traditionele resellers, maar als een kwalitatief verlengstuk van onze eigen organisatie”, legt Ernst Jan Langerak uit.

Fujitsu wil meer samenwerking 'op kwaliteitsniveau', zoals Langerak het noemt. Ernst Jan Langerak is naast Distri Accountmanager ook Channel Communications manager bij Fujitsu. Rob Overtoom: Head of Product Sales, waar Channel onderdeel vanuit maakt: “Het draait voor een groot deel om kennisoverdracht. We zoeken partijen die goed weten wat hun eindklanten nodig hebben om bedrijfsvoeringen te optimaliseren, maar die tegelijk precies weten welke producten van Fujitsu daarbij passen. We willen partners die niet alleen de specifieke vraag van een klant invullen, maar begrijpen wat hun klanten werkelijk – dus achterliggend – nodig hebben. En die bovendien de solutions van Fujitsu van binnenuit kennen, en daardoor in staat zijn om onze oplossingen succesvol aan klanten aan te bieden.”

Ander geluid

Volgens Rob Overtoom wil Fujitsu de markt anders benaderen dan voorheen. “We willen anders met partners omgaan en een ander geluid laten horen. Om een voorbeeld te geven: we willen meer samenwerking tussen onze eigen hardware sales medewerkers, die in direct contact staan met eindgebruikers, en onze partners die ook bij eindgebruikers zitten en goed weten wat daar speelt. We willen samen bij de eindgebruiker aanwezig zijn en een cirkeltje maken. Fujitsu heeft bijvoorbeeld een speciaal programma voor partners die actief zijn in PRIMERGY server- en ETERNUS storage-omgevingen, met producten voor datacenters. Met onze ETERNUS-lijn voor storage-oplossingen gaan we internationaal meer campagne voeren. Dat moet allemaal veel meer via partners lopen.”

Fujitsu werkt al langer met tenders: grote deals die de leverancier zelf afsluit en die terecht komen bij partners. “Die werkwijze volgen we vooral met grotere partijen, met wie we al jaren een goede relatie hebben”, legt Overtoom uit. “Nieuw is dat we verder willen doordringen in niche-markten, zoals healthcare en retail. Daarvoor heb je ook kleinere partijen nodig. We willen met verschillende soorten partners verschillende segmenten verder ontwikkelen de komende tijd.”

Dealregistratie

Ruim een jaar geleden zette Fujitsu de veranderingen in gang. Langerak: “- Je kunt nu een een relatie opbouwen met Fujitsu als 'Registered Partner' of 'SELECT Expert Partner'. De indeling is vereenvoudigd. We hebben dat gedaan om de kwaliteit van partners beter te waarborgen, om partners te stimuleren hoger in te zetten. We willen op een hoger niveau met elkaar omgaan, niet alleen wat betreft kennis, maar dus ook wat betreft de onderlinge werkrelatie. We willen samen met partners eindklanten benaderen en samen bepalen welke eindklanten we aan ons willen binden.”

Bovendien is volgens Langerak de support veel breder dan vroeger. “Spreken we commitment uit dat we gezamenlijk een klant benaderen, dan doen we dat ook echt, dan is er vanuit Fujitsu écht support. In het verleden kregen partners een prijsvoordeel, maar beperkt ‘architectural support’, bijvoorbeeld. Terwijl de SELECT Experts van nu de meest uiteenlopende vormen van ondersteuning krijgen: sales support, pre-sales support, architectural support, noem maar op. Heel belangrijk is dus de gezamenlijke marktbenadering, nu ook aangevuld met dealregistratie.”

SELECT Circle

Het terugbrengen van het aantal levels binnen het Fujitsu SELECT partnerprogramma van drie naar twee, heeft volgens Langerak ook te maken met het nieuwe 'SELECT Circle' programma. “SELECT Circle is nu de hoogste partnerstatus, nog boven de status van SELECT Expert. Dan doe je als partner ook een NetApp, Citrix en VMware. SELECT Circle partners zijn overigens niet per definitie heel grote partijen; het kunnen ook sterk specialistische partijen zijn. ” De introductie van SELECT Circle is volgens Langerak een optimalisatie van de samenwerking met partners. “We beschouwen SELECT Circle partners als een kwalitatief verlengstuk van onze eigen organisatie.” Het nieuwe partnerkanaal is er niet alleen voor producten. Overtoom: “ We bieden ook een managed services platform waar partners, in brede zin, gebruik van kunnen maken. Ook in de dienstverlening denken we een grote toegevoegde waarde te hebben voor reseller partners.”

'Bescheiden'

Langerak erkent dat Fujitsu op het communicatievlak de laatste tijd 'nogal bescheiden' is geweest. “Dat komt ook doordat wij geen consumentenlijn hebben, daardoor missen we ook in de zakelijke markt een stukje bekendheid. Toch is ons productprogramma voor de B-to-B markt heel breed. We willen de markt verrassen met nieuwe, innovatieve producten. De zakelijke markt moet weten dat wij end-to-end oplossingen in huis hebben, van back-end tot front-end. Dat klanten voor hun hele business met Fujitsu weg kunnen komen. We zoeken daarvoor partners die hun kwaliteiten en hun toegevoegde waarde in combinatie met Fujitsu naar de markt kunnen en willen brengen. Kwaliteit is daarbij belangrijker dan kwantiteit; we hoeven niet heel nodig duizend nieuwe resellers erbij.” Ook Overtoom benadrukt dat Fujitsu niet past bij elke partner. “Maar er zijn een heleboel potentiële partners – onder meer bij IBM en Lenovo – met wie we zeker een match kunnen hebben. We stoppen er veel tijd in om die te vinden.”

Tech-community

Onderdeel van de plannen is ook dat Fujitsu zijn 'Tech-Community' nieuw leven in blaast. “Die was een beetje in slaap gevallen”, zegt Langerak. “We willen dat onze SELECT Expert partners en SELECT Circle partners daadwerkelijk interactie hebben met onze R&D-mensen, engineers en pre-sales consultants. Zo'n community is erg geschikt om ervaringen en kennis te delen en een beeld te krijgen van wat de markt allemaal belangrijk vindt. Zodat wij dat kunnen meenemen in de ontwikkeling van nieuwe producten en productlijnen.”

Fujitsu zoekt nieuwe partners die willen investeren, besluit Rob Overtoom. “We zoeken niet zozeer partijen die ons alleen als merk willen opvoeren, maar partners die met ons nieuwe mogelijkheden willen ontdekken, om samen met Fujitsu nieuwe business te genereren. Als producent die niet actief is in de consumentenmarkt leveren we geen typische 'vraagproducten', maar in de high-end markt zien wij een duidelijke behoefte aan partijen die in een vroeg stadium actief met een eindgebruiker meedenken. Juist daar kunnen resellers en Fujitsu elkaar versterken.”

Door: Witold Kepinski

Op 28 mei vindt de Fujitsu World Tour plaats in Central Studios Utrecht. Zo zal trendwatcher Daniel Levine spreken tijdens de Fujitsu World Tour. Als consultant werkte hij onder andere voor BMW en Intel. Verder zijn er sessies bij over zaken als Big Data en de impact van Windows 10. Daarnaast kan de bezoeker in een intieme setting vragen stellen aan experts over onder meer the End of Support van Windows Server 2003 en over een wereld zonder wachtwoorden. Inschrijven kan hier.

]]>
Wed, 20 May 2015 13:08:00 +0200 Fujitsu wil met zijn partners meer 'direct touch' naar eindklant http://executive-people.nl/item/529234/fujitsu-wil-met-zijn-partners-meer-direct-touch-naar-eindklant.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘ROI moet je simpel kunnen berekenen’ http://executive-people.nl/item/528786/a-roi-moet-je-simpel-kunnen-berekenena.html Samsung heeft forse ambities in de zakelijke markt. Het elektronicaconcern mikt op het marktleiderschap en heeft daarvoor enkele belangrijke troeven in huis. Het productportfolio is breed en laat zich door zijn open platform gemakkelijk combineren met zakelijk toepassingen van derden. Erik Swart, B2B Director van Samsung Nederland, legt uit.

Het is druk bij de immense beursstand van Samsung in de Amsterdam RAI, half februari. We zijn te gast op ISE2015, Europa’s grootste beurs voor displaytechnologie. Hier vind je de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van beeldschermoplossingen. De een met nog helderdere weergave of slimmere techniek dan de ander. Van outdoorscherm dat is bestand tegen het onstuimige Hollandse winterweer, tot intelligent schoolbord. Het toegestroomde publiek verdringt zich voor de verschillende productopstellingen van de fabrikant en haar partners.

‘De beursstand is weliswaar groot, we hebben elke vierkante meter nodig om onze line-up te tonen. En dan laten we alleen nog maar onze displaytechnologie zien’, lacht Erik Swart. Hij is B2B Director van Samsung Nederland. De displays zijn volgens hem een goed voorbeeld van hoe grote en kleine organisaties met de inzet van slimme innovatie hun bedrijfsvoering kunnen verbeteren en hun klanten beter van dienst kunnen zijn.

‘Hetzelfde zou ik kunnen vertellen over onze printers. Het gaat in bedrijven al lang niet meer enkel over de gebruikte hardware, maar over de wijze waarop technologie bijdraagt aan een betere manier van werken. Bij printing heb je het dan bijvoorbeeld ook over het scannen en delen van documenten en over het afdrukken vanaf je smartphone.’

Het bedrijfsleven kan dus veel profijt hebben van de technologie die Samsung ontwikkelt, betoogt Swart. Het concern profileert zich sinds een jaar of twee dan ook nadrukkelijk als aanbieder van oplossingen voor de zakelijke markt. Daar beperkt de vraag zich uiteraard niet tot de beeldschermen die op de beursvloer worden getoond.

Breed portfolio

‘Onze focus verschuift in snel tempo van consumentenelektronica naar business-to-business. In deze markt willen wij marktleider worden. Organisaties gebruiken onze producten om processen te vereenvoudigen en het werk efficiënter te maken. Er staat hun een breed portfolio van technologie ter beschikking. Dat varieert van displays en monitoren, printers en toebehoren, laptops, smartphones, tablets en wearables, tot medische apparatuur, draadloze verbindingsoplossingen en geheugen- en opslagtechnologie.’

Swart vertelt dat vooral de integratie van deze productgroepen bedrijven veel voordeel oplevert. ‘Zoals vanaf je smartphone via near field communication documenten afdrukken op een multifunctional. Of met je tablet de inhoud van zakelijke displays in een winkel of kantoor aanpassen. De voordelen van integratie zijn evident. De ROI moet je simpel kunnen berekenenvoor onze oplossingen. We zien een grote vraag vanuit de zakelijke markt en hebben hier zelfs op de beurs al meerdere deals gesloten.’

Naadloze samenwerking

Voor zakelijke gebruikers is het belangrijk dat de technologie naadloos samenwerkt met andere apparaten en toepassingen. Dat is goed mogelijk met het open platform dat Samsung biedt, zegt Swart. Door het open karakter kunnen derde partijen eenvoudig specifieke oplossingen voor Samsung-producten ontwikkelen en aanbieden.

Bovendien werkt de fabrikant samen met meer dan honderd lokale en internationale technologiepartners, zoals Cisco, SAP, Intel en Good Technology. Laatstgenoemde integreerde kortgeleden zijn beheertoepassing voor zakelijke mobiele applicaties met Samsungs securityplatform KNOX. Voorbeelden van lokale technologiepartners zijn Exact Software voor financiële toepassingen, Noordhoff Uitgevers voor innovatieve onderwijsmiddelen, en VisionsConnected voor video-enabled collaboration.

De zakelijke toepassingen zijn zo talrijk dat het soms lastig is overzicht te houden. Swart: ‘Daarom hebben wij sinds september het Executive Briefing Center in Delft. In deze 650 vierkante meter nodigen wij of onze resellers regelmatig geïnteresseerde organisaties uit. We presenteren er samen met partners meer dan honderd oplossingen in een realistische zakelijke omgeving. Zoals in een vergaderzaal, winkelruimte, klaslokaal, ziekenhuisruimte of hotelkamer. We hopen daarmee ondersteuning te geven in de keuzes die onze klanten maken. In de afgelopen vijf maanden kwamen er al meer dan 5000 zakelijke bezoekers langs. Voor heel 2015 verwachten we er ruim 13.000.’

Internet of Things

Meer focus op het zakelijke segment is niet de enige strategie van Samsung. Het elektronicaconcern zet de komende jaren ook vol in op het Internet of Things: het via internet koppelen van alledaagse apparaten. ‘Wij willen daarin wereldwijd het voortouw nemen’, zegt Swart. In januari kondigde Samsung aan om binnen vijf jaar alle nieuwe hardware geschikt te maken voor IoT, te beginnen met televisietoestellen en mobiele apparaten vanaf 2017. Bovendien investeert het bedrijf het komende jaar meer dan 100 miljoen dollar in de gemeenschap van IoT-ontwikkelaars.

De inspanningen van Samsung zullen de beschikbaarheid van het Internet of Things ook in de zakelijke markt versnellen, verwacht Swart. De fabrikant heeft nu al veel IoT-oplossingen en -componenten in zijn assortiment. Voor het echte succes is samenwerking met andere techbedrijven en organisaties echter cruciaal, zegt de B2B Director. ‘De voordelen van het Internet of Things behaal je niet als één bedrijf of als één sector. Pas als we samenwerken, kunnen we het leven van mensen en de bedrijfsvoering van organisaties ermee verbeteren.’

Ambities

Marktleiderschap in het zakelijke segment en een voortrekkersrol op het gebied van Internet of Things: aan ambities heeft Samsung geen gebrek, concludeert ook directeur Swart. ‘Samen met onze verkooppartners kunnen wij superkrachtige proposities voor smart offices in de markt zetten. Het zijn de proposities die blijven resoneren bij de eindklant. Of dat nu een MKB’er is, een overheidsinstelling of een grote onderneming: geïnteresseerd zijn ze allemaal.’

Die interesse blijkt ook op de beursvloer van displaytechnologiebeurs ISE2015, waar het ondertussen een drukte van jewelste is. Terwijl iedereen zich vergaapt aan het kraakheldere LED-beeld van de grote videowall even verderop, nemen we afscheid van Swart. Die gaat op weg naar het volgende gesprek.

]]>
Mon, 18 May 2015 15:16:18 +0200 ‘ROI moet je simpel kunnen berekenen’ http://executive-people.nl/item/528786/a-roi-moet-je-simpel-kunnen-berekenena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
´Ga de dialoog met de klant aan´ http://executive-people.nl/item/528785/a-acute-ga-de-dialoog-met-de-klant-aana-acute.html Avaya is aan het veranderen. De focus wordt verlegd van ‘collaboration’ naar ‘engage’. Dat is in het kort de boodschap die de circa 150 businesspartners, resellers en distributeurs op 12 februari in Maarssen meekregen.

Engage wil zoveel zeggen als ‘de dialoog aangaan met de klant’. “Het is belangrijk om constant te blijven communiceren met de klant. Dan ontdek je beter waar de problemen zich voordoen en kun je op de goede momenten relevant zijn”, zegt Ronald Hoeijenbos, Regional Channel Director Noord-Europa bij Avaya.

“We zien door allerlei ontwikkelingen zoals social media, een heel andere betrokkenheid van de klanten. Dat hebben we samengevat in de term ‘engage’ en dat loopt nu als een soort rode draad door het bedrijf heen”, vertelde Chris de Jongh, VP Benelux, Noord- en Oost-Europa bij Avaya aan de aanwezige partners.

“Engagement gaat meer over het resultaat van een samenwerking, dus over wat we ermee willen bereiken. Het gaat over meer verkopen door de klanten beter bij te houden, het gaat om samenwerken en de klant erbij te betrekken. Dit zie je terug in de oplossingen die Avaya nu naar de markt brengt zoals IP Office en Fabric Connect.”

Van technologie naar oplossing

Avaya wil zich niet meer richten op het verkopen van hardware en servers, want het bedrijf heeft in het verleden teveel technologie willen verkopen. De nadruk ligt nu op het verkopen van oplossingen. “Dat wil zeggen”, legt De Jongh uit, “je zet technologie neer en je gaat de klant ook vertellen wat hij ermee kan doen, hoe het hem met zijn business kan helpen. We praten daardoor niet meer met de IT-afdelingen, maar direct met de lines of business.

De topman van Avaya legt ook uit hoe de werkwijze nu is. “Als we bij klanten komen, bespreken we welke problemen er zijn, ongeacht in welke netwerkomgeving ze draaien. Want problemen zijn er altijd, zeker bij grote bedrijven. Vervolgens pakken wij met onze oplossingen het probleem op. Dus we proberen een innovatief gesprek te hebben en problemen op te pakken. We moeten goed begrijpen in wat voor situatie de klant zich bevindt. Dit doen we volgens het ‘as is to be’ principe. Daarbij stelt Avaya op een A3-vel schematisch de problemen op, samen met de voorgestelde oplossingen, een stappenplan en een tijdspad voor het uitrollen van de oplossingen. Dit heeft al veel opdrachten opgeleverd”, verzekert hij.

Focuspunten in Nederland

Avaya heeft de afgelopen twee jaar goed naar zichzelf gekeken, evenals naar de producten die ze biedt en de doelgroepen. Daardoor heeft Avaya de producten veel beter kunnen afstemmen op de doelgroepen. De belangrijkste doelgroep is de mid market, oftewel kleine en middelgrote bedrijven tot 2000 medewerkers. Want dat is een grote markt, het merendeel van de bedrijven valt in die categorie. We hebben daarvoor de juiste producten en we kunnen concurrentie aan. En onze businesspartners kunnen goed verdienen. Distributeurs spelen daarbij een grote rol.” Daarom is Avaya in oktober 2014 met een nieuw channelprogramma begonnen, vertelt Hoeijenbos. “Daarbij proberen we steeds meer samen met onze partners toegevoegde waarde te leveren aan de eindklant. We proberen meer grote klanten te werven en de projecten bij die klanten nog groter te maken door gebruik te maken van (solutions) sales technieken.” Kortom er wordt geprobeerd om de full stack, totaaloplossingen, te verkopen. Dat doet Avaya samen met de businesspartners en resellers. Zij worden daarbij onder meer geholpen met trainingen.

Hoeijenbos is ervan overtuigd dat Avaya dankzij de sterke visie voorop loopt op de markt. “Bijvoorbeeld met Fabric Connect. De netwerkoplossingen zijn nu wel echt een parel binnen het Avaya-portfolio.” En dat merkt het bedrijf. Avaya is in 2014 vooral gegroeid in cloudoplossingen en in het networking-segment. Dat is best opmerkelijk want Hoeijenbos erkent dat Avaya rijkelijk laat in de markt van clouddiensten is ingestapt. “Dat was een bewuste overweging”, vertelt hij. “We zagen enkele jaren geleden in de markt nog geen grote adoptie van clouddiensten. We zagen wel businessmodellen veranderen en zijn in 2012 gestart met de eerste clouddiensten naar de markt te brengen. Dat was op het moment dat sommige van onze concurrenten al een cloudproduct aanboden, maar die waren daar te vroeg mee want die producten waren en zijn nog steeds onvoldoende aangepast aan de wensen van de klant.”

De cloudoplossingen van Avaya zijn gebaseerd op de ervaring die is opgedaan in de markt van contactcenters en unified communication. “Daarmee onderscheiden we ons”, zegt Ioan MacRae, Europe Mid-Market Director bij Avaya.  “Wij passen onze oplossing aan aan de wensen van de klant en gebruiken de ervaring die we in het verleden hebben opgedaan.” Over de cloud is MacRae laaiend enthousiast. “Het is zonder twijfel een veel aantrekkelijker businessmodel, maar de overgang naar het cloudmodel heeft voor bedrijven veel om het lijf. De grootste verandering is de overgang van CAPEX naar OPEX, waarbij wordt overgeschakeld naar een maandelijkse facturatie.”

Zelfde uitdagingen

Kleine bedrijven willen hetzelfde als grote ondernemingen, maar ze hebben niet hetzelfde budget voor zaken als een contactcenter of unified communication center. Evenmin hebben ze voldoende IT-kennis in huis. Dus hebben ze behoefte aan een compleet uitgeruste oplossing die gemakkelijk te installeren en beheren is. Dat is een uitdaging, meent MacRae. Daarnaast is het belangrijk om oplossingen aan te bieden en deze aan te passen aan de behoefte van de klant. Of zoals de Engelsman het verwoordt: “you have to talk the vertical language.” Oplossingen zijn namelijk sector-specifiek. De zorg heeft behoefte aan andere oplossingen dan bijvoorbeeld de bankwereld.

Avaya ziet op die manier voor de businesspartners nog voldoende kansen in de markt. “Vorig jaar zei ik nog ‘We gaan winnen’, maar nu is ons motto ‘We blijven winnen’’, aldus Ronald Hoeijenbos. “En het economisch herstel gaat ons daarbij een heel klein zetje in de rug geven.’’

]]>
Sun, 17 May 2015 08:00:16 +0200 ´Ga de dialoog met de klant aan´ http://executive-people.nl/item/528785/a-acute-ga-de-dialoog-met-de-klant-aana-acute.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Kennis delen over actuele security vraagstukken http://executive-people.nl/item/528784/kennis-delen-over-actuele-security-vraagstukken.html Een anti-viruspakket is al lang niet meer voldoende om organisaties veilig te laten zijn voor aanvallen van cybercriminelen. Maar hoe zorg je er dan voor dat gegevens niet op straat komen te liggen? Hoe bescherm je gevoelige bedrijfsinformatie tegen (nu nog) onbekende dreigingen van buitenaf? Welke beveiligingsrisico's lopen organisaties en hoe ga je daarmee om? Hoe pakken andere organisaties dat aan? Dit zijn enkele vragen waarmee Trend Micro zich bezighoudt. 

Tonny Roelofs, Country Manager van securitybedrijf Trend Micro, ziet een behoefte bij IT-managers om met elkaar in gesprek te gaan over de uitdagingen van vandaag en morgen. “De markt verandert. De kranten staan vol met nieuws over bedrijven, organisaties en overheden die gedupeerd worden door cybercriminelen. Organisaties vragen zich af hoe ze daar mee om moeten gaan, nu en in de toekomst. Ze worstelen met praktische vragen zoals: Hoe ga ik met de cloud om? Moet ik een communicatieprotocol hebben als ik aangevallen wordt? Hoe hebben anderen dat soort dingen geregeld?”

Bescherming tegen het onbekende 

In de veranderende markt zijn de traditionele manieren van beveiliging niet meer passend, legt Roelofs uit. “Niet alleen de gebruiker en de infrastructuur veranderen, maar ook de manier waarop we aangevallen worden. Er komen bijvoorbeeld steeds meer gerichte aanvallen. Je kunt allerlei technologieën implementeren om je hiertegen te beschermen, maar die houden alleen het bekende tegen. De vraag is: hoe ga je om met een onbekende, geavanceerde dreiging. Hoe blijf je de hacker voor? Daar worstelen veel bedrijven mee. Daar is technologie voor beschikbaar maar dat weet bijna niemand.”

Een andere marktverandering die Roelofs noemt is de verschuiving van apparaatbeveiliging naar databeveiliging. “Een los apparaat zoals een computer of een tablet beveiligen, dat is niet meer van deze tijd. De kans is namelijk groot dat je via de cloud werkt en dat je meerdere apparaten in huis hebt die verbonden zijn met het internet. Dat worden er in de toekomst alleen maar meer, denk bijvoorbeeld aan je CV ketel. Daar kun je geen antiviruspakket op zetten. In plaats van een apparaat moet je dus een gebruiker gaan beveiligen. Een standaardoplossing is daarvoor niet meer voldoende. Dat vraagt een ander stukje technologie en het is belangrijk dat IT-managers daar vanaf weten.”

Ook de bakker op de hoek loopt risico

Is je beveiliging niet op orde, dan loop je het risico dat je informatie bij derden belandt. Dat geldt niet alleen voor banken en grote bedrijven, benadrukt Roelofs. “Zelfs voor de bakker op de hoek kan het schadelijk zijn om gehackt te worden. Stel dat zijn hele klantenbestand op straat belandt, dan heeft hij ook wat uit te leggen. Dit gevaar geldt voor iedereen. Een hack kan bijvoorbeeld reputatieschade veroorzaken of de continuïteit van een organisatie in gevaar brengen. Overigens is de één natuurlijk kwetsbaarder dan de ander. Met een gerichte aanval op een beurshandelaar kan meer schade worden aangericht dan bij de bakker. Een paar seconden vertraging kost de beurshandelaar namelijk al handenvol geld.”

Het internet helemaal veilig krijgen zal echter niet lukken volgens Roelofs, daarvoor spelen er teveel factoren mee. “Je moet je als bedrijf afvragen: wat zijn de risico’s die ik wil lopen? Wat wil ik wel beveiligen en wat niet? Als je als bedrijf gebruik gaat maken van de cloud, dan weet je niet meer wie er bij je gegevens kan, dus dan moet je iets regelen. Dan kom je bijvoorbeeld op encryptietechnologie uit. Het is ook belangrijk om te monitoren wat er op je netwerk gebeurt. Als er iets verdachts gebeurt, ben je er op tijd bij en als het al gebeurd is, kun je zien waar het is begonnen. 100 procent zekerheid heb je nooit, maar je kunt een internetomgeving wel heel veilig maken.”

]]>
Sat, 16 May 2015 08:00:04 +0200 Kennis delen over actuele security vraagstukken http://executive-people.nl/item/528784/kennis-delen-over-actuele-security-vraagstukken.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Data en applicaties 'eenduidig' beheersbaar http://executive-people.nl/item/528678/data-en-applicaties-eenduidig-beheersbaar.html Met 'One Cloud, Any App, Any Device' zet VMware de transitie voort van puur virtualisatiebedrijf naar een vendor met een compleet portfolio van oplossingen. Volgens Boudewijn Aelbers van VMware Benelux zijn de nieuwste producten minder 'technology push' en meer 'demand pull'. “Met VMware Integrated Open Stack hoeft een architectuur niet meer eenduidig van VMware te zijn. One Cloud betekent bij ons: verschillende technologieën bij verschillende bronnen op één manier beheren.”

Boudewijn Aelbers is senior manager presales Benelux bij VMware. VMware begon ooit als virtualisatiebedrijf met een naar eigen zeggen uniek product, en groeide uit tot een softwareleverancier met een compleet portfolio van oplossingen. “We begonnen ooit met alleen virtualisatie, vervolgens bouwden we een Software Defined Datacenter (SDDC) waarin verschillende componenten worden gevirtualiseerd, gemonitord, gemanaged en afgestemd met IT, en we zijn nu uitgekomen bij onze One Cloud propositie”, vertelt Aelbers. “We hebben inmiddels een andere werking gekregen op de markt. We zijn minder 'technology push' en meer 'demand pull'. Partners en eindklanten willen dat wij ze helpen met hun 'maturity reis' naar de cloud, omdat ze zien dat wij alle ingrediënten daarvoor in huis hebben.”

'One Cloud, Any App, Any Device' is de kreet waarmee VMware recentelijk zijn nieuwste data- en infrastructuuroplossingen lanceerde. VMware ontwikkelde een robuuste, hybride cloud, waarin klanten eenvoudig hun data en applicaties kunnen beheren. “Het betekent dat VMware één cloudomgeving kan creëren voor bedrijven, ongeacht hoeveel ze on-premise hebben draaien en of ze hun cloudomgeving als een service uit de publieke cloud gebruiken”, verduidelijkt Aelbers. “Gebruikers moeten bij hun data en applicaties kunnen via elk gewenst apparaat – vandaar 'Any Device' – en 'Any App' betekent dat we dezelfde uniforme benadering hebben in ons applicatiemanagement als we hebben richting datacenters. Als marktleider in virtualisatie willen we ons als een open platform aanbieden naar nieuwe partijen, zoals Docker. Docker is open source en staat dichtbij VMware. Wij kunnen gebruikers laten profiteren van de innovatie van de containertechnologie van Docker, maar op een beheersbaar platform dat veiligheid, schaalbaarheid en transparantie ondersteunt.”

Met de doorgroei van een SDDC naar het principe van One Cloud, wil Aelbers de discussie uit de markt halen over 'private cloud', 'public cloud' en 'hybrid cloud'. “Het gaat erom: klanten willen hun resources op een eenduidige manier managen. En of die intern staan of toevallig bij een serviceprovider of een (andere) public company; ze willen er vanuit kunnen gaan dat die cloud beschermd en veilig is en zich gedraagt naar hun maatstaven.” Daar hoort volgens Aelbers bij dat de architectuur die dat mogelijk maakt, juist niet 'eenduidig' en geheel van VMware hoeft te zijn. “In VMware Open Stack is plaats voor verschillende technologieën afkomstig van verschillende bronnen, en die kun je op één manier managen. Vandaar onze naamgeving: 'One Cloud'.”

'Consumerization'

Hoe kunnen we eindgebruikers faciliteren, wetende dat die steeds meer gewend raken aan de technologieën van mobile en cloud? Dat is volgens Aelbers dé vraag van dit moment. “Mensen zitten de hele dag op platforms als Facebook, WhatsApp en Über en willen die flexibiliteit ook in hun business apps. Ze willen 'business mobility', gewoon omdat het technisch kan. Met de overnames van de laatste jaren kan VMware zakelijke eindgebruikers dezelfde ervaringen bieden als die ze privé hebben. 'Consumerization', daar draait het om. Het is een strategie die vooral goed landt bij grote bedrijven met veel dynamiek in het personeelsbestand. Mensen komen en gaan, zijn veel onderweg en altijd en overal online.”

De 'consumerization van de front-end' ziet Aelbers als één kant van het virtualisatieconcept van VMware. “Aan de back-end zie je juist industrialisatie. Mensen willen een Service-SDDC waarin alles voor ze wordt geregeld. Vervolgens is het zaak om de juiste applicaties te laten landen.”

Meer value partners

De partnerstrategie is door de nieuwe aanpak veranderd. Volgens Aelbers wordt de service component steeds belangrijker. “Ons kanaal bestaat grofweg uit twee soorten partners: volume partners die onze producten licenseren naar de eindklant, en value partners die bovendien op basis van ons portfolio diensten bouwen. We hebben steeds meer partners die hun eigen dienstverlening op onze producten baseren. Ons partnerkanaal is eigenlijk een groot ecosysteem bij en rond VMware van mensen met kennis. Wij hebben gekozen voor een partnerstrategie die bijdraagt aan de 'ability to execute'. Value partners ontzorgen klanten en tackelen problemen. Ze zorgen dat klanten beter kunnen omgaan met de behoefte aan flexibiliteit in hun workforce.”

Compute, Network, Storage

Het portfolio van VMware heeft drie componenten: Compute, Network en Storage. “We zijn marktleider als het gaat om virtualisatie in Compute”, vertelt Aelbers. “Voor netwerk virtualisatie hebben we NSX en we bieden sinds een jaar Software Defined Network (SDN) aan, een innovatieve oplossing die we beschouwen als een groeimarkt. Voor SDN hebben we al ruim vierhonderd klanten wereldwijd, onder wie serviceproviders die flexibel en veilig hun diensten willen aanbieden, maar ook bijvoorbeeld banken die snel moeten kunnen schakelen. Financials willen dat hun infrastructuur versnellend is en niet remmend. Vrijwel al onze partners hebben interesse in SDN en een groot deel is ermee bezig.”

Ook Software Defined Storage (SDS) is een jaar oud en volgens Aelbers een snelle groeimarkt. “SDS stelt gebruikers in staat om hun VSAN-omgeving veel eenvoudiger te gebruiken. Je kunt de implementatie feitelijk helemaal overslaan, want die zit standaard in je virtualisatieplatform.” Door deze nieuwe producten komen er nieuwe partners bij. Aelbers: “We hoeven niet voor elke productlijn nieuwe partnerkanalen te vinden, maar we zien wel 10 tot 15 procent toename in nieuwe labels van partners die met onze nieuwe technologie aan de slag gaan. We zien specifieke network en security partners op ons afkomen. Juniper en McAfee baseren hun portfolio (deels) op NSX. Zij bieden hun klanten bijvoorbeeld een combinatie van veiligheid en wendbaarheid door middel van VMware NSX netwerkvirtualisatie, en zetten daar een eigen firewall bovenop.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Wed, 13 May 2015 10:01:18 +0200 Data en applicaties 'eenduidig' beheersbaar http://executive-people.nl/item/528678/data-en-applicaties-eenduidig-beheersbaar.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Nooit meer 2 telefoons op zak bij Truphone http://executive-people.nl/item/528668/nooit-meer-telefoons-op-zak-bij-truphone.html Veel ondernemers die internationaal zaken doen, hebben twee simkaarten en twee mobiele telefoons. Vreemd, aldus Janco van der Linde, marketing director bij Truphone: ‘Je bedrijf opereert wereldwijd, maar je telefonieservice houdt op bij de grens?’ Daarom ontwikkelde Truphone een internationaal netwerk met één abonnementsstructuur, die overal ter wereld bij Truphone of een businesspartner afgenomen kan worden. Zo staan alle services in dienst van je bedrijf en niet andersom.

De wereld is een dorp: als ondernemer vlieg je van het ene land naar het andere en doe je zonder problemen zaken met Hongkong en Argentinië. Alleen je smartphone en je telefoonabonnement zijn niet zo grenzeloos als jij. Op het moment dat je Duitsland binnenrijdt, zet je dataroaming uit en ga je op zoek naar de dichtstbijzijnde wifi-hotspot om je e-mail te kunnen controleren.

Een netwerk per land

‘De netwerken en telefonieabonnementen van traditionele operators zijn per land opgebouwd,’ vertelt Janco van der Linde, marketing director van Truphone. ‘Het gevolg is dat veel internationale ondernemers twee simkaarten en twee mobiele telefoons bij zich hebben om goed zaken te kunnen doen. Op het moment dat ze de grens over gaan, wisselen ze van mobiel, maar tegelijkertijd ook van nummer én van voicemail. Dat zorgt voor veel gedoe.’

Het is de omgekeerde wereld, aldus Ruud Bouten, channel marketeer bij Truphone. Als je succesvol zaken wilt doen in het buitenland, wil je niet bezig zijn met kosten en verbinding. Daarom is Truphone gestart vanuit het ‘altijd-aan’ principe. Het uitgangspunt is dat mensen steeds vaker 24/7 bereikbaar willen zijn en zaken kunnen doen. Zeker als je door verschillende tijdzones reist, is het belangrijk dat je de telefoon kan opnemen en e-mails kunt beantwoorden op elk gewenst moment.

24/7 bereikbaar, ook over de grens

Bedrijven die tegemoet willen komen aan hun klanten die verwachten dat ze wereldwijd 24/7 bereikbaar zijn via e-mail en telefonie, moeten die mentaliteit ook kunnen vertalen in concrete dienstverlening. Dat wordt lastig als je minder goed of zelfs helemaal niet bereikbaar bent op het moment dat je de grens overgaat. Bouten: ‘Je wilt jouw internationale klanten niet dwingen om een duur +31 nummer te bellen en je wilt zelf niet vastzitten aan wet- en regelgeving en abonnementsstructuren.’

Als er wordt gekeken naar de behoeften van ondernemers die internationaal zaken doen, dan is het niet meer dan normaal dat er een wereldwijd netwerk is en communicatie overal wordt ondersteund. Truphone heeft zo’n wereldwijd netwerk en biedt 1 globale abonnementsstructuur voor 66 landen. Van der Linde: ‘Het maakt dus niet uit of iemand in Rusland, Brazilië of Nederland is, de dienst is hetzelfde. De kosten, de gesprekskwaliteit en internetsnelheid blijven gelijk.’

Het klinkt logisch, maar het is voor klanten soms even schakelen, aldus Bouten: ‘Ondernemers hebben zich aangepast aan de netwerkstructuur van operators en zien het beperken van hun communicatie of het wisselen van simkaart en nummer als iets wat nu eenmaal moet gebeuren. Maar eigenlijk is het natuurlijk niet normaal. De grenzen zijn open, maar de meeste netwerken zijn daar niet op aangepast. Het is dus meer een mindset die moet veranderen, voordat een ondernemer de toegevoegde waarde van ons netwerk ziet.’

Eén wereldwijde bundel

Klanten van Truphone onderscheiden zich door hun internationale karakter. Een aantal sectoren springen daar uit, zoals de zakelijke dienstverlening. Denk bijvoorbeeld aan advocatenkantoren, consultants en reclamebureaus. Daar komen de maakindustrie en natuurlijk de internationale handel bij. Ze hoeven niet meer per land contracten af te sluiten. Als het hoofdkantoor in Nederland staat, dan kan daar het contract worden afgesloten en per land of zelfs afdeling de meest geschikte bundel worden afgenomen.

De return on investment kan voor klanten dan ook snel gemaakt worden. Op het moment dat je kansen misloopt doordat je niet bereikbaar bent voor klanten of op zoek moet naar een wifi-hotspot, verlies je geld. Doordat de bundels van Truphone transparant zijn opgebouwd en de abonnementsstructuren per afdeling of zelfs per functie kunnen verschillen, kan je de kosten en de baten direct tegen elkaar afzetten.

Directe lijnen en partners

Overigens ligt het aan de klant hoe de relatie met Truphone wordt opgezet. Bedrijven kunnen direct abonnementen afnemen of de dienstverlening bij een businesspartner onderbrengen. Bouten: ‘Sommige bedrijven willen het liefst ontzorgd worden en besteden alle telefonie en internetzaken uit bij één partij die om de hoek zit.’ Die partners worden actief ondersteund met trainingen, salespresentaties, brochures en het leveren van content voor bijvoorbeeld een nieuwsbrief.

Door de directe sales lijnen en de warme relaties met partners, heeft Truphone altijd zicht op de leefwereld van de klant. Een wereld waarin de ondernemer onderdanig is geworden aan zijn telefonieservice. Van der Linde: ‘Het blijft gek dat we het normaal vinden dat je in het buitenland geen toegang hebt tot kwalitatief goede en voordelige telefonie en internet. Je gaat toch niet voor niets de grens over? Je wilt overal kunnen werken en dat is het enige waar je je mee bezig zou moeten houden.’

Door: Anne van den Berg

]]>
Tue, 12 May 2015 10:02:37 +0200 Nooit meer 2 telefoons op zak bij Truphone http://executive-people.nl/item/528668/nooit-meer-telefoons-op-zak-bij-truphone.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
David Aponovich (Acquia): 'digital first nog lang geen gemeengoed' http://executive-people.nl/item/528674/david-aponovich-acquia-digital-first-nog-lang-geen-gemeengoed.html Volgens David Aponovich van Acquia zijn nog lang niet alle bedrijven wat hij noemt 'digital first'. “Organisaties moeten snappen dat de tijd van proprietary software voorbij is. Veel webwinkels en andere organisaties zitten vast in de oude, lethargische modus van een on-premises mentaliteit, terwijl hun klanten verwachten dat ze innoveren en opschalen op de veel hogere snelheid van 'digital'.”

David Aponovich is voormalig analist bij Forrester, waar hij web content management en digital experience platforms analyseerde. Tegenwoordig is hij senior director digital experience bij Acquia (www.acquia.com/nl), leverancier van geïntegreerde content, community en commerce oplossingen voor webwinkels en andere online kanalen. Acquia is een cloud platform gebaseerd op het open source content management framework Drupal. Volgens Aponovich kan een bedrijf alleen 'digital first' worden als de hele organisatie zich met digitalisering bezighoudt. “Mijn rol is bedrijven te wijzen op de vele kansen als ze hun business verder digitaliseren. Ze kunnen efficiënter werken door hun technologie effectiever te gebruiken. 'Digital transformation' is momenteel een belangrijk onderwerp, steeds meer bedrijven hebben er aandacht voor en verschillende managementlagen zijn ermee bezig. Niet alleen CIO's, maar ook CMO's, CDO's en CEO's.”

Dat laatste is volgens Aponovich een belangrijke voorwaarde om als commerciële organisatie in een steeds digitaler tijdperk te kunnen overleven. Nog veel te weinig ondernemers snappen volgens hem dat ze hun business drastisch moeten veranderen. “Traditionele bedrijven als Blokker en V&D moeten begrijpen dat die business over de hele breedte digitaal is. Niet alleen een CIO, maar ook een CMO – die zich traditioneel alleen bekommert om marketing en klanten – moet digitaal leren denken. Digital first betekent in de filosofie van Acquia dat verschillende bestuurslagen samenkomen om de juiste digitale strategie te vinden. Alle onderdelen van een organisatie zijn feitelijk digitaal, alleen hebben veel bedrijven dat nog niet door. Wil een bedrijf écht digitaal transformeren, dan moet het content, commerce, community en context samenbrengen.”

Waar beginnen?

De woorden 'digital transformation' en het belang daarvan zijn in de meeste organisaties wel bekend. Veel bedrijven proberen het, maar weten niet goed waar te beginnen. 'Going digital' betekent volgens Aponovich niet alleen een website bouwen. “Webwinkels kunnen in hun marketingactiviteiten veel meer doen aan personalisatie. Acquia helpt bijvoorbeeld om gegevens over websitebezoekers te optimaliseren. Digital first is iets van de technologie, maar ook van de business. Het raakt zelfs een hele bedrijfscultuur: hoe verander je een organisatie die jarenlang 'old school' heeft gewerkt? Hoe word je een 'digital company'? Het is best lastig om een 'legacy company' met 'legacy thinking' te veranderen, vol met on-premises software die nauwelijks nog bestaansrecht heeft.”

Het advies van Aponovich is dat ondernemingen weg moeten van hun traditionele IT-mindset. “De digitale wereld verandert en bedrijven die niet mee veranderen, lopen achter de feiten aan. Ze moeten bewegen naar een mindset van business technology, waarin een organisatie systemen, platforms en processen creëert die leven met de snelheid van digital. Bedrijven worstelen niet alleen met technologische vernieuwingen, maar ook met de veranderingen in hun business model die nodig zijn om van technologische innovatie écht een succes te maken. Traditionele IT-organisaties zitten vast in de oude en langzame werkprocessen van een on-premises mentaliteit, waar ze anno 2015 een cloud mentaliteit nodig hebben.”

Acquia en Drupal

In de oude IT-wereld gaan organisaties niet overleven, voorspelt Aponovich. “Wie innoveert gaat sneller. Dus bouw een team en zorg voor leiderschap en een mandaat vanaf C-level dat zegt: wij willen digitaal zijn, we investeren in technologie en in de juiste mensen. Zorg voor een business technology mindset in je hele organisatie. Er is een transitie nodig van oude IT-systemen naar een nieuw digitaal model met de juiste tools en technologie en het juiste platform, om veel sneller en doortastender te kunnen werken.”

De oplossingen en services van Acquia zijn toegespitst op het open source platform Drupal. Aponovich: “Open source is flexibeler, sneller en minder bewerkelijk voor de gebruiker. Er is meer innovatie en gebruikers voegen voortdurend functionaliteiten en verbeteringen toe en delen die met de community. Met traditionele en bovendien dure proprietary software lukt dat niet. Hoewel veel bedrijven nog vastzitten in een mindset van aangekochte on-premises systemen, wordt open source meer en meer gebruikt. Ook de grootste organisaties – het Amerikaanse televisienetwerk NBC bijvoorbeeld, en de Australische overheid – hebben inmiddels vertrouwen in de veiligheid en de stabiliteit. Ons CMS cloud platform heeft volop mogelijkheden om zelf te innoveren. Doe het op jouw manier en ga zover als je wilt. Je kiest niet voor een systeem van een enkele leverancier, maar borduurt verder op een 'ecosysteem' van 'best-of-breed' technologie. Daarin 'leven' bijvoorbeeld ook de ERP-, CRM- en marketingsystemen van andere leveranciers, zoals IBM, SAP, Salesforce en Marketo, waarmee je kunt integreren. Dat geeft ontzettend veel vrijheid.”

Digital experience

Uiteraard ziet David Aponovich Acquia's eigen platform voor webcontent management en digital experience als het beste CMS ter wereld. Hij wordt daarin gesteund door analisten van Forrester en Gartner. “Verschillende organisaties hadden de kracht en mogelijkheden van Drupal al snel in de gaten, maar hadden behoefte aan een support en cloud leverancier die ze kon helpen met het schaalbaar en 'enterprise-ready' maken ervan. Het is niet alleen Drupal, maar ook Acquia rondom het gebruik van Drupal, om betere sites en experiences te bouwen. Bij digital first draait het uiteindelijk om de 'digital experience' van de klant. Wij bouwen software waarmee organisaties hun customer experiences persoonlijker maken en daardoor hun merk beter kunnen verkopen. Denk bijvoorbeeld aan 'contextual delivery of content'. Organisaties moeten de klant in het centrum van hun business plaatsen. Mis geen kansen, denk ook aan al die klanten die tegenwoordig mobiel aankopen willen doen. Je hebt een strategie nodig die uitgaat van verschillende kanalen en verschillende apparaten, vanuit een centraal content platform.”

Het Acquia-platform is helemaal 'cloud first'; het is een Platform as a Service (PaaS). “Door het gebruik van open source is het een flexibel, schaalbaar en snel innovatieplatform”, besluit Aponovich. “Bovendien maakt de wereldwijde penetratie van Drupal het platform erg duurzaam. Je hoeft niet bang te zijn dat het er morgen niet meer is. Je kunt vooruit denken en bouwen op het Acquia Platform, op veel verschillende manieren.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Mon, 11 May 2015 11:35:37 +0200 David Aponovich (Acquia): 'digital first nog lang geen gemeengoed' http://executive-people.nl/item/528674/david-aponovich-acquia-digital-first-nog-lang-geen-gemeengoed.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Van IaaS-leverancier naar ‘managed cloud provider’ http://executive-people.nl/item/528661/van-iaas-leverancier-naar-a-managed-cloud-providera.html Eind april 2015 organiseerde cloudprovider Dutch Cloud de vierde editie van zijn Get (C)Loud! Event. Hoe verkoop je SaaS, was dit keer de vraag die centraal stond. Dutch IT-channel was erbij en nam de gelegenheid te baat om voorafgaand aan het evenement een kleine groepsdiscussie te organiseren over de laatste ontwikkelingen in de zich snel ontwikkelende cloudmarkt.

Door de tuin van De Landgoederij te Bunnik zwiert stralend een net getrouwd bruidspaar aan ons voorbij. Het is 24 april 2015, een prachtige lentemiddag, en het tafereel vormt het decor waartegen de start van de vierde editie van Get (C)Loud!, een tweejaarlijks evenement op initiatief van Dutch Cloud, zich afspeelt. Een uur voor aanvang zitten we met Dutch Cloud-directeur Martijn van Zoeren en de twee keynote-sprekers van de middag, Leo van Schie en Michiel Steltman, klaar voor een verkenning van de huidige cloudmarkt. Leo van Schie is een van de initiators van SaaS4Channel, een business-community voor het ICT-kanaal, en Michiel Steltman is directeur van de DHPA, de Dutch Hosting Provider Association. Allemaal kerels dus die al enige jaren met beide benen midden in de cloudmarkt staan.

De overstap

Waarmee hebben onafhankelijke softwareleveranciers (ISV’s) nu de grootste moeite bij de adoptie van SaaS, het Software as a Service-model? “Het maakt veel uit of het gaat om nieuwe partijen, of partijen die de transitie naar een cloudmodel moeten maken”, pakt Van Schie de vraag op. “Nieuwe partijen, kleine start-ups, vinden vrij makkelijk hun weg. Die beginnen met een multitenant-applicatie direct gebaseerd op een cloudplatform en maken, zeker in het begin, veel gebruik van de publieke cloud-infrastructuur voor bijvoorbeeld testdoeleinden. Dat is de ene groep. De andere groep bestaat uit de klassieke bedrijven die een traditionele oplossing hebben staan en die het migratietraject door moeten. Dat gaat stap voor stap. Die gaan eerst wat experimenteren. Op het moment dat ze besluiten om ‘full blown’ over te stappen op een cloudpropositie, merken ze vaak: dit gaat meer eisen stellen aan onze organisatie en zeker ook aan onze partners. Ze kloppen vervolgens aan bij een Microsoft of een Amazon, waar ze echter niet vinden wat ze zoeken. Zeker de grotere ISV’s die in die transitie zitten, zoeken namelijk op zo’n moment het persoonlijk contact. Ze willen begeleid worden in het maken van die overstap. Ze snappen alles van software, maar die moet in een schaalbare, multitenant-vorm worden gegoten. En dat gaat niet zomaar. Daar moeten een paar stappen voor gezet worden, meestal op de tussenliggende PaaS-laag (Platform as a Service, red). En dáár gaat het spel gespeeld worden. Je moet ingrijpen op die PaaS-laag, zowel vanuit de IaaS-kant als vanuit de SaaS-kant.”

IaaS

Kan een bedrijf als Dutch Cloud die ISV’s, in hun transitie naar de cloud, wél de gewenste begeleiding bieden? “Dutch Cloud is een cloudprovider die zich sinds zijn start in 2009 heeft gericht op IaaS, Infrastructure as a Service”, zegt directeur Martijn van Zoeren. “Vanuit die optiek werkt ons bedrijf vanaf dag één nauw samen met ISV’s. Op dit moment komt zo’n 60 tot 65 procent van onze maandelijkse omzet uit dat marktsegment. De grootste verandering die wij als Dutch Cloud de laatste jaren hebben doorgemaakt, is dat wij tegenwoordig door marktonderzoekers als Gartner bij de zogeheten ‘managed cloud providers’ worden ingedeeld. Dat wil zeggen dat wij vanuit de infrastructuur nu in staat zijn om het gesprek aan te gaan met zowel de eindgebruiker als de ISV. Wij hebben daarvoor de nodige diensten ontwikkeld. Denk aan compliance, maar denk ook aan het optimaliseren van de bedrijfsprocessen. Compliance vind ik een van de mooiste dingen. Want als een auditor bij ons langs komt – en we willen natuurlijk toch graag het beste jongetje van de klas zijn – dan kunnen wij laten zien dat we het heel goed voor elkaar hebben. Als ik vanuit Dutch Cloud echter kijk naar waarom klanten voor ons kiezen, dan heeft dat vaak maar weinig te maken met dat uitblinken op technisch gebied. Het heeft veel meer vandoen met de manier waarop je je als bedrijf positioneert. Daarbij gaat het om persoonlijk contact, deskundigheid die je aan kunt tonen, en dat ze je op elk moment kunnen bellen als ze even ergens mee vastlopen. Dat betekent dat het niet meer alleen is ‘u vraagt en wij leveren’, maar dat we bij de klant meedenken in het hele proces. Dat is de meer zachte kant van de business, waarop wij ons als Dutch Cloud steeds meer profileren.”

Remmende voorsprong

“Het is duidelijk ook een disruptieve markt”, vult DHPA-directeur Michiel Steltman aan. “De ene golf spoelt over de andere heen. Partijen die al wat langer in de markt zitten, kampen met de legacy uit het verleden. Nieuwe cloudspelers die relatief kort geleden begonnen zijn, veroveren zo een voorsprong. We denken dat we als hosting providers heel erg stoer zijn en voorop lopen, maar de volgende golf komt er alweer aan.”
“Neem compliance”, beaamt Van Zoeren. “Daar lopen wij nu sterk mee voorop. En waarom kan dat? Wij heb al die legacy niet! Het oudste wat we hebben staan, is misschien drie en een half jaar in gebruik. Dus onze apparatuur is up-to-date, en wij vervangen die regelmatig. Wij kunnen dat ook makkelijker doen. Want bij de traditionelere bedrijven moeten ze in één keer duizenden servers vervangen, terwijl ik er even gemakkelijk honderd uit kan lichten en omruilen voor nieuwe. Dat is een hele andere league.”

Leo van Schie wijst ook op de snelle rolveranderingen die in het kanaal plaatsvinden. Een concurrent van vandaag kan zo een klant of partner van morgen zijn, zegt hij. Hij komt ook regelmatig resellers tegen die zich ontwikkelen tot ISV’s. “Die worden vaak zelfs gedwongen die keuze te maken. Want als ze blijven doen wat ze altijd deden, dan begint hun speelruimte op de markt langzamerhand te klein te worden om nog te kunnen overleven.”

Conclusie

“Cloud is een totaal ander businessmodel dan het traditionele IT-transactiemodel”, vat Steltman de discussie, met instemming van zijn discussiepartners, min of meer samen. “De technologie is voor beide gelijk. Dat is het bedrieglijke. De traditionele channel die in solutions denkt, dacht daarom cloud ook wel even aan te kunnen. Maar dat is een heel andere dynamiek. Daar hebben heel veel traditionele solutionspartners zich in verslikt. Die hebben allemaal hun eigen VMware-stack in de kelder gezet, om er vervolgens achter te komen dat die te duur is en niet verkoopt, omdat hun eigen verkopers het niet begrijpen. Dat levert nu een hoop spijtoptanten op, die bij een partij als Dutch Cloud aankloppen met de boodschap: als jij me hierin kunt ontzorgen, dan kan ik me gewoon weer bezighouden met mijn klant!”

Auteur: Dick Schievels

]]>
Sun, 10 May 2015 13:45:02 +0200 Van IaaS-leverancier naar ‘managed cloud provider’ http://executive-people.nl/item/528661/van-iaas-leverancier-naar-a-managed-cloud-providera.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Interview Cathal McGloin, Red Hat: Mobility voorwaarde voor succes http://executive-people.nl/item/528529/interview-cathal-mcgloin-red-hat-mobility-voorwaarde-voor-succes.html Vorig jaar nam Red Hat het Ierse softwarebedrijf FeedHenry over, een belangrijke acquisitie in de Open Source-wereld. Ondertussen zijn we een aantal maanden verder. Hoe staat het met de integratie en wat zijn de verder plannen met de Ierse software? Executive People sprak hierover met Cathal McGloin, voormalig CEO van FeedHenry en nu VP Mobile Platforms bij red Hat.

“Er was en is veel interesse in mobiele platforms”, zegt McGloin. “Een van de hoofdredenen om naar Red Hat te komen was omdat we de oude visie van open source technologie interessant vonden. De afgelopen vijf maanden zijn we bezig geweest met het kennismaken van alle Red Hat producten. Red Hat heeft een behoorlijk portfolio aan producten. We waren ons bewust van de cloud, dat was een andere positieve aanvulling voor ons om naar Red Hat te komen.”

“Nu mobiel aan de orde komt, hebben organisaties een manier nodig om mobiel te integreren in hun bestaande infrastructuur. Dat is waar wij de afgelopen maanden mee bezig zijn geweest: werken aan het platform, de integratie en de cloudproducten in het bijzonder. De afgelopen 5 maanden hebben wij de producten leren kennen, met ze gewerkt, ze geïntegreerd en geleerd hoe om te gaan met de open source.”

Pijlers
De visie voor Red Hat mobile heeft volgens McGloin vier pijlers. De eerste is de architectuur van het platform. “Wij denken dat het gebaseerd moet zijn op een cloud architectuur. Of het nu public cloud of private cloud is. Het voordeel van de PaaS-architectuur is dat het vooral meer ‘agile’ is dan development en operations DevOps biedt. Dat is iets dat mobile kan helpen introduceren in de organisatie. Zij kunnen een meer agile omgeving helpen introduceren. Mobile van zichzelf is erg klein en haar functionaliteiten nemen niet toe. Dus het is een ideaal project voor een organisatie om te experimenteren met de nieuwe agilemanier. Daarom denken wij dat platform architecture een belangrijk punt is.”

De tweede pijler is de visie dat het gebaseerd moet zijn op de ervaring van de ontwikkelaars. “We zullen moeten toestaan dat ontwikkelaars tools kunnen gebruiken waar ze mee bekend zijn. Daar moeten wij flexibel mee omgaan. Het concept zal gebaseerd moeten zijn op hun manier van werken. Wij moeten hen niet dwingen dingen te doen zoals wij gewend zijn. Zij moeten ons dwingen het te doen op hun manier.”

Het derde punt heeft volgens hem betrekking tot het integreren van de technologie. “Bij dit onderdeel heeft het leren kennen van het portfolio van Red Hat ons zeer geholpen. Je kunt geen nieuwe technologie integreren die niet integreert met de rest van de technologie in je bedrijf. We moeten niet vergeten dat mobile nieuw is, dat de laatste 20 tot 30 jaar mensen aan het investeren zijn geweest. We zien deze integratie met andere enterprise technologieën.”

“Tot slot denken wij dat samenwerking de sleutel tot succes is. Het verschuift naar een manier waarop verschillende teams samenwerken. In de mobiele wereld zien we een scheiding van site ontwikkeling. Er zijn twee verschillende skills. Het integreren van de back-end systemen is een andere tool. Het betreft de kennis van de producten in de integratie technologie. We zien dus een scheiding tussen de diverse rollen binnen een organisatie.”

Teams

“Hierom wordt het steeds belangrijker dat je een manier vindt om diverse teams snel en gemakkelijk met elkaar te laten samenwerken. Neem front-end ontwikkelaars als voorbeeld. Laat hen API ontdekken door ermee aan de slag te gaan in plaats van te vertrouwen op allerlei documenten. Laat ze de API’s maar vinden en testen. Dat is de manier waarop ontwikkelaars te werk gaan. Ontwikkelaars willen geen dingen lezen, ze willen het simpelweg uitproberen.”

De grootste vraag waar klanten volgens hem mee zitten is: Hoe introduceer ik deze ‘agile’ omgeving in onze organisatie? Hoe introduceer ik al deze nieuwe toolkits? En natuurlijk de manier waarop zij dingen mobiel doen. “Iets mobiel weergeven is niet gewoonweg een website op een kleiner scherm projecteren. De belofte van mobile gaat over het herontdekken van een nieuwe ervaring van de interactie tussen twee partijen. Dus de beste mobiele projecten zijn de projecten waarbij het proces opnieuw wordt uitgevonden. De beste mobiele apps zijn de apps waar er slechts gevraagd wordt naar twee of drie gegevens. De rest van de informatie wordt vanzelf ergens opgehaald.”

Hoe introduceer je deze manier van werken in een organisatie? “Het gaat dus over het introduceren van een meer agile IT. Een nieuwe manier om het live te krijgen. Het is vergelijkbaar met DevOps processen. Ze kunnen allemaal wel een app bouwen, dat is het probleem niet. Het probleem is dat het bouwen van de app negen maanden heeft geduurd en 250.000 dollar heeft gekost. De grote vraag is: hoe kunnen zij dit schaalbaar maken? Ze zoeken een manier om de kosten laag te houden.”

“De business eist op dit moment een meer agile manier van werken en ze ontdekken nu dat wanneer IT het niet levert, ze het zelf moeten doen. Of ze zien de noodzaak van het invoeren van ‘shadow IT’. De reden hiervoor is dat men de business niet agile genoeg vindt en mobile is een goed voorbeeld om te laten zien hoe dit geïntroduceerd kan worden. De bedrijven die mobiele projecten zorgvuldig uitkiezen en dit gebruiken om een nieuw proces uit te vinden, zullen het meeste succes hebben.”

]]>
Sun, 10 May 2015 09:00:38 +0200 Interview Cathal McGloin, Red Hat: Mobility voorwaarde voor succes http://executive-people.nl/item/528529/interview-cathal-mcgloin-red-hat-mobility-voorwaarde-voor-succes.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Groei cloud vraagt om hybride IT infrastructuur http://executive-people.nl/item/528495/groei-cloud-vraagt-om-hybride-it-infrastructuur.html Het is niet vraag òf bedrijven gebruik gaan maken cloudoplossingen, maar hoe en wanneer, zo vertelt Ronald van Heek, Chief Commercial Officer bij Tectrade. Dat betekent overigens niet dat bedrijven alle oplossingen die ze gebruiken via het internet zullen gaan gebruiken. Sommige systemen of applicaties kunnen niet mee, in andere gevallen wil je data binnen de eigen muren houden. Dit leidt tot hybride IT-omgevingen, die cloud en on-premise samenbrengen.

De term 'cloud computing' is sinds de jaren negentig van de vorige eeuw in omloop. In die eerste jaren spraken bedrijven, analisten en media vaak over de publieke cloud: een netwerk dat voor iedereen beschikbaar moet zijn. Denk bijvoorbeeld aan aanbieders als Amazon, IBM en Google, waar in principe iedereen services kan afnemen en data kan opslaan. Particulieren maakten de eerste stappen met het online brengen van hun e-mail bij services als Gmail en Hotmail.

Private en hybride cloud

De private cloud werd pas later gedefinieerd, hoewel de structuur van een privénetwerk hetzelfde opgebouwd kan zijn als de publieke cloud. Alleen is de infrastructuur voor één klant ingericht en is de beveiliging op een andere manier geregeld. Bedrijven kunnen de implementatie en het beheer in eigen hand houden, maar ook door een derde partij laten uitvoeren. Dat kan gunstig zijn voor bedrijven waar data de kern van de business is, zoals banken, die ver gevorderd zijn in het beschermen van hun financiële gegevens.

Door de groei van de publieke cloud is er een nieuw tijdperk aangebroken, vertelt Ronald van Heek. 'Veel bestaande applicaties en onderliggende infrastructuur zullen zoveel mogelijk gevirtualiseerd worden en worden geplaatst in een interne, private cloud. Deze systemen blijven zeer belangrijk voor bedrijven. We noemen ze daarom liever geen legacy, maar systems of record. Het zijn kritische systemen, die soms gedurende tientallen jaren zijn doorontwikkeld en veelal het fundament van de bedrijfsvoering zijn. Ze bevatten waardevolle data, die tegenwoordig overal en altijd beschikbaar horen te zijn.'

Van Heek vertelt: ‘Fenomenen, zoals de enorme toename van data en cloud, veranderen de wereld waarin we zakendoen en leven. Tegelijkertijd zorgen snel groeiende mobiele technologie en sociale media voor het ontstaan van een nieuwe categorie IT-diensten en mogelijkheden, gericht op de interactie met sterk ontwikkelde individuen en groepen. De zogenaamde systems of engagement, met mobiele applicaties en veelal gebruikmakend van sociale media zorgen voor ontsluiting van systemen en data.'

Nieuw tijdperk

Van Heek: ‘In de nieuwe wereld staat Enterprise Hybride IT centraal. Systems of record en systems of engagement worden met elkaar verbonden. Het is logisch dat cloud een centrale rol zal spelen. De komende jaren zullen IT-middelen in toenemende mate, zowel intern als extern, op een dynamische, transparante manier aangewend worden. Voor veel organisaties is er nog een flinke weg te gaan en de Enterbrise Hybride IT wereld zal in stappen worden bereikt. Een big bang bestaat hiervoor niet.’

Voor elk bedrijf zal de balans anders zijn, maar onderzoeksbureaus, zoals Gartner, geven aan dat de komende jaren de helft van de IT in de publieke cloud zal draaien en de andere helft intern in een private cloud zal blijven draaien. Hierbij wordt wel aangegeven dat 85 procent van de nieuwe applicaties in de cloud zal zijn geboren.

Een hybride omgeving geeft een organisatie de kans om zijn data-architectuur en applicaties naar hedendaagse inzichten in te richten, te optimaliseren en te beheren. De vraag 'welke inrichting brengt de meeste voordelen met zich mee voor een specifieke applicatie en bedrijfsproces' is leidend. Als je vele tientallen of honderden terabytes of zelf petabytes frequent en snel moet benaderen, dan is een cloudoplossing wellicht aan de dure kant en biedt waarschijnlijk niet de juiste performance.

CRM in de cloud

CRM-oplossingen kunnen daarentegen prima online beheerd worden. Van Heek vertelt: 'Wij nemen als Tectrade inmiddels onze CRM-oplossing bij Salesforce.com af en hebben onze hele customer service community ingericht middels ServiceCloud. Het is een revolutionair nieuwe manier om met klanten te communiceren en services te bieden. We hebben onze ServiceCloud vervolgens middels een API gekoppeld aan IBM Softlayer.'

Bij Tectrade, dat onder andere infrastructuur en opslagdiensten biedt, ligt software defined computing aan de grondslag van de Enterprise Hybride IT oplossingen die het bedrijf biedt. ‘De intelligentie is dan niet meer gebonden aan de onderliggende hardware infrastructuur. Zo word je als gebruiker niet alleen minder afhankelijk van een leverancier, maar ook van de onderliggende resources. IT kan dan als dienst worden ingericht en afgenomen. Dan kan de IT-afdeling zich richten op bijvoorbeeld innovatie en betere dienstverlening naar de interne gebruiker.’

Daar komt bij dat virtualisatie, een belangrijk fundament van software defined computing, ervoor zorgt dat data automatisch op de juiste server, cloud of storage worden weggezet. ‘Gegevens waar je niet perse elke dag bij hoeft, worden weggezet op goedkopere, maar minder snelle storage systemen. Informatie waar je frequent mee werkt en die je altijd, overal en snel tot je beschikking moet hebben, wordt bijvoorbeeld opgeslagen op Flash storage en snelle server systemen. Dat kan overigens zowel in- als extern, in de private en publieke cloud.’

Beveiliging voor veel bedrijven geen core business

Beveiliging is een uitdaging waar veel bedrijven mee zitten, zeker als ze services uit de publieke cloud overwegen. 'Het is onjuist om te denken dat data op een interne private cloud altijd veiliger zijn, dan wanneer ze in een externe cloud staan. Voor cloudserviceproviders geldt dat beveiliging onderdeel van de core business is. Uiteraard moeten bedrijven kritisch blijven op servicelevels en bijbehorende garanties strikt afspreken met de serviceprovider. Om 24/7 service te kunnen bieden, hebben wij bijvoorbeeld onze desks in Nederland, de UK, Amerika en Australië opgezet. Er zijn altijd frisse mensen aan het werk', vertelt Van Heek.

Als oplossingen worden afgenomen van verschillende soft- en hardwareleveranciers, is het belangrijk om te letten op veiligheid. Zeker als de oplossingen geïntegreerd zijn. Daarom kunnen bestaande samenwerkingsverbanden een uitkomst bieden. Tectrade is een samenwerking aangegaan met Cisco en IBM om heel eenvoudig een interne, private cloud op te zetten. Er ontstaat op deze manier een keten van betrouwbare it-dienstverleners, zodat bedrijven zonder zorgen een Enterprise Hybride IT-omgeving kunnen opzetten.


Door Anne van den Berg

]]>
Sat, 09 May 2015 08:00:48 +0200 Groei cloud vraagt om hybride IT infrastructuur http://executive-people.nl/item/528495/groei-cloud-vraagt-om-hybride-it-infrastructuur.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Microsoft Azure Machine Learning als volgende stap in BI en Analytics http://executive-people.nl/item/528129/microsoft-azure-machine-learning-als-volgende-stap-in-bi-en-analytics.html Microsoft introduceerde dit jaar de nieuwe Azure Machine Learning public clouddienst (Azure ML). Steeds meer partners werken hiermee om tegen lagere kosten apps met embedded predictive analytics te bouwen waar voorheen meer database en BI-specialisten voor nodig waren, aldus Eron Kelly, General Manager SQL Server Marketing bij Microsoft.

Machine technology ofwel predictive analytics verzamelt alle historische data om te voorspellen wat er in de toekomst gaat gebeuren. Dat is een andere aanpak dan business intelligence, dat alle verzamelde data ontleedt om te kijken wat er in het verleden is gebeurd. Azure ML is complementair met andere business analytics oplossingen zoals SAS, Oracle en MicroStrategy, dankzij een ingebouwde application programming interface (api).

Dure grap

Machine Learning software bestaat overigens al jaren, maar was voorheen een dure grap en niet altijd even makkelijke in gebruik, aldus Kelly. Microsoft zegt nu dit allemaal eenvoudiger te hebben gemaakt met Azure Machine Learning als een cloud service. Microsoft zegt hierbij voorop te lopen in vergelijking met Google, Amazon en IBM. Microsoft ontwikkeld als sinds 1992 machine learning software waarmee consumentengedrag kan worden voorspeld en fraude kan worden ontdekt. Microsoft past dit toe in Xbox, Bing en de Cortana assistent in Windows Phone. Kelly: "Nu kunnen partners Azure Machine Learning toepassen in data van bijvoorbeeld CRM-systemen, e-commerce sites of sociale media waar veel data over klanten is opgeslagen. Azure ML voert zoekopdrachten automatisch uit. Met het resultaat kunnen bedrijven hun advertenties of aanbiedingen beter bij klanten en prospects positioneren."

Voor het gebruik van Azure ML is er een vraagprijs per uur. Daarnaast moet er betaald worden per 1000 voorspelingen. Verder is er een compute charge fee voor het gebruik van web services. Er wordt geen groot bedrag gevraagd voor licenties. Daarnaast biedt Azure ML service level agreements.

Data-gebaseerde apps analyseren

Eron Kelly ziet veel kansen voor Microsoft partners met Azure ML. "Ze kunnen een nieuwe business bouwen op het ML Azure platform en daardoor toegevoegde waarde aan klanten bieden. Azure ML is ontwikkeld om veel data te verwerken en te analyseren. Er bestaat zoveel data dat er geen genoeg gespecialiseerde mensen meer zijn die dit kunnen analyseren. Ze hebben hulp van machine learning nodig. Zakelijke beslissers, CIO’s en CEO’s zien dat ze hun data kunnen gebruiken in hun groeistrategie. De CIO kan bijvoorbeeld zijn positie verstevigen omdat die er voor zorgt dat er meer kennis is over klanten. Ze kunnen voorspellen wat hun klanten gaan doen als ze van de Azure ML oplossing gebruik maken die data-gebaseerde apps analyseert. Daarnaast biedt Azure ML aanzienlijke kostenbesparingen omdat bedrijven minder of geen dure data scientist hoeven in te huren. Daarom is machine learning interessant voor onze partners om BI, analytics en consultanty diensten aan klanten te bieden. Microsoft Machine Learning is de volgende stap in BI en analytics.”

Gratis versie Power BI moet meer zakelijke klanten naar Microsoft trekken

Microsoft zet flink in op data analytics. Nadat het bedrijf vorig week al Revolution Analytics overnam, kondigt het bedrijf nu aan een gratis versie beschikbaar te stellen van haar Business Intelligence oplossing Power BI. Met deze stap wil Microsoft meer zakelijke klanten trekken.

Het Amerikaanse IT-bedrijf wilzijn aanwezigheid op de data-analytics markt flink vergroten. Hiervoor kijkt het bedrijf naar overnames als die van Revolution Analytics, maar ook naar organische groei. Deze groei wil Microsoft stimuleren door haar BI-oplossing Power BI gratis beschikbaar stellen.

Data analyseren

De BI-oplossing helpt managers de bedrijfsvoering en financiën van organisaties te analyseren, om  zodoende nuttige inzichten te verkrijgen. Power BI is al langer beschikbaar, maar kostte voorheen op zijn minst 33 dollar per maand. Daarnaast moesten klanten beschikken over de laatste versie van Microsoft Excel en een abonnement op Office 365.Hier komt nu verandering in. Microsoft kondigt aan voortaan een gratis versie van Power BI beschikbaar te stellen. De betaalde variant blijft overigens gewoon bestaan en beschikt over een aantal aanvullende features die niet in de gratis versie te vinden zijn. 

Microsoft koopt Revolution Analytics en Equivio

Microsoft kocht begin 2015 voor een onbekend bedrag het Amerikaanse Revolution Analytics, leverancier van software en services voor de R open-source programmeertaal, waarmee predictive analytics applicaties kunnen worden gebouwd en big data kan worden geanalyseerd. R applicaties werken met het Hadoop big data platform en met NoSQL databases zoals MongoDB, DataStax en CouchDB. De overname past in de strategie van Microsoft CEO Satya Nadella, om van zijn bedrijf een grotere speler te maken op het gebied van analytics software en big data, onder andere met Azure-gebaseerde machine learning. Revolution Analytics had eerder al ruim 37 miljoen dollar aan kapitaalinvesteringen ontvangen. Microsoft kocht eerder het Israëlisch Equivio, leverancier van text-gebaseerde predictive analytics technologie voor e-discovery, documentbeheer en compliance regels. The Wall Street Journal schat het overnamebedrag op 200 miljoen dollar.

]]>
Mon, 04 May 2015 08:00:12 +0200 Microsoft Azure Machine Learning als volgende stap in BI en Analytics http://executive-people.nl/item/528129/microsoft-azure-machine-learning-als-volgende-stap-in-bi-en-analytics.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
IT-management open oog voor Red Hat http://executive-people.nl/item/528128/it-management-open-oog-voor-red-hat.html Het is de eerste keer, een seminar over JBoss voor 'de business', maar Dick Lans is tevreden. De Country Manager Benelux van Red Hat constateert met genoegen dat veel lead architects en IT-managers op het evenement in de Jaarbeurs te Utrecht zijn afgekomen. Blijkbaar is er behoefte aan 'Power to Innovate, zoals het thema van de bijeenkomst luidt.

JBoss is het middleware product van Red Hat. Vaak, zo meldt Lans, dient dit als de tussenlaag tussen de relatief nog jonge internetwereld (waar open source initiatieven de boventoon lijken te voeren) en de proprietary software waarmee organisaties al decennia werken. Het evenement is mede georganiseerd door Red Hat-partners Ciber, Finalist, ISAAC, Sogeti en Trivento allen IT-dienstverleners die zich bezighouden met systeemintegratie en webapplicatie-ontwikkeling.

De boodschap dat het gebruik van open source software innovatie stimuleert en helpt bedrijfsdoelstellingen te behalen, is onder meer helder verwoord door Luc Verbist, de gelauwerde CIO van de Persgroep. Hij doet uit de doeken hoe de architectuur van de onderneming stoelt op de software en services van Red Hat, waarbij JBoss EAP (Enterprise Application Platform) een sleutelrol vervult tussen de webwereld (met de diverse sites van de dagbladenuitgeverij) en de al bestaande applicaties. Vooral mediabedrijven hebben de opmars van internet gevoeld en proberen een antwoord te vinden op de veranderende behoeften van lezers.

Stabiel en betaalbaar

Verbist noemt de middleware van Red Hat 'best of both worlds'. “De software is getest, het is een stabiele versie, er zijn gecertificeerde patches en upgrades, de ondersteuning is vastgelegd in service level agreements (sla’s), onderhoud is beschikbaar voor de langere termijn, en er is sprake van een uitstekende prijs/waarde ratio”, aldus Verbist.

De CIO van de Persgroep oordeelt dat het Red Hat platform niet alleen innovatie mogelijk maakt, maar ook een stabiele omgeving biedt. Dit omschrijft ook precies de filosofie die open source software uitdraagt, aldus Lans. “De software is, vanwege de lage prijs, beschikbaar voor iedereen. Eigenlijk is de software gratis, maar ondernemingen betalen voor de services eromheen. Daarbij kunnen ze rekenen op de inbreng van duizenden communities, bestaande uit individuen en vertegenwoordigers van bedrijven. Al die kennis en ervaring is beschikbaar. Dat stimuleert verdere ontwikkeling van de software en erg veel diversiteit. Als je een bepaalde behoefte hebt, dan hoef je niet te wachten tot een softwarebedrijf beslist om daarmee aan de slag te gaan. Nee, de communities reageren direct. En het gaat hier om puur Java; dus iedereen kan ermee werken; er is niet aan gesleuteld om er een eigen sausje overheen te gieten.”

Geen grote escalatie

De leden van de open source gemeenschap, gaat Lans verder, benutten elkaars kennis en ervaring. “Wie neemt, geeft ook terug. Ook Red Hat stelt alle ontwikkeling ter beschikking aan de gemeenschap. Doordat we met puur Java werken, is de implementatie van de software eenvoudiger. Iedereen blijft bij de core, zoals het bedoeld is.” Dat er geen grote problemen ontstaan met de open source software blijkt uit Lans' eigen ervaring. “Ik ben nu anderhalf jaar Country Manager van Red Hat en heb in al die tijd nog geen één grote escalatie meegemaakt.” De meest kritische applicaties draaien op Red Hat Enterprise Linux, gaat hij verder. “En ik durf wel te stellen dat alle nieuwe systemen op open source draaien. IDC voorziet dat in 2017 het aantal Linux-implementaties die van Windows overstijgt.”

SLA 2.0

IT-onderzoeker Marco Gianotten gaat in zijn bijdrage in op de kloof tussen business en IT-afdeling. “Voor veel managers staat SLA voor Secrets, Lies and Assumptions”, aldus Gianotten. De IT'ers zullen zich met meer empathie moeten opstellen, snappen waaraan behoefte bestaat, niets opleggen, maar dienstbaar zijn. Zo kom je tot SLA 2.0. Dat is geen document dat voer is voor de juridische afdeling, maar een document dat samenwerking ademt. Lans: “Je moet naar een situatie waarin alle medewerkers binnen een organisatie het prettig en zinvol vinden om samen te werken. Gebaseerd op de wetenschap dat het altijd beter kan, en de bereidwilligheid van alle betrokkenen om eraan mee te werken het beter te maken.”

Partners onmisbaar

Patrick Berkhout, Enterprise en Software Architect bij Trivento, gaat in op de waarde die data voor organisaties kunnen hebben. “Helaas zijn veel gegevens opgesloten in silo's, waardoor hun waarde verloren gaat. Een open structuur zorgt er wel voor dat je bij die data kunt”, vat Lans kort de presentatie samen. Ook medewerkers van de andere partners onderstrepen dat open source software innovatie mogelijk maakt door de relatief lage prijs en de kennisdeling; een principe dat onlosmakelijk verbonden is met open source software.

Intensieve samenwerking met klanten, zo stelt Lans, betekent meteen dat Red Hat niet in staat is alles zelf te doen. “Dan zouden we een ongelofelijk grote organisatie moeten hebben. Dat willen we niet; wij doen alles via het partnerkanaal. Met een aantal dedicated partners delen wij lief en leed. We hebben regelmatig overleg met elkaar en niemand zit er om vliegen af te vangen; iedereen is ervan overtuigd dat kennisdeling tot ieders voordeel strekt. Wij bespreken met onze partners wat zij zoal tegenkomen in de praktijk en zullen eventuele, veelgehoorde wensen verwerken in onze software en/of diensten. Ook bespreken we welke trainingen nodig zijn.”

Met de partners is een jaar geleden afgesproken meer aandacht te besteden aan JBoss. De grote belangstelling voor het 'Power to Innovate'-evenement bewijst volgens Lans dat die aandacht werkt. “Bovendien hebben we ook al meer JBoss-abonnementen verkocht”, glimlacht hij.

]]>
Sun, 03 May 2015 09:00:32 +0200 IT-management open oog voor Red Hat http://executive-people.nl/item/528128/it-management-open-oog-voor-red-hat.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Je moet het securitybewustzijn constant op peil houden’ http://executive-people.nl/item/528127/a-je-moet-het-securitybewustzijn-constant-op-peil-houdena.html Michiel Panders is bij Cisco verantwoordelijk voor de enterprise-markt. Dat betreft grootzakelijke klanten uit onder meer de financiële wereld, het verzekeringswezen, manufacturing, transport & logistiek en de energiesector. Het securitybeleid bij zijn klanten komt steeds meer op de voorgrond te staan. Hieronder een schets van waar het volgens hem op securitygebied over zou moeten gaan.

“IT-security wordt een steeds breder vakgebied”, begint Michiel Panders, Director Enterprise bij Cisco, zijn betoog. “Traditioneel zijn er allerlei technieken en maatregelen, elk gericht op een bepaald deelaspect. IT is in de loop der jaren echter een steeds belangrijker en omvangrijker bedrijfsonderdeel geworden. Dat gaat in de ene sector sneller dan in de andere, en daarmee is de beveiliging van de IT-voorzieningen voor bedrijven ook een steeds groter punt van aandacht. Neem de financiële sector. Vroeger was het belangrijk dat ze daar je geld in een kluis konden bewaren. Tegenwoordig haal je je geld niet meer op bij de bank, maar betaal je via een app op je mobiele telefoon. Dus in plaats van die kluis is het nu van het allergrootste belang voor klanten dat banken hun IT-domeinen volledig kunnen afschermen. Daarbij willen klanten steeds meer flexibiliteit, ze willen die betalingstechnologie in steeds meer situaties en op steeds meer devices kunnen toepassen. Daarmee wordt het hele securitylandschap van een redelijk overzichtelijk en gecontroleerd domein langzamerhand getransformeerd in een enorm breed domein, dat steeds moeilijker adequaat te controleren is. Daarin kun je niet meer per deelgebied naar oplossingen zoeken.”

Bewustwording

Wat volgens Panders voor bedrijven vooral belangrijk is, is het bevorderen en het vervolgens constant op peil houden van het securitybewustzijn van hun medewerkers. “Als je hier op kantoor was geweest (het interview vindt telefonisch plaats), dan had ik je een bak koffie aangeboden, die je, neem ik aan,zonder enige aarzeling had opgedronken. Je had je nietafgevraagd of je die koffie wel kunt vertrouwen. Dat zie je ook veel met de IT bij bedrijven gebeuren. We hebben recent onderzoek gedaan en de op één na grootste bedreiging die onze klanten zien – na de georganiseerde cybercrime – is het gedrag van heteigen personeel. Dat komt vooral omdat veel medewerkers zich onvoldoende bewust zijn van de gevaren. Ze vertrouwen er blind op dat hun werkgever ervoor zorgt dat de security prima geregeld is.”

Panders trekt de parallel met de bak koffie nog even verder door naar kraanwater.“Hier in Nederland zal je je niet snel de vraag stellen of je het wateruit de kraan wel kunt drinken. Maar op het moment dat je op vakantie gaat, stel je je in veel landen wel die vraag. Dus dan ben je opeens ‘welbewust’, om het zo maar even uit te drukken. Dat is dus een heel belangrijk aspect, met name voor onze enterprise-klanten.”

Enerzijds weten bedrijven volgens Panders dat de eigen medewerkers een belangrijk risico vormen. Niet zozeer omdat hun pc of laptop gehackt kan worden, maar veel meer nog omdat zij zelf als middel kunnen worden gebruikt om een aanval uit te voeren. Anderzijds willen ze hen een zo flexibel mogelijke werksituatie verschaffen en zorgen dat alles goed beveiligd is. “Dan kun je proberen ze bekwaam te maken door middel van training, maar waarschijnlijk is het beter ze bewust te maken van de gevaren. Waarna je dat securitybewustzijn constant op peil moet zien te houden. ”

Before, during en after

Panders pleit voor een aantal zaken. Ten eerste moet desecurity bij het topmanagement op de agenda komen. Er moet een apart securityteam worden opgericht met aan het hoofd een CISO, een Chief Information Security Officer. Niet alleen voor cybersecurity, maar ook voor alle andere zaken die de beveiliging van de organisatie betreffen. “Dat zie je bij veel bedrijven in de grootzakelijke markt overigens ook gebeuren. Doe je dat allemaal niet, dan heb je grote kans dat security vanzelf een top-level prioriteit wordt, namelijk als het te laat is. Verder is het belangrijk een breed securitybeleid te voeren. Niet meer je beperken tot allerlei deelgebieden, maar één centraal beleid uitgerold over de volle breedte.”

Cisco’s aanpak is gebaseerd op drie pijlers: before, during en after. Eerst moet je in kaart brengen wat je kwetsbaarheden, je vulnerabilities, zijn. Want wat je niet ziet, kun je niet beveiligen, luidt Panders stelling. Vervolgens moet je zorgen dat je tijdens een aanval over de juiste mechanismes beschikt om die aanval te bestrijden. En na een aanval moet je beschikken over de middelen om goed te kunnen vaststellen welke schade is opgelopen.

Internet of Everything

Wordt, met alle ontwikkelingen rond het Internet of Everything, het feit dat er steeds meer zaken op internet worden aangesloten, alles ook niet steeds kwetsbaarder? Panders ziet dat anders. “Natuurlijk zie je dingen verschuiven. Alleen denk ik niet dat de zaken kwetsbaarder worden, maar juist dat alles veiliger wordt. Als je meer zaken met elkaar gaat verbinden, dan doe je dat omdat je dingen sneller of efficiënter wilt maken.” Hij verwijst naar een business-case van Cisco bij WML, Waterleiding Maatschappij Limburg (zie ook de animatiefilm op YouTube hierover: https://www.youtube.com/watch?v=hVa4D9cWswA). “Daar zie je dat ze van alles gekoppeld hebben. Niet alleen om de efficiency te verhogen, maar ook de beschikbaarheid van de watervoorziening. In geval van calamiteiten kan WML nu sneller en uniformer reageren. Beveiliging heeft natuurlijk ook alles te maken met beschikbaarheid. En hoe uniformer je dat maakt, hoe beter controleerbaarhet is. Hun primaire drijfveer was om hun controleruimte te centraliseren, hun aanpak te generaliseren en de ruis die ze in hun processen hadden zitten, weg te snijden. Daarvoor hebben ze een uniforme infrastructuur aangelegd, zodat ze diezelfde infrastructuur kunnen gebruiken om hun beveiliging te implementeren.”

Waterbedrijven moeten de besturingsinstallaties beveiligen, maar hebben ook gewoon te zorgen voor de fysieke  beveiliging van pompinstallaties en dergelijke. “Daar heb je beveiligingscamera’s en aanverwante zaken voor nodig. Op het moment dat je dat aan hetzelfde netwerk kunt koppelen, heb je in ieder geval een netwerk minder om te beheren. Dat helpt niet alleen je efficiency te verhogen, maar uiteindelijk ook je veiligheid.”

Cisco kan ervoor zorgen dat de juiste sensoren in het netwerk aanwezig zijn om gevaren in beeld te brengen, en kan middelen leveren om tijdens de aanval terug te vechten en na de aanval te inventariseren wat de schade is. De kracht is hier vooral dat alles met elkaar kan communiceren. “Binnen Cisco is security een aparte architectuur”, merkt Panders desgevraagd nog op. “Dus de aanpak die we onze klanten adviseren, hanteren we zelf ook.”

]]>
Sat, 02 May 2015 08:00:06 +0200 ‘Je moet het securitybewustzijn constant op peil houden’ http://executive-people.nl/item/528127/a-je-moet-het-securitybewustzijn-constant-op-peil-houdena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Cloudmanagement: 'Zonder goede basis creëer je een moeras' http://executive-people.nl/item/527767/cloudmanagement-zonder-goede-basis-crea-laquo-er-je-een-moeras.html De ontwikkelingen op het gebied van cloudmanagement gaan razendsnel. Een wildgroei aan nieuwe oplossingen met wisselende niveaus aan volwassenheid maakt het IT-managers niet makkelijk de juiste keuze te maken tussen de verschillende aanbieders en oplossingen. Zeker niet in een tijd waar de kennis en expertise van IT-afdelingen steeds meer verschuift naar het applicatielandschap. Rob Vissers, managing director van i³ groep, geeft zijn visie op dit actuele thema. Welke trends ziet hij in cloudmanagement? En wat staat ons de komende tijd te wachten?

Cloudbeleving

"De tijd dat je iets uit de doos haalt, de lampjes laat knipperen en het in vijf jaar afschrijft, is definitief voorbij, dat weten we allemaal." Vissers ziet dat IT-afdelingen zich dit realiseren, maar het lastig vinden om te bepalen hoe het dan wel moet. "De IT-afdeling staat sterk onder druk. De business is gewend aan een 'cloudbeleving' zoals ze die krijgen bij bijvoorbeeld Amazon en Google. Dat verwachten ze ook tijdens hun werk. Maar komen ze terug bij hun interne IT-afdeling, dan krijgen ze weer servers, storage, networking, en de enorme inflexibiliteit om snel capaciteit beschikbaar te stellen. Daarnaast worstelt de IT-afdeling met een rol als dienstverlener. Er is altijd discussie of er nog ruimte is voor een interne IT-dienstverlener."

i³ groep zet daarom in op dit actuele vraagstuk. "Wat wij proberen te doen, is de IT-afdeling te helpen bij de vraag hoe ze die cloudbeleving ook in hun eigen datacenters kunnen krijgen. Onze oplossingen op het gebied van cloudmanagement zijn gebaseerd op die vraag."

Software defined datacenters

Om een goede cloudbeleving neer te zetten in de organisatie, zijn er volgens Vissers twee mogelijkheden. "De eerste mogelijkheid is om te werken met software defined datacenters. Alle intelligentie zit dan in de software laag en hoger. Daarmee kun je alle processen automatiseren en daar zit bijvoorbeeld een service portal in en gebruikers kunnen makkelijk capaciteit aanvragen." De andere trend die Vissers ziet is dat IT-afdelingen kiezen voor geïntegreerde systemen. "Welke mogelijkheid je kiest hangt af van de visie van de organisatie op dit onderwerp. Bij geïntegreerde systemen kies je voor een stukje gemak, want je valt terug op de oplossing van één vendor. Kies je voor een software defined datacenter, dan ga je eigenlijk je eigen visie implementeren."

i³ groep merkt dat klanten nu nog kiezen voor één van deze oplossingen, maar dat in de toekomst steeds vaker gekozen zal worden voor infrastructuurmanagement dat los van de hardware infrastructuur wordt neergezet. "Geïntegreerde systemen kun je daarom zien als een tussenfase, waarin je de cloudbeleving neer kan zetten met de technologie van één speler. Uiteindelijk zal alles software defined worden."

Toch ziet Vissers dat we zo ver nu nog niet zijn. "We kunnen dit makkelijk zeggen, maar de markt is sterk in beweging. De volwassenheid van de oplossingen verschilt enorm. Als je kijkt naar servervirtualisatie, zie je een volwassen markt. Storagevirtualisatie maakt enorme sprongen maar is nog niet voor alle toepassingen geschikt. Dan heb je nog software defined networking, en dat kun je zien als een markt die aan het begin staat van mooie ontwikkelingen." De verwachting van i³ groep is dat het nog zo'n anderhalf jaar zal duren voordat de risico's voor beide keuzes gelijk zijn. "Als de risico's van software defined datacenters kleiner worden, zal dit invloed hebben op de keuzes die onze klanten maken."

Van verwarring naar begeleiding

Software defined datacenters zijn de toekomst, denkt Vissers. "Je kunt het zien als een stip aan de horizon, een reis. Kies je daar nu voor, dan moet je je constant verdiepen in nieuwe tools en oplossingen zijn beschikbaar, en welke stappen kan ik in de professionaliteit van de it-afdeling zetten." Hij ziet dat klanten op zoek zijn naar een partner die ze op reis onderweg kan bijstaan.

"Onze klanten hebben niet de technische expertise die wij hebben, en de hoeveelheid opties groeit ontzettend snel. Je hebt steeds meer kennis nodig om een keuze te kunnen maken. Vooral de keuze tussen de software lagen is lastig. Voor klanten is dat verwarrend. Het kennisniveau van de klant verschuift steeds meer naar het applicatielandschap, naar informatiemanagement. Daarom zorgen wij ervoor dat we altijd op de hoogte zijn van alle nieuwe ontwikkelingen, en de kennis die de klant mist juist wel in huis hebben." 

Managed services

Nu IT-afdelingen zich steeds meer willen concentreren op het informatiemanagement, groeit de behoefte om de 'basis' van cloudmanagement uit handen te geven. Vissers ziet deze trend steeds verder doorzetten. "Wij geloven dat de meerderheid van de klanten uiteindelijk IT als dienst gaat afnemen. IT is water uit de kraan, een nutsvoorziening. Managed services zal dan ook de toekomst zijn. De basis moet goed zijn. De infrastructuur is de kritische succesfactor. Anders creëer je een moeras."

Een cloudbeleving neerzetten in de organisatie, hoeft volgens Vissers niet te betekenen dat je alleen met de public cloud werkt. "Wij sluiten de public cloud niet uit, maar sturen aan op het hybride model. Dit doet i³ groep via een classificatiemodel waarmee data en workloads geclassificeerd worden. Zo kun je precies de goede combinatie maken tussen public en private cloud. Je ziet bij veel organisaties wildgroei ontstaan. Om de controle over je data te houden, zul je dit op een veilige manier moeten organiseren. En waarom zou je dan niet die vertrouwde Dropbox-beleving geven aan de interne gebruiker, maar dan als zakelijke, veilige omgeving?"

]]>
Sat, 25 Apr 2015 08:00:43 +0200 Cloudmanagement: 'Zonder goede basis creëer je een moeras' http://executive-people.nl/item/527767/cloudmanagement-zonder-goede-basis-crea-laquo-er-je-een-moeras.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Kennis van mobiel werken nog altijd beperkt' http://executive-people.nl/item/527606/kennis-van-mobiel-werken-nog-altijd-beperkt.html Nog altijd veel IT-afdelingen denken ten onrechte dat alleen zij bepalen wat er op IT-gebied gebeurt in hun bedrijf. Volgens Mart Groot van mITE Systems beseffen IT-managers onvoldoende dat door een toenemend gebruik van mobiele apparaten een uiterst riskante 'schaduw-IT' ontstaat. “In de meest uiteenlopende bedrijven is de kennis van mobiel werken nog altijd heel beperkt.”

CEO Mart Groot startte mITE Systems in 2010, samen met medeoprichter Murat Yakali. De vier letters spreek je uit als 'maaitie' en staan voor Mobile IT en Telecom. Het bedrijf adviseert klanten over de mogelijkheden en gevaren van enterprise mobility oplossingen. “We willen een 'one-stop-shop' zijn voor alle mogelijke vragen over de inrichting van een mobiele werkomgeving en de toepassing van Mobile Device Management (MDM)”, vertelt Groot. “We geven vooral adviezen en denken mee met klanten over mobility strategieën. We hebben geen eigen oplossingen, maar we helpen een klant om de beste oplossingen te selecteren. Onze klanten variëren in grootte van slechts enkele mobiele werkplekken tot 'sites' met meer dan twintigduizend medewerkers. We merken dat in de meest uiteenlopende bedrijven de kennis van mobiel werken nog altijd heel beperkt is.”

Groot kwam in aanraking met het werkveld toen hem in 2004 werd gevraagd een mobiele infrastructuur neer te zetten bij een snel groeiende thuiszorgorganisatie, met ruim driehonderd medewerkers die sinds kort hun uren bijhielden met behulp van mobiele apparaten. “Ook cliëntgegevens kwamen terecht op mobile devices. De organisatie wilde dat beter organiseren en de nieuw ontstane mobiele IT-omgeving centraal kunnen managen. Stel je voor: een bedrijf is gewend dat medewerkers alles en iedereen binnen de organisatie kunnen aanraken en altijd bij alle mogelijke informatie kunnen. Maar als medewerkers met mobieltjes gaan werken, dan lopen ze met de meest bedrijfsgevoelige en ook privacygevoelige gegevens zomaar de deur uit. Je hebt geen enkele controle meer over de beveiliging.”

mITE wil dat bedrijven vat krijgen op mobiele apparatuur en mobiele informatie. “Wij faciliteren bedrijfsprocessen met behulp van technologie. De grootste gemene deler op dit moment is het echte MDM, ook wel 'enterprise mobility management' of 'mobility first' genoemd. Het begon ooit met het faciliteren van mobiel e-mail, dat inmiddels zo oud is als de weg naar Rome. Maar ook nu nog begint het hele verhaal vaak met simpele, heel tastbare toepassingen.”

Leerproces

Gaat het om een 'dedicated focus' op enterprise mobility, zoals Groot het noemt, dan is mITE volgens hem met bijna dertig medewerkers de grootse speler in Nederland. “We groeien nog steeds, de vraag naar kennis wordt alsmaar groter. Bedrijven willen van ons 'leren'. Veel organisaties denken nog 'IT 1.0', zoals wij dan zeggen. Ze begrijpen niet goed wat 'IT 2.0', waarvan mobiel werken onderdeel is, toevoegt aan ook hún bedrijfsprocessen. In de ene organisatie gaat de transitie sneller dan in de andere. Sommige bedrijven kijken serieus hoe ze hun processen kunnen optimaliseren met bijvoorbeeld eigen mobiele applicaties. Maar we hebben ook klanten die zichzelf al innovatief vinden omdat ze een tamelijk beperkte MDM-omgeving hebben ingericht, maar daarin wel 'Bring Your Own Device' toestaan.”

De belangrijkste omslag is volgens Groot dat IT-afdelingen niet langer volledig bepalen wat er gebeurt in hun organisaties. “IT-managers zijn altijd gewend geweest te dicteren welke apparatuur wordt gebruikt. In het mobiele tijdperk is dat niet langer vanzelfsprekend. Zij moeten een transitie maken en begrijpen wat de business wil. Lang niet alle medewerkers weten hoe een computer werkt, maar steeds meer mensen snappen wel degelijk hoe hun eigen smartphone of tablet werkt, en vooral wat ze ermee kunnen. Mensen stellen daardoor steeds meer eisen op ICT-gebied, of het nou de receptioniste is, of de directeur. IT-afdelingen moeten daaraan voldoen. Overigens lopen dit soort processen in verschillende organisaties heel anders. Bij een advocatenkantoor leven heel andere behoeftes dan in een ziekenhuis. Iedere organisatie heeft een eigen DNA, eigen beleid, eigen mensen en een eigen manier van werken.”

Schaduw-IT

De tijden zijn veranderd en IT-afdelingen hebben dat niet altijd door. Groot: “Een security specialist timmert de boel aan de voorkant dicht, zoals hij gewend is. Maar hij ziet niet dat medewerkers met hun smartphones of tablets aan de achterkant net zo gemakkelijk met alle mogelijke bedrijfsgevoelige gegevens de deur uit wandelen. Wil je goed regelen wat medewerkers allemaal doen en mogen met hun mobieltjes, dan heb je niet alleen te maken met een IT-beveiliger. De juridische afdeling speelt een rol, eindgebruikers willen inspraak, de directie maakt plannen. Klanten merken dat als ze het mobiele werken niet goed 'faciliteren', de eindgebruikers – de individuele medewerkers – dat zelf doen, met alle risico's van dien. Dan ontstaat er een 'schaduw-IT' en dat moet je voorkomen.”

Bedrijven moeten hun mobiele werkomgevingen faciliteren voordat het personeel dat doet, maar dat is volgens Groot niet eenvoudig. “Het is allereerst de vraag wat je allemaal wil met mobieltjes: alleen e-mail, of bijvoorbeeld ook applicaties als een Document Management System (DMS)? Bedenk goed: dit is een extreem onvolwassen markt, met andere spelers dan de traditionele software-aanbieders. De macht ligt bij partijen als Apple, Android en in mindere mate bij Samsung. De nieuwe spelers bepalen wat wel en niet kan en zetten de eindgebruiker centraal, niet de werkgever. De oplossingen die een eindgebruiker uitkiest en gebruikt, moeten als gevolg maar een beetje mee laveren met het ICT-beleid van zijn werkgever.”

Connectiviteit

Ook over een stabiel netwerk blijken klanten lang niet allemaal te hebben nagedacht. “Als je mobiele apparatuur gebruikt in het hart van je bedrijfsprocessen – denk aan een toepassing als Sharepoint en écht bedrijfskritische applicaties – en er is geen connectiviteit, dan ligt je bedrijf stil. We denken in Nederland dat we goed mobiel internet hebben, maar ga eens in de trein werken. Wij zorgen al in een vroeg stadium voor de juiste oplossing voor een klant, en daar hoort bij dat je overal dekking hebt. Gelukkig is er steeds meer interesse voor en behoefte aan het in stand houden van internet connectiviteit. Het proces moet door.”

]]>
Thu, 23 Apr 2015 08:00:47 +0200 'Kennis van mobiel werken nog altijd beperkt' http://executive-people.nl/item/527606/kennis-van-mobiel-werken-nog-altijd-beperkt.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'James Bond geen ver-van-je-bed show' http://executive-people.nl/item/527605/james-bond-geen-ver-van-je-bed-show.html 'Snowden was een wake-up-call. We wisten dat de NSA ons al langer afluisterde, maar we hadden nooit bewijs. Nu kunnen we extra maatregelen nemen, omdat we beter weten hoe de Amerikaanse veiligheidsdiensten te werk zijn gegaan.' Aan het woord is Jeroen de Muijnck, Managing Director van Sectra, leverancier van communicatiebeveiliging. Niet alleen overheden zijn geïnteresseerd in de oplossingen van De Muijnck, maar ook voor grote bedrijven die de bedrijfsbelangen veilig willen stellen, is beveiligde telefonie geen overbodige luxe.

'Het is gek hoe we omgaan met privacy', vertelt De Muijnck. 'We hebben thuis altijd de gordijnen dicht, zodat niet iedereen die langskomt naar binnen kan gluren. Echter, online staan de gordijnen wagenwijd open. Privacy en onze persoonsgegevens zijn een betaalmiddel geworden, het is een normaal businessmodel. Niet alleen de buren kijken nu naar binnen, maar ook iedereen aan de andere kant van de plas.'

Heft in eigen handen

Het is ons de afgelopen jaren niet ontbroken aan verhalen over privacy, Snowden en de NSA. Het nieuws zette informatiebeveiliging weer op de kaart. Zolang het politieke antwoord op de inbraken van de Amerikaanse veiligheidsdienst uitblijft, moeten bedrijven het heft in eigen handen nemen, aldus De Muijnck. Sectra kan hierbij helpen de mobiele beveiliging op orde te krijgen. Het bedrijf sponsorde de Nederlandse borrel op het Mobile World Congress in Barcelona op 2 maart jongstleden.

Niet alleen de Amerikanen zijn flink aan het afluisteren. Ook de Britten werden gesnapt bij het afluisteren van hun Europese partner: de Belgische telecomspeler Belgacom werd maar liefst 2,5 jaar afgeluisterd door de Britse dienst GCHQ. Telefoongesprekken van klanten van Belgacom als ook het dochterbedrijf BICS werden afgeluisterd. Daar stopte het echter niet; ook medewerkers van de NAVO en EU en klanten van honderden internationale telecomproviders zijn afgeluisterd.

Wat kunnen we hier tegen beginnen? Digitale weerbaarheid begint bij bewustzijn. De Nederlandse geheime dienst AIVD wijst overheidsinstellingen en grote Nederlandse ondernemingen op de bedreigingen rond cyber security en hoe de weerbaarheid vergroot kan worden. Vooral bij internationale betrekkingen dient men continu bewust te zijn van de kwetsbaarheden. Daar horen ook de communicatiemiddelen, zoals telefonie, bij.

Miljardendeals via de open lijn

'Het hoort er natuurlijk bij dat geheime diensten mensen afluisteren. Soms worden er oorlogen mee voorkomen. Dat neemt niet weg dat het niet allemaal even legaal is en dat bedrijven geen economische nadelen van de spionage ondervinden', aldus De Muijnck. Berichten over spionage moeten niet worden afgedaan als James Bond verhalen. 'Miljardendeals worden gewoon via de open lijn besproken. Er wordt niet nagedacht over het economisch gewin dat andere partijen kunnen behalen.'

Het gaat om grenzen stellen, voor jezelf en voor het bedrijf. Beveiligingsofficiers schrijven beleid voor bedrijven, maar werknemers vullen het beleid in. Er moet een bewuste keuze gemaakt worden over wat wel en wat niet gedeeld mag worden. Als de interesse in jouw informatie groot genoeg is, dan kan een kwaadwillende partij proberen om deze informatie te achterhalen. Door je website te hacken of je telefoon af te luisteren.

Wapenen tegen gevaar van buiten

'Het is geen mooie wereld', bekent De Muijnck. 'Mijn pleidooi draait om de economische belangen die op grote schaal worden geschaad door geheime diensten.' Multinationals met grote belangen, zoals een Shell, hebben veel informatie waar belanghebbenden graag achter willen komen. De NSA is ontmaskerd, maar de doelstellingen van de intelligence agencies van Rusland en China zijn onduidelijk. Bedrijven beschermen zich met hekken, beveiligingscamera's en beveiligers, maar de CEO's lopen pratend aan de telefoon naar buiten. De prioriteiten zitten dan flink scheef, aldus De Muijnck.

De Muijnck: 'Beveiligingsofficieren weten het, maar het is een zware klus om het gedrag aan te passen van alle medewerkers. Daarom wil ik graag samen met de officiers optrekken. We kunnen beslissingsnemers overtuigen door risico's te kwantificeren. Wat kost het voor een bedrijf als geheimen lekken of gesprekken worden afgeluisterd? Communicatiebeveiliging moet je zien als een bedrijfsverzekering: je denkt er niet aan totdat je het nodig hebt. Zeker aandeelhouders zullen niet blij zijn als je elke dag zulke grote risico's blijft lopen.'

Onduidelijkheid over afluisterpraktijken

Hackers zijn overigens niet altijd georganiseerd in een verband of onderdeel van een geheime dienst. Dat zorgt ervoor dat alle informatie in principe interessant kan zijn. Sommige hackers vinden het een uitdaging om informatie te achterhalen om de gegevens te verkopen aan de grote jongens die er winst uit weten te halen. Dat betekent dat het soms pas lang na een hack duidelijk is dat informatie is gelekt. Bedrijven zullen zich dus blijven afvragen: gebeurt het nou of niet?

Als de afluisterpraktijken van de NSA nog niet genoeg stof hebben laten opwaaien, wil De Muijnck het verhaal nog wel eens doen. 'Ik ken genoeg voorbeelden waarbij het mis is gegaan. Drie jaar geleden waren er niet zoveel oren naar, maar inmiddels is het gemeen goed.' Mobile World Congress zal eveneens een podium bieden voor De Muijnck. 'Door de James Bond romantiek ontbreekt het nooit aan aandacht, maar concrete voorbeelden maken beveiligingsrisico's tastbaar.'


Door Anne van den Berg

]]>
Wed, 22 Apr 2015 08:00:31 +0200 'James Bond geen ver-van-je-bed show' http://executive-people.nl/item/527605/james-bond-geen-ver-van-je-bed-show.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Alles draait om de klantervaring´ http://executive-people.nl/item/527604/a-alles-draait-om-de-klantervaringa-acute.html Een van de redenen dat op evenementen als het Mobile World Congress steeds meer IT-bedrijven acte de présence geven, is vanwege de manier waarop interactie met klanten verandert. Gedreven door die klanten zelf worden organisaties gedwongen in hun communicatie de klantervaring centraal te stellen door innovatie op het gebied van ICT. Executive-People sprak hierover met Andy Baer, SVP Global Communications and Media Industry Group bij Salesforce.

MWC is belangrijk voor Salesforce, zegt Andy Baer, verantwoordelijk voor de telecom- en mediasector binnen dit bedrijf.  “Het is de grootste bijeenkomst van communicatiebedrijven ter wereld. Al die communicatiebedrijven richten zich in toenemende mate op de customer experience. Dat gebeurt weliswaar over de hele wereld, echter in ieder land in een ander tempo, maar de rode draad is dat zij hier allemaal mee te maken hebben.”

Het gaat volgens Baer om grote initiatieven die hoog op de agenda staan van de Raden van Bestuur. Allemaal willen ze de klantervaring ingrijpend veranderen en verbeteren. “Bij Salesforce is dat een van onze speerpunten, de klantervaring staat bij ons al heel lang centraal. En met de communicatiebedrijven praten wij over de vraag hoe we ze met ons platform kunnen helpen bij de wensen die zij hebben op het gebied van klantervaring. Dat platform is de basis voor innovatie die leidt tot een omnichannel klantervaring.”

Geweldige kans

Zelf heeft Baer een lange track record in de technologiewereld, waarbij hij een groot deel van zijn carrière heeft gewerkt bij telecombedrijven. “Altijd speelde de klantervaring een belangrijke rol. Overal waren de systemen waar ik voor verantwoordelijk was gericht op het verbeteren van de klantervaring. Het gaat erom hoe je de klant beter bedient. Daar komt mijn passie voor de klantervaring vandaan, en mijn betrokkenheid bij het verbeteren daarvan.”

“Toen Salesforce aankondigde dat het bedrijf meer nadruk wilde gaan leggen op de communicatiebranche vroegen ze mij om daar leiding aan te gaan geven. Dat was een geweldige kans, hiermee had ik de mogelijkheid me aan te sluiten bij het leidende cloud-bedrijf, en kreeg ik de mogelijkheid wereldwijd te werken aan het verbeteren van die klantervaring.”

Uitdagingen

Hij ziet diverse uitdagingen voor de board. “In het verleden hebben telecombedrijven niet altijd even goed begrepen dat het niet draait om de technologie. CRM was in het verleden niet altijd even goed gericht op de ervaring van de klant. Traditionele Customer Relationship Management-systemen stellen je in staat te communiceren met de klant op de manier die jij wilt. Customer Experience Management Systemen stellen klanten in staat om met een bedrijf te communiceren op de manier die zij zelf kiezen.”

Dat is een radicale verandering. “Telecombedrijven moeten nu de ervaring van de klanten verbeteren. Het gaat niet alleen om innovatie, je hebt ook te maken met een enorme bestaande technologiestack. Die moet zodanig worden aangepast aan de manier waarop de klant interactie wil. Dat betekent een volledige verandering van het bestaande model van klantinteractie. Klanten bepalen de journey waarmee ze interactie willen. En dat gebeurt altijd omnichannel.”

Rigide systemen

Volgens hem beschikken de meeste communicatiebedrijven over vrij rigide systems of record. “Dat komt voort uit de geschiedenis van de telecombedrijven. Vijftien jaar geleden bijvoorbeeld was de enige manier waarop je betaald werd als communicatiebedrijf het sturen van een papieren rekening. Op dat verouderde principe is de huidige billing en het onderliggende registratiesysteem gebaseerd.”

“Maar de meeste klanten zijn al lang gewend aan elektronisch betalen. Wat communicatiebedrijven dus moeten doen is een customer experience management laag die op een andere manier met klanten omgaan. Daarmee hoeven ze niet de hele oude technologie te vervangen, maar er is wel een laag nodig die een andere klantinteractie mogelijke maakt.”

“Dit kwam ook tijdens de afgelopen editie van Dreamforce naar voren. Telecombedrijven worstelen met oude technologie, en ze hebben niet de interne ommezwaai gemaakt naar een betere klantervaring. Het gaat om een andere focus binnen een organisatie. Het is een business transformatie naar het leveren van de omnichannel-ervaring.”

Noodzaak

Er nog veel werk te doen op dat gebied, om bedrijven daadwerkelijk die capaciteit te geven. “Meer en meer telecombedrijven over de hele wereld erkennen ondertussen de noodzaak daartoe. Zij zijn hard bezig om het juiste leiderschap te organiseren om die omslag tot stand te brengen. Het lijkt erop dat organisaties die opereren in een sterk concurrerende markt daarin vooroplopen. In Engeland heb je bijvoorbeeld te maken met een zeer competitieve telecommarkt, daar gaat het snel. Hetzelfde geldt voor Australië. Die transformatie vindt over de hele wereld plaats, deels gedreven door druk van de concurrentie. In de Verenigde Staten gaat het nog iets minder snel.”

“Communicatiebedrijven gaan steeds meer inzien dat het niet alleen gaat om de manier waarop technologie bedrijven verandert. Ze beseffen dat de verwachtingen van de klanten zelf ook aan het veranderen zijn. Zij gaan hun relatie met communicatiebedrijven anders zien. De ervaring met bedrijven als Amazon en Google gaan de standaard worden voor de klantervaring. De klant drijft die ontwikkeling. Klantervaringen worden direct bekend gemaakt op social media. Organisaties begrijpen dat, en willen daarop inspelen.”

Transformatie

Deze transformatie raakt alle C-level executives. “We werken daarom met zowel CIO´s, CMO´s als CEO´s. Het zijn al langt geen silo´s meer, alle executives in een business hebben ermee te maken. Bedrijven die begrijpen hoe het werkt betrekken alle executives bij het management van de customer journey. Om de klantervaring goed te organiseren werkt de CMO nauw samen met de CIO. En beiden hebben ze goed inzicht nodig in wat de klant van de organisatie wil.”

De aankondigingen die Salesforce tijdens Dreamforce heeft gedaan op het gebied van mobility zijn goed ontvangen. “Steeds meer van onze klanten hanteren een mobile First-benadering. Salesforce1 en Lightning zijn bijvoorbeeld volledig mobile first. Dat is meer dan alleen de mobiele telefoon, het gaat om alle mobiele kanalen. Iedere verandering die je in de systemen aanbrengt is gelijk beschikbaar via alle kanalen, inclusief de mobiele. Hiermee verbinden we klanten, medewerkers en partners. Hiermee is het mogelijk snel veranderingen door te voeren waarmee een CIO snel kan reageren op de veranderde wensen van de business en van de klanten.”

]]>
Tue, 21 Apr 2015 10:47:22 +0200 ‘Alles draait om de klantervaring´ http://executive-people.nl/item/527604/a-alles-draait-om-de-klantervaringa-acute.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Hillary Clinton: 'Vrijheid van internet is mensenrecht' http://executive-people.nl/item/527438/hillary-clinton-vrijheid-van-internet-is-mensenrecht.html "We zijn in een voortdurende strijd verwikkeld met dictatoriale regimes om het internet open te houden", zegt Hillary Clinton in een interview met Klaus Schwab, voorzitter van het World Economic Forum. Dit interview vond plaats tijdens Dreamforce, voordat zij zich kandidaat stelde voor het Amerikaanse presidentschap eerder deze week. In dit gesprek gaat zij ook in op de waarde van intermenselijk contact in een tijd dat technologie communicatie ingrijpend verandert.

 

]]>
Fri, 17 Apr 2015 10:31:04 +0200 Hillary Clinton: 'Vrijheid van internet is mensenrecht' http://executive-people.nl/item/527438/hillary-clinton-vrijheid-van-internet-is-mensenrecht.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Modulaire datacenters zijn de toekomst http://executive-people.nl/item/527046/modulaire-datacenters-zijn-de-toekomst.html Modulaire datacenters zijn de toekomst, ook voor enterprises. Bas Born, Sales Manager IT Business bij Schneider Electric, geeft echter aan dat deze trend alleen bij organisaties past die een juist en volledig idee hebben over de inrichting van een dergelijk datacenter. Die kennis heeft niet iedereen. En dat is nu precies de reden waarom het concern een kant-en-klaar datacenter heeft ontwikkeld. Hoe zet je die in de markt en wat voor channel-partners heb je daarvoor nodig?

Vrijwel iedere organisatie heeft te maken met een exponentiële toename van data. Dat heeft grote gevolgen voor de bestaande infrastructuur en dus ook voor het datacenter. De IT-omgeving groeit hard, aangezien er steeds meer servers en opslagsystemen nodig zijn voor het verwerken en opslaan van de data. Dat vereist dat datacenters en serverruimtes zo optimaal mogelijk ingericht moeten zijn.

Grondige expertise noodzakelijk

“Voor het inrichten is zeer specifieke kennis nodig, die organisaties vaak niet in huis hebben”, zegt Born. “Daarom hebben ze veelal behoefte aan partijen die hen kunnen ondersteunen bij het aanpassen van het datacenter aan de veranderende eisen.”

Schneider Electric heeft die expertise in de datacenterwereld opgebouwd, het bedrijf heeft inmiddels tientallen jaren ervaring. “We richten serverruimtes en datacenters meer en meer op een modulaire wijze in. In eerste instantie deden we dit alleen voor de grote commerciële datacenters. Inmiddels zien we dat de eigen datacenters van middelgrote en grote bedrijven ook steeds vaker vragen naar modulair gebouwde datacenters. Het was voor ons dan ook een logisch vervolg om met een kant-en-klare oplossing te komen: het prefab datacenter.

Concept en doelgroep

De prefabricated datacentermodules van Schneider Electric zijn geplaatst in een metalen behuizing, die flexibel op het eigen terrein van een organisatie geplaatst kan worden. Hierdoor blijven de data op de eigen locatie en onder eigen beheer, zonder dat het datacenter beslag moet leggen op de fysieke ruimte. “Daarnaast reduceren organisaties de tijd die nodig is voor de implementatie- en installatie fors. Het resultaat is een korte time-to-market.”

Schneider Electric levert niet de IT zelf, daarvoor kunnen ze ook samenwerken met andere IT-leveranciers. “Wij dragen zorg voor de complete infrastructuur van een datacenter of serverruimte. Denk hierbij aan racks, koeling PDU’s en UPS’en. Organisaties hoeven eigenlijk alleen zorg te dragen voor het plaatsen van servers en andere apparatuur.”

Maatwerk

“Uiteraard is het voor ons wel van belang om te weten wat voor IT in het kant-en-klare datacenter moet worden geplaatst. De infrastructuur moet immers de IT-belasting aankunnen. Dus op het moment dat we weten wat de load is en of er high density in komt, houden we daar in het fabricageproces al rekening mee. Het hele ontwerp wordt op de eisen van organisaties afgestemd. We bepalen van tevoren onder andere het aantal racks, de noodstroom, de hoeveelheid aan koeling en de power distribution. Kortom: het gaat echt om maatwerk.”

Born merkt nog op dat het geen noodzaak is om alles in de kant-en-klare serverruimte in te passen. “Soms is het voor een organisatie beter om een andere modulaire datacenteroplossing erbij te plaatsen.”

Sectoren met grote interesse

Een branche waar het containerconcept bij uitstek geschikt is, is de gezondheidszorg. “Deze sector heeft te maken met een gigantische toename van de hoeveelheid data, waardoor IT-omgevingen hard groeien. Zij kunnen de capaciteit echter niet zomaar uitbreiden, aangezien de zorg te kampen heeft met een gebrek aan ruimte. Die is bestemd voor de zorgverlening aan patiënten.

Een prefab serverruimte is overal te plaatsen: van een parkeerterrein tot een dak. Daarnaast ziet hij dat telco’s industrieën zijn die veel aandacht hebben voor de datacentercontainers.

Potentiële partners

Heeft Schneider Electric al partners in Nederland die zijn containeroplossing kunnen verkopen? “Verkopen wel, en dat kunnen we eventueel ook zelf. Maar het implementeren is veel belangrijker”, zegt Born. Hij is dan ook vooral op zoek naar partijen die de oplossing kunnen installeren, implementeren en onderhouden. En daarin liggen voor de juiste partners ook de verdienkansen verscholen.

Born is van mening dat er in het kanaal ook voor de IT solution-VAR’s kansen liggen. “Ik denk dat hier een hele interessante handshake te maken is. Want als de solution-VAR advies verleent over een nieuw storagecluster, of high density computing gaat introduceren bij een klant, dan kan hij meteen ook nadenken over waar de extra apparatuur wordt geplaatst, hoe hij dat gaat inrichten en of hij dat kan standaardiseren. Bouwt hij het modulair op, zodat hij het makkelijk kan uitbreiden, dan is het wellicht handig ook meteen te designen voor zo’n containeroplossing. Dat je dat een-op-een op elkaar kunt afstemmen, geloof ik absoluut.”

Grote kansen voor IT solution-VAR’s

Born gelooft ook heilig in het feit dat een IT solution-VAR dit concept eerder verkoopt dan een datacenter-integrator. “Want die IT solution-VAR wordt gedreven door de vraag en noodzaak vanuit de IT-behoefte van de klant, ter ondersteuning van de functionaliteit die nodig is om het hoofd te bieden aan die eerder aangehaalde enorme groei in datacreatie en dataconsumptie. Want wordt er ergens bijvoorbeeld mobile banking geïmplementeerd, en een IT solution-VAR weet daarvan en ziet wat de impact is op de IT- infrastructuur, dan wordt hij als eerste getriggerd ook te gaan nadenken over de datacenterinfrastructuur. Dus die kan perfect dat all-in-one-concept verkopen als dat in aanmerking komt.”

Dat is echter weer niet de partij die, zoals Born het uitdrukt ‘de handjes en voetjes gaat leveren’ voor het implementatie- en installatiewerk. Dat is een vak apart. Wat dat betreft is Schneider Electric met name op zoek naar nieuwe partijen die het hele concept van A tot Z kunnen ontwerpen, leveren, implementeren en beheren.

Datacenter-integrators

Andere partijen die interessant zijn, zijn de huidige partners die serverruimtes installeren en daar ook de spullen voor leveren: de reeds genoemde datacenter-integrators. “Sommige daarvan zijn in staat alles te doen. Die kunnen de prefab datacenters verkopen, assembleren, implementeren en aansluiten, inclusief koelwatervoorziening en het hele elektrotechnische vraagstuk. Andere datacenter-integrators zijn helemaal bekend met het inrichten van die container, maar het aansluit- en het installatiewerk dat besteden ze uit, terwijl de verkoop misschien ook door een ander gebeurt.

As-a-service?

De containeroplossing is in de toekomst als het ware als Datacenter-as-a-Service in te zetten, waardoor het concept van pay-per-use ontstaat. “Als een partner van ons beschikt over meerdere kant-en-klare datacenters, kunnen zij deze tijdelijk aan organisaties verhuren. Denk hierbij aan bedrijven of instellingen die tijdelijk capaciteit nodig hebben vanwege een verbouwing of verhuizing. Biedt hierbij een interessante financieringsconstructie aan. Dan heb je een zeer interessant concept in handen”, besluit Born.

]]>
Sat, 11 Apr 2015 08:00:07 +0200 Modulaire datacenters zijn de toekomst http://executive-people.nl/item/527046/modulaire-datacenters-zijn-de-toekomst.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
“De community is het hart van iedere organisatie” http://executive-people.nl/item/526315/a-de-community-is-het-hart-van-iedere-organisatiea.html Een community driven business, dat is waar Jay Ramsanjhal, voorzitter van de Dynamics user group, in gelooft. “Er vindt een verschuiving plaats van eenzijdig zenden naar het aangaan van de dialoog, het creëren van een community. ” En dat laatste is precies wat Dynamics user group wil bieden aan de leden. Ramsanjhal ziet dat traditionele vormen van vereniging zoals we die decennia lang gekend hebben, niet meer voldoen in de huidige maatschappij. Hoe gaat de Dynamics user group om met deze maatschappelijke veranderingen en hoe vergroot de organisatie haar relevantie in dit nieuwe landschap?

Waarde creatie centraal

Er is volgens Ramsanjhal geen standaard succesformule om ineens heel veel gebruikers te trekken en massaal waarde te leveren. “Je moet tijd steken in een duurzame relatie met je leden. Als zij ervaren dat je daadwerkelijk waarde kunt creëren, stellen ze zich voor je open. Waarde creatie staat dan ook centraal in een goede community.”

Bij ontstaan van een relevante community waarin waarde creatie centraal staat zijn er vier belangrijke stappen die doorlopen moeten worden. “Het begint met verbinden, mensen met elkaar in contact laten komen. De tweede stap is 'engageren', in die fase raken mensen met elkaar betrokken. Doordat ze meer betrokken zijn met elkaar besluiten ze (stap 3) met elkaar te delen. Dat kan een idee zijn, een behoefte of een vraag. De vierde stap is: creëren. Leden gaan samen of voor elkaar iets creëren en ontwikkelen. Voorwaarde daarvoor is wel dat mensen gepassioneerd zijn om te delen. Als je alleen maar iets komt halen, kom je niet verder dan stap 1.”

Dat delen gebeurt steeds vaker binnen de Dynamics user group. Soms zijn er verschillende partijen die graag zouden zien dat een bepaalde functionaliteit zou worden toegevoegd aan Microsoft Dynamics. De Dynamics user group brengt die partijen bij elkaar zodat ze elkaar kunnen helpen door de ontbrekende functionaliteit zelf te ontwikkelen en bijvoorbeeld de kosten te delen. Sommige partijen hebben die extra functionaliteiten al ontwikkeld en stellen die gratis of tegen kostprijs beschikbaar aan anderen. “Een voordeel van delen is dat we sterker staan in de dialoog met Microsoft met betrekking tot het toevoegen van nieuwe functionaliteiten. Wij kunnen laten zien waar de behoefte ligt bij een grote gebruikersgroep.”

Faciliteren

Een goede community zorgt voor de randvoorwaarden waardoor leden in staat zijn om samen waarde te creëren. Het faciliteren van de dialoog is daarin volgens Ramsanjhal het allerbelangrijkste. Een concreet voorbeeld van het faciliteren van een dialoog is het Partnerkompas. Door te leren van de ervaringen van anderen kunnen eindgebruikers een betere keus maken voor een partner. “Gebruikers vroegen ons om partners in kaart te brengen, aan de hand van een aantal kenmerken, zodat zij beter de dialoog met hen aan konden gaan”, legt Ramsanjhal uit. De community blijft daarin een neutrale partij en doet alleen uitspraak over objectieve elementen. “Zo worden partners ook gedwongen om zich niet alleen te positioneren vanuit een mooi marketingverhaal maar zich op de inhoud te richten. Hierin zie je ook een actuele tendens terug: tien jaar geleden lieten gebruikers zich leiden door partners, nu willen zij de regie voeren. Voor zulke gebruikers hebben wij het perfecte podium.”

Terug naar de essentie

Initiatieven zoals het Partnerkompas zijn geen typische activiteiten voor gebruikersverenigingen. De naam 'gebruikersvereniging' is volgens de voorzitter dan ook geen gepaste titel meer. “Het is niet aansprekend meer en we lopen een grote groep belanghebbenden mis die door die naamgeving niet voor ons kiezen. Want wat moet je als CEO met een eindgebruikersvereniging? Een CEO zou misschien wel geïnteresseerd zijn in een community of kennisplatform waar gelijkgestemden samen komen. Daarom zijn wij aan het kijken hoe we onszelf kunnen rebranden. We willen terug naar de essentie.”

Volgens Ramsanjhal betekent 'rebranden' niet dat de organisatie ineens profit-driven moet zijn. “Ik geloof nog steeds dat een goede community een non-profit instelling mag hebben, maar ik wil wel toe naar een maturity level, waar je strategisch partner bent van zowel je eindklant als je leverancier. Wij willen leden aantrekken op drie niveaus: op operationeel niveau, tactisch niveau en directie niveau. Met deze verandering verwachten we ook meer gebruikers op directieniveau aan te spreken.”

Passie voor delen terugvinden

Als de verwachtingen van Jay Ramsanjhal uitkomen, vormen community's in de toekomst het hart van iedere organisatie. “Ik ken bijvoorbeeld een bedrijf dat geen helpdesk heeft, maar waar de support volledig plaatsvindt door de leden zelf. Hun klanten zijn hun leden en andersom. Dat is een mooi voorbeeld van hoe het ook kan. Zelf heb ik gebruikers de afgelopen maanden ook steeds vaker geadviseerd om interne gebruikersgroepen op te zetten. Gebruikers leren immers het beste van andere gebruikers, want die spreken dezelfde taal.”

Ramsanjhal ziet wel dat de passie voor delen nog niet voor iedereen een vanzelfsprekendheid is. “Dat gaat niet iedereen van deze generatie zo goed af. Dat is een gevolg van onze cultuur, van hoe mensen zijn opgevoed en opgegroeid en hoe een bedrijf in elkaar zit. Bij de jongere generaties zie je dat al makkelijker gaan, kijk maar naar de basis van alle sociale netwerken. Dat zal moeten groeien, mensen zullen het van elkaar moeten zien en uiteindelijk zal het weer in ons bloed zitten en zullen nieuwe leden het automatisch doen. Dat is iets waar ik alleen van kan dromen. community denken standaard wordt.”

]]>
Sat, 28 Mar 2015 08:00:03 +0100 “De community is het hart van iedere organisatie” http://executive-people.nl/item/526315/a-de-community-is-het-hart-van-iedere-organisatiea.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Intel Security helpt data beschermen met True Key wachtwoord manager http://executive-people.nl/item/526223/intel-security-helpt-data-beschermen-met-true-key-wachtwoord-manager.html Cybercriminelen worden steeds slimmer in het ontfutselen van wachtwoorden door te hacken of door Phishing. Wachtwoordbeveiliging op basis van karakters is niet meer goed, aldus Raj Samani, CTO bij Intel Security. Daarom heeft Intel Security het True Key cross-platform applicatie ontwikkeld. die het wachtwoordenprobleem probeert op te lossen met behulp van persoonlijke kenmerken, zoals gezichtsherkenning en vingerafdrukken.

“Met True Key kunnen gebruikers makkelijker en veiliger inloggen. True Key is op te vragen via truekey.com en kan zes maanden gratis worden getest”, aldus Samani. De Intel Security CTO is een bekend internationaal spreker en adviseur van bedrijven en overheden, betreft hoe ze hun security het best kunnen inrichten om zich te wapenen tegen cybercrime. “Maar mensen moeten ook goed weten hoe ze zelf hun data beschermen door niet zomaar apps te downloaden en toegang te geven aan softwareleveranciers tot databestanden, apps en de camera.”

Samani zegt dat door digitalisering behoefte is aan een geïntegreerde security en privacyregelgeving. “De digitalisering leidt tot meer online gevaren. Gemiddeld zijn er nu 370 online gevaren per minuut. Maar dat zegt de meeste mensen niet veel. Als security-specialist moet je dus wel blijven uitleggen dat security en vertrouwen in de digitale wereld wel belangrijk is, ook aan oudere mensen. Vroeger werd je door criminelen met wapens overvallen, nu doen ze dat vaker vanaf een pc door te hacken. De crimineel ziet niet dat hij een oud omaatje berooft als ze reageert op een phishing e-mail door haar wachtwoorden van de bank in te vullen.”

Volgens Samani zijn er nu betere beveiligingslagen nodig. “Gebruik niet alleen een wachtwoord maar ook gezichtsherkenning, of een fingerprint. Dat kan met de Intel True Key-technologie. Inmiddels wordt True Key breed toegepast door partijen zoals Brightstar, Deutsche Telekom en Prestigio, Deutsche Telekom gaat de True Key-applicatie installeren voor Europese klanten. Ik zal mij blijvend inzetten om mensen voor te lichten over de gevaren van cybercrime en hoe je dat kan voorkomen. Mensen zijn nog weinig bewust over de waarde en gevoeligheid van data. Daarom bieden we Intel True Key de eerste zes maanden gratis aan.”

Meer informatie: www.truekey.com 

]]>
Fri, 27 Mar 2015 10:29:48 +0100 Intel Security helpt data beschermen met True Key wachtwoord manager http://executive-people.nl/item/526223/intel-security-helpt-data-beschermen-met-true-key-wachtwoord-manager.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
CIO's zien de waarde van open source software tijdens SUSECon 2015 in Amsterdam http://executive-people.nl/item/525963/cios-zien-de-waarde-van-open-source-software-tijdens-susecon-in-amsterdam.html In toenemende mate zien resellers, maar ook CIO's, de waarde van open source software. Zij kunnen zich uitvoerig op de hoogte stellen van de merites van deze programmatuur tijdens SUSECon15. Deze conferentie van SUSE vindt in november voor het eerst in Europa plaats en wel in Amsterdam.

Ronald de Jong, VP EMEA Sales, en Marijn de Vos, Country Manager Benelux van SUSE, zijn opgetogen over het feit dat de conferentie naar Nederland komt. “Dat biedt iedereen de mogelijkheid om zich op de hoogte te stellen van de mogelijkheden die onze software biedt. Iedereen is welkom en er is voor iedereen wat wils. Mensen die de business vertegenwoordigen krijgen te horen over het gebruik van de programmatuur en hoe dat bedrijfsdoeleinden ondersteunt. Ontwikkelaars krijgen uit de eerste hand tips en trucs aangereikt en horen waaraan wij werken. CIO’s herkennen zich in de implementatieverhalen die wij aanbieden. En onze partners krijgen een volledig overzicht van waar we mee bezig zijn. Iedereen die komt, leert uiteraard ook van elkaar. Wij ook van de inbreng van alle bezoekers.”

De Beurs van Berlage vormt van 2 tot en met 6 november het toneel. Voorgaande jaren moesten belangstellenden naar de VS om de conferentie bij te wonen. “Dat was een bewuste keuze om de markt aldaar te bedienen. Maar nu is de tijd rijp om de thuismarkt – tenslotte zijn we Europees van origine – ten dienste te zijn”, vertelt De Jong. De Vos vult aan: “We verwachten zeker twee tot drie keer zoveel bezoekers als in Orlando vorig jaar in november. Er kunnen maximaal 1500 mensen in het beursgebouw. Waarschijnlijk zal het overtekend zijn en dienen mensen zich op tijd aan te melden. Voor diegenen die zich vroeg aanmelden, hebben we een early bird korting.” Voortaan vindt het evenement het ene jaar plaats in Europa en het andere jaar in de VS.

Overname positief ontvangen

Maar we hoeven niet te wachten tot november om te horen wat er zoal gaande is bij SUSE. Als eerste komt de overname door Micro Focus aan bod. In Nederland zijn de medewerkers van Micro Focus al verhuisd naar het kantoor in Alphen aan den Rijn. “Eigenlijk zal er niet zo veel veranderen; wij blijven een zelfstandig bedrijfsonderdeel met eigen (pre)sales, ontwikkelaars, marketing, eigen profit & loss. Wat wel verandert, is dat het moederbedrijf gaat investeren in SUSE, waardoor we meer spankracht krijgen”, licht De Jong toe.
“Micro Focus – bekend in de mainframe wereld van Cobol(-applicaties) – en SUSE vullen elkaar aan; er is geen overlap in producten. De SUSE-gemeenschap heeft positief gereageerd op de overname. Dat geldt ook voor de partners. Die krijgen immers een aanvullende markt in de schoot geworpen. Niet iedereen zal daarop ingaan, maar voor sommige partners is het een mooie uitdaging hun portfolio uit te breiden”, zegt De Vos. Hij vervolgt: “Ook de aandeelhouders (via Micro Focus maakt SUSE nu deel uit van een beursgenoteerd bedrijf) zijn ingenomen met de overname. Vanaf het moment van aankondiging vorig jaar november is het aandeel in prijs gestegen en het zit nog steeds op dat hogere niveau.”

Storage voor tier 2 en 3

SUSE heeft zijn software defined storage oplossing half februari officieel beschikbaar gesteld. SUSE Storage is gebaseerd op het open source file- en objectopslagsysteem Ceph Firefly. De software biedt organisaties een oplossing voor zelfhelende, zelfregulerende, gedistribueerde opslag. Het is bedoeld voor objectopslag, archivering en bulkopslag. Eigenschappen omvatten onder meer thin provisioning, deduplicatie, cache tiering, replicatie op afstand, copy-on-write cloning, en erasure codering.
“We concurreren met onze oplossing zeker niet met de grote jongens als EMC, HP, IBM en Hitachi die dure opslagsystemen hebben met een beschikbaarheid van wel zes negens. Nee, SUSE Storage is geschikt voor dataopslag en -retrieval van gegevens die niet in millisecondes beschikbaar hoeven te zijn. Voor de tier 2 en tier 3 toepassingen”, licht De Jong toe. “Maar dan krijg je wel een relatief goedkope oplossing, want de software van SUSE kan heel goed overweg met standaard hardware (COTS; Commercial of the Shelf).” Trots vult De Vos aan dat SUSE druk bezig is om met een aantal hardware leveranciers OEM-overeenkomsten te sluiten. Zij verkopen hun opslagsysteem onder eigen naam. “De meesten zullen niet eens weten dat SUSE Storage het besturingssysteem is.”

Training

Omdat storage nieuw is voor SUSE en zijn partners, heeft de onderneming een trainingsprogramma in het leven geroepen voor de partners. “Wij hebben een aantal storage specialisten aangenomen om die training gestalte te geven en onze partners bij te staan waar dat nodig is. We zoeken nog steeds naar specialisten om de groep uit te breiden”, zegt De Vos.

Live Kernel patching

Opgetogen zijn ze allebei over de algemene beschikbaarheid van Live Kernel patching. Een oplossing die het mogelijk maakt om patches toe te passen zonder ook maar een nanoseconde downtime. De presentatie van deze technologie tijdens SUSECon14 in Orlando oogstte een staande ovatie. “Er is heel veel belangstelling, maar deze patching-toepassing is alleen geschikt voor ons jongste besturingssysteem SUSE Linux Enterprise Server (SLES) 12. De meeste klanten zitten nog op versie 11, soms nog op 10. De oplossing is een extra aansporing om over te stappen op versie 12. ”, zegt De Vos. Tijdens de TechExchange op 25 maart kunnen belangstellenden meer te weten komen over SLES 12. Dit evenement is door iedereen te bezoeken.

Openstack Cloud

Geen gesprek met een IT-organisatie tegenwoordig zonder dat het woord cloud valt. SUSE heeft in 2012 als een van de eersten zijn Openstack Cloud gelanceerd: hiermee is het mogelijk een private cloud te maken binnen de eigen omgeving. “Er zijn al klanten, zij hebben hun ervaringen opgetekend, er zijn architectuurschema's ontwikkeld. Het leeft. En inmiddels komt er vraag vanuit de markt naar dit product. In elk land waar we vertegenwoordigd zijn, hebben we minstens één klant”, geeft De Jong aan.

Door: Teus Molenaar

]]>
Tue, 24 Mar 2015 15:01:10 +0100 CIO's zien de waarde van open source software tijdens SUSECon 2015 in Amsterdam http://executive-people.nl/item/525963/cios-zien-de-waarde-van-open-source-software-tijdens-susecon-in-amsterdam.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'VMware technologie biedt organisaties nieuw IT-model’ http://executive-people.nl/item/525968/vmware-technologie-biedt-organisaties-nieuw-it-modela.html IT-beslissers hebben mobility en cloud hoog op hun lijstje staan. Deze behoefte wil VMware met zijn partners invullen met nieuwe producten en diensten, zoals met VMware Horizon EUC-oplossingen, vSphere 6 servervirtualisatie, VSAN 6 sofware-defined storage, NSX software-defined networking en vCloud Air public cloud portfolio. Volgens Stef Koopman, Channel Manager VMware Benelux, kunnen channel partners met deze VMware-technologie organisaties productiever en sterker maken, zoals met software defined datacenter (sddc), end user computing (euc) en hybride clouds waarbij data tussen private en public cloud snel en eenvoudig heen en terug kan worden getransporteerd. VMware biedt hierbij een OneCloud beheerplatform voor alle clouds, applicatie en devices. “Daarnaast is het services aanbod aanzienlijk uitgebreid, die via onze channel partners kunnen worden verkocht”, aldus Koopman.

Volgens Koopman is het technologie-aanbod van VMware zo groot geworden dat partners het beste keuzes kunnen maken. “We dagen onze partners letterlijk uit om verder te denken dan alleen maar het resellen van server virtualisatie. Ze kunnen sterker groeien als ze het businessmodel van een klant goed kennen en daarbij VMware virtualisatie en cloud oplossingen aan koppelen. Denk hierbij aan virtualisatie van de verschillende componenten binnen het datacenter, te weten: server, netwerk en storage, met daarboven een beheerlaag die wordt aangeboden als één entiteit: OneCloud. Vanuit die waarde propositie is dit voor resellers de nieuwe manier om het totale businessmodel van een klant te ondersteunen. Een nieuw IT-model. De reseller denkt dan niet meer naar de klant toe vanuit een productgedachte, maar van een oplossingsgedachte. Partners kunnen met het VMware dienstenportfolio klanten helpen met services; van datacenters tot en met de eindpoint device. Vandaar dat VMware een nieuwe slogan heeft die het hele portfolio samenvat: ‘OneCloud, any application, any device’. Vanuit een software-gecontroleerde omgeving gaan VMware en zijn partners nieuwe businessmodellen adresseren die efficiënt zijn voor eindgebruikers. VMware biedt nu een geïntegreerd geheel van IT-oplossingen in plaats van point solutions.”

Services

VMware Professional, Enterprise en Premier partners worden volgens Koopman op het gebied van diensten nog beter ondersteund met het nieuwe VMware Partner Professional Services Program. “Hiermee kunnen consulting partners zelf services verkopen en leveren rond bijvoorbeeld software-defined datacenter (sddc), storage (VSAN), netwerk (NSX) en hybride cloud (vCloud Air) oplossingen. Partners krijgen hiermee toegang tot kennis rond services sales en het leveren van bewezen technologie, welke is gebaseerd op de diensten van de VMware Professional Services Organization (PSO).”

VMware introduceert verder binnen het vCloud Air Network, het Managed services programma waarmee service providers VMware  Managed Services aan klanten kunnen resellen vervolgt Koopman. “Het VMware vCloud Air Network Program is uitgebreid met managed services mogelijkheden voor vCloud Air Network service providers. Hiermee kunnen VMware partners VMware vCloud Air gebruiken als core infrastructuur en daarop eigen managed services leveren.”

Solution Competencies

VMware introduceert verder nieuwe solution competenties die onderdeel uitmaken van het VMware Partner Network. De nieuwe Mobility Management Solution Competency beloont partners die mobillty beheeroplossingen van VMware Airwatch verkopen, aldus Koopman. “Met deze competentie komen partners in aanmerking voor Solution Rewards rebates als ze AirWatch producten in combinatie met VMware Workspace Suite verkopen. VMware introduceert verder de Software-Defined Data Center Competency. VMware partners kunnen zich hiervoor vanaf het tweede kwartaal van 2015 in specialiseren. Met de Software-Defined Data Center Competenty laten partners aan klanten zien dat ze de beste kennis hebben van vijf VMware technologieën: Networking, Software-Defined Storage, Server Virtualization, Management Operations en Management Automation Solutions Competencies. Om deze competency te behalen, dienen partners minimaal twee VCP- of VTSP certificeringen in Software-Defined Data Center in huis te hebben en sales trainingen te volgen in het laten landen van VMware’s IT-visie bij klanten. Partners die de Software-Defined Data Center Solution Competency behalen komen in aanmerking voor Solution Rewards rebates. Het VSP- en VTSP Curriculum krijgen tot slot een zesde versie en er komt een update voor de server virtualisatie competentie met meer focus op VMware vSphere in combinatie met Operations Management en Virtualization Optimization Assessment (VOA).”

Koopman vervolgt: “De voornaamste boodschap rond het VMware Partner Professional Services Programis dat we in onze partners willen investeren met een breed serviceaanbod naar eindgebruiker. Ze hebben nu beschikking over een uitgebreid kant-en-klaar serviceaanbod om met VMware technologie een upsale te maken naar de cloud. Hierdoor zullen klanten in staat zijn veel flexibeler en dynamischer hun IT resources in te zetten naar de constante veranderingen in bestaande businessmodellen. Zo kan een partner met een VMware Virtualization Optimalization Assessment (VOA) zijn klanten inzicht geven in zijn bestaande virtuele infrastructuur. Hiermee kunnen partners vervolgens een optimalisatieslag maken en een roadmap naar het software-defined datacenter. Partners die denken in businessoplossingen worden daardoor een trusted advisor van eindgebruiker omdat ze helpen met optimalisatieslagen op zowel de korte als de lange termijn, met een duidelijke waardepropositie voor de eindgebruikers.”

Crossplatform

‘’Die propositie wordt nog meer waard als gespecialiseerde VMware partners nauwer samenwerken in het bedienen van klanten’’, vervolgd Koopman. “Daar ligt kwaliteit en meerwaarde. We creëren een ecosysteem van crossplatform partners die elkaar aanvullen en gespecialiseerd zijn in één of twee oplossingen. Je ziet daardoor meer partners samenwerken zoals contract management partners met service partners. Of bij businesstransformatie waarbij een nieuw model van IT wordt opgezet ter ondersteuning van nieuwe businessprocessen die inspelen op klanten die veranderen. Je ziet daardoor samenwerking ontstaan tussen IT-consultancy en business consultancy.”

Hybrid Cloud

VMware vCloud Air biedt volgens Koopman aan klanten veel interessante enterprise functionaliteiten. “Dat is een unieke propositie welke private clouds naadloos laat aansluiten op Public clouds. Verder bieden we een uniform cloud managementplatform vanwaar zelfs applicaties kunnen worden ontsloten naar Amazon Web Services (AWS) en Azure,  De strategie van VMware is tweeledig. Zo biedt VMware vCloud Air, deze richt zich op een service aanbod vanuit de eigen VMware public cloud. Daarnaast biedt VMware via het VMware vCloud Air Network (vCAN) model clouddiensten aan via een netwerk van op VMware technologie gestandaardiseerde partners. Het grootste voordeel voor klanten om op dit model in te stappen is een verschuiving van Capex naar Opex, waardoor nieuwe (en bestaande) IT diensten flexibeler, efficienter en inzichtelijker worden."

VMware introduceert verder binnen het vCloud Air Network, het Managed Services programma waarmee service providers VMware Managed Services aan klanten kunnen resellen. Dit maakt het mogelijk om beide routes vanuit de serviceproviders aan te kunnen bieden, vervolgt Koopman. “Het VMware vCloud Air Network Program is uitgebreid met managed services mogelijkheden voor vCloud Air Network serviceproviders. Hiermee kunnen VMware partners VMware vCloud Air gebruiken als core infrastructuur en daarop eigen managed services leveren.”

OpenStack

VMware vSphere Enterprise Plus klanten kunnen nu ook gratis gebruik maken van de VMware Integrated OpenStack (VIO)-distributie van het open-source cloud besturingssysteem. Hiermee kunnen ze OpenStack services en application programming interfaces (api’s) op hun VMware infrastructuur koppelen voor hun workloads, met een single support contract. Hierdoor kunnen ze gebruik maken van de voordelen van een open-source cloudplatform en tegelijkertijd gebruik maken van VMware-omgevingen en workloads. Volgens Koopman biedt deze samenwerking een interessante businessmogelijkheid voor partners. “OpenStack is geen concurrent, maar een aanvulling op VMware. Bijvoorbeeld op het gebeid van DevOps, waarbij developers en system operators samenwerken aan een ontwikkelmethode waarbij op een agile manier nieuwe code wordt geschreven die stabiel in een productieomgeving kan draaien. Op deze manier kunnen eindgebruikers een applicatie die ontwikkeld is in een OpenStack DevOps omgeving importeren naar de VMware productieomgeving zonder dat dit enige uitdagingen oplevert.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Mon, 23 Mar 2015 12:52:12 +0100 'VMware technologie biedt organisaties nieuw IT-model’ http://executive-people.nl/item/525968/vmware-technologie-biedt-organisaties-nieuw-it-modela.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Gebruikers kunnen verder met de N Series’ http://executive-people.nl/item/525496/a-gebruikers-kunnen-verder-met-de-n-seriesa.html Tot woede van veel CIO’s die hadden geïnvesteerd in de N Series van IBM, heeft IBM eerder dit jaar de stekker uit deze reeks getrokken door de OEM-relatie met NetApp te beëindigen. Om gebruikers van deze opslagoplossing te helpen hebben NetApp en Tectrade de handen ineen geslagen, zodat de technologie gewoon verder kan worden ontwikkeld.

 

De samenwerking tussen Tectrade en NetApp gaat al terug tot 2006. De N Series is in die samenwerking een belangrijk product geweest, en Tectrade is door NetApp twee keer tot N Series partner van het jaar benoemd. Chief Commercial Officer bij Tectrade Ronald van Heek: “Steeds meer klanten komen bij ons met de vraag ´hoe ziet mijn toekomst eruit met de N Series? Hoe kan ik zorgen dat al die investeringen in een platform waar ik heel enthousiast over ben niet verloren gaan?”

Al die klanten zijn tevreden over het platform van NetApp. En of ze het nu wel of niet jammer vinden dat IBM ermee stopt, ze willen allemaal zekerheid hebben voor de toekomst. Vandaar dat we samen met NetApp hebben gekeken naar de mogelijkheid om ze een heel soepele migratie te kunnen bieden.”

 

Garanderen

Peter Wilbrink, Director Sales Benelux bij NetApp, voegt daaraan toe: “Voor ons is het belangrijk om de continuïteit van onze eindklanten te garanderen. Hoe borgen we dat, samen met onze partners die de vertrouwensrelatie hebben met de klant. Want de klanten hebben te maken met een grote dynamiek, opslag is erg belangrijk, en tegelijkertijd hebben ze behoefte aan ruimte voor uitbreiding. Daarvoor willen we gezamenlijk een oplossing vinden.”

Hij vervolgt: “Het is weliswaar een IBM productlijn die wegvalt, maar de technologie die daaraan ten grondslag ligt is NetApp-technologie. We gaan dus die gebruikers als NetApp helpen. De N Series als productlijn verdwijnt, maar de functionaliteit was altijd al beschikbaar in de NetApp-oplossingen. Omdat de softwarebasis vergelijkbaar is kun je dat heel eenvoudig naast elkaar zetten. De software wordt door ons gewoon verder ontwikkeld. Daarin hebben we al grote stappen gezet, bijvoorbeeld de overgang van single clusters naar multiple clusters.”

Onze klanten kijken naar de borging van continuïteit, en de rol die een expertise van een partner daarin kan spelen. Bijvoorbeeld in de vorm van managed services. Ze willen een infrastructuur die als oplossing wordt neergezet, wat weer de basis vormt voor het applicatiestuk dat toegevoegde waarde biedt voor de klant.”

 

Intensiveren

Volgens Van Heek is de intensivering van de samenwerking met NetApp een belangrijke stap. “In het voorjaar zijn we Gold Partner van NetApp geworden, wat aangeeft hoe belangrijk NetApp storage is in ons portfolio. Het beëindigen van de N Series is een uitgelezen moment om een nieuwe storagestrategie voor de komende drie tot vijf jaar te ontwikkelen.”

De wensen op dat gebied ziet hij sterk veranderen: “We zien vanuit de business bij onze klanten dat CIO’s en CEO’s er steeds meer vanuit gaan dat IT draait zoals bijvoorbeeld Amazon. Het is er, het is flexibel, altijd beschikbaar, en je kunt snel groeien. Tegelijkertijd neemt de omvang van de data enorm toen. Ook de waarde van data wordt groter, wat tevens betekent dat het risico van verlies groter wordt. De oplossingen die we met NetApp aanbieden zorgen voor de gewenste efficiëntie, waardoor organisaties ook op kosten kunnen besparen. Door de ingebouwde flexibiliteit kunnen wij onze klanten helpen om werkelijk een infrastructuur met de kenmerken van een cloud te bieden.”

De afgelopen maanden zijn zo al diverse grote klanten gemigreerd van de N Series naar NetApp FAS systemen met Clustered Data Ontap, van grote retailers tot financiële instellingen. `We hebben dus al een aantal duidelijke voorbeelden van partijen die niet alleen snel een nieuwe infrastructuur hebben gekregen, maar daarmee tegelijkertijd kostenbesparingen gaan realiseren over de komende jaren.”

 

Verwachting

Mijn verwachting is dat veel N Series klanten de stap zullen maken naar NetApp FAS met Clustered Data Ontap. IBM heeft een fantastisch portfolio, zeker met Flash en Software Defined Storage, en we zijn Premier Partner van IBM. Onlangs wonnen we zelfs de IBM Beacon Award voor onze Cloud oplossingen op basis van IBM Storage. Maar we zien dat klanten die ooit voor de N Series hebben gekozen, dat hebben gedaan voor de functionaliteit. Zij zijn aan die functionaliteit gehecht geraakt. Het is niet voor niets het meest populaire storage OS in de markt.”

Wilbrink voegt hieraan toe: “Heel belangrijk is hierin de expertise die Tectrade in de loop der jaren heeft opgebouwd. Ze kennen de producten en de functionaliteiten, en weten hoe je daar bij de klant voordelen uit kunt halen. Zij kunnen daarin de klant van advies dienen, bijvoorbeeld over het moment waarop je bepaalde zaken in een migratie gaat oppakken.”

Overal zien we dat de hoeveelheid gegevens die we opslaan en de intensiteit van die gegevens gigantisch toenemen. Daar komen steeds meer apparaten bij, daar komt steeds meer informatie bij. Bovendien heb je niet meer alleen met interne gebruikers te maken, er komen ook steeds meer externe gebruikers bij. Dat gaat sterk drukken op de infrastructuur, wat vraagt om flexibiliteit.”

 

Migratie

Organisaties zijn dus op zoek naar een toekomstbestendige infrastructuur om groei te ondersteunen, en die tegelijkertijd flexibel genoeg is om snel in te kunnen zetten. Het is voor een eindgebruiker transparant waar de gegevens uiteindelijk worden opgeslagen, en ze zijn altijd beschikbaar. En het is schaalbaar, bijvoorbeeld om tijdelijk extra capaciteit in te zetten bij marketingacties.”

Van Heek: “Die migratie is in de praktijk heel erg makkelijk. Een van onze klanten met een grote omgeving is, één petabyte aan storage, heeft de implementatie van het nieuwe systeem binnen één week gedaan. En de migratie van de overige data gaat vervolgens online door aan de achterkant. Één petabyte aan data migreren duurt wel even maar de nieuwe NetApp FAS omgeving biedt meer dan vierhonderd procent performance-verbetering.”

]]>
Sat, 14 Mar 2015 08:00:57 +0100 ‘Gebruikers kunnen verder met de N Series’ http://executive-people.nl/item/525496/a-gebruikers-kunnen-verder-met-de-n-seriesa.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Barry Devlin: Het gaat niet om de data, maar om het inzicht http://executive-people.nl/item/525433/barry-devlin-het-gaat-niet-om-de-data-maar-om-het-inzicht.html “Je zou niet moeten worden gedreven door data, maar geïnformeerd worden door informatie”, zegt de Zuid-Afrikaanse BI-specialist Barry Devlin. Hij is eind maart keynotespreker bij de DW & BI Summit. Hij pleit voor een bredere benadering van data, meer menselijke inbreng, maar vooral meer focus op de toepassing ervan.

 “De uitdagingen waar de bezoekers van de DW & BI Summit voor staan zijn divers”, zegt Barry Devlin. “In de markt zien we op dit moment twee ontwikkelingen. De ene kant is de excitement over alle externe, ongestructureerde, niet gemanagede data, bijvoorbeeld door the Internet of Things. Dit groeit razendsnel. Aan de andere kant leeft er angst voor deze ontwikkeling. Het is fascinerend om te zien hoe dat uitpakt. Gaan de kansen en de groei belangrijker worden dan de roep om meer governance, of andersom?”

Volgens hem worden dergelijke vraagstukken in een te vroeg stadium van bovenaf naar de IT toegeschoven. “Ik denk dat het altijd begint bij de business. Waar het om gaat is wat we ermee willen doen als organisatie. Terwijl nu de technologie nog te vaak de business drijft. Alles wat in de business wordt ontwikkeld is echter gebaseerd op technologie. Wanneer je businessmensen dus vraagt hoe ze verder willen, zeggen ze dat ze meer data willen gebruiken en meer technologie willen inzetten.”

Brug

“Ik merk dat de brug tussen die twee entiteiten wankel is”, vervolgt hij. “Ik heb daar een boek over geschreven, met de strekking dat IT zou moeten opstaan en zeggen dat het niet alleen gaat om de bits en de bytes, het gaat er juist om de technologie te ontwikkelen in het kader van de business, om samen te werken met de business, om ze te helpen begrijpen wat er mogelijk is met technologie.”

Andersom is het zaak dat ook de business meer zou moeten weten van technologie. “Dat wordt overigens steeds makkelijker, omdat de huidige business managers deel uitmaken van de Millennial-generatie. Zij kennen het verschil tussen een iPod en een iPad. IT moet dus met relevant advies komen voor de business, en de business moet daar adequaat mee omgaan.”

Unintelligence

Dat vraagt ook om een andere benadering van data intelligence en data warehousing. Zijn boek Business Unintelligence slaat op de weinig slimme manier waarop organisaties met data omgaan. Want het gaat verder dan de data, ook intuïtie speelt bijvoorbeeld een rol. Je zou niet moeten worden gedreven door data, maar geïnformeerd worden door informatie.”

Het gaat dus om wat je doet met de data. “Het verschil tussen data en informatie is een filosofische vraag. We zijn geobsedeerd geraakt door data, je kunt er als techneut prachtige dingen mee doen. Maar het idee van informatie is subtieler, want dan gaat het over de context waarin je het gebruikt, hoe verbetert het mijn inzicht, en hoe kan ik er betekenis aan geven. Alleen beschikken over data is niet genoeg.”

“We zouden bijna vergeten dat de waarde ervan zit in het gebruik, en de verhalen die eruit komen. En ik hoop dat dit er altijd een menselijk element aan zal toevoegen. Het is erg interessant om de maatschappelijke en bredere economische impact te bekijken van wat we doen. Want in feite zijn we met een soort ongepland experiment bezig met data. Ik ben benieuwd hoe dat gaat aflopen.”

]]>
Thu, 12 Mar 2015 08:27:52 +0100 Barry Devlin: Het gaat niet om de data, maar om het inzicht http://executive-people.nl/item/525433/barry-devlin-het-gaat-niet-om-de-data-maar-om-het-inzicht.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
SAFE Summit Intel Security: Security vraagt om snelheid http://executive-people.nl/item/525183/safe-summit-intel-security-security-vraagt-om-snelheid.html Voor welke uitdagingen staat de Chief Information en Security Officer (CISO)? Deze vraag stond centraal bij de SAFE Summit die Intel Security begin dit jaar organiseerde. De CISO staat onder druk om geïntegreerde oplossingen te bieden die zowel het bedrijf als de klanten beschermen. “Het gaat nu om financiële impact op de lange termijn, want als mensen een bedrijf beschouwen als onveilig doen ze er geen zaken meer mee.”

Radboud Beumer, senior regional director Benelux, Intel Security opende de dag met een korte introductie over de integratie van McAfee in Intel Security. De dreiging waar organisaties mee te maken hebben wordt steeds ernstiger en zwaarder, wat vraagt om integrale oplossingen. Niet alleen antivirus, maar een breed portfolio op het gebied van security.

Beumer: “Intel Security is prominent aanwezig in het datacenter, en begrijpt de cloud. Dat is belangrijk, want die cloud stelt bedrijven voor aantal uitdagingen. Zo weet je niet altijd waar de data is. Hoe bescherm je die data?” Een andere ontwikkeling die CISO’s hoofdbrekens bezorgt is The Internet of Things. “Over enkele jaren hebben we meer dan vijftig miljard via IP verbonden apparaten. Dat is een enorm aantal. Iedere fabrikant, om welke sector het ook gaat, komt met apparaten die M2M verbonden zijn via IP.”

Zorgen

Tegelijk constateert hij dat de exposure aan malware toeneemt. “We ontdekken duizenden nieuwe stukken malware per dag. Maar waar we ons echt zorgen over maken zijn de zaken die we niet vinden. Want de aanvallen worden steeds geavanceerder. En wat daarbij niet helpt is dat de security in veel organisaties georganiseerd is in silo’s met point-oplossingen.”

“De uitdaging is om dat te doorbreken met integrale oplossingen. Er zit vaak nog teveel tijd tussen de aanval en het ontdekken ervan. Dat vraagt om een andere manier van verdedigen tegen bedreigingen. We hebben snelheid nodig. In technologie, en het delen van informatie, en het nemen van beslissingen.”

Business transformatie

Richard Curran, Head of Security Intel EMEA ging dieper op deze problematiek in: “Security is essentieel voor Intel. Er komt meer en meer technologie. Dat leidt tot fundamentele veranderingen, tot daadwerkelijke business transformatie. Technologie is in ieder apparaat aanwezig, van wearables tot het datacenter. Dat vraagt om een end to end security framework. Want het netwerk moet veilig zijn. Maar hoelang blijven security-oplossingen bruikbaar? Want de oude oplossingen voldoen niet meer door de snelle ontwikkelingen rond Social, Mobile, Analytics en Cloud. Dat vraagt om een nieuwe benadering van security.”

Naarmate meer connectiviteit en intelligentie in apparaten zit moeten ze veiliger worden. Naast de eerder genoemde risico’s die gepaard gaan met connected devices als slimme energiemeters en wearables verandert ook het dreigingslandschap. Curran: “Soms duurt het weken of maanden om dreigingen te herkennen.”

Impact

“Maar de impact is groter dan vroeger, security breaches zijn ingrijpend voor een bedrijf of een merk. De CISO staat dus onder druk om oplossingen te bieden die zowel het bedrijf als de klanten beschermen. Het gaat nu om financiële impact op de lange termijn, want als mensen een bedrijf beschouwen als onveilig doen ze er geen zaken meer mee. En bij een major intrusion kun je er zeker van zijn dat het in de pers komt.”

Een van de zwaartepunten in de ontwikkeling van nieuwe oplossingen door Intel Security is security analytics. Bedrijven hebben soms te maken met duizenden events op een dag, het is dus zaak om te weten wat er gebeurt, om de juiste informatie te hebben, en het juiste veiligheidsbeleid te formuleren.”

Om welke dreiging het gaat werd uitgelegd door Troels Oerting, tijdens een van zijn laatste publieke optredens als Head of European Cybercrime Centre (EC3), Europol. Vlak na de SAFE Summit ging hij als CISO aan de slag bij Barclays. “De dreiging is reëel”, zegt Oerting. “Moet je bezorgd zijn? Ja. Maar er is geen reden om een hype te creëren. Het gaat niet om of, maar om wanneer. Wees voorbereid.”

Bedreigingen

Hij rekent voor: “Er zijn op dit moment 2,9 miljard mensen met internettoegang over de hele wereld. Over een aantal jaren zal dat meer dan 4 miljard zijn, met de grootste groei in gebieden als Afrika en Midden Amerika. Dat zorgt niet alleen voor meer mogelijkheden, maar ook voor meer bedreigingen.”

“De meeste inkomsten in de wereld zijn geconcentreerd in de westerse wereld. Dus waar gaan criminelen heen? Die komen naar ons toe. Het Internet of Things zal daar een belangrijke rol in gaan spelen. Hetzelfde geldt voor mobiel. In de toekomst zullen we een toename zien van ‘altijd online’. Dat heeft groot effect op de wetshandhaving. Want voor criminelen in cyberspace is het niet nodig fysiek naar een land te reizen. De politie ziet die criminelen dus niet, ze werken vanuit het buitenland.”

Criminele groepen

“Er is geen absolute veiligheid op internet. Maar we kunnen het wel beter doen dan nu. Er zijn een aantal bedreigingen. De eerste is die van de extremisten die een politiek doel hebben. Daarnaast zijn er terroristen die het internet gebruiken voor communicatie, facilitatie en radicalisering, en om geld te stelen. Dan zijn er nog de landen zelf. De beste hackers in de wereld werken voor bepaalde landen. Dat kunnen we zien aan de tijdzones waarin ze actief worden, bijvoorbeeld in Rusland of het Verre Oosten.”

“We zien een groter belang van landen om actief te worden op het internet. Meerdere landen ontwikkelen een offensieve capaciteit. Dan zijn er de criminele groepen. De malware die zij ontwikkelen is van een hoge kwaliteit, en wordt professioneel geproduceerd. Dat kan in opdracht worden ontwikkeld. De producenten gebruiken die malware niet zelf, maar verkopen het weer aan andere groepen. Je kunt van alles kopen op het Darknet, van malware tot een DDOS-aanval. Je hebt alleen geld nodig, je hoeft zelf geen computerdeskundige te zijn. We hebben met de bestrijding van cybercrime dus een geografisch probleem. In de fysieke wereld kun je één iemand tegelijk beroven, of in één huis tegelijk inbreken. Maar als cybercrimineel kun je verschillende computers tegelijk aanvallen.”

Investering

Ook is er een psychologisch verschil: “Je ziet niet de schade die je aanricht, je ziet de mensen niet, je steelt alleen hun geld. Dat verlaagt de grens. Bovendien komen de criminelen uit landen waar ze toch niets te verliezen hebben. We zullen dus een toename van cybercriminaliteit zien.”

Hij adviseert organisaties daarom om security niet te zien als uitgave, maar als een investering. “Raak gewend aan breaches, ontsla niet iedere keer dat het gebeurt een CIO. Rapporteer de breach, en als een organisatie alles gedaan heeft dat mogelijk is, hoeft er niemand ontslagen te worden. Er bestaat tenslotte geen absolute security.”

]]>
Sun, 08 Mar 2015 08:00:19 +0100 SAFE Summit Intel Security: Security vraagt om snelheid http://executive-people.nl/item/525183/safe-summit-intel-security-security-vraagt-om-snelheid.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Vertrouwen in je organisatie is het belangrijkste dat je hebt’ http://executive-people.nl/item/525184/a-vertrouwen-in-je-organisatie-is-het-belangrijkste-dat-je-hebta.html  Dit is een werkveld waar ik wel wat gerelateerd werk aan heb gedaan, en waar ik wel wat inzichten in heb gekregen, zegt generaal bd Peter van Uhm met gevoel voor understatement over het onderwerp security. Hij sprak begin dit jaar tijdens de SAFE Summit van Intel Security, waar CIOs en CISOs werden bijgepraat over trends en ontwikkelingen op het steeds complexer gebied van de security. Executive People sprak exclusief met hem over zijn visie op IT en security.

 “Iedere sector vindt zichzelf apart. Maar tegelijk zijn er veel overeenkomsten tussen organisaties in verschillende branches”, zegt generaal bd Peter van Uhm, voormalig bevelhebber van het Nederlandse leger. “Wanneer je de eindverantwoordelijkheid hebt voor een organisatie is het goed te beseffen dat de wereld heel complex is, en alles van invloed is op je organisatie. Je kunt maar één keer het vertrouwen in jouw organisatie verliezen. En dat is een heel duur verlies.”

“Het is dus zaak strategische afwegingen te maken over de manier waarop je het beste je bedrijf kunt leiden. Daar hoort bij hoe je nadenkt over de vraag hoe je uiteindelijk de mensen op de werkvloer zo goed mogelijk hun werk laat doen. Dat draagt uiteindelijk bij aan het vertrouwen in je organisatie. Want dat is het mooiste dat je hebt, en het ergste om te verliezen als bedrijf.”

Gezichtsverlies

Maar het gaat niet alleen om het gezichtsverlies van de eigen organisatie. Wanneer er iets gebeurt op het gebied van IT dan gaat het verder dan alleen het eigen bedrijf. Want dan verlies je waarschijnlijk ook gegevens van toeleverancier of klanten. En wanneer zij het gevoel hebben dat jij er aan de voorkant niet alles aan hebt gedaan om dat te voorkomen dan ben je behalve het vertrouwen ook je klanten kwijt. En misschien je toeleveranciers.”

"Wat je op het gebied van security moet doen is eigenlijk hetzelfde als wat we doen met auto’s. Er rijdt bijna niemand meer zonder airbag, alleen de hobbyisten die graag in oude auto’s rijden nemen dat risico nog. Wat je dus als bedrijf moet doen is een airbag bouwen. Thomas Friedman schreef in The World is Flat onder andere: ‘Je moet je niet afvragen óf het gebeurt maar wanneer het gebeurt.' Er is een constante dreiging, die hoeft op dit moment niet aan de orde te zijn maar hij is er wel. Je moet als organisatie dus zorgen dat je zonder problemen een deukje kunt oplopen."

Dreiging

De dreiging is in technologisch opzicht nieuw, maar het reageren op dreiging is dat geenszins. Van Uhm plaatst dit graag in perspectief: ”In de Middeleeuwen probeerden we duiven met de boodschap van de tegenstander naar beneden te halen. We maakten gebruik van versleutelde berichten. Na de introductie van zaken als telex, telefoon en radio deden we aan elektronische oorlogvoering. We luisterden elkaars radio’s af en probeerden de radio van de ander plat te leggen. Dit is de volgende stap. Is het nieuw? Ja, maar tegelijkertijd ook niet.”

“Er is dus geen reden er bang voor te zijn. We hebben nieuwe technologische mogelijkheden, en het is zaak uit te zoeken hoe we die technologische mogelijkheden veilig kunnen gebruiken. En dat is bij strijdkrachten niet anders dan bij bedrijven. Het mooie is alleen dat de strijdkrachten sommige dingen wel mogen die bij bedrijven verboden zijn. Niet in Nederland natuurlijk, maar wel in de missiegebieden. Defensie heeft dus niet alleen een cyber command, maar ook een offensieve capaciteit.”

Mensen centraal

Centraal in iedere security-strategie staan volgens Van Uhm de mensen. “Die moet je ervan overtuigen dat zij op een veilige manier werken. Uit de statistieken rond Arbo-veiligheid blijkt duidelijk dat het gros van de ongevallen voortkomt uit menselijk falen. Is dat in de cyberwereld anders? Zwakheden ontstaan omdat mensen slordig zijn, even niet nadenken, of gemakzuchtig zijn. Je moet die mensen ervan overtuigen dat je daardoor een grotere mate van kwetsbaarheid creëert dan noodzakelijk is.”

Hij aarzelt om het woord oorlog te gebruiken bij de digitale dreiging. “We hebben in ieder geval te maken met een gevechtsveld. Vroeger was bijvoorbeeld duidelijk of in een bepaalde regio veel fysiek werd ingebroken. Die situatie is veranderd. Het is een gevechtsveld waar je niet meer aan kunt ontsnappen, je zit erin of je nu wilt of niet. En alles in dat gevechtsveld is met elkaar verbonden, connected. Daar moet je je goed van bewust zijn.”

Waar het op neerkomt, zegt hij, is dat mensen voor een organisatie de grootste asset zijn. “Investeer daarin, anders worden ze de zwakste schakel. En eigenlijk zijn het dan niet de mensen zelf die de zwakste schakel zijn, maar de leidinggevende zelf. Want die heeft in dat geval nagelaten de juiste beslissingen te nemen.”

Verantwoordelijk

Het juiste leiderschap is dus cruciaal. “In het Engels wordt dat samengevat met twee termen: je bent niet alleen responsible, maar ook accountable. Dat laatste blijft altijd het geval, ook wanneer je geen beslissing neemt of iets uitbesteedt. Want ook als je de beslissing genomen hebt om niets te doen ben je verantwoordelijk.”

“Je mag ook best zaken uitbesteden, maar dan heb je zelf bewust het besluit genomen om dat te doen, en ben je verantwoordelijk voor dat besluit. Er zijn nog teveel leiders die vinden dat ze verantwoordelijkheid kunnen delegeren. Daar ben ik het niet mee eens. Je kunt wel verantwoordelijkheid geven aan mensen, maar dit ontslaat je als leider niet van overall verantwoordelijkheid en accountability.”

Op het gebied van security zijn in het Nederlandse bedrijfsleven nog wel zaken te verbeteren. “Het leiderschap is vaak heel erg druk met het regelen van de business as usual. En zij vinden al die technische dingen ballast, te complex. Maar het is juist belangrijk om tijd te maken voor ter zake deskundige experts, zodat het mogelijk is een goede afweging te maken in het risicomanagement. Dan kun je de afweging maken waar je in gaat investeren. Wat wil ik wel beveiligen en wat wil ik niet beveiligen? Hij die alles verdedigt, verdedigt niets. Je moet keuzes maken, dat is de verantwoordelijkheid van de leider.”

Marco van der Hoeven

]]>
Sat, 07 Mar 2015 08:00:56 +0100 ‘Vertrouwen in je organisatie is het belangrijkste dat je hebt’ http://executive-people.nl/item/525184/a-vertrouwen-in-je-organisatie-is-het-belangrijkste-dat-je-hebta.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Awingu slaat mobiele vleugels uit http://executive-people.nl/item/525186/awingu-slaat-mobiele-vleugels-uit.html De Awingu software nestelt zich volgens Van Uytven eenvoudig tussen de eindgebruikers en hun bedrijfstoepassingen, met behoud van alle beveiligingsvoorzieningen, en vergt alleen een browser die HTML5 ondersteunt op de eindtoestellen. “En daar kan meteen ook nog een bijkomende besparing worden gerealiseerd, want naast gewone PC's, notebooks, tablets of smartphones, volstaan ook goedkope chromebooks, of kan je gewoon iets oudere toestellen langer gebruiken.

"Eigenlijk zijn we de enigen die vandaag al een visie op het nieuwe werken in de eenentwintigste eeuw bieden," vat Tom Costers de aantrekkelijkheid van Awingu voor CEO's en CIO's samen. Zelf kwam hij eind vorig jaar het team van Awingu versterken als Chief Commercial Officer, na meer dan tien jaar ervaring bij Microsoft, ook op het hoofdkantoor in Seattle. "Jongeren denken niet meer na over het toestel waar ze op willen werken, en verwachten een volledige vrijheid, in alle veiligheid." Met Awingu kan je zelfs de nieuwe ‘Millennials’ generatie pijnloos verzoenen met de solide 'back office' toepassingen, ook als die draaien op nog kranige AS/400 toestellen, of al op nieuwe Linux-servers, of gewoon ergens in de cloud, of zelfs mainframes. En tegelijk beschikken alle medewerkers over de nodige middelen tot samenwerken en het delen van bestanden. Daar bovenop biedt Awingu nog de mogelijkheid om rekening te houden met de exacte locatie van de gebruiker dankzij GPS-technologie en biedt het High Definition (HD) videostreaming.

Droom voor de partners

Awingu kiest uitdrukkelijk voor een go-to-market model via partners, niet alleen omdat dit een logische keuze is voor een nog jong en klein bedrijf zegt Costers. "Wij zijn een 'enabler' en een bouwsteen die het IT-kanaal helpt de nieuwe werkwijze en ontwikkelingen als BYOD en chromebooks te introduceren bij oude en nieuwe klanten," aldus Walter Van Uytven. Zo kunnen ze inspelen op de toenemende vraag bij de professionele klanten om naar de cloud te gaan. Die zoekt immers geen leverancier van commodities, maar een 'business process' transformator. Onze 'aggregator' abstraheert de informatie infrastructuur van het bedrijf, zodat een nieuwe aanpak mogelijk is op de bestaande oplossingen."

De partner kan zo niet alleen zijn bestaande klanten verder helpen en dus behouden, maar tevens openen zich meer mogelijkheden voor het aanbieden van professionele diensten. Daarbij kan worden gedacht aan bijkomende connectoren tussen Awingu en toepassingen, allicht in samenwerking met Awingu zelf. "En dat kan in weinig tijd worden geklaard," aldus van Uytven, "Zo kunnen we met een klein team, 'lean and mean', toch doorgroeien. We zorgen enkel voor de softwarelicenties, terwijl de eindklant zowel licenties als diensten bij de partner koopt."

Awingu rekent voor de verdeling zowel op wereldwijde als op regionale partners, zoals integratoren en distributeurs met toegevoegde waarde, als op hosters en isp's, zoals Proximus/Belgacom, die Awingu rechtstreeks als een service aanbieden. “Awingu biedt als bedrijf aan de partners alle kennis om het product te ondersteunen. De recente opleidingsessies waren compleet volgeboekt, inclusief wachtlijsten," merkt Tom Costers tevreden op. “Momenteel hebben al meer dan vijftig partnerbedrijven de Awingu expertise in huis gehaald.”

Tijd voor uitbreiding

Als softwarebedrijf kan je snel uitbreiding nemen, en vandaag heeft Awingu dan ook al voet aan de grond in België, Nederland evenals Spanje, Italië en het Midden-Oosten.Bovendien tekenden drie 'go to market' partners, die in Awingu een mooie opstap naar hun klanten zien: Google, Microsoft en Samsung. Voor Google opent dit kansen voor de eigen toepassingen zoals Chromebooks bij bedrijven, terwijl Microsoft denkt aan een combinatie met het Azure Cloud platform. Samsung op zijn beurt is geïnteresseerd in een maximaal gebruik van zijn mobiele toestellen in de bestaande omgevingen van bedrijfstoepassingen.

"In april worden ook de activiteiten in de Verenigde Staten opgevoerd," licht Van Uytven de komende expansieplannen toe. "Daar wordt nu eerst de focus op gericht, en dan wordt volop gewerkt aan Azië, waar we exclusief met partners zullen werken en niet met een eigen kantoor."

In de Benelux werkt Awingu ondertussen al samen met partners als Ingram Micro, Nextel, Proximus, Econocom en SAIT. Dat laatste bedrijf is een voorbeeld van een partner die zijn klassiek klantenpubliek, zoals in dit geval overheden en politiediensten, een nieuwe aanpak voorstelt met behulp van Awingu. "Sinds begin dit jaar krijgen we meer tractie in de markt en dat vertaalt zich in meer spontane vragen van bedrijven," klinkt Costers tevreden, "Ook het winnen van de 'best new technology' award op de Belgische Channel Awards zet meer bedrijven ertoe aan spontaan inlichtingen te vragen”.

Try & Buy

Om het net zo breed mogelijk uit te gooien, mikt Awingu ook op een 'Try & Buy' aanbod op de eigen website (vanaf eind maart 2015). "Een e-channel moet nu eenmaal deel uitmaken van een totale kanaalstrategie," meent Van Uytven. De hele opzet van de Awingu aggregator maakt het mogelijk om eenvoudig, snel en klein te beginnen, om later sterk door te groeien. "Awingu is dan ook gecreëerd voor kleinere en middelgrote bedrijven met tientallen tot honderden gebruikers, maar evengoed voor de grootste bedrijven met duizenden toestellen." En met een 'Try & Buy' kan ook de eenvoud van het systeem worden aangetoond. Overigens zal dit niet in concurrentie gaan met de partners, want die blijven het voordeel hebben van de Awingu ondersteuning, met expertise, selling scenario's en een uiterst eenvoudig 'deal registration' systeem. "Wie er werk insteekt zullen we beschermen," aldus Costers, want "ons succes komt er bij gratie van het partner ecosysteem."

Voor al die expansieplannen doet Awingu een beroep op een tweede financieringsronde, ter waarde van 3 miljoen euro (na de 12 miljoen euro uit de eerste ronde). "2015 is een bijzonder boeiend en ambitieus jaar" erkent Costers, "maar we zitten wel goed op schema." Een vertrouwen dat geheel door Walter Van Uytven wordt gedeeld: "We hebben nog geen klant verloren, of een prospect gehad die het verhaal maar niets vond!" 

Door: Guy Kindermans

Op 22 april organiseert Awingu samen met Nextel in Hotel Bilderberg in Garderen het Enterprise Mobility Event 2015. Kijk voor het programma op www.ict-trends.nl en meldt u aan.

]]>
Fri, 06 Mar 2015 14:11:55 +0100 Awingu slaat mobiele vleugels uit http://executive-people.nl/item/525186/awingu-slaat-mobiele-vleugels-uit.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Hybride cloud vraagt om juiste mindset http://executive-people.nl/item/525105/hybride-cloud-vraagt-om-juiste-mindset.html Eén cloud, elk apparaat, elke applicatie; met deze verwijzing lanceerde softwareleverancier VMware recentelijk nieuwe data- en infrastructuuroplossingen. Klanten vragen om op simpele wijze data en applicaties te beheren. Daarom ontwikkelde VMware een robuuste, hybride cloud. Volgens Carl Eschenbach, Chief Operating Officer (COO) van VMware, gaan bedrijven vanzelf een keer over op de hybride cloud, het is enkel de mindset die sommige bedrijven tegenhoudt.

 

'We willen bedrijven laten zien dat het samenbrengen van de publieke en private cloud eenvoudig is', vertelt Eschenbach. 'Daarom hebben we het devies 'one cloud, any device, any app' in het leven geroepen. Het betekent dat wij één cloudomgeving kunnen creëren voor bedrijven, ongeacht hoeveel ze on-premise hebben draaien, of als een service uit de publieke cloud gebruiken. De hybride cloud is echt.'

 

Van private naar publieke

 

De meeste klanten van VMware zetten het platform van het bedrijf in om een private cloudomgeving op te zetten. Nu ziet de softwareleverancier dat steeds meer organisaties behoefte hebben aan oplossingen die 'als een service' worden aangeboden via de publieke cloud. Om beheer en opslag van alle applicaties te optimaliseren biedt VMware de hybride cloud. Uiteindelijk zal iedereen daarnaar overstappen, verwacht Eschenbach: 'Het is niet een kwestie van 'of', maar van 'wanneer'.'

Het is belangrijk dat de IT-afdeling de publieke cloud ook omarmt, omdat businessafdelingen behoefte kunnen hebben aan oplossingen die daar geboden worden. 'Sommige afdelingen, zoals marketing, productontwikkeling, business development of sales, zetten een schaduw IT-omgeving op door bijvoorbeeld e-mailmarketing- of CRM-systemen zelf af te nemen. Dan loopt een bedrijf veel risico, omdat de interne intelligentie niet beschermd kan worden', vertelt Eschenbach.

'Het is onnodig inefficiënt om niet mee te groeien met de publieke cloud', gaat Eschenbach verder. 'Partnerapplicaties die op ons platform draaien, kunnen snel gekoppeld worden aan de private cloud van een bedrijf of zelfs naar de private cloud overgezet worden.' Het heeft vooral te maken met de mindset van een IT-afdeling om de publieke cloud te omarmen en een software defined omgeving op te zetten, waarmee de business zelf applicaties kan afnemen en kan inrichten.

 

Vanuit klantbehoefte gegroeid

 

Steeds meer klanten gaven bij VMware aan op zoek te zijn naar een oplossing waarbij data zowel in de private als de publieke omgeving beheerd kon worden. 'We hebben een outside-in aanpak', vertelt Eschenbach. 'We brengen continu de behoefte van de klant in kaart. Daar komt bij dat we een sterke productfocus hebben en veel investeren in de ontwikkeling van onze oplossingen. De engineers van de R&D-afdeling hebben een duidelijke visie over waar VMware naartoe wil gaan. Beide inzichten leiden tot het huidige aanbod.'

Het momentum van hybride cloud is groot, aldus Eschenbach. VMware ziet wereldwijd een groei in deze aanpak. De adoptie wordt vergroot door de duizenden partners die VMware vertegenwoordigen over heel Europa. Nederland onderscheidt zich daarin specifiek door zijn early adopter houding: 'Vooral in de gezondheidszorg, de bancaire wereld, educatie en overheid zien we een robuuste markt met hoge eisen', aldus Eschenbach.

De groei van de hybride cloud heeft vooral met de mindset van de Nederlanders te maken. De bedrijven in ons kleine land blijven niet testen, maar gaan snel door met live-gang van nieuwe netwerken en infrastructuren. De informatie die naar voren komt uit de best practices van de Nederlanders wordt overigens gebruikt om bedrijven wereldwijd te helpen met het zetten van de volgende stap in hun ontwikkeling naar de hybride cloud.

 

Mensen, processen en transformatie

 

'Die actieve houding die Nederlandse bedrijven aannemen, zou ik aan elk bedrijf aanraden. Het gaat niet zozeer om de technologie van de hybride cloud, maar meer om mensen, processen en transformatie. Bedrijven die data per afdeling opslaan en gericht zijn op traditionele platforms, zullen niet snel overstappen. Als je gebruik wilt maken van de voordelen van een hybride cloud, dan moet je kunnen toestaan dat data wordt verschoven naar de meest efficiënte en effectieve plek.'

Uiteindelijk draait het namelijk niet om de applicatie of het apparaat, maar om de relatie tussen de gebruiker en zijn data. Deze ontwikkeling is goed te zien in end-user computing, aldus Eschenbach. 'Steeds meer bedrijven gaan werken met een virtuele desktop, omdat medewerkers op die manier overal op een veilige manier kunnen werken.' Om bedrijven te ondersteunen in het beheren van mobiele devices heeft VMware afgelopen jaar Airwatch overgenomen.

 

Beveiliging op softwareniveau

 

Beveiliging is bij zowel de hybride cloud, als de virtualisatie van de desktop cruciaal en een zorg voor veel bedrijven. 'Het is één van de belangrijkste pijlers van onze producten, want bedrijven gebruiken ons platform voor kritische data. Daarom hebben wij de beveiliging uit de hardwarelaag gehaald en op softwareniveau gezet. Dat betekent dat de veiligheid op alle strategische punten wordt gecontroleerd. Omdat onze platforms, zowel in de publieke- en private cloud, werken op basis van dezelfde software, kunnen we de beveiliging naar een hoger niveau brengen.'

De hybride cloud moet eenvoudig én geloofwaardig zijn voor c-level executives. Daarom is het bouwen aan vertrouwen één van de belangrijkste pijlers van VMware. 'Als je als bedrijf duizenden applicaties hebt draaien voor bedrijfskritische processen, dan is het belangrijk dat je de leverancier kan vertrouwen', vertelt Eschenbach. 'Ons platform wordt wereldwijd door meer dan 500.000 bedrijven gebruikt, maar het is belangrijk dat we beide voeten aan de grond houden en duidelijk kunnen uitleggen waarom we met de hybride cloud koploper zijn.’

 

Door: Anne van den Berg

 

]]>
Thu, 05 Mar 2015 12:24:48 +0100 Hybride cloud vraagt om juiste mindset http://executive-people.nl/item/525105/hybride-cloud-vraagt-om-juiste-mindset.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Marc Groetelaars: ‘Wij zorgen voor gestructureerde processen’ http://executive-people.nl/item/524808/marc-groetelaars-a-wij-zorgen-voor-gestructureerde-processena.html Marc Groetelaars is een goede bekende in de Nederlandse IT-markt. Lange tijd is hij het gezicht geweest van VMware in de Benelux. Vorig jaar is hij aan de slag gegaan bij het razendsnel groeiende ServiceNow als Regional Director Benelux. Executive People sprak met hem over de uitdagingen van zijn klanten, en de manier waarop ServiceNow daarop inspeelt.

“Bij ServiceNow zetten we de klant volledig centraal”, zegt Marc Groetelaars. “Dit betekent dat alle mensen die je hier tegenkomt dezelfde passie delen, en gericht zijn op dat stipje op de horizon waar we met elkaar voor gaan. Dat is voor iedereen hier gelijk, en dat spreekt me heel erg aan. ServiceNow als organisatie geeft enorm veel energie.”

Hij citeert de altijd uitgesproken Nederlands-Amerikaanse CEO van ServiceNow, Frank Slootman: “We make a ´ding’ in the Universe. Op dagelijkse basis zie ik dat wij de manier waarop klanten werken, veranderen. En dat gebeurt op een enorm vooruitstrevende manier, het heeft veel impact. Op de gebruikers, op de manier waarop zij werken en ook op het plezier dat ze in hun werk hebben.”

Privéleven

Dat heeft volgens hem alles te maken met de manier waarop mensen in hun privéleven omgaan met technologie. “Alles is social geworden. Mensen zijn gewend om alles wat ze doen te delen via sociale media als Facebook, en alles wat ze op zakelijk gebied doen gebeurt op LinkedIn. Wij geloven erin dat alles wat werkgerelateerd is, zoals de manier waarop werk gemanaged wordt, kan plaatsvinden via het platform van ServiceNow.”

Hij wijst op de discrepantie tussen de omgeving thuis en de IT-omgeving op het werk. “Als consument zijn we ondertussen gewend om heel snel en intuïtief te werken, bijvoorbeeld wanneer je iets wilt bestellen. Maar op het werk krijgen we met allerlei processen te maken die niet op elkaar aansluiten. Het zijn museumstukken, het lijkt soms wel of je teruggaat naar die grote envelop met een papiertje erin, die door alle departementen gaat om te worden afgetekend. Dat kan echt niet meer.”

Management

En dat is waar ServiceNow kansen ziet. “Wij structureren het werk, we structureren de workflows en passen daarop orchestratie toe. De basis is dat een medewerker wat vraagt, en iemand anders moet dat leveren. Daartussen zit een workflow, een proces. Dat kun je structureren, om vervolgens Service Management toe te passen om het automatisch en snel te laten verlopen, effectief en zonder fouten.”

“Daar kun je uiteindelijk orchestratie omheen bouwen. Want management heeft alleen zin wanneer er een duidelijke uitkomst is. Dat management is nodig om goed te kunnen meten, om op basis daarvan uiteindelijk weer de juiste beslissingen te kunnen nemen. Wij veranderen zo de manier waarop mensen werken.”

Eén architectuur

Het onderscheidend vermogen van ServiceNow is volgens Groetelaars de eenduidige architectuur. “Wij hebben geen last van meerdere vormen van architectuur die aan elkaar geknoopt moeten worden. Dat noemen wij het single system of record. Wanneer je dat hebt beschik je over één platform waarop je al het werk kunt gaan doen. Want uiteindelijk gaat het om de applicaties, de dienstverlening.”

Dat werken op een heterogene manier maakt de volgende stap mogelijk, het creëren van een system of engagement. “Simpel gezegd is dat is dat niets meer dan effectieve samenwerking tussen mensen, tussen systemen en mensen, en tussen afdelingen onderling. Daarmee krijg je effectieve processen, iets dat je kunt auditen, en waar je zaken als governance en risk compliance aan toe kunt voegen.”

“Het resultaat is dat de kwaliteit omhoog gaat, en de kosten dalen. Dat is voor iedereen in een organisatie relevant, maar essentieel is dat je daardoor een hele goede gebruikerservaring krijgt. Juist die ervaring dus die we gewend zijn in ons privéleven met de snelheid van Facebook op je smartphone, met het gemak van bestellen bij Amazon of Bol.com.”

Moderniseren en transformeren

Om dit mogelijk te maken beschikt ServiceNow wereldwijd over zestien datacenters. “Er is geen enkele andere cloud-leverancier die daarbij in de buurt komt. Dit garandeert ons uptime, availiblity en security. Wij hebben daarmee het enige serieuze cloudplatform, waar ook ons eigen datacenter in Amsterdam deel van uitmaakt.”

ServiceNow heeft weliswaar een IT-achtergrond, maar de toepassing is volledig gericht op de business. “Met onze klanten praten we naast het moderniseren en transformeren van ITuiteindelijk altijd over een duidelijk effect op de business. Het gaat nadrukkelijk om de zakelijke toepassing, namelijk servicemanagement voor de bedrijfsvoering. En of de toepassing dan is bij IT, HR of marketing is minder van belang.”

ServiceNow ziet een opvallende trend: “We zien regelmatig dat we klanten hebben waar we aanvankelijk geen rol spelen binnen de IT-afdeling, maar wel binnen bijvoorbeeld de HR-afdeling omdat ze daar veel problemen met hun workflow. Daar implementeren we dan bijvoorbeeld een knowledge base, een self service portal, waarmee mensen zelf de verantwoordelijkheid en de instrumenten krijgen om antwoorden te zoeken. Je ontlast zo de HR-afdeling, die zich innovatief en proactief kan opstellen.”

Dienstverlening als service

De manier waarop de oplossingen worden geleverd passen ook in een duidelijke trend. “De afgelopen jaren zijn we steeds meer gewend geraakt aan de ontwikkeling van software as a service, wat in toenemende mate evolueert naar dienstverlening as a service. Organisaties stappen af van het idee dat ze zelf alles in beheer moeten hebben, en zelf alles kopen. Die ontwikkeling was al zichtbaar door de shadow clouds, die zijn ontstaan omdat de oplossingen van IT niet voldeden zodat afzonderlijke afdelingen hun eigen oplossingen gingen kopen.”

“Waar wij nu voor willen zorgen is dat de CIO service broker wordt voor zijn organisatie. Met de nadruk op service. De IT gaat zorgdragen voor de dienstverlening. Bij steeds meer bedrijven is de CIO niet meer degene die de kapotte pc repareert, maar een executive die waarde toevoegt en ervoor zorgt dat er effectief en intuïtief kan worden gewerkt door middel van service management. Dan krijgt IT toegevoegde waarde. De rol van de CIO wordt dan die van een echte business partner. Everything as a service.”

]]>
Sat, 28 Feb 2015 08:00:50 +0100 Marc Groetelaars: ‘Wij zorgen voor gestructureerde processen’ http://executive-people.nl/item/524808/marc-groetelaars-a-wij-zorgen-voor-gestructureerde-processena.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Bedrijfsleven is onvoldoende op de hoogte van aanstormende Europese ... http://executive-people.nl/item/524694/bedrijfsleven-is-onvoldoende-op-de-hoogte-van-aanstormende-europese-databeschermingsregels.html Aankomende Europese regelgeving op gebied van gegevensbeveiliging zou het Europese, en dus ook het Nederlandse bedrijfsleven op zijn minst enigszins nerveus moeten maken. Maar niemand lijkt er serieus mee bezig. Dat komt waarschijnlijk, zegt Pieter Lacroix (foto), directeur Nederland van cybersecurity bedrijf Sophos, omdat vrijwel niemand zich al echt op de hoogte heeft gesteld van de nieuwe Europese General Protection Regulation die in aantocht is, en die naar verwachting nog dit jaar zijn beslag zal krijgen.

Waar gaat het om? 25 januari 2012 werd het startsein gegeven. Het was de dag waarop de Europese Commissie haar voorstellen publiceerde voor een nieuw stelsel van databeschermingsregels, de zogeheten General Data Protection Regulation (GDPR). Doel: een ingrijpende herziening van de bestaande Europese Data Protection Directive uit 1995. In klare taal gesteld: Brussel is bezig met het formuleren en implementeren van EU-databeveiligingswetgeving die zijn weerga niet kent en grote gevolgen gaat hebben voor hoe bedrijven op korte termijn hun IT-voorzieningen hebben in te richten.

Overheid is erg stil!

“Ik heb gemerkt dat veel organisaties hiervan totaal niet op de hoogte zijn”, zegt Pieter Lacroix van Sophos Nederland. “Dat bleek uit onderzoek dat Sophos in oktober 2014 heeft laten uitvoeren door Vanson Bourne onder 1500 professionals in de UK, Frankrijk en Duitsland, en dat bleek ook uit de vele glazige blikken die mijn deel waren toen ik hierover sprak op de laatste Infosecurity-beurs, afgelopen najaar in de Jaarbeurs te Utrecht. En waar ik mij nog het meest over verbaas, is dat er zelfs vanuit de Nederlandse overheid tot nu toe geen enkele aandacht aan wordt gegeven. Ik vind het echt heel vreemd dat het van die kant nog zo stil is.”

De herziening van die Europese Data Protection Directive, stelt Lacroix, is er onder meer op gericht de gegevens van klanten beter te beveiligen. In het verleden werden data die belangrijk waren al meestal versleuteld, maar straks móet het ook echt. “Er zijn boeteclausules in aantocht die er werkelijk niet om liegen. Dat varieert van 350 duizend tot 100 miljoen euro. En er wordt ook gedacht aan percentages van de omzet, die lopen van een 0,5 tot 5 procent. Let wel: dat gaat om wereldwijde omzet. En ik benadruk het woord omzet, omdat veel mensen vaak alleen naar de winstcijfers kijken. Er zijn echter een hoop sectoren die slechts draaien op een winstmarge van 2 procent. En als je dan een dergelijk percentage van je omzet moet gaan betalen als boete, dan betekent dat zo’n beetje een faillissement.”

Meldplicht

Met degelijke encryptie van al je medewerkers- en klantendata kom je een heel eind, maar daarmee ben je er nog niet, legt Lacroix uit. “Alles staat en valt met bewijsvoering tegenwoordig. Je kunt wel zeggen dat je alles versleuteld had, maar je moet het ook kunnen bewijzen. Dat kan, bijvoorbeeld, met managementsoftware als die van ons. Dus dat is belangrijk. Wat ook belangrijk is: je krijgt straks een meldplicht als je als organisatie informatie bent kwijtgeraakt. Dat betekent dat als er informatie van jou op straat is beland, je daar al je klanten over moet inlichten. Encrypted informatie is echter geen informatie. Heb je je informatie versleuteld en die informatie raakt dán verloren, dan hoef je dat dus niet te melden. Dat voorkomt reputatieschade. En zoals we allemaal weten, zijn daaraan al heel wat bedrijven ten gronde gegaan.”

 Wat te doen?

Hoe kunnen bedrijven zich nu zo goed mogelijk hierop voorbereiden? “Het begint natuurlijk met bewustwording”, zegt Lacroix. “Op het moment dat niemand weet dat dit gaat spelen, kan ook niemand zich erop voorbereiden. Daarom hebben wij als Sophos besloten een Europese roadshow te organiseren, die in Nederland plaatsvindt in de eerste helft van maart. Daarmee wil Sophos bedrijven  waarschuwen over wat er aankomt en waar ze allemaal rekening mee moeten houden. Die roadshow gaat binnenkort in Nederland van start. We hebben vier sessies gepland. Dat is in Utrecht, Zwolle, Amsterdam en Eindhoven, op 5, 11, 12 en 17 maart. Dat zijn een soort ontbijtsessies, die plaatsvinden van half negen tot kwart over tien. Heel kort, heel simpel wordt daarin verteld: dit is de regulering die eraan komt en dit is wat je eraan kunt doen. Organisaties die hierin geïnteresseerd zijn, kunnen zich inschrijven via de site van Sophos. Ze doen er bovendien verstandig aan even te linken naar www.sophos.com/eu. Daar kunnen ze op basis van een aantal korte vragen in slechts 60 seconden checken of ze al klaar zijn voor die nieuwe regelgeving. De ‘60 seconde compliance check’ noemen we dat.”

Door: Dick Schievels

]]>
Thu, 26 Feb 2015 09:15:53 +0100 'Bedrijfsleven is onvoldoende op de hoogte van aanstormende Europese databeschermingsregels' http://executive-people.nl/item/524694/bedrijfsleven-is-onvoldoende-op-de-hoogte-van-aanstormende-europese-databeschermingsregels.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Reportage: 'Niet bezorgd over beperkte perceptie Xerox' http://executive-people.nl/item/523578/reportage-niet-bezorgd-over-beperkte-perceptie-xerox.html Onder CIO's is Xerox niet direct de eerste naam die naar boven komt bij het outsourcen van business processen. Toch komt zestig procent van de omzet uit dienstverlening. Om te laten zien wat het bedrijf doet op het gebied van professional services organiseerde Xerox deze week in Londen simple@work, waar meer dan honderd C-level executives werden bijgepraat over de activiteiten en plannen op het gebied van services. Zowel CEO Ursula Burns als Robert Zapfel, President van Xerox Services, waren daar aanwezig om de verdiensten van het bedrijf in de zakelijke dienstverlening uit te dragen.

Voorafgaand aan de officiële aftrap van Simple@work stond Robert Zapfel de pers te woord. Hij staat nu bijna een jaar aan het roer van de services-tak, na een lange carrière bij IBM. Daar heeft hij 35 jaar lang diverse functies bekleed, waaronder twintig jaar in diverse leidinggevende functies in de IBM Global Services-divisie. Die ervaring komt hem nu bij Xerox goed van pas, omdat in de perceptie van Xerox vaak vooral de activiteiten op document-gebied genoemd worden.

Zapfel maakt zich daar niet zichtbaar druk om. “CIO's weten ons wel te vinden”, zegt hij.” De vraag waar organisaties mee zitten is dat ze op zoek zijn naar een partner om hen te helpen bij hun processen. Wij hebben een grote merknaam, mensen weten dat Xerox een goed bedrijf is. Zij denken niet aan de positie in markten, dat is niet zo erg.”

Brand challenge

Mensen die zaken met ons doen bereiken we niet via massamedia, het is voor ons zaak de senior executives aan te spreken. Dat is niet zo´n probleem, want wanneer en bedrijf bijvoorbeeld wil outsourcen gaan ze te rade bij ervaren adviseurs die met een shortlist komen waar Xerox vervolgens deel van uitmaakt. Het is een interessante brand challenge, we zitten niet vast aan bepaalde sectoren, we hebben een breed spectrum aan klanten.”

Hij wijst erop dat zestig procent van de omzet van Xerox uit dienstverlening komt. “Veel bedrijven zijn op zoek naar partners om hen te helpen bij hun business. In Europa is dit voor ons een markt van twee miljard dollar. Dat is nog niet zoveel als in de Verenigde Staten, maar het is wel een snel groeiende markt. Business process services zijn de nieuwe golf in outsourcing.”

Strategische relaties

Volgens Zapfel speelt de specifieke vraag van organisaties Xerox in de kaart: “We zien dat de CAO (Chief Administrative Officer), verantwoordelijk is voor allerlei zaken zoals HR, Legal, finance en accounting. Die zoekt daarom mensen die meer dan één van die dingen kunnen doen. In praktijk concurreren wij steeds met partijen die zich specialiseren op één van die gebieden, terwijl Xerox al die gebieden bedient.”

“Xerox is uniek als een brede BPO-aanbieder. Hiermee kunnen bedrijven strategische relaties willen aangaan, maar wel met minder partijen, bij ons terecht. Wij kunnen alle onderdelen aanbieden, in plaats van één onderwerp. Dat is wat onze klanten vragen, en dat is wat de waarde voor onze cliënten verhoogt.”

Transformatie

Dit was ook de boodschap van Ursula Burns tijdens de keynote. “Organisaties moeten meer doen met minder. Daar hebben we allemaal mee te maken. Vroeger was het een zaak van schaal en capaciteit. Maar nu is er veel meer ‘meer’. Meer tevreden klanten, meer verandering, meer partners. Meer gebieden waar we zaken doen. ‘Minder’ verandert ook. Eerst was het minder geld en minder mensen. Nu gaat het om minder regelgeving, minder kwetsbaarheid, minder storingen in systemen. De markt verandert, de concurrentie verandert, en de regelgeving verandert. Dat vraagt om business transformatie. Dat is waar Simple@ work gaat.”

 “We zorgen voor transformatie in een breed scala aan gebieden. Transport, gezondheidszorg, customer care, hospitality. Innovatie van business processen met technologie is wat we doen. Wij willen als business engineer helpen. We begrijpen het probleem, en onze mensen hebben de skills om te helpen met die problemen. Op veel gebieden hebben mensen al dagelijks met onze oplossingen te maken, alleen weten ze het niet.”

Verkeersboetes

De toepassingen die Xerox in Londen toonde waren divers, van oplossingen op het gebied van Customer Care en Digital Signage in de cloud tot software om complexe verkeersvraagstukken op te lossen. Daarmee worden onder meer in Los Angels en Adelaide verkeers- en vervoersstromen in kaart gebracht en geanalyseerd om stedenplanners te helpen de juiste beslissingen te nemen.

Op het gebied van verkeer heeft Xerox in Nederland bijvoorbeeld een specifieke oplossing verkocht aan Cition, dat verantwoordelijk is voor het beheer van betaalde parkeerplaatsen in Amsterdam. Dit bedrijf maakt gebruik van het Compliance webportaal van Xerox. Hiermee worden online betalingen van parkeerboetes voor buitenlandse kentekens afgehandeld. Dit maakt onderdeel uit van het streven van de Gemeente Amsterdam om het parkeerbeleid volledig te digitaliseren.

Cition controleert door middel van geavanceerde scantechnologie kentekens op betaald parkeren in Amsterdam. Auto’s met een buitenlands kenteken die geen parkeergeld hebben betaald, krijgen een sticker op de voorruit geplakt met een link naar een website. Op deze website krijgt de eigenaar een foto van zijn of haar kenteken en een overzichtskaartje van de parkeerplek te zien. De website biedt vervolgens de mogelijkheid online bezwaar te maken tegen de naheffingsaanslag of deze direct via creditcard of iDeal te betalen.

Bekijk hier meer Simple@work

]]>
Sat, 07 Feb 2015 08:00:17 +0100 Reportage: 'Niet bezorgd over beperkte perceptie Xerox' http://executive-people.nl/item/523578/reportage-niet-bezorgd-over-beperkte-perceptie-xerox.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Beschouw een DDoS-aanval als een terroristische aanslag' http://executive-people.nl/item/523159/beschouw-een-ddos-aanval-als-een-terroristische-aanslag.html Huawei, een Chinese leverancier van netwerk- en telecomoplossingen, heeft in 2014 een anti-DDoS dienst aan de Nationale Beheersorganisatie Internet Providers (NBIP) geleverd. NBIP is non-profit alliantie van meer dan 100 Internet Service Providers (ISP) in Nederland die onder andere on-demand DDoS traffic cleaning services aan tientallen ISP’s en hosters levert. Hierbij worden de Huawei anti-DDoS appliances van de serie AntiDDoS8160 ingezet die meer dan 200 Gbps beveiligingsperformance heeft. Hierdoor kan de NBIP een veiliger en betrouwbaarder dienstverlening bieden. De aangesloten ISP’s kunnen hierdoor hun business voor hun klanten continueren. “Beschouw een DDoS-aanval als een terroristische aanslag.”

In de afgelopen jaren hebben een groeiend aantal en steeds slimmere DDoS-aanvallen voor enorme veiligheidsproblemen gezorgd voor service providers en enterprises. Het is geen IT-probleem, maar ook een business probleem geworden. Zo liggen soms uren websites van banken plat waardoor er niet kan worden betaald. In Nederland hebben DDoS-aanvallen de dagelijkse activiteiten van een groot aantal datacenters beïnvloed. ISP’s kunnen DDoS-aanvallen vaak niet meer alleen aan.

De DDoS-aanvallen hebben steeds grotere volumes in vorm van tientallen gigabits en op dit moment worden dagelijks DDoS-aanvallen geregistreerd. De NBIP, een shared services center voor ISP’s, is daarom begonnen met de ontwikkeling van effectieve anti-DDoS-oplossingen ter verdediging tegen DDoS-aanvallen, met als doel voor haar deelnemers de continuïteit van de dienstverlening te garanderen en de veiligheid te verbeteren. De NBIP biedt haar anti-DDoS dienstverlening aan onder de noemer ‘de Nationale Anti-DDoS Wasstraat’ (NaWas). Ook is er samenwerking met de Nederlandse overheid om de veroorzakers van DDoS aanvallen op te sporen en de Nederlandse digitale infrastructuur veiliger te maken.

Accuraat

Om de beste anti-DDoS oplossing te kiezen heeft NBIP een vrij strikt testproces en een ‘proof of concept’ opgezet die meer dan drie maanden duurde. Uiteindelijk is de anti-DDoS oplossing van Huawei als eerste geselecteerd voor het project. De Huawei AntiDDoS8160 appliance, is nu enige maanden operationeel en on-demand binnen enkele seconden in te zetten als er een DDoS aanval op een deelnemer wordt uitgevoerd. De AntiDDoS8160 appliance werkt prima met andere merken apparatuur. Alex Bik, voorzitter van NBIP, zegt: “We hebben uitgebreid getest en ervaring opgedaan, bijgestaan door senior engineers van de verschillende aangesloten ISP’s. Dit was een grote uitdaging voor alle deelnemende aanbieders van de competitie, waarbij gebruiksgemak en strikte eisen voor het snel ondervangen van een DDoS aanval direct het eindresultaat beïnvloedden.”

Redundant

Een complete set functies en doelmatigheid van de beveiliging waren de speerpunten van deze test, zo vervolgt Bik. “De Huawei Anti-DDoS oplossing presteerde beter dan andere anti-DDoS-oplossingen. De Huawei anti-DDoS-oplossing bleek veel schaalbaarder te zijn en een twee keer zo hoge performance in het ondervangen van aanvallen als gemiddeld in de industrie te hebben en reageerde binnen twee seconden op een aanval. We beschouwen een DDoS-aanval als een digitale terroristische aanslag en dat moet je waar mogelijk bestrijden met de beste hulpmiddelen. De Huawei AntiDDoS8160 appliance helpt aanvallen tegen houden doordat hij precies ziet wat voor aanval er wordt uitgevoerd en wat zich afspeelt binnen het netwerk.”

Visuals

De oplossing bleek verder accuraat en beschikte over een bijzonder grote verwerkingscapaciteit met snelheden tot 960 gigabit per seconde. Bik: “Tevens beschikt de oplossing over een gebruiksvriendelijk management systeem met heldere visuals op de console. Daarnaast biedt Huawei een goede prijs/prestatie verhouding voor zijn AntiDDoS8160 appliance.”

Cyber resilience

Huawei is ervan overtuigd dat de succesvolle samenwerking tussen NBIP en Huawei de cyber resilience op de Nederlandse markt aanzienlijk zal bevorderen, aldus Theo van Andel, Marketing Manager van Huawei: “We zien een toename van zowel het aantal DDoS-aanvallen als de gebruikte bandbreedte tijdens deze aanvallen. Met de service die NBIP nu aanbiedt, gebaseerd op onze high-end anti-DDoS oplossing, zullen ISP’s en hosting providers nu in staat zijn hun klanten effectief en tegen zeer aantrekkelijke tarieven te beschermen tegen dit soort aanvallen. Hierdoor zijn klanten verzekerd om hun business te continueren.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Fri, 30 Jan 2015 09:01:01 +0100 'Beschouw een DDoS-aanval als een terroristische aanslag' http://executive-people.nl/item/523159/beschouw-een-ddos-aanval-als-een-terroristische-aanslag.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Reportage: Er is leven na de N-Serie http://executive-people.nl/item/522932/reportage-er-is-leven-na-de-n-serie.html Nederland is een van de landen met de meeste gebruikers van de N-Serie. Wat betekent het beëindigen van de OEM-relatie tussen IBM en Netapp voor hen? De ontwikkeling van de software houdt op, dus wie verder wil staat voor een migratie. Tectrade en NetApp gaan daarom samenwerken om de investeringen in N-Series technologie van organisaties veilig te stellen, en hun storagestrategie aan te scherpen. Daarom vond deze week het Tectrade & NetApp Storage Seminar plaats waarin wordt getoond hoe de NetApp-oplossingen de bestaande storage-omgeving aanvullen en nòg efficiënter kunnen maken.

Tectrade gaat IBM- en NetApp Business Partners onder meer helpen door een soepele overstap mogelijk te maken van IBM N-Series naar het identieke NetApp FAS. Dit gebeurt door het Tectrade NetApp-team, dat bestaat uit experts in data- en infrastructuurmanagement, die bedrijven helpen om bedrijfskritische data te beheren, te beschermen en de optimaliseren. Zo helpt Tectrade organisaties met het aanscherpen van hun risicomanagement, snijden in de kosten en het op het scherpst van de snede managen van de toenemende hoeveelheid waardevolle data.

Goede toekomst

“We werken al sinds 2006 samen met NetApp”, zegt Ronald van Heek, Chief Commercial Officer bij Tectrade. “Meer dan 68 klanten in heel Europa gebruiken de N-Series. We willen hier daarom eerst kijken naar deze klanten die geïnvesteerd hebben in deze technologie. Wij willen ze een goede toekomst bieden, los van het N-Series platform.”

Peter Wilbrink, Director Sales Benelux bij NetApp voegt daaraan toe: “De samenwerking met IBM was heel intensief, wat betekent dat we ervoor moeten zorgen dat onze klanten ook in de toekomst een goede oplossing hebben. Samen met IBM business partners willen we die volgende stap zetten, en een migratiepad bieden voor de klanten die de technologie gebruiken. Het voordel van de NetApp-technologie is dat ze niet op andere software hoeven over te stappen.”

Bedrijfsprocessen ondersteunen

“Ook voor nieuwe gebruikers is dit interessant”, vervolgt Van Heek. “We zijn daarom NetApp Gold Partner geworden, om te zorgen dat gebruikers ook daadwerkelijk alle voordelen kunnen behalen.” Wilbrink: “Voor potentiële nieuwe gebruikers betekent dit dat de partners meer oplossingen kunnen aanbieden, zoals FlexPod dat we met Cisco in de markt zetten. Daar kunnen klanten een platform mee bouwen dat de bedrijfsprocessen dynamisch ondersteunt.”

]]>
Sat, 24 Jan 2015 08:00:28 +0100 Reportage: Er is leven na de N-Serie http://executive-people.nl/item/522932/reportage-er-is-leven-na-de-n-serie.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Het volledige storage-spectrum is vertegenwoordigd’ http://executive-people.nl/item/522519/a-het-volledige-storage-spectrum-is-vertegenwoordigda.html “Ik ben er trots op dat tijdens deze summit vendoren present zijn die het hele storage-spectrum beslaan, van high end tot low end”, zegt Thijs Vink, Director Benelux Advanced Solutions van IT-distributeur Ingram Micro. “Zij geven hun visie op de storage-markt en op de trends, en zij vertellen de deelnemers over de manier waarop ze invulling geven aan hun oplossingen voor die markt. Alles komt aan bod, van MKB tot high end datacenter storage.”

Hij doelt op de bijeenkomst Solutions made Simple, een grote Storage Summit die Ingram Micro op 6 maart organiseert in het NBC in Nieuwegein. “We zien dat alle segmenten binnen de storage-markt op dit moment een enorme groei doormaken”, zegt Vink. “Er speelt ontzettend veel, van de ontwikkelingen op mobiel gebied tot cloud. Tijdens de storage summit komen alle marktleiders samen die oplossingen bieden voor deze segmenten.”

Ronde tafel

Sjors Vonk, Value marketeer Benelux, voegt daaraan toe: “Van de vijftien aanwezige leverancier komen er twaalf aan het woord tijdens verschillende seminars, waarin zij hun visie geven op de toekomst van storage. Daarnaast hebben we een ronde tafelsessie waar diverse marktleiders aanschuiven, zoals HP, Netapp en Nimble. Zij gaan hier in discussie over trends en ontwikkelingen op de storage-markt. Tijdens deze dag zal Danny Frietman als dagvoorzitter optreden.”

Tijdens deze dag zullen drie overkoepelende thema´s centraal staan: Data growth & scalability, Flash storage en Back-up and archiving. Vink: “Storage Summit is bedoeld voor alle aanbieders van storage-oplossingen. Het aanbod tijdens de dag is heel breed, van leveranciers voor datacenter tot vendoren voor MKB en mobiele omgevingen. Dit maakt een bezoek aan deze summit interessant voor een breed scala aan bedrijven, van de traditionele VAR tot de grote System Integrator.”

Compleet verhaal

Vonk: “Met een breed aanbod bedoelen we ook dat deze dag is bedoeld voor zowel salesmensen als technisch personeel. De seminars zullen voornamelijk gericht zijn op sales, maar op de informatiemarkt zijn weer veel producten en technici aanwezig. Het is uitdrukkelijk bedoeld voor beide categorieën.” Op een informatiemarkt hebben alle leveranciers een stand waar zij hun producten tonen.

Vink: “Het is uniek dat we leveranciers over de hele breedte aan het woord laten komen. Er zijn in Nederland nooit evenementen waar alle aspecten van een markt vertegenwoordigd zijn. De storage summit biedt de bezoekers een compleet verhaal.”

Executive People is tijdens deze dag als mediapartner aanwezig, en zal onder meer vanaf een eigen studio op de beursvloer verslag doen van het evenement.

]]>
Fri, 16 Jan 2015 14:02:23 +0100 ‘Het volledige storage-spectrum is vertegenwoordigd’ http://executive-people.nl/item/522519/a-het-volledige-storage-spectrum-is-vertegenwoordigda.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Astrid Zwiers: SAP-eindgebruiker centraal http://executive-people.nl/item/521831/astrid-zwiers-sap-eindgebruiker-centraal.html Astrid Zwiers, CIO van P-Direkt, is voorzitter van de Vereniging van Nederlandse SAP Gebruikers (VNSG). Astrid Zwiers was al bestuurslid Internationale Samenwerking bij de VNSG, en ze heeft de voorzittershamer overgenomen van Tonnie van der Horst van de Rabobank. Tijdens het VNSG Congres in Maastricht zei Zwiers de SAP-eindgebruikers meer centraal te stellen, onder andere door de software van SAP gebruiksvriendelijker en eenvoudiger te maken.

Waarom ben je voorzitter geworden van de VNSG?

“Ik werd ervoor gevraagd, ik zat al in het bestuur van de VNSG. Ik hoefde er niet lang over na te denken, omdat er een aantal belangrijke zaken te doen is door en voor de VNSG. SAP-software is niet altijd makkelijk te begrijpen en SAP als organisatie niet altijd goed te benaderen. Daardoor heb je als voorzitter van de VNSG een belangrijke taak en rol. We hebben een goede modus met SAP en de eindgebruikers. Het VNSG Congres, dat begin april 2014 werd gehouden, levert altijd veel nieuwe contacten en ervaringen op. Dat geeft een leuke dimensie aan het werk.”

Wat wil je als voorzitter binnen de VNSG bewerkstelligen?

“Ik heb een aantal prioriteiten. Ik zie nieuwe mogelijkheden voor de VNSG om te ontwikkelen van een ‘eenvoudige hub’ naar een slimme ‘switch’. De VNSG kan hierbij meer gebruik maken van samenwerkingstechnologie, zodat we leden makkelijker met elkaar kunnen verbinden. Zo werken we vaker met webinars -een ontzettend groot succes. Mensen kunnen daardoor slimmer samenwerken. Verder kan de VNSG haar rol als topbeïnvloeder van SAP verder uitbouwen, door op alle eindgebruikersniveaus in te steken,  waaronder ook op C-niveau. Hierdoor geven we SAP input, bijvoorbeeld betreffende de helderheid over productstrategie en implementatiehulp die gebruikers vragen.

Stelt SAP de eindgebruiker meer centraal?

“De gebruikersvriendelijkheid is al verbeterd. SAP heeft naar de wensen van de VNSG geluisterd en aanpassingen doorgevoerd. Alleen de mate waarin gebruikers dit implementeren, de adoptiegraad,  is  nog onvoldoende. SAP gaf tijdens het VNSG Congres 2014 een mooie presentatie over nieuwe software met betere ‘usability’. Slechts duizend van veertigduizend SAP-klanten gebruiken deze nieuwe toepassingen. SAP speelt zelf een belangrijke rol om licenties inzichtelijker en  de implementatie makkelijker te maken voor eindgebruikers. Dat kan worden bewerkstelligd door goed naar eindgebruikers te luisteren. De eindgebruiker accepteert geen ingewikkelde software meer. De SAP-software moet net zo eenvoudig zijn als apps op een smartphone.”

Wat verwacht de CIO van SAP?

“We vragen aan SAP om met ons mee te denken hoe we kunnen innoveren. SAP kan het best eindgebruikersorganisaties ‘value for money’ geven, bijvoorbeeld door zichtbaar te maken hoe nieuwe technologie bijdraagt aan betere en snellere bedrijfsprocessen.  Tijdens de openingssessie van het VNSG Congres kwam een opmerking van iemand uit het publiek overimplementatiefouten door de IT-manager. Je moet als IT-manager en als CIO zorgen dat beloftes worden waargemaakt. IT heeft soms terecht een slechte naam, omdat bijvoorbeeld implementaties langer duren en meer geld kosten dan gepland. Daar moeten we beter in worden, en daarbij hebben we ook de ondersteuning van SAP nodig. SAP moet reële inschattingen kunnen afgeven en toepassingen aanbieden die we ook makkelijk kunnen implementeren. Als CIO vraag ik aan SAP: denk met me mee over de toepasbaarheid, ook op een 'installed base', en maak grote investeringen uitlegbaar. Aan de andere kant moeten (IT-)organisaties ook beter worden in het kortcyclischer en betrouwbaarder innoveren en implementeren.”

Wat kunnen leden van de VNSG verwachten?

“We blijven kritisch en constructief naar SAP. We betrekken alle leden, bijvoorbeeld met netwerkgesprekken en themamiddagen. Dat doen we op nationaal en internationaal niveau. De VNSG zet zich op drie punten in: het verhelderen van de  productstrategie van SAP, het verbeteren van adoptie door bijvoorbeeld betere implementatiehulp en transparante licentiëring. 

Meten

Hoe zie je de innovatie van SAP terug bij P-Direkt?

“We merkten bij P-Direkt een aantal jaren geleden ook dat eindgebruikers zeiden: we hebben een uitgebreide (SAP) zelfbediening-tool, je kan er alles mee, maar het is te ingewikkeld. Een eindgebruiker moet eerst veel leren en weten voordat hij  aan de slag kan met SAP-software.  We hebben als P-Direkt onze dienstverleningsprocessen, onze doelgroep en de gebruiksvriendelijkheid van ons portaal onderzocht. Dat doe je door alle typen gebruikers binnen je organisatie te betrekken, en te kennen, zoals de snelle beslissers of mensen die altijd eerst meer achtergrondinformatie willen hebben. Maar ook door het opzoeken van eindgebruikers en door het uitvoeren van  gebruiksvriendelijkheidonderzoeken. We hebben met al die informatie en kennis  het P-Direkt portaal verbeterd, en ook onze doelgroepcommunicatie en de wijze waarop ons contactcenter gebruikers te woord staat. Dat meten we ook. We willen als P-Direkt een gebruikerstevredenheid met een waarderingscijfer van 7 hebben; we zijn in een jaar van een 5,8 naar een 6,9 gegaan dankzij deze inspanningen. We zijn er dus bijna. SAP zou dat eigenlijk ook moeten doen: maak meetbaar wat de eindgebruikers van je applicaties vinden.”

Is SAP veranderd?

“Ik sprak tijdens het VNSG Congres  met iemand die een tijd uit de SAP-wereld was geweest en op het congres kwam kijken wat er veranderd was. Die persoon zei -en ik herken dat- dat op het gebied van gebruiksvriendelijkheid SAP een ware omslag had gemaakt. Hij zei dat als we een paar jaar terug over gebruiksvriendelijkheid spraken met SAP, we vaak presentaties van Duitse techneuten te zien kregen  die een mooi overzichtsscherm hadden gemaakt. Maar nu hebben ze een ontwerpteam dat eindgebruikers benadert voor input. SAP is duidelijk aan het innoveren op dit gebied, en heeft een eerste slag gemaakt.”

Wat ondertussen belangrijk blijft voor gebruikers is dat SAP die Duitse degelijkheid heeft en deze houdt in de borging van 'end-to-end' bedrijfsprocessen. Dat is de reden dat gebruikers jaren geleden voor SAP hebben gekozen, en dat ook de waarde van innovaties zichtbaar moet worden. Dat moet SAP koesteren.

]]>
Sat, 03 Jan 2015 08:00:57 +0100 Astrid Zwiers: SAP-eindgebruiker centraal http://executive-people.nl/item/521831/astrid-zwiers-sap-eindgebruiker-centraal.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Top 10 interviews in 2014 http://executive-people.nl/item/521499/top-interviews-in.html Dit jaar heeft het team van Executive People weer vele tientallen interviews gehouden met toonaangevende excutives. In dit overzicht de belangrijkste en populairste interviews die we dit jaar hebben geplaatst.

1. De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden?

Een appartement huren voor je vakantie doe je goedkoop bij AirBNB, een taxi bestel je voordelig via Uber. Je kinderen werken op school met een iPad, en thuis bedien je met je tablet niet alleen de thermostaat, maar ook de televisie en de verlichting. Heb je nieuwe schoenen nodig? Ook die bestel je online en laat het de volgende dag keurig thuisbezorgen. Nieuwe technologische mogelijkheden maken ons leven vaak makkelijker, leuker en in veel gevallen goedkoper.

 

2. Arnoud Klerkx, Sanoma Learning: 'Het gaat om digitale producten, niet om technologie'

In zijn vorige functie in een meer klassieke ‘CIO-rol’ was hij vooral ‘die man van de IT’. Nu is hij als een ‘Chief Digital Officer’ verantwoordelijk voor een ingrijpende digitale transformatie van de business, vanuit de Raad van Bestuur. Executive-People sprak met Arnoud Klerkx over zijn visie op technologie en de uitdagingen waar hij als Chief Business Technology Officer bij Sanoma Learning mee te maken heeft.

 

3. Jeroen Tas: 'Werk dat nu door een huisarts wordt gedaan, doet een patiënt straks zelf'

Begin dit jaar richtte Philips een nieuwe business-groep op om een toekomstbestendige visie op de gezondheidszorg uit te werken en te implementeren. Aan voormalig corporate CIO, Jeroen Tas, de taak om hier de komende jaren een succesvol bedrijfsonderdeel van te maken. "Mijn belangrijkste inbreng is een nieuw perspectief: het denken in termen van architecturen en platforms."

 

4. Pleidooi voor de Wiebes-factor en een goed fundament

Steeds meer overheden en bedrijven kiezen ervoor een CIO als commissaris of lid van de Raad van Toezicht te benoemen. Maarten Hillenaar – voormalig CIO Rijk en thans senior adviseur bij PBLQ –gaat in op de competenties van de CIO/commissaris en analyseert de verschillen en overeenkomsten tussen overheid en bedrijfsleven.

 

5. Marc Swartjes, Gartner: Geen weg terug meer voor Digitale business

Het thema van Gartner Symposium/ITXpo dit jaar is Driving digital business, een logisch vervolg op het thema vorig jaar Focus Connect Lead. Hoe zorgen CIO’s, of andere IT bestuurders ervoor dat hun organisatie daadwerkelijk businessvoordelen behaalt door de inzet van ICT? Executive People sprak hierover met Marc Swartjes, regional vice president Gartner Benelux.

 

6.Rituals: Snelle groei gefaciliteerd door ICT

Cosmeticamerk Rituals maakt een spectaculaire groei door Tien jaar geleden had de keten nog één winkel in de Amsterdamse Kalverstraat en inmiddels is Rituals te vinden in veertien landen met 350 winkels en bijna 1000 ‘shop-in-shops’. IT speelt bij deze expansie een cruciale rol. Een van de meest recente projecten is het uniformeren van alle stamdata met behulp van de Master Data Management (MDM)-software van Stibo Systems. Hiermee heeft iedereen in de organisatie altijd de beschikking over de juiste data, wat uiteindelijk leidt tot altijd de meest recente stuurinformatie.

 

7. CIO-interview: Mark Verheijen, Binck Bank

“Binck is een IT-bedrijf met een bankvergunning”, zegt CIO Mark Verheijen van Binck Bank. Alle business is IT, en deze visie wordt in praktijk gebracht door Business-IT Fusion. Dit betekent dat de eigen ontwikkelafdeling een integraal onderdeel is geworden van de business units. Hierdoor is de business zelf in staat om IT te ontwikkelen, wat onder meer de time to market voor nieuwe producten fors verkort. Executive People prak met Mark Verheijen over deze strategie.

 

8. Andre Richier, EC: 'CIO moet e-leader worden'

ICT zorgt voor banen, innovatie met ICT zorgt ervoor dat bedrijven en organisaties hun concurrenten voorblijven. Om dat te bereiken zijn mensen met de juiste vaardigheden nodig. De Europese Commissie houdt zich daarom bezig met het opstellen van e-leadership skills, die onder meer van belang zijn voor de CIO. De verantwoordelijke ambtenaar, Andre Richier, bezocht daarom dit jaar een bijeenkomst van CIONET.

 

9. 'IT liever gebruiken dan aanschaffen'

De business wordt steeds afhankelijker van IT. Technologie is in toenemende mate uitgegroeid tot een cruciale asset om de business te laten groeien. Maar hoe zet je die technologie in, en welke rol speelt de leverancier van die technologie? Over deze vragen sprak Executive People met Eugene Tuijnman, CEO van SLTN InterAccess, dat ontzorgen hoog in het vaandel heeft staan.

 

10. Video: Afscheidsinterview Thijs van Koppen

De afgelopen drie jaar heeft Thijs van Koppen als Regional Vice President Executive Programs Benelux bij Gartner het EXP-programma succesvol uitgebouwd, en afgestemd op de vragen die in deze tijd van hectische veranderingen leven bij CIO's. Eerder was hij onder meer CIO bij Robeco. Volgende maand vertrekt hij naar de Verenigde Staten, waar hij bij Gartner het EXP-programma gaat leiden in Noord- en Zuid Amerika en Japan. Tijdens het Gartner CIO Leadership Forum keek Executive People met hem terug op zijn werk in Nederland, en spraken we over de trends voor de CIO die tijdens het forum werden gepresenteerd.

]]>
Tue, 30 Dec 2014 08:00:57 +0100 Top 10 interviews in 2014 http://executive-people.nl/item/521499/top-interviews-in.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Informatica moet standaard in vakkenpakket' http://executive-people.nl/item/521507/informatica-moet-standaard-in-vakkenpakket.html "Jonge mensen die afstuderen aan universiteit of hogeschool moeten de juiste kennis en vaardigheden hebben om direct aan de slag te kunnen. Opleidingen moeten daarom optimaal aansluiten op de behoefte van de arbeidsmarkt, stelt Sandor Nieuwenhuijs, Technical Director bij Oracle Nederland. "Zeker in de ICT is er grote behoefte aan afgestudeerden met de juiste skills en het informatica-onderwijs moet daarin kunnen voorzien. Oracle wil dat ondersteunen en biedt daarom via het Oracle Academy programma opleidingsinstellingen gratis informatica-lespakketten en bijscholing van docenten aan."

Het Oracle Academy programma richt zich niet alleen op universiteiten en hogescholen, maar juist ook op het voortgezet onderwijs, benadrukt Nieuwenhuijs. "Want daar moet de basis van het informatica-onderwijs liggen. Helaas wijst de praktijk vaak anders uit. Op veel middelbare scholen kan geen curriculum informatica worden gevolgd omdat er geen docent is die het kan geven.
Anders dan bijvoorbeeld in Engeland en België, waar het gewoon standaard onderdeel is van het vakkenpakket, is informatica in Nederland niet meer dan een hobbypakket dat je in het gunstigste geval erbij kunt doen, maar er is geen officieel examen voor. In het examenprogramma van HAVO en WO zijn wel vakken opgenomen als filosofie, Turks, Arabisch, Russisch en Fries, maar informatica ontbreekt daarin. Scholieren die een informaticastudie willen volgen - of een van de vele andere studierichtingen waarin informatica een belangrijke component is - worden daardoor op voorhand al op een kennisachterstand gezet."

Oracle Academy

Het Oracle Academy programma voorziet in gratis SQL en Java lespakketten en biedt daarmee toegang tot hoogwaardige softwarekennis en Java ontwikkelomgevingen voor scholen, universiteiten en hun leerlingen en studenten. Daarnaast biedt Oracle Academy gratis bijscholing aan voor informatica-docenten. "Oracle draagt daarmee bij aan het op peil houden van de kennis in informatica", aldus Nieuwenhuijs.

Oracle Academy biedt twee lesprogramma's aan: 'Introduction to Computer Science' en ‘Advanced computer science’.

Introduction to Computer Science is een programma dat voornamelijk is gericht op de hogere klassen van het voortgezet onderwijs en het eerste jaar van het hoger onderwijs. "We richten ons op de informatica docenten die graag willen worden bijgeschoold in de basis van het programmeren", vertelt Nieuwenhuijs. "We bieden twee soorten trainingen die de docent kan volgen: een Java Programming training en de Database Design and Programming with SQL training. Na het volgen van de training krijgen de docenten toegang tot al het Oracle lesmateriaal, dat eenvoudig is te installeren is op de onderwijscomputers.

Er zijn verschillende trainingsmogelijkheden. Voor degenen die een live klaslokaal-ervaring willen, levert Oracle een in-class training van 5 dagen met een gecertificeerde instructeur. Voor docenten die de voorkeur geven aan een gemixte ervaring, biedt Oracle Academy een virtuele opleiding van 6 tot 12 weken, gevolgd door een 2/ of 3-daagse in-class training. Docenten die ervaring hebben in het lesgeven in Java, Database Design, SQL of PL/SQL kunnen via een 'Experience Pass' toegang krijgen tot het Oracle lesmateriaal.

Het Advanced Computer Science (ACS) programma is gericht op hogescholen en universiteiten. Dit programma geeft voor een bedrag van 500 dollar per jaar toegang tot 180 lespakketten op het gebied van Oracle software en technologieën. "Het ACS-programma geeft geen trainingen aan de leerkrachten omdat we er van uit gaan dat zij deze kennis al hebben", licht Nieuwenhuijs toe. "Mochten docenten nog behoefte aan bijscholing hebben, dan kunnen ze met korting een cursus volgen bij Oracle University."

Informatica opent deuren

In Nederland hebben zich al bijna 50 opleidingsinstanties aangemeld voor het Oracle Academy programma, vertelt Nieuwenhuijs. "Voor het merendeel zijn dat universiteiten en hogescholen, maar we willen de komende tijd met name de scholen in het voortgezet onderwijs stimuleren om deel te nemen aan het Oracle Academy programma. Want nogmaals, wij vinden dat informatica niet mag ontbreken in het vakkenpakket van de hogere klassen in het voortgezet onderwijs. Er zijn in deze tijd maar weinig vakken die zoveel deuren openen voor studenten als informatica. Scholieren moeten daarom de gelegenheid krijgen om op een goede manier en op het juiste moment kennis te maken met informatica, zodat ze dat kunnen laten meewegen bij hun keuze voor een vervolgstudie."

Bron: Oracle Gebruikersclub Holland (www.ogh.nl). Voor meer informatie over het Oracle Academy programma kunt u terecht bij Bas Kamsma van Oracle Nederland, e-mail: bas.kamsma@oracle.com.

]]>
Wed, 24 Dec 2014 08:57:54 +0100 'Informatica moet standaard in vakkenpakket' http://executive-people.nl/item/521507/informatica-moet-standaard-in-vakkenpakket.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘PC markt was dit jaar de grote verrassing’ http://executive-people.nl/item/521485/a-pc-markt-was-dit-jaar-de-grote-verrassinga.html Het was een goed jaar voor Intel. Voor het eerst groeit de markt voor pc’s weer sneller dan de tabletmarkt. Ook op de zakelijke markt is een opleving merkbaar, vooral dankzij cloud computing, de vraag naar security en the Internet of Things. Executive People blikt met Patrick Bliemer, Managing Director Intel Northern Europe, terug op 2014, en kijkt vooruit naar het komende jaar.

Financieel was 2014 voor Intel een sterk jaar, zegt Patrick Bliemer, Managing Director Intel Northern Europe. “Beter nog dan wij hadden verwacht.” Deze groei komt zowel uit de markt voor tablets als die voor pc’s. Begin 2014 heeft Intel op de consumentenmarkt daarom groots ingezet op de tabletmarkt, zonder echter de voor hen traditioneel belangrijke pc-markt te vergeten. Die focus op beide segmenten is een goede stap gebleken.

“De tabletmarkt was een grote uitdaging voor ons. Het was heel duidelijk dat wij ons marktaandeel niet konden behouden wanneer we geen significante rol zouden spelen in een groeisegment als tablets. Onze CEO heeft daarom voorspeld dat wee dit jaar veertig miljoen chips zouden moeten verkopen op die markt.”Dat is echter minder makkelijk gegaan dan verwacht omdat de markt tekenen van verzadiging begint te vertonen.

“De groei van tablets is ontzettend snel gegaan het afgelopen jaar. Daarom is er in het afgelopen kwartaal zelfs een negatieve groei geweest in het totaal aantal verkochte tablets. Het is in verschillende landen, waaronder Nederland, een vervangingsmarkt geworden. Nederland is zelfs een van de eerste landen waar meer tablets zijn verkocht dan pc’s. We zien die trend ook in de Scandinavische landen en Engeland, de op een na grootste markt buiten Duitsland. Duitsland groeit nog steeds een beetje met tablets.”

Andere marktbenadering

Dit vraagt van Intel een andere martkbenadering dan voorheen. “Het is makkelijker om mee te liften op iets dat groeit dan iets dat verzadigd is. We verwachten wel dat we het jaar uitgaan met veertig miljoen verkochte chips, dus ons doel op de tabletmarkt is waarschijnlijk wel gehaald.”

De pc-markt was de grote verrassing. “Die heeft een hele sterke ontwikkeling doorgemaakt. Een jaar geleden leek de pc nog afgeschreven. Maar wij hebben altijd duidelijk proberen te maken dat de pc zich opnieuw blijft uitvinden. We innoveren in de pc omdat het nog steeds een device is waarbij zowel consumenten als zakelijke gebruikers aangeven dat het een apparaat is waar ze steeds naar teruggaan. Alleen is er te weinig vernieuwing in dit segment. Men gaat hem pas vervangen als hij kapot gaat.”

Datacenter blijft groeimarkt

Ondertussen blijft de markt voor datacenters onverminderd doorgroeien, vooral onder invloed van cloud service providers, cloud computing en hyperscalers. “Die groei zien we ook in Nederland, waar nieuwe datacenters worden gebouwd. Wij hebben een sterke propositie voor de hardware in die datacenters.”

“De visie die we daarin hebben, en waar we onze strategie ook grotendeels op is gebaseerd, is die van de software defined infrastructure. Daarbinnen zijn nog volop keuzes te maken. We hebben natuurlijk zelf een aantal oplossingen in huis, maar daarin is het platform altijd open, zodat je ook met andere partijen kunt innoveren en uitbouwen. Dat is vergelijkbaar met de end-to-end security-oplossing die we via McAfee en Intel security leveren. Daar sluiten we ook een combinatie met andere security-oplossingen niet uit. We leveren de building blocks waarvan we moeten aantonen dat zij samen superieure oplossing bieden.”

Cloud

Cloud computing als businessmodel staat onverminderd op de agenda van organisaties. “Het SMB heeft die overstap grotendeels al gemaakt met oplossingen als Azure, Amazon of KPN. Ik denk dat er weinig bedrijven in de sector SMB’s zijn die nog een eigen serverinfrastructuur kunnen rechtvaardigen. Het gaat er vooral om dat je heel duidelijk kunt aangeven wat je nodig hebt om flexibiliteit in te kunnen bouwen.”

Grote ondernemingen hebben volgens hem meer aarzelingen. “Het is nog een beetje een tweespalt. Veel cloud bestaat daar uit hybride oplossingen. Ik denk dat het een interessant vraagstuk gaat worden. Er zijn uitgesproken partijen die zeggen dat hybride een overgangsmodel is, en dat uiteindelijk alles public cloud wordt. Maar er ook partijen die duidelijk aangeven, vooral op basis van beveiligingsrisico’s, dat er altijd noodzaak zal zijn voor een private cloud. Hoe dat zich verder ontwikkelt is moeilijk te zeggen, maar er blijven weinig modellen over die niet in de cloud kunnen draaien.”

Baanbrekende security

Een grote uitdaging voor organisaties blijft security. “Dat bieden wij met Intel Security. Onze engineering teams zijn hierin samengevoegd, evenals de hardware en de software. Zo kunnen we daadwerkelijk met nieuwe security-oplossingen komen. Want er is behoefte aan baanbrekende security-technologieën die verder gaan dan alleen software gebaseerde security oplossingen. Honderd procent bescherming kun je nooit garanderen, maar je moet wel in staat zijn om ieder onderdeel van de end-to-end oplossing te kunnen leveren. Die combinatie biedt een robuuste oplossing.”

The Internet of Things tenslotte is een andere grote groeimarkt voor Intel. “We verwachten daar een hele sterke groei. En we zijn er al sterk aanwezig, weinig mensen weten dat we al heel lang actief zijn op het gebied van embedden. Er zit in meer Intel in apparatuur dan de gemiddelde consument weet, of je nu geld uit een automaat haalt of incheckt op een luchthaven. Dat wordt nu allemaal verbonden met het internet, wat weer allemaal data genereert. Daar kun je services op gaan bouwen. Op dat gebied doen we veel research and development. Hoe het er uiteindelijk uit komt te zien kan niemand voorspellen. Maar dat het groot is en dat wij als Intel een grote rol spelen in die revolutie is fantastisch.”

]]>
Wed, 24 Dec 2014 08:00:08 +0100 ‘PC markt was dit jaar de grote verrassing’ http://executive-people.nl/item/521485/a-pc-markt-was-dit-jaar-de-grote-verrassinga.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
“Telecomwet sluit niet meer aan bij de werkelijkheid” http://executive-people.nl/item/521383/a-telecomwet-sluit-niet-meer-aan-bij-de-werkelijkheida.html Veel activiteiten die te maken hebben met het Internet vallen onder de Telecomwet en dat begint steeds meer te wringen. Het is tijd voor een nieuwe wet die beschrijft hoe de wereld van internet in elkaar zit en wat de uitgangspunten moeten zijn voor verschillende rollen en functies.

We realiseren ons niet wat voor een enorme maatschappelijke verandering er aan de gang is volgens Michiel Steltman, directeur bij DHPA. “Als je over 100 jaar terugkijkt naar dit tijdperk, zul je zien dat alles door het internet is veranderd. Er is geen sector in de maatschappij die niet is geraakt door het internet, dus het is misschien nog wel een ingrijpendere ontwikkeling dan de industriële revolutie. Toch is er wettelijk niets voor geregeld. Voor elektriciteit hebben we de elektriciteitswet. Voor wegen hebben we de wegenverkeerswet. Voor allerlei grote maatschappelijke thema’s hebben we een wettelijk kader, maar voor de grootste innovatie aller tijden – het internet – hebben we niets. Dat is toch bizar?”

Veel internet- en onlinebedrijven worden op dit moment aangeduid als aanbieders van openbare telecommunicatiediensten, waarmee ze onder de Telecommunicatiewet vallen. Dat is het enige wettelijke kader dat de overheid op dit moment heeft voor internet. Steltman vergelijkt het met de opkomst van de telefoon: “De eerste telefoons werden door de overheid aangeduid als klanktelegraaf zodat ze onder de Telegrafiewet van 1854 vielen. Tot de situatie in 1904 onhoudbaar werd en de wet op communicatievoorzieningen er kwam. Deze geschiedenis herhaalt zich nu.”

Nieuwe werkelijkheid

Die Telecomwet sluit niet meer goed aan bij de werkelijkheid van het internet, volgens Steltman. “De internetwereld en de online-industrie steken heel anders in elkaar dan de telecommunicatie-industrie. De telecomsector is verticaal geïntegreerd en bestaat voornamelijk uit bedrijven die de gehele dienstverlening voor hun rekening namen. De internetwereld is echter horizontaal geïntegreerd en bestaat uit veel verschillende specifieke rollen en functies met een totaal verschillende dynamiek.”

Omdat internetbedrijven nu allemaal over één kam worden geschoren, ontstaan er krampachtige pogingen om een indeling te maken die de Telecomwet eigenlijk niet goed ondersteunt. In de recente beleidsnotitie over netneutraliteit van het ministerie van Economische Zaken worden allerlei nieuwe termen geïntroduceerd zoals ‘losse diensten’, ‘gespecialiseerde diensten’, toegangsdiensten’ of ‘inhoudsdiensten’. Het wordt er daardoor niet gemakkelijker op. Steltman voorspelt Babylonische spraakverwarring als we zo doorgaan. “In de recente parlementaire historie zie je al dat er in debatten over de online wereld steeds andere termen worden gebruikt voor rollen en functies in de online wereld.” Ook voor bedrijven is het daardoor moeilijk te bepalen wie nu wat is en wat moet doen of laten. “Of, om het in politieke termen te beschrijven: een toename van de administratieve lastendruk van bedrijven.”

'Geautomatiseerde werken?'

Als voorbeeld noemt Steltman AMS-IX, het grootste internetknooppunt ter wereld. “AMS-IX is nu door de ACM aangeduid als ‘aanbieder van telecommunicatiediensten’. Dat is een drama. Het bedrijf zou in beginsel aan allerlei verplichtingen moeten voldoen die helemaal niet voor hen bedoeld zijn, zoals de bewaarverplichting en de tapverplichting. Dat is technisch niet eens uitvoerbaar, je kunt verkeer van drie Terabit per seconde niet gaan tappen. Daar moeten dan weer allerlei uitzonderingen voor worden bedacht. Gedoe, om niets. Zo speelt dat ook bij de zorgplicht. Lange tijd is er gedebatteerd over welke bedrijven precies aan die zorgplicht zouden moeten voldoen. Het ministerie spreekt nu over de uitbreiding van de zorgplicht, en ook daar zal er, als er duidelijke kaders ontbreken, onduidelijk zijn voor wie dat moet gelden en voor wie niet. Nog zorgelijker wordt het bij het thema handhaving en opsporing. In het voor maart 2015 aangekondigde wetsvoorstel ‘computercriminaliteit III’ wordt gesproken over 'geautomatiseerde werken'. Dat is veel te breed geformuleerd. Daarmee zouden justitie en politie rechten krijgen om zelfs de kern van het internet binnen te dringen, en dat schiet het doel uiteraard compleet voorbij.”

Tijd om wakker te worden

De politiek begint nu wakker te worden. Steltman: “Een aantal politieke partijen begint het belang van betere wettelijke kaders in te zien en zullen daar op in gaan zetten.. Een wettelijk kader dat beschrijft hoe de wereld van internet in elkaar zit en wat de uitgangspunten moeten zijn voor verschillende rollen en functies. Met die wettelijke kaders kun je weer een jaar of 30 voorruit.” Dat er niet eerder is ingegrepen, zou volgens Steltman kunnen komen omdat internet leidt tot disruptieve innovaties. “Dat verschijnsel is beschreven door Clayton Christensen, een professor aan de Harvard universiteit. Het kenmerk van disruptieve innovaties is dat als je er midden in zit, je het niet ziet. Het gaat geleidelijk. Veel mensen in zowel de overheid als bedrijven denken dat het gaat om een conversie van media en telecommunicatie, maar snappen niet dat er iets veel groters en fundamenteels aan de hand is.”

Er moet nu echter wel wat gaan gebeuren, vind Steltman. “Net als met de telefoon in 1904 is ook nu de situatie niet meer houdbaar, de overheid moet iets gaan doen. De wetgeving moet veel fijnmaziger worden en beter worden afgestemd op de realiteit van de online economie. Het is belangrijk dat er terminologie wordt gebruikt die herkenbaar is voor bedrijven die actief zijn in de sector, en voor publiek en overheid . De onafhankelijkheid van bedrijven in de sector digitale infrastructuur, is essentieel . Net zoals netneutraliteit, waarmee iedereen vrij en ongefilterd toegang heeft en houdt tot het internet. Maar duidelijkheid vooraf is daarbij nodig: wat mag nu precies wel en wat mag niet? Door dat helder te krijgen kunnen we de debatten veel eenvoudiger maken en toespitsen op specifieke rollen en functies, kunnen we de juridische zekerheid verhogen en de lastendruk voor bedrijven verlagen.”

]]>
Sun, 21 Dec 2014 09:00:31 +0100 “Telecomwet sluit niet meer aan bij de werkelijkheid” http://executive-people.nl/item/521383/a-telecomwet-sluit-niet-meer-aan-bij-de-werkelijkheida.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Nooit meer bang voor datagroei: 3 stappen om je dataopslag te optimaliseren http://executive-people.nl/item/521382/nooit-meer-bang-voor-datagroei-stappen-om-je-dataopslag-te-optimaliseren.html Datagroei is voor veel bedrijven nog een vijandig fenomeen. De hoeveelheid data groeit exponentieel, waardoor het voor bedrijven moeilijk is om waarde te halen uit de beschikbare informatie. Toch wordt het pas echt een uitdaging als bedrijven juist niets doen. Dan groeien de kosten harder dan de waarde die de beschikbare gegevens opleveren, vertelt Ronald van Heek, chief commercial officer bij Tectrade. Aan de slag dus! En dat kan door deze drie stappen te nemen.

'Enerzijds zien we dat veel bedrijven bang zijn voor de grote hoeveelheden data die erbij komen. Dat is niet gek als je bedenkt dat we in de wereld tegenwoordig elke dag meer data produceren dan we in de gehele geschiedenis verzameld hebben', aldus Van Heek. 'Anderzijds zien we dat de kosten voor opslag en beheer in de komende jaren zullen stijgen. Nu beslaan opslagkosten nog 13 procent, maar in 2017 zal dat stijgen naar 52 procent.'

Angst voor datagroei is contraproductief. Bedrijven vinden het lastig om stappen te ondernemen omdat ze niet weten waar ze moeten beginnen. De daadwerkelijke waarde van de beschikbare informatie blijft zo verborgen in de opslag. Waardevolle en waardeloze informatie blijven op één hoop liggen en de kosten blijven stijgen. Om daar verandering in te brengen, kunnen de volgende drie stappen gezet worden, zo betoogt Van Heek.

Storage analytics brengt in kaart wat je hebt

Om te weten welke waarde je uit data kan halen, moet je eerst weten welke informatie beschikbaar is. Als je overzicht hebt over de herkomst van je data, het soort en het belang voor de organisatie, kun je een start maken van een dataopslag strategie. Het overzicht kun je creëren door een uniforme storage analytics oplossing te implementeren. Van wie is de data? Hoe vaak wordt het gebruikt? Waar is het opgeslagen en past het type opslag bij het soort data? Door deze exercitie maak je onderscheid in de data die je moet bewaren en data die verplaatst kan worden of zelfs verwijderd.

Door storage analytics toe te passen, kan de IT-afdeling, of de verantwoordelijke datamanager onderscheid maken in de data volumes en de verschillende types in kaart brengen. Daar stopt het niet. 'De volgende stap is de vertaling voor de business. Zij moeten beschikking krijgen over de data die ze nodig hebben voor het verbeteren van hun bedrijfsdoelstellingen. Het inventariseren van deze gegevens zou de eerste prioriteit moeten zijn van een chief digital officer, die business en IT verbindt.'

Als je de businessdoelstellingen meeneemt in het analyseren van data, zie je dat niet alle data even waardevol is. Het is niet altijd zinvol om gegevens langdurig op te slaan. 'Twee jaar geleden waren we op het jaarlijkse Gartner Symposium bij een bijeenkomst over dataopslag. De eerste prioriteit die de analist aanvoerde, was het ontwikkelen van een dataverwijderingsstrategie. Dat is voor veel bedrijven lastig en je ziet dan ook vaak dat organisaties soms vele honderden terabytes aan data hebben, maar nog nooit iets hebben weggegooid', verklaart Van Heek.

Automatisering van storage tiering

Als je je gegevens in kaart hebt gebracht en hetgeen hebt verwijderd wat niet meer nuttig is, ga je de toewijzing van gegevens aan opslag automatiseren. Je wilt namelijk niet bij elk project opnieuw nadenken over welke opslag je beschikbaar hebt en waar je wat gaat plaatsen. Dat kan beter automatisch bepaald worden door software. Het deel dat cruciaal is voor een bedrijf en vaak gebruikt wordt, zal op een tier 1 opslagsysteem geplaatst worden. Data die met een lagere performance toe kan, zal geplaatst worden op een tier 2 opslag.

De automatisering is een stap die ook terugkomt bij software-defined storage en computing. Alles is software gestuurd en is niet afhankelijk van de onderliggende infrastructuur. 'Je tilt de intelligentie een niveau hoger en uit de gesloten storage. Het maakt dus niet meer uit welke hardware-oplossing van een bepaalde opslagleverancier je gebruikt. Daarbij kan ook capaciteit uit de cloud makkelijk aangesloten worden', aldus Van Heek.

Overigens is het volgens Van Heek waarschijnlijk niet zo dat bedrijven snel grote hoeveelheden productiedata in de cloud zullen zetten. 'Het is het vraagstuk waar veel bedrijven nu over nadenken. Zeker als ze hun data bij één leverancier zullen onderbrengen, dan wordt een bedrijf te afhankelijk. Ook willen organisaties vaak geen cloudleverancier waarbij hun data over de grens worden bewaard. Als bedrijven dus kiezen voor een cloudoplossing, dan is een exitstrategie zeker geen overbodige luxe.'

Comprimeren van data

Naast het plaatsen op de juiste opslagsystemen kun je overgaan op slimme compressietechnieken, vertelt Van Heek. 'In de praktijk zien we dat de volume altijd naar beneden gaat, maar sommige gegevens zijn succesvoller te comprimeren dan anderen. Zo is een database te verkleinen met 50 tot 80 procent. E-maildata is te verkleinen met 30 tot 60 procent. Als je spreekt over compressie en of hoe zich dat terugbetaalt, dan kun je er gewoon een rekenmachine bij pakken.'

Hoewel de eerste stappen misschien omslachtig lijken, leidt de juiste storage en dataopslagstrategie tot enorme voordelen. Kosten worden verlaagd, het beheer voor de IT-afdeling wordt eenvoudiger, maar voor de business levert het misschien de meeste waarde op. Met toegang tot de juiste datasets, kan door middel van business analytics ondersteuning worden geboden aan het verbeteren van de bedrijfsdoelstellingen. Zo wordt datagroei geen vijand, maar je beste vriend.

Door Anne van den Berg

]]>
Sat, 20 Dec 2014 08:00:36 +0100 Nooit meer bang voor datagroei: 3 stappen om je dataopslag te optimaliseren http://executive-people.nl/item/521382/nooit-meer-bang-voor-datagroei-stappen-om-je-dataopslag-te-optimaliseren.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Snelle bus en analyse tegen cybercrime http://executive-people.nl/item/521108/snelle-bus-en-analyse-tegen-cybercrime.html In de strijd tegen virussen, hackers en ander digitaal gespuis heeft Intel Security de volgende stap gezet: Threat Intelligence Exchange (TIE). Dit is het eerste product dat gebruik maakt van de Data Exchange Layer (DXL), eveneens een vinding van Intel Security. Bij elkaar, zo vertelt Radboud Beumer, directeur Benelux van het bedrijf, komt het neer op een razendsnelle messaging structuur (een bus) en centrale analyse van al het netwerkverkeer. De digitale wapenwedloop is nog in volle gang.

Vier jaar geleden heeft Intel de beveiligingsexpert McAfee overgenomen. Inmiddels is de oude naam aan het verdwijnen. Het pand op Schiphol-Rijk heeft Intel Security op de gevel staan. Het visitekaartje van Beumer meldt eveneens de nieuwe naam. Als we er niet op kunnen vertrouwen dat het digitale verkeer veilig af is te handelen, dan stort de hele computerindustrie in elkaar, moet Intel hebben beseft toen het bedrijf een bod deed op McAfee. “Voor Intel is beveiliging een bijzonder belangrijk aspect”, legt Beumer uit. Maar het gaat nog een stap verder, zegt de Benelux-directeur. “Uiteindelijk moet je de risicobeheersing zien in te bakken in de chips zelf. Voordat het besturingssysteem dan opstart, wordt eerst gecontroleerd of alles in orde is. Dan heb je snelheidswinst en een veel eenvoudiger beheer. We zijn al een aardig eind op weg om onze processoren intrinsiek veilig te maken.”
Maar nu gaat het gesprek over wat vandaag de dag beschikbaar is. Daarmee komen meteen DXL en TIE in beeld.

Te veel informatie

De digitale dreigingen (threat landscape) zijn in omvang toegenomen, maar ook in complexiteit. Black listing en white listing zijn niet meer afdoende om ongewenste bezoekers buiten te houden. Die oplossingen vergen namelijk veel onderhoud. Vorig jaar al, is overgestapt op analyses van het netwerkverkeer, op zoek naar afwijkend gedrag van softwarepakketjes. Dat is een doelmatigere methode om de gegevens te beveiligen.
In de afgelopen jaren hebben organisaties hun gegevens gelaagd beschermd: firewall, intrusion detection, intrusion prevention, anti-virus software. “Een beheerder moet dan de routers in de gaten houden, maar ook de switches, de desktops, alle mobiele apparatuur. Die genereren bij elkaar een berg aan gegevens over het netwerkverkeer. Dat is zo veel dat de beheerders het overzicht compleet kwijt zijn. Een aanvaller in het oog krijgen, komt dan neer op het zoeken naar een naald in de hooiberg. Er is gewoon te veel informatie.”

Snelle bus

Het is zinvol om die gegevens over het netwerkverkeer te kanaliseren naar een centraal verwerkingspunt. Hiervoor heeft Intel een snelle bus bedacht: de Data Exchange Layer. Te vergelijken met een enterprise service bus. De onderneming komt met een andere vergelijking: die van het menselijk zenuwstelsel. Dat is een electro-chemisch communicatienetwerk voor het aansturen van spieren, en het verwerken van zintuiglijke prikkels en emotionele en cognitieve processen.
DXL is de architectuur van Intel Securtiy die zorgt voor zich aanpassende beveiliging. Het is een real-time, in twee richtingen werkend communicatienetwerk dat informatieuitwisseling over cyberaanvallen en -dreigingen sneller en eenvoudiger maakt, zodat de verschillende beveiligingscomponenten binnen een bedrijfsnetwerk als één onderdeel opereren. TIE opereert binnen de DXL-architectuur en verzorgt de centrale opslag van externe, vendorspecifieke en door de organisatie opgedane kennis over cyber- en dreigingsinformatie. Hierdoor is het mogelijk om nog acurater en sneller te reageren op zero day dreigingen en aanvallen.

Handelen

“De snelle bus is de helft van het verhaal”, zegt Beumer, “want je moet natuurlijk ook in staat zijn om al die gegevens snel te analyseren en meteen te handelen als dat nodig blijkt. Uit onderzoek (Needle in a Datastack) blijkt dat het bedrijven gemiddeld 14 uur kost alvorens een datalek te ontdekken, waarbij slechts 14% in staat is binnen een paar minuten te ontdekken wat de bron van dit lek is en het snel te herstellen. Dan blijf je achter de feiten aanlopen. Er is intelligentie nodig om de analyses te doen en meteen te handelen. Dat hebben wij verwerkt in de Threat Intelligence Exchange. Een veilig gevoel krijg je alleen als de informatie snel wordt verzameld en er meteen een beoordeling plaats vindt met aansluitende actie, mocht dat nodig zijn. Je moet weten wat de impact is van een bepaalde bedreiging op de bedrijfsvoering om een passend antwoord te formuleren en navenant te handelen. Dat doen wij hiermee.”

Volledig open

Zoals bij alle producten heeft Intel ook TIE en DXL ontworpen met openheid als uitgangspunt. Een API volstaat om apparatuur van andere leveranciers naadloos te laten aansluiten op de busstructuur. De chipfabrikant werkte met meer dan honderd leveranciers samen bij de ontwikkeling van deze beveiligingsproducten. Deze aanpak heeft tevens de mogelijkheid dat resellers de producten als managed service onder eigen naam kunnen aanbieden aan hun klanten.
Bovendien is de oplossing volledig schaalbaar. Beumer zegt dat het geen enkel probleem is als er miljoenen endpoints tegelijk actief zijn in het netwerk. Tegelijkertijd is de invloed op de prestaties van het netwerk te verwaarlozen, zo verzekert Beumer.

Hij vertelt dat het bedrijf er alles aan doet om beveiliging tussen de oren te krijgen; niet alleen bij de IT-afdeling, maar ook bij het algemeen management. Het is een reis die we met z'n alle ondernemen. “We doen dat bijvoorbeeld met workshops; we hebben hier op het hoofdkantoor een war room gebouwd, zodat iedereen precies kan zien wat er gebeurt bij een aanval; en wat ertegen is te doen. Overigens gaat het allang niet meer alleen om de geautomatiseerde, administratieve systemen. Ook de Scada-systemen, die zorgen voor aansturing van industriële processen, zijn in toenemende mate slachtoffer. Bijvoorbeeld van mensen die losgeld eisen, of anders de verkeerslichten in een stad gaan ontregelen – ik noem maar iets. En wat denk je van het Internet of Things? Dat machines rechtstreeks met elkaar communiceren en handelen? Dan is beveiliging een absolute randvoorwaarde.”
En dat kan alleen als er een snelle bus is voor het berichtenverkeer en zoveel mogelijk geautomatiseerd de verkeersstromen analyseren en meteen handelen als daar aanleiding toe is.

Door: Teus Molenaar

]]>
Tue, 16 Dec 2014 12:25:32 +0100 Snelle bus en analyse tegen cybercrime http://executive-people.nl/item/521108/snelle-bus-en-analyse-tegen-cybercrime.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
EMC: flash betekent eenvoud http://executive-people.nl/item/521176/emc-flash-betekent-eenvoud.html Flashgeheugen dient alleen voor applicaties die razendsnel toegang moeten hebben tot data, zo is de algemene opvatting. “Zo zijn wij ook begonnen”, zegt Ehud Rokach, mede-oprichter en algemeen directeur van ExtremIO, “maar allengs zijn we erachter gekomen dat flash vooral eenvoud betekent binnen de opslagstrucuur, flexibiliteit en kostenbesparing.” Hij zegt te concurreren met bijvoorbeeld de Exabyte van Oracle.

We spreken elkaar in het Center of Excellence van EMC te Tel Aviv dat vooral is gericht op innovatie. EMC heeft nog drie andere CoE's in Israël. Wereldwijd beschikt de onderneming over negen van dergelijke onderzoekscentra. In Tel Aviv ligt de nadruk op flash en de 'software defined opportunities', zo legt Simon Walsh uit. Hij is de COO Emea bij EMC. “Wij veranderen mee met onze klanten, maar we zullen nooit een system integrator zijn”, legt hij uit. “We blijven een technologiebedrijf met twaalf procent van onze omzet in onderzoek en ontwikkeling.”

De onderneming investeert fors in Elastic Cloud Storage (ECS), omdat het bedrijfsleven snelheid, flexibiliteit en risicobeheersing nodig heeft.

Kostenbeheersing nodig

Walsh verklaart dat het bedrijfsleven tegenwoordig gedwongen is op de dubbeltjes te letten. Tegelijk is er het besef dat automatisering nieuwe markten en/of bedrijfsmodellen kan ontsluiten. “De CIO is daarmee zo belangrijk geworden dat hij niet meer rapporteert aan de CFO, maar rechtstreeks aan de CEO.”

Hij zegt ondernemingen vijfenzestig procent van hun IT-budget kwijt zijn aan 'lopende zaken', voornamelijk bestaande uit personeelskosten, software en telecom. “Wij hebbben ons best gedaan de kosten voor hardware en en energie sterk naar beneden te krijgen, zodat binnen het IT-budget meer geld overblijft voor verandering”, zegt Walsh.

Op dit moment zien we dat wijzigingen in het IT-landschap leidt tot ontwrichtende marktinitiatieven. Denk aan de taxidienst Über (draait op EMC), BMW die een eigen softwarebus ontwerpt om een andere beleving van het autorijden mogelijk te maken. KPN brengt (dankzij de EMC-infrastructuur) tv naar de woningen zonder nog een settop box nodig te hebben. “Heel ingenieus”, vindt Walsh.

Totaalaanbod

In 2012 stond bij het onderzoek van Gartner naar de bestemming van IT-euro's 'productverbetering' nog bovenaan. In 2013 staat 'IT' op de eerste plaats. Gevolg door 'digital capabilities', 'R&D innovation' en dan pas 'productverbetering'. Daarbij gaat het bij de IT-afdeling voornamelijk om de software driven onderneming. Slim gebruik van algoritmes zorgt voor beperkte behoefte aan hardware en lager energieverbruik.

Dit betekent wel een nauwe samenwerking tussen hard- en software. “Daarom zie je dat EMC een andere beweging heeft dan bijvoorbeeld HP en Symantec die bedrijfsonderdelen splitsen. Wij kopen   juist interessante technologiebedrijven om die te integreren in onze bedrijfsvoering, zodat we een totaalaanbod kunnen bieden aan onze klanten. Denk aan Pivotal (een bedrijf dat software en diensten aanbiedt om in een cloudomgeving grote hoeveelheden data snel te kunnen analyseren) en VMware (virtualisatieplatform). Wij doen bijvoorbeeld daardoor aan inline deduplicatie. We lopen door de integratie van technologieën voorp in IOPS, vermindering van energieverbruik en prestatieverbetering.”

Tot die overnames behoren ook de van oorsprong Israëlische bedrijven ScaleIO (juni 2013) en XtremIO (mei 2012). ScaleIO biedt een softwareoplossing aan om virtuele SAN's te maken (Storage Arena Networks) en claimt daarmee de opslagkosten van de datacenter met tachtig procent te kunnen verminderen. SAP gebruikt bijvoorbeeld in zijn datacenters ScaleIO om de opslagkosten te drukken.

Toch nog blockgeheugen

Flash geheugen heeft twee nadelen: het is duur, en het slijt. Op den duur schrijft het systeem data op verkeerde plekken weg en is het medium onbetrouwbaar. EMC heeft, via XtremIO, dit laatste euvel weten te overwinnen. Maar nog steeds is flash nou niet het medium om koude data naar toe te schrijven. Archivering kan beter op standaard SATA, bijvoorbeeld, of op tape. Flass is er al sinds Toshiba in 1980 voor het eerst met dit soort geheugen op de markt kwam, zo vertelt Renen Hallak, CTO van XtremIO. Maar het duurde nog tot ongeveer 2010 voor SSD's (Solid State Disk) voor het eerst in enteprise arrays opduiken. Onder meer vanwege die toenemende onbetrouwbaarheid.

Flash heeft wel voordelen: razendsnel data wegschrijven en weer oproepen, eenvoudige deduplicatie. En met thin provisioning en snapshots heeft het medium ook nauwelijks problemen. Voor RAID-systemen is het altijd een keuze tussen efficiëntie of capaciteit. “Met flash is allebei tegelijk mogelijk”, prijs Hallak dit type geheugen aan. “Flash kondigt een nieuw tijdperk in automatiseren af. Altijd moesten we werken langs de lijn 'rekenen, netwerken en opslag'. Met flash is dit sequentiële pad ten einde.”

Toch ziet hij flash als een transitietechnologie. “Want we hebben het hier nog steeds over blockgeheugen. Stel je voor dat je de voordelen van flash hebt op bestandsniveau. Wat gebeurt er dan met byte access?”, prikkelt hij de fantasie.

Exponentiële groei

Ehud Rokach, mede-oprichter en algemeen directeur van XtremIO, toont zich verheugd dat EMC 'zijn' bedrijf al heeft overgenomen voordat er een echt product op de markt was. “Ze zagen de potentie van onze technologie en hebben dit in het pakket opgenomen, omdat klanten keuze willen. Sommigen willen alleen een softwarematige oplossing; dan kunnen ze terecht bij ScaleIO van EMC. Dat bovendien het mogelijk maakt om echt aan scale out te doen zonder dure hardware te hoeven aanschaffen. Anderen willen alleen flash; dan kunnen ze bij ons terecht. In de praktijk zul je zien dat hybride omgevingen ontstaan in het IT-landschap bij bedrijven.”

Wereldwijd is all flash al een markt van 1 miljard dollar. Volgens Rokach blijft het daar niet bij en is er sprake van exponentiële groei.

Bruikbaarder maken

Het prijsverschil tussen ruwe flash en schijven is nog steeds groot: flash is vier tot vijf keer duurder. Maar wie meerekent dat compressie, deduplicatie en snapshotting zoveel beter gaat met flash, zal volgens Rokach zien dat de TCO van beide media ongeveer vergelijkbaar is.

Hij vertelt dat zijn team de komende tijd doorgaat met het bruikbaarder maken van flash voor het datacenter. En oplossingen aandragen voor consolidatie van de verschillende opslagvormen binnen het datacenter.

“Eigenlijk zijn we in het begin uitgegaan van de enorme prestatieverbetering die flash biedt”, zegt hij. “Maar gaandeweg hebben we ontdekt dat datareductie, efficiëntie en eenvoudiger beheer nog betere eigenschappen zijn van flash dan de hoge snelheden.”

Door: Teus Molenaar

]]>
Tue, 16 Dec 2014 12:01:31 +0100 EMC: flash betekent eenvoud http://executive-people.nl/item/521176/emc-flash-betekent-eenvoud.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'De cloud is de nieuwe vendor lock-in' http://executive-people.nl/item/521107/de-cloud-is-de-nieuwe-vendor-lock-in.html Sam Palmisano, de oud-CEO van IBM, noemde Dutch Cloud in zijn jaarrapport van 2012 een kleine, maar innovatieve cloud provider op wereldschaal. De leidende IT solutions provider voor de Golfstaten in Dubai maakt met hulp van Dutch Cloud de omslag naar cloud dienstverlener. De meer dan acht jaar ervaring op dit vlak maakt Martijn van Zoeren, CEO van Dutch Cloud, tot een gewild adviseur. Maar als hoofdrol ziet hij nog steeds het verder uitbouwen van zijn bedrijf.

Van Zoeren zit eigenlijk al met zijn hoofd in Dubai terwijl hij vertelt hoe Dutch Cloud vorm kreeg. Twee uur later hoort hij op Schiphol te staan. Toch neemt hij de tijd voor het gesprek, en zelfs voor de fotosessie na afloop. “Ik was al met cloud computing bezig voordat die term bestond”, zegt hij. In 2004 verkocht hij servers aan bedrijven, kocht er meer in en hield die voor een klant achter de hand voor het geval zij meer rekenkracht nodig zouden hebben. In Nederland was de term cloud computing nog niet doorgedrongen in die tijd.

Amazon noemde in 2006 zijn oplossing de Elastic Compute Cloud. De Amerikaanse schrijver Nicholas Carr heeft het in zijn boek The Big Switch (januari 2008) over de gevolgen van cloud computing voor het bedrijfsleven. Maar het zou nog wel even duren voordat het verschijnsel brede bekendheid zou genieten in de lage landen. In 2008 brachten IBM en Gartner een white paper uit over het fenomeen cloud computing. “Dat heeft wel geholpen, want daarvoor moest ik het nog uitleggen aan de medewerkers van IBM wat ik nou precies wilde met mijn bedrijf.”

Hij richtte in 2009 de firma op met eigen geld. De bankencrisis hield de wereld stevig in zijn greep; geen enkele bank wilde investeren in iets waarvan ze nog nooit hadden gehoord.

Blauw bloed

Van Zoeren heeft zijn cloud (met meerdere co-locaties in Amsterdam, Düsseldorf en Londen) opgebouwd met IBM-hardware en -software. “Ik heb een beetje blauw bloed”, zegt hij. “Mijn vader heeft heel lang voor Big Blue in Nederland gewerkt.” Maar dat is niet de reden waarom hij met IBM-producten werkt. Hij prijst de kwaliteit ervan en werkt nauw samen met IBM.

Hij heeft ooit bij een softwarebedrijf gewerkt en laakt het licentie-circus. “Een half jaar voordat de licentie zou verlopen, kwam er iemand van het softwarebedrijf voor verlenging ervan. Er volgde wat gesteggel en vervolgens zat je er als bedrijf weer drie of vijf jaar aan vast. Daarna zag je ze niet meer.”

Die betonnen licentiewereld, dat moest anders kunnen, vond hij. Gewoon rekenkracht inhuren als je het nodig hebt. En maandelijks afrekenen. Dat is de basis van Dutch Cloud. Het klinkt eenvoudiger dan het is, want je moet natuurlijk het platform inrichten, een afrekenmodel maken, beheersoftware ontwikkelen en Service Level Agreements opstellen. Van Zoeren zegt van nature lui te zijn, dus heeft hij alles zoveel mogelijk geautomatiseerd. Tegelijk hecht hij aan kwaliteit.

“Honderd procent beschikbaarheid; dat bieden wij. Ik weet bijvoorbeeld dat Amazon er per jaar in totaal drie dagen uit ligt. Dat is niet veel, en het gebeurt veelal op de 'stille uren', maar met de huidige technologie is het niet nodig. Dus dat moet je je klanten dan niet aandoen, vind ik.”

Op dit moment is ongeveer zeventig procent van zijn klanten een SaaS-provider, maar in toenemende mate vindt 'corporate Nederland' de weg naar Dutch Cloud.

Meedenken

Dutch Cloud ziet zichzelf inmiddels als een managed cloud provider. Dat is een dienstverlener die met de klant meedenkt over diens processen, legt Van Zoeren uit. Want er verandert nogal wat als je (een deel van) jouw gegevens in handen geeft van een dienstverlener; en dat geldt ook voor (een deel van) de bedrijfsprocessen. “Je moet innovatief zijn. Waarbij mijn uitgangspunt is dat de klant koning is. Die begeleiden we dan ook zo goed mogelijk. Tegenwoordig is er nogal wat keus om een cloud provider te kiezen. Denk aan Microsoft, IBM Soft Layer, Amazon en HP. Organisaties zien de verschillen niet. Wij helpen hen daarbij. Onze kracht is het meedenken en het samen vinden van de beste oplossing voor de klant. Bovendien ontwikkelen wij steeds meer aanvullende diensten.”

Gecertificeerd

Als een organisatie overweegt voor cloud diensten te kiezen, is beveiliging vaak een twijfelpunt. “Wij voldoen aan alle wet- en regelgeving. Zo hebben we een ISO 27001 certficaat. En we hebben een 3402-verklaring in voorbereiding”, zegt Van Zoeren. “Wij zijn volledig AFM-proof.” Erop doelend dat de inrichting van zijn co-locaties en de processen de toets der kritiek van de Autoriteit Financiële Markten kan doorstaan; een verklaring waaraan bijvoorbeeld banken veel waarde hechten

“Wij zijn compliant, en we kunnen dat aantonen. Daarmee borgen we ook meteen de bescherming van persoonsgegevens”, legt hij uit. “Maar ja, je kunt een mooi certificaat aan de muur hebben hangen; het gaat erom dat je kunt laten zien dat het je menens is als het gaat om beveiliging en privacy. Wij hebben een onafhankelijke auditor die jaarlijks een controle doet, en daarbij ook nog eens elke maand nagaat of wij doen wat we beloven. Wij zijn transparant naar onze klanten toe; die kunnen die rapporten altijd inzien. Maar we gaan nog verder: we ontwikkelden de Security Officer Online, waarmee klanten ‘on the fly’  kunnen zien wat er gebeurt.”

Exit-strategie

Als Van Zoeren eenmaal begint te praten over zijn bedrijf, dan is hij niet te stuiten, maar Schiphol is onverbiddelijk. Toch wil hij nog één punt duidelijk maken: met elke klant bespreekt hij een exit-strategie. “De cloud is de nieuwe vendor lock-in. Je kunt per maand opzeggen, geven ze aan, maar vaak lukt dat niet. De vorm waarin data worden bewaard, is vaak zo specifiek dat je het niet kunt meenemen naar een andere aanbieder. De data gijzelen een bedrijf.”

Niet bij Dutch Cloud, bezweert Van Zoeren. “Als iemand weggaat, dan heeft hij binnen drie dagen een volledig werkende omgeving. Niet alleen de data, maar ook de metadata. We hebben onszelf een flinke boete opgelegd als we daar niet aan voldoen.”

Door: Teus Molenaar

]]>
Mon, 15 Dec 2014 13:33:35 +0100 'De cloud is de nieuwe vendor lock-in' http://executive-people.nl/item/521107/de-cloud-is-de-nieuwe-vendor-lock-in.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Laat het device los en richt je op de gebruiker’ http://executive-people.nl/item/521083/a-laat-het-device-los-en-richt-je-op-de-gebruikera.html IT-security is één van de vele dingen waar CIO’s mee worstelen, maar het verdient een centralere rol. Een omslag naar moderne beveiliging kan de business namelijk veel voordeel brengen, stelt Tonny Roelofs, country manager bij Trend Micro.

 

“We hadden ooit één device om te beveiligen”, vertelt de Trend Micro-landsdirecteur. Met op die ene pc één belangrijke toepassing, of hooguit een handjevol. Tegenwoordig is de wereld heel anders, qua IT-gebruik en dus ook qua beveiliging daarvan. “We moeten daarom van device-security over naar gebruikers-security”, stelt hij. “Ook vanuit compliancy.” Zo zijn in de zorg groepsaccounts niet meer toegestaan, geeft Roelofs aan, omdat daarbij immers niet valt te achterhalen welke persoon iets heeft gedaan in een systeem.

 

Welkom in de moderne wereld

 

De verschuiving in de IT-wereld om rondom de gebruiker te gaan werken, is volgens Roelofs onontkoombaar. Ooit kon de IT-manager nog wegkomen met botte afwijzing van een nieuwe technologie, device of product: ‘Dat supporten we niet’. Dat is geen haalbare kaart meer, zeg Roelofs, die zelf ooit technisch beheerder is geweest. De oogkleppen moeten echt af. De CIO van nu heeft te maken met drie belangrijke factoren, somt Roelofs op.

Ten eerste de veranderde gebruiker. Hij of zij gebruikt allerlei middelen, devices en diensten. Daarbij ziet die gebruiker dat als normaal; het verwachtingspatroon is heel anders dan vroeger, toen de werkgever de werkmiddelen bepaalde en verschaftte. “Kijk dus naar de gebruiker, richt je daarop”, tipt Roelofs. Anders loop je het risico van ‘wild gebruik’ van Dropbox of Google Drive, of van gebruikers die gevoelige documenten doormailen aan hun Hotmail-account, of die ze onwetend synchroniseren met hun Apple iCloud.

De tweede belangrijke factor waar de CIO mee om moet gaan, is de veranderde infrastructuur. De IT-omgeving van nu is heel anders, kan veel meer, en dat heeft consequenties voor security. Virtuele machines en clouds zijn mooie middelen om business-gedreven pieken op te vangen; flexibel en goedkoop. “Voor de business is dat prachtig! Vanuit security-oogpunt niet zo.” De vraag is namelijk welke - eventueel gevoelige - bedrijfsgegevens waar staan en waar ze heen gaan. Is de tijdelijke inzet van een publieke clouddienst wel in overeenstemming met de beveiligingsvereisten voor data?

De professionalisering van cybercrime

Tenslotte wijst Roelofs op de derde factor die de CIO security-kopzorgen geeft: de veranderde aanvaller. Die is geëvolueerd; niet langer een buitenstaander die een los mailtje (met phishing of malware) afvuurde om een reputatie als l33t hacker te behalen. De aanvaller is tegenwoordig een professioneel onderdeel van een omvangrijke business. “In de cybercrime gaat zes keer meer omzet om dan in de drugsscene”, weet Roelofs.
De doelwitten zijn volgens hem dan ook niet meer alleen de banken en organisaties met waardevol intellectueel eigendom. Iedereen kan op de korrel worden genomen, om zakelijke redenen. Zoals de Russische online-betalingsfirma Assist, die drie jaar terug business verloor door een DDoS-aanval in opdracht van concurrent ChronoPay.

Malware in de Antwerpse haven

Roelofs noemt ook het aansprekende voorbeeld van malware in de haven van Antwerpen. Daar zijn bij containerterminals, expediteurs en rederijen via fysieke inbraak keyloggers (in de vorm van stekkerblokken) en via phishing-mails malware geplaatst. Vervolgens hebben de daders binnenkomende containers met daarin verstopte drugs ‘omgeleid’ en opgehaald. De gehackte havenbedrijven waren slechts een middel, niet het doel van de criminelen.

Het is dus essentieel dat bedrijven de door hun gebruikte technologie, hun eigen processen en hun organisatie op één lijn hebben voor betere beveiliging. Roelofs geeft als voorbeeld de alarminstallatie van een huis, wat bij een bos en een bejaardentehuis ligt. Als iets gebeurt, gaat het alarm wel af, maar wie hoort het? Koppeling aan een effectief responsesysteem is nodig om deze deeloplossing tot een goed beveiligingsgeheel te maken.

‘Ook onze deeloplossing voldoet niet’

Hetzelfde geldt voor IT-beveiliging, stelt Roelofs. Bedrijven hebben een security-framework nodig: om een beter, completer beeld te krijgen van hun staat van beveiliging. Dit is niet slechts een leveranciersboodschap; in de praktijk worden er al wel security-frameworks gebouwd, ziet Roelofs. Organisaties zijn zich er steeds meer van bewust dat ze niet langer voor elk deelgebied een oplossing moeten kopen.
“Zelfs de hedendaagse antimalware-oplossingen zijn onvoldoende”, zegt de directeur van Trend Micro openhartig. Zelfs de som der delen van verschillende deeloplossingen biedt geen soelaas. “Het gaat om correlatie van events.” Losstaand kunnen events onschuldig lijken, maar in een breder beeld kan blijken dat het verkenningspogingen zijn van hackers.
Het inrichten van een Security Operations Center maakt dit mogelijk. Overigens is dat niet eens iets dat elk bedrijf zelf moet doen; SoC’s zijn ook beschikbaar als dienst, geleverd door derden. “Combinatie van de deelgebieden brengt niet alleen centraal management en rapportage, maar door de interconnectiviteit breng je security naar een hoger niveau”, voegt Roelofs toe.

Verantwoordelijk voor wat je niet weet

Trend Micro stelt CIO’s dan ook op de proef met de vraag: ‘Weet je wat er op je netwerk plaatsvindt en ben je er zeker van dat er niets verkeerds tussen zit?’. Want de CIO is daar immers verantwoordelijk voor. Zo’n driekwart geeft eerlijk aan dat ze niet goed weten wat er op hun netwerk gebeurt, vertelt Roelofs. En in honderd procent van de gevallen weet de securityleverancier met een scanoperatie aan te tonen dat er wel degelijk verkeerde dingen gebeuren. Zoals bij een ziekenhuis waar Trend Micro maar liefst zes command&control-servers aantrof van een hacker.
Roelofs vindt dat zorgwekkend: CIO’s zijn dus verantwoordelijk voor dingen waar ze geen weet van hebben. Bovendien is het tegenwoordig niet meer alleen verantwoordelijk ‘op papier’ maar met echte gevolgen. CIO’s worden ter verantwoording geroepen door hun business. De recente grote cyberinbraak bij de Amerikaanse winkelketen Target heeft dat aangetoond: de CIO en ook de CEO zijn hun baan daar kwijt.

Jongleeract voor de CIO

Bovenop de huidige complexiteit van de veranderde gebruiker, infrastructuur en aanvaller komen nog nieuwe ontwikkelingen. Zoals de toename van IP-connected devices, de notificatieplicht voor gegevensverlies, en in gemeenteland de decentralisatie van overheidstaken. Allemaal zaken die meer taken en verantwoordelijkheden brengen, zonder dat daar automatisch budget voor meekomt.
De kunst voor CIO’s is om de juiste balans te vinden tussen goede beveiliging en de business-vereisten van de organisatie. “Er zal altijd een spanningsveld zijn tussen de business en security. Beveiliging moet wel werkbaar zijn, nu meer dan ooit. Want dat is de gebruiker gewend.”

Door: Jasper Bakker

]]>
Sun, 14 Dec 2014 09:01:39 +0100 ‘Laat het device los en richt je op de gebruiker’ http://executive-people.nl/item/521083/a-laat-het-device-los-en-richt-je-op-de-gebruikera.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Huishoudens beschermen hun Wi-Fi omgeving beter dan kantoren http://executive-people.nl/item/520988/huishoudens-beschermen-hun-wi-fi-omgeving-beter-dan-kantoren.html Huishoudens beschermen hun Wi-Fi netwerken beter dan kantoren. Dat komt omdat consumenten vaker moderne Wi-Fi apparatuur aanschaffen en betere wachtwoorden en encryptie gebruiken. Voor resellers in het mkb is dit een uitgelezen kans om Wi-Fi netwerken van kantoren beter te beveiligen. Dit zegt cybersecurity-specialist James Lyne, die werkzaam is bij Sophos, leverancier van complete security oplossingen.

Tijdens een Warbiking-tour in het najaar van 2014 door Amsterdam toonde James Lyne, Global Head of Security van Sophos, de onveiligheid Wi-Fi-netwerken aan. Op zijn speciaal geprepareerde racefiets testte Lyne de draadloze veiligheid van bedrijven, woningen en mobiele apparaten. Hierbij was zijn fiets voorzien van Wi-Fi scanners, access points en GPS-ontvangers. Hij scande de beveiliging van de duizenden Wi-Fi-netwerken in de stad en het gedrag van mobiele internetters. “Zo konden we goed inzien welke huishoudens en bedrijven de beste security hebben.”

Van de 14.213 draadloze netwerken die Lyne al fietsend onderzocht, was 43,22% open toegankelijk, zonder beveiliging. “4,1% is beveiligd via Wired Equivalent Privacy (WEP), waarvan al jaren bekend is dat het eenvoudig te omzeilen en te hacken is. 19,56% is beschermd via Wi-Fi Protected Access (WPA) – ook een achterhaald protocol. Slechts 33,12 % van de beveiliging voldoet aan de huidige beveiligingsstandaarden (WPA2)."

Alarmerend

De slechte beveiliging van Wi-Fi netwerken in Amsterdam vindt Lyne alarmerend. Zowel bedrijven en particulieren nemen online veiligheid onvoldoende serieus. Als cybercriminelen de communicatie tussen apparaten onderling en tussen apparaten en servers kunnen onderscheppen, krijgen ze de beschikking over een massa waardevolle gegevens. Het gaat dan bijvoorbeeld om persoonlijke gegevens van klanten en om procesinformatie. Hij testte zelf het gedrag van mensen uit die op zoek waren naar een gratis toegankelijke Wi-Fi. Op verschillende plekken in Amsterdam zette James Lyne zelf ook een open draadloos netwerk op. Binnen enkele seconden maakten Amsterdammers hiermee verbinding zonder zich te bekommeren over de veiligheid van die verbinding. Lyne kon zien dat zijn netwerk niet alleen gebruikt werd voor Facebook, Twitter en webmail, maar ook voor online bankieren. “Kennelijk zijn mensen zich onvoldoende bewust van wat je prijsgeeft via een onbekende Wi-Fi-verbinding. Ik had niet alleen wachtwoorden en saldo-informatie kunnen inzien, maar ook zelf bankhandelingen kunnen verrichten. Dat heb ik uiteraard niet gedaan – ik ben heel bewust binnen de grenzen van het wettelijk en moreel toelaatbare gebleven. Maar anderen houden zich niet aan die grenzen, dat zou iedereen inmiddels toch wel moeten weten.”

Gefustreerd

Lyne zegt gefrustreerd te zijn doordat veel Wi-Fi netwerken niet afdoende zijn beveiligd terwijl de meeste mensen wel weten dat dit gevaarlijk is. “Mensen weten dat er zero-day aanvallen plaatsvinden waarbij criminelen misbruik proberen te maken van zwakke delen in software. Vaak raken de effecten van die aanvallen na een paar weken in de vergetelheid. Bedrijven vergeten daarom hun security te optimaliseren tegen aanvallen.”

UTM

Lyne zegt dat huishoudens en bedrijven zich beter kunnen beschermen door gebruik te maken van het WPA2 protocol en een veilig wachtwoord. “Kleine bedrijven zouden gebruiken kunnen maken van managed wireles solutions, met moderne wireless access points en een UTM die kan functioneren als wireless controller. Het gaat niet alleen meer om wireless security, maar ook om netwerk security. Maak daarbij gebruik van moderne web security producten zoals een vpn-tunnel met automatisch encryptie. Als ik dan contact maak met een access point, via  een vpn-tunnel, is al mijn data verkeer versleuteld, ook in een openbare netwerken zodat niemand kan mij monitoren.”

Managed

Lyne zegt dat er kansen voor channel partners zijn om kantoren te voorzien van moderne en krachtige security oplossingen. “Tijdens mijn fietstocht door Amsterdam bleek dat Wi-Fi netwerken in woonhuizen beter zijn beveiligd tegen security lekken dan van kantoren. Dat komt omdat huishoudens vaak betere security uit of the box krijgen geleverd van hun service providers. Huishoudens gebruiken vaak betere wachtwoorden. Kleine kantoren en mkb gebruiken vaak verouderde apparatuur en hebben geen security team in dienst om problemen snel te fixen. Resellers kunnen daarop inspringen om het mkb verder helpen met moderne technologie. Dat is meer dan alleen maar het verkopen van antivirus. Resellers kunnen hen het best de meest moderne security diensten aanbieden. Bijvoorbeeld managed Wi-Fi omgevingen voor het beschermen van endpoints zoals notebooks, tablets en smartphones. Liefst met eenvoudig beheer, zodat organisaties geen grote zorgen hoeven te maken over hun IT-security.”

Meer informatie over de fietstochten van James Lyne zijn te lezen op www.sophos.com/warbiking

WK

]]>
Thu, 11 Dec 2014 11:27:20 +0100 Huishoudens beschermen hun Wi-Fi omgeving beter dan kantoren http://executive-people.nl/item/520988/huishoudens-beschermen-hun-wi-fi-omgeving-beter-dan-kantoren.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
BPSolutions: Enterprise-technologie in hapklare vorm voor MKB http://executive-people.nl/item/520878/bpsolutions-enterprise-technologie-in-hapklare-vorm-voor-mkb.html De strategie van BPSolutions heeft drie pijlers: cloud & managed services, data & security en IT-project management & consulting. Vooral cloud & managed services worden steeds belangrijker. “De uitdagingen van onze klanten spelen op diverse gebieden”, zegt Mark de Groot, Algemeen Directeur van BPSolutions. “Belangrijke thema´s zijn cloud, analytics, mobile en security. Tegelijkertijd verandert de rol van IT. Het wordt steeds functioneler, en is daarmee minder technisch gedreven.”

Dit betekent dat de gesprekspartners van BPSolutions in een organisatie veranderen. “De business speelt onmiskenbaar een grotere rol in het beslissingstraject. Budgetten worden nog maar voor ongeveer de helft beheerd door de traditionele IT-organisaties, en voor de andere helft door business managers. Bij een thema als Big Data praten we bijna alleen nog maar met marketing executives, met de CFO of met de supply chain managers.”

Nieuwe businessmodellen

Deze verschuiving geldt volgens Mark de Groot voor vrijwel alle branches. “Intern merken we het als IT-bedrijf zelf ook. Iedere onderneming wordt geconfronteerd met het feit dat traditionele business modellen achterhaald zijn en ondervindt, de uitdaging om businessmodellen voor de toekomst te ontwikkelen. Maar je kunt bijvoorbeeld niet zomaar van de ene op de andere dag overstappen naar een volledig online gedigitaliseerd model. Tegelijkertijd voelen bedrijven de concurrentie van nieuwe toetreders, die zogezegd born in the cloud zijn. Neem de financiële sector, waar bijvoorbeeld KNAB even een nieuwe bank opzet. Die heeft geen legacy en zet gewoon het ideaalbeeld van een moderne bank neer.”

BPSolutions heeft volgens De Groot dus op twee manieren te maken met de digitale transformatie: “Enerzijds willen we goed inspelen op de veranderende klantvraag, anderzijds investeren we veel in onze eigen mensen om naar dat nieuwe businessmodel te groeien. Zij hebben andere skills nodig dan voorheen, bovendien willen we dat die nieuwe skills uniek zijn zodat onze klanten de toegevoegde waarde ervan herkennen. Dat is tevens de manier om ons te onderscheiden.”

Toegevoegde waarde

Cloud & managed services zijn voor die toegevoegde waarde belangrijke thema’s. “We doen bij onze klanten bijvoorbeeld veel op het gebied van data management, analyse en beveiliging. Omdat dit de nodige veranderingen voor die organisaties betekent, zien we een toenemende vraag naar goede projectmanagers en advisering.”

“We verzorgen bijvoorbeeld integratieprojecten bij ziekenhuizen waarbij we tijdens het fusieproces tussen tweeziekenhuizen de volledige IT verbinden. Dat zijn grote projecten waarvoor die organisaties de capaciteit niet permanent in huis willen hebben, maar wel op het juiste moment geschikte mensen willen kunnen inzetten. Wij hebben die brede skillset dankzij onze mensen aan boord.”

Eigen kracht

Het is voor het bieden van die toegevoegde waarde dus zaak om goed te kijken waar de eigen kracht ligt in een organisatie. “Je moet wel bij je leest blijven. Je kunt niet te ver van je comfortzone afwijken, want dan ben je niet meer geloofwaardig. Al die facetten bij elkaar bepalen de richting die je inslaat en welke producten en diensten je vervolgens gaat aanbieden. En uiteraard is het belangrijk om goed te luisteren naar wat de klanten vragen. Steeds vaker ontwikkelen we samen met onze klanten specifieke oplossingen.”

“Voor veel bedrijven is IT niet hun core business. Ze willen niet zelf op zoek gaan naar de schaarse IT-mensen. Dat laten ze over aan partijen voor wie IT wèl de core business is. Dit is voor ons een belangrijk groeidomein. In 2012 hebben wij daarom onze cloud &managed services afdeling neergezet om hier invulling aan te geven. Inmiddels leveren we onze klanten 24x7 monitor- en beheerdiensten en cloud services, onder meer met IBM SoftLayer.”

Samenwerken

IBM is voor BPSolutions een belangrijke partner. “Daarin maken we een bewuste keuze. We werken tevens steeds hechter samen met ISV’s en consultancy & system integrators om gezamenlijk de eindklantten bedienen.”

Het aanbod van BPSolutions is volgens een modulair model opgebouwd, zodat eenvoudig kan worden opgeschaald als dat nodig is. Zeker bij cloud & managed services is dat een veelgevraagd model. “Het portfolio loopt van alleen monitoring tot volledige outsourcing, zowel van diensten als de hele infrastructuur. Die modulariteit geeft de klant de mogelijkheid om makkelijk in te stappen en vervolgens te wennen aan de samenwerking.”

Continuïteit

Het grote voordeel van dit systeem is dat de continuïteit beter gewaarborgd is. “Bij veel bedrijven is slechts één persoon voor het systeem verantwoordelijk. Wanneer die afwezig is of vertrekt heeft het bedrijf niets meer, wat zelfs de business kan bedreigen. Door voorzichtig in te stappen, los je heel eenvoudig dit soort business issues op en kunnen de organisaties aan elkaar wennen. Je krijgt flexibiliteit, continuïteit en het risico wordt enorm verlaagd.”

Mark de Groot vat samen: “We leveren enterprise class-technologie, die we dankzij de managed services toegankelijk maken voor het MKB tegen marktconforme tarieven. Zo combineer je het beste van twee werelden. Wij zijn weliswaar relatief klein, maar werken samen met grote leveranciers. We bieden dit met top class IBM-technologie. Onze klanten hoeven zich niet druk te maken over zware implementaties, ze hoeven bij wijze van spreken alleen maar de stekker in de muur te steken.”

]]>
Wed, 10 Dec 2014 11:10:00 +0100 BPSolutions: Enterprise-technologie in hapklare vorm voor MKB http://executive-people.nl/item/520878/bpsolutions-enterprise-technologie-in-hapklare-vorm-voor-mkb.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Visma: lokaal ondernemerschap met internationale oplossingen http://executive-people.nl/item/520877/visma-lokaal-ondernemerschap-met-internationale-oplossingen.html Het Noorse softwarebedrijf Visma blijft zich voortdurend uitbreiden. In Nederland nam het bedrijf de afgelopen jaren onder andere AccountView en DBS over. Daarbij stelt Visma zich anders op dan andere bedrijven: ze geven het management van hun dochterbedrijven de ruimte om hun eigen plan te trekken.

Visma, één van de grootste leveranciers van zakelijke cloudsoftware en -diensten in Noord-Europa, zette in 2006 voor het eerst voet op Nederlandse bodem, met de overname van Accountview, gevolgd door de overname van DBS in 2010. Op 1 januari 2013 fuseerden die verschillende vestigingen zich tot één bedrijf: Visma Software BV.

Bijzonder aan de dochterondernemingen van de Scandinavische marktleider, is dat ze hun couleur locale behouden volgens Han van den Hof, algemeen directeur van Visma in Nederland. “De meeste softwarebedrijven willen overal in de wereld zitten. Vaak zit het hoofdkantoor in Amerika en daar wordt een strategie bepaald die voor 100 landen geldt. Of je het daarmee eens bent of niet, doet er niet toe. Je moet het gewoon uitvoeren. De filosofie luidt: ‘If it works in the States, it works everywhere’. Bij Visma is dat niet zo.”

Respect voor het ondernemerschap
Ten eerste is het gebruikelijk dat het management van het bedrijf dat Visma overneemt, aan boord wordt gehouden. “Visma koopt bedrijven op voor hun technologie of marktaandelen, maar ze gaan er vanuit dat het management dat er zit weet hoe ze een bedrijf moeten leiden en hoe ze hun producten het beste verkopen”, vertelt Van den Hof. “Visma respecteert het ondernemerschap. Als jij iets anders wilt doen omdat jouw markt om een andere benadering vraagt, dan krijg je die vrijheid.”

Dat is ook nodig, weet de directeur. Misschien niet als je aan multinationals verkoopt - die doen graag zaken met bedrijven die ook overal ter wereld zitten - maar wel als je aan het MKB verkoopt. Je hebt dan bijvoorbeeld te maken met de wet- en regelgeving en het HRM-beleid in een land. Van den Hof: “Neem bijvoorbeeld het ontslagrecht: in Amerika vlieg je er zo uit. Al werk je er al tien jaar, je krijgt twee weken mee en that’s it. In Nederland kan dat helemaal niet – gelukkig. Ook de manier waarop je iets op de markt brengt en hoe je iets vertelt is in Nederland heel anders dan in Amerika. Amerikanen noemen alles ‘great’ en ‘awesome’, terwijl een Nederlander snel zal denken: mag het wat minder? Dat zijn belangrijke verschillen.”

Met SaaS wordt nieuwe trend ingezet
Door de toenemende samenwerking tussen de Visma-vestigingen worden er meer en meer internationale Visma-oplossingen en -producten op de markt gebracht in Nederland, zoals Visma.net, SaaS-oplossingen en e-accounting.

“Elk product dat wij vanaf nu nieuw op de markt zetten zal een SaaS-product zijn”, vertelt Van den Hof. “Op dit moment hebben we nog on-premises-oplossingen waarbij bepaalde deelproducten al SaaS zijn. Het wordt hybride, in het tempo van de klant zullen we gaan zeggen: voor dat onderdeel hebben we nu ook een SaaS-product, wil je op dat onderdeel on-premises blijven of wil je naar SaaS? Zo gaan we dat steeds meer aanvullen.”

Voorbeelden van dat soort hybride producten zijn Visma.net Advisor (een soort CRM-oplossing voor accountancy), SaaS-Payroll-oplossing, Severa (online projectmanagement) en Visma.net Financial. “Je ziet dus dat de coreproducten – financials en payroll – SaaS-producten worden. In de nabije toekomst zal dat ook gelden voor HRM en logistiek. Ik verwacht dat we over een jaar een redelijk compleet portfolio hebben, waarin een klant volledig SaaS-producten kan afnemen als hij dat zou willen. Maar hij kan ook een on-premises-oplossing  als basis blijven gebruiken en daar af en toe een deelproduct aan toevoegen. Wij dwingen de klant dus niet om naar SaaS te gaan.”

Wel is Van den Hof ervan overtuigd dat uiteindelijk iedereen SaaS zal gaan gebruiken. “Er zitten grote voordelen aan zoals pay per use: je betaalt naar wat je daadwerkelijk gebruikt. Ook ben je als klant flexibel, je sluit geen heel jaarcontract af maar betaalt per maand. Je hoeft je bovendien geen zorgen meer te maken of je hardware wel up-to-date is, updates worden automatisch voor je gedaan.”

Sociale interactie gaat enorm veranderen
Nu er nieuwe producten op de markt komen, worden marketing en branding steeds belangrijker volgens Van den Hof. Dat heeft alles te maken met de IT-trends van dit moment: Cloud, Mobile, Social en Information. “Wat vooral enorm gaat veranderen is wat wij noemen de sociale interactie, de manier van verkopen en marketing. Voorheen was het zo dat een verkoper informatie gaf om de klant te overtuigen dat zijn oplossing de beste was. Dat is inmiddels een achterhaald concept, klanten hebben vaak al 60 tot 70 procent van de informatie gevonden via internet en social media. De verkoper moet dus een specifieke vraag gaan beantwoorden in plaats van zijn verkooppraatje af te draaien. Hij gaat zich niet meer bezighouden met verkopen, maar met het helpen van de klant bij het aanschaffen van een product. Dat is een enorme mentaliteitsverandering, zowel aan de verkoop- als aan de aankoopkant. Dat betekent dat je je interne bedrijfsvoering daarop moet aanpassen, en dat heeft met cloudoplossingen te maken.”

Daarnaast noemt Van den Hof de zorg als voorbeeld, waar zelfsturende teams op dit moment heel actueel zijn. “E-HRM (elektronische zelf-service HRM) heeft een enorme vlucht genomen. Vroeger was er een HRM-afdeling waarin de centrale informatie stond, de lijnmanager gaf informatie van zijn medewerkers op aan HRM. Dat was allemaal een heel gedoe. Nu zijn er oplossingen waarbij de verpleegkundigen die informatie zelf invoeren. Dat geeft hen het gevoel dat zij de ‘owner of their own destiny’ zijn, zoals je dat kunt noemen. Ze bepalen bepaalde zaken nu zelf, zonder daar een manager voor nodig te hebben. Het maakt de informatie ook veel actueler, je weet zelf immers het beste of je contactgegevens nog kloppen of wanneer je verhuisd bent.”

De consument wordt steeds machtiger, daar komt het volgens Van den Hof op neer. “Het is niet meer zo dat wij hen vertellen hoe zij het moeten doen, zij vertellen ons hoe ze het willen hebben. Met cloudoplossingen kan dat ook veel makkelijker.”

]]>
Wed, 10 Dec 2014 08:44:32 +0100 Visma: lokaal ondernemerschap met internationale oplossingen http://executive-people.nl/item/520877/visma-lokaal-ondernemerschap-met-internationale-oplossingen.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
De kracht van Tooling in de uitvoering van informatiebeveiliging overheid http://executive-people.nl/item/520737/de-kracht-van-tooling-in-de-uitvoering-van-informatiebeveiliging-overheid.html De overheid is een enerverend marktsegment met bijzondere uitdagingen. Zo zijn informatiebeveiliging en compliancy hot topics waar veel om te doen is. Dit komt mede door de invoering van de Baseline Informatiebeveiliging Rijksoverheid (BIR) en –Gemeenten (BIG). SMT heeft geconstateerd dat er binnen de overheid met name op het gebied van de uitvoering van- en controle op de informatiebeveiliging behoefte is aan een ondersteunende oplossing die rijksbreed, èn bij de lokale overheid, toepasbaar is. Het bedrijf uit Zoetermeer heeft hiervoor een specifieke toepassing ontwikkeld op basis van het populaire Splunk. Executive-People sprak hierover met Bernardo Dijkland, Business Manager Overheid bij SMT.

Veel overheidsinstanties hebben in de loop der jaren hun informatiebeveiliging al aangepakt, maar dan wel ieder voor zich met hun eigen interpretatie van methoden en processen, vaak gebaseerd op een eigen interpretatie van NEN-ISO27001 en -2. Maar naarmate de digitale communicatie tussen overheden toeneemt en er meer systemen gekoppeld worden, groeit de behoefte aan een breder toepasbare baseline. In 2010 is een speciale commissie akkoord gegaan met de BIR (Baseline Informatiebeveiliging Rijksdienst) welke alle departementale en interdepartementale baselines op het gebied van informatiebeveiliging vervangt. Deze baseline heeft  als doel vertrouwen te krijgen in elkaars netwerken en het delen van informatie te bevorderen. Daarnaast gaat het natuurlijk om veilig samenwerken.

Maar het opstellen van een baseline is één ding, het invullen ervan is een heel ander verhaal. “In de BIR staat keurig beschreven wat de richtlijnen zijn, maar er staat niet in hoe je het moet doen”, vertelt Dijkland. “De algemene baselines zijn prima, maar iedereen moet ze dan wel gebruiken en zich er aan houden, zonder teveel speelruimte. En dat moet natuurlijk ook gecontroleerd en aangetoond kunnen worden. Daar zit een uitdaging en daar is tooling voor nodig.”

Splunk User Group Dutch Government

Vorig jaar heeft SMT, reagerend op de behoefte binnen de overheid om informatie en kennis over de toepassing van Splunk onderling te kunnen delen, de Splunk User Group Dutch Government opgezet. Dit is gebeurd in samenwerking met een aantal overheidsorganisaties. “Het gaat daarbij om het bij elkaar brengen van belanghebbenden, en om het uitwisselen van ideeën over de vraagstukken die iedereen bezighouden. Zo geven deelnemers wisselend een presentatie over de manier waarop zij Splunk gebruiken.”

Tijdens een van de presentaties is de invulling m.b.t. de BIR behoefte naar boven gekomen, waarna meerdere deelnemers hiermee individueel aan de gang zijn gegaan. Meerdere overheidsorganisaties zijn daar ondertussen mee bezig, en de cases worden in de gebruikersgroep uitgewisseld. Dijkland: “Daarmee ben je nog niet klaar, maar het biedt wel concrete ondersteuning en richting voor de invulling en het voldoen aan de regelgeving. Het draait hierbij (ook) om de processen, waarbij we kijken hoe technologie hierin zinvol kan ondersteunen en bijdragen.

Feitelijk is dat het startpunt geweest om vanuit SMT te kijken wat er mogelijk is met de technologie van nu. “We hebben daarom informatie over de BIR erbij genomen, en vervolgens in samenwerking met de Haagse Hogeschool (Academie voor ICT & Media) een inventarisatie gemaakt van de behoeften aan tooling en processen. Daaruit bleek dat de tooling en kennis die wij al in huis hebben heel goed van waarde kan zijn. Met name de controle van een aantal onderdelen uit de baselines kunnen hiermee worden ingeregeld en geautomatiseerd. Uiteraard geldt dat ook voor de op ISO-27001 en -2 gerelateerde baselines, zoals Baseline Informatiebeveiliging Nederlandse Gemeentes (BIG), de Interprovinciale Baseline Informatiebeveiliging (IBI) en de Baseline Informatiebeveiliging Waterschappen (BIWa) en de Medische informatica – Informatiebeveiliging in de zorg (NEN-7510).

App

Hier zijn we verder mee aan de slag gegaan, wat heeft geresulteerd in  de SMT Splunk BIR-app. De eerste versie van de app is goed ontvangen. “We kregen gelijk de vraag waar je het kunt downloaden?, Een paar Gemeenten en Ministeries, waren zo enthousiast dat ze overal gingen verkondigen wat de mogelijkheden zijn. Uiteraard worden de gebruikers om feedback gevraagd, zodat de app daarmee verder verbeterd kan worden. Het is belangrijk die informatie te delen met elkaar, zodat gebruikers zelf hun kennis kunnen delen en creativiteit toe kunnen voegen. Splunk is een laagdrempelige tool om verbanden te leggen, je kunt zo ver gaan als je zelf wil met je creativiteit, en in de basis is het niet heel moeilijk om data om te zetten naar waardevolle informatie.”

Einde dienstverband

Een goed voorbeeld is volgens hem het hoofdstuk in de baseline over de wijziging of het einde van een dienstverband:

“Stel dat een organisatie moet kunnen aantonen dat iemand die uit dienst is niet meer in HRM systemen voorkomt, en diegene ook niet meer betaald moet worden. Maar ook geen toegang meer heeft tot zaken als het pand, de fietsenstalling, de voordeur, de datacenters, netwerken, databases et cetera. Dit betekent dat je goed moet nadenken over de verschillende informatiebronnen die je daarvoor allemaal nodig hebt. Dat is een uitdaging, ook omdat geen organisatie identiek is.”

Uit de analyse van SMT bleek dat heel veel reeds aanwezige databronnen (logbestanden van netwerken, toegangspoorten, applicaties, etc.) gebruikt konden worden om op meerdere vereisten van de baseline te controleren. “Dat hebben we overzichtelijk gemaakt in een dashboard, waarmee je gelijk voor een belangrijk deel kunt aangeven of je als organisatie in control bent”.

Cultuur en organisatie

Uiteindelijk ligt de grootste uitdaging niet op technologisch vlak, maar op dat van processen, cultuur en organisatie. Alle informatie is wel ergens voorhanden, maar hoe breng je het samen? “Vooral dat verbinden is belangrijk. Want je kunt niet zomaar overal data vandaan halen. In praktijk is het bijvoorbeeld moeilijk om toegang te krijgen tot de informatie van verschillende afdelingen omdat daar nu eenmaal strenge beveiligingsafspraken over zijn gemaakt. Wie mag iets wel zien en wie niet? Zeker bij de overheid speelt dit, begrijpelijkerwijs, een erg grote rol.”

De wet- en regelgeving is complex, maar het begint altijd met de eerste stap. Dijkland: “Belangrijk bij het delen van data is om de verantwoordelijke personen in te laten zien dat het geen kwestie is van het weggeven van zaken, maar het een uitwisseling betreft waarvoor ze snel zinvolle (stuur) informatie terugkrijgen. Begin met de mogelijkheden die er al zijn om het in te vullen, begin bij de basis: het loggen van gegevens. Wat je in ieder geval nooit moet vergeten is dat eigenlijk alle benodigde informatie al voorhanden is. De vraag is alleen: hoe krijg ik die eruit? Hoe maak ik het zichtbaar en waardevol voor de organisatie? Daarmee kun je als overheidsinstantie aantonen dat je in control bent.”

“Je kunt er nooit voor zorgen dat alles volledig is dichtgetimmerd. Maar je kunt er wel voor zorgen dat je in control bent. Je kunt ervoor zorgen dat je iets kunt terughalen als er iets is gebeurd, zodat je weet hoe het is gebeurd, wanneer en door wie. Gebruik de hulpmiddelen om dat inzichtelijk te maken.”

]]>
Sun, 07 Dec 2014 08:05:51 +0100 De kracht van Tooling in de uitvoering van informatiebeveiliging overheid http://executive-people.nl/item/520737/de-kracht-van-tooling-in-de-uitvoering-van-informatiebeveiliging-overheid.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Sandor Klein: ‘CIO, bevrijd je resources’ http://executive-people.nl/item/520736/sandor-klein-a-cio-bevrijd-je-resourcesa.html “Als je niks doet, groeit je datacenter toch 10 procent per jaar.” Sandor Klein, vice-president International Sales bij EnterpriseDB, schetst het probleem waar CIO’s tegenaan lopen. IT-groei bij stilstand, terwijl stilstand achteruitgang is. Wat te doen?

Een veelgehoord advies is dat de CIO budget moet vrijmaken. Sandor Klein van EnterpriseDB verbetert dit advies: “De CIO moet resources vrijmaken”. Wat neerkomt op meer dan slechts ‘geld overhouden’. Het vrijmaken van resources zorgt dat er meer beschikbaar is voor je core-activiteiten, legt hij uit. Daarmee kan een onderneming volgens Klein ‘sneller to market gaan’ en ook nog eens innoveren. Want de huidige activiteiten simpelweg draaiende houden, levert uitdijende IT op. “Als je niks doet, groeit je datacenter toch 10 procent per jaar”, duidt hij de gevolgen van ‘normaal’ IT-gebruik.

Afzetten tegen de gevestigde orde

“Dat is een mooi businessmodel voor traditionele leveranciers, zoals van proprietary databases.” Daar zetten Klein en EnterpriseDB zich tegen af. Support-subscriptions, dát is het businessmodel van deze dienstverlener en tools-maker voor de bekende open source database PostgreSQL. Niet licenties per processorcore, serversocket, etcetera. Dat zijn de verdienmodellen van de gevestigde IT-aanbieders, die dus ook verdienen als de klant zakelijk niet groeit maar qua IT wel.

Het zijn niet alleen de ‘alternatieve’ leveranciers als EnterpriseDB die dit zien. Ook de IT-gebruikende bedrijven beseffen dat het anders moet. Dat besef uit zich ook al in de praktijk, vertelt Klein. Zie maar de snelle groei van EnterpriseDB, dat zich nu meer profileert onder de afkortingsnaam EDB. Het telt een flink aantal grote organisaties onder zijn klanten, waaronder vele Nederlandse gemeenten en ministeries, en het merendeel van de top 10 banken in Europa, inclusief ABN Amro.

Ontsnappen aan vendor lock-in

“Twee dingen zijn heel belangrijk”, verklaart Klein de groeistuip van het tien jaar jonge databasebedrijf. Ten eerste willen bedrijven ontsnappen aan vendor lock-in. Deze ‘insluiting’ bestaat niet alleen uit de software, maar ook uit de audits die leveranciers kunnen en mogen plegen bij hun klanten. “Klanten willen over naar een vrijer model”, waar ze ook toe aangezet zijn door de crisis, aldus Klein.

Ten tweede willen bedrijven enterprise tooling. Voor veel applicaties bestaan er wel open source-equivalenten, maar onderscheidend is het omringende geheel van hulpmiddelen. Een open source-database an sich hoeft niet interessant te zijn voor elke onderneming. Het gaat om bijbehorende beheertools en ook om migratiemiddelen. Zo biedt EDB migratietools om van Oracle naar PostgreSQL over te stappen.

Professionalisering, in product en partnerships

Daar heeft EDB de afgelopen tweeënhalf jaar flink aan gewerkt. “We hebben ons product geprofessionaliseerd: qua features, schaalbaarheid, replication en multi-masters”, somt Klein op. “En er zit meer in de pijplijn.” Sinds vorig jaar is het bedrijf ook partner van HP, waardoor het toegang heeft tot flinke middelen om test- en ontwikkelwerk verder uit te voeren. “Het gaat heel hard. We testen ook op 64-core HP-servers.”

Daarnaast geniet EDB al geruime tijd preferentiestatus op IBM’s pSeries-servers, tegenwoordig Power Systems geheten. Die krachtige Unix-servers draaien veelal IBM’s eigen DB2-database of PostgreSQL van EnterpriseDB. Daarnaast is EDB ook uitgeroepen tot Alliance Partner of the Year van serverleverancier HP. Inmiddels staat het databasebedrijf dan ook stevig in het rijtje naast Oracle, Microsoft SQL Server en IBM DB2.

Volgens onderzoeksbureau Gartner is EDB een serieuze bedreiging voor de gevestigde orde in databaseland. De marktvorser plaatst in zijn bekende Magic Quadrant leveranciers op basis van hun visie en hun uitvoering daarvan. Wat betreft de leveranciers van operationele database-managementsystemen is EDB een jaar geleden al geplaatst in het kwadrant voor Challengers. “Gartner komt één dezer dagen met een nieuw Quadrant, voor 2014, waarin we gestegen zijn in het leader quadrant”, verklapt Klein.

9 van de 10 dingen, voor 10% van de prijs

In het kwadrantenoverzicht van eind vorig jaar zat EDB nét boven de grens die Gartner trekt tussen de niche-spelers en de uitdagers voor de gevestigde orde. Het gaat hier om het Magic Quadrant voor operational DBMS, wat Gartner voorheen OLTP (Online Transaction Processing) noemde. De wereldwijde databasemarkt wordt door Klein ingeschat op een slordige 30 miljard dollar. “Tachtig procent daarvan is relationeel, en tachtig procent daarvan is Oracle”, schetst de EDB-topman de groeimogelijkheden voor zijn bedrijf.

Hij is daarin wel realistisch: “Er zal altijd wel Oracle nodig blijven, voor sommige toepassingen. Wij kunnen niet alles. Maar wel negen van de tien dingen, en dan voor tien procent van de prijs.” Vrijmaken van budget, correctie: van resources dus. Klein ziet in databases het derde IT-veld dat nu wordt ‘bevrijd’. Eerst was er Linux dat door met name Red Hat de zakelijke markt in is gebracht, legt de EDB-topman uit. Toen volgde middleware dat opkwam door Jboss (in 2006 overgenomen door Red Hat).

De databaserevolutie, na Linux en middleware

Nu is de database aan de beurt. Daarbij is er niet alleen de opkomst van alternatieve leveranciers zoals EDB. Tegelijkertijd speelt de trend van de zogeheten NoSQL-databases, als volledig ander systeem dan de traditionele relationele database. Klein ziet dat als een interessante ontwikkeling, die echter niet direct bedreigend is. “Het meeste databasewerk is transactioneel”, legt hij uit. Daarbij willen bedrijven waarborgen, die bijvoorbeeld abonnementen voor ondersteuning en 24x7 support hun geven.

EDB wil zich daarmee juist onderscheiden. Maar op technisch vlak neemt het de jonge, in ontwikkeling zijnde concurrentie wel serieus. Zo is ondersteuning voor het JSON-bestandstype voor NoSQL opgenomen in EDB’s ‘eigen’ PostgreSQL-software. “Het komt samen.” Daarmee wil de leverancier bedrijven keuze bieden, op weg naar de veelal onbekende toekomst. Cloud speelt daarbij ook een rol, waarbij EDB is gecertificeerd voor het snelgroeiende open source cloudplatform OpenStack. “Iedereen die Openstack noemt, heeft gelijk de aandacht van CIO’s.”

Op weg naar IT als utility

CIO’s staan namelijk op de uitkijk: ‘Wat is de nieuwe trend?’ Volgens Klein was cloud al een tijdje de trend, maar hij ziet meer heil in het benaderen van IT als een utility. Dat omvat ook cloud maar is daar niet toe beperkt. IT als nutsmiddel is geen verre toekomstmuziek, maar nu echt al aan de orde. “Zie supersuccessen zoals Salesforce”, verwijst de EDB-topman naar de bekende online-aanbieder van CRM (custromer relationship management). Aan de CIO de taak om te navigeren in deze veranderende wereld.

Door Jasper Bakker

]]>
Sat, 06 Dec 2014 08:00:53 +0100 Sandor Klein: ‘CIO, bevrijd je resources’ http://executive-people.nl/item/520736/sandor-klein-a-cio-bevrijd-je-resourcesa.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'ReadyRECOVER is uitkomst voor het MKB' http://executive-people.nl/item/520740/readyrecover-is-uitkomst-voor-het-mkb.html ReadyRECOVER, de nieuwe back-up en restore oplossing voor het ReadyDATA opslagsysteem van NETGEAR, is een absolute uitkomst voor het MKB. Met die overtuiging brengen Arend Karssies en Eric Lindeman het volgens hen 'unieke' product naar het kanaal. “Onze data resellers lopen ermee weg”, vertelt Karssies. “Met ReadyRECOVER zijn wij de eerste technologieleverancier die ‘incrementele snapshots’ laat presteren als een volledige back-up.”

Met ReadyRECOVER kunnen bestanden, mappen, databases en zelfs volledige systemen snel en betrouwbaar worden hersteld. “Voor het MKB is zo'n oplossing voor databescherming ideaal”, weet country manager CBU Benelux Arend Karssies. “De oplossing is super betrouwbaar en goed betaalbaar met een gemiddeld MKB-budget. Natuurlijk, er zijn meer dan honderdduizend andere back-up oplossingen en 'integratiesamenwerkingen' tussen heel veel verschillende hardware en software vendoren. Maar wat dit uniek maakt: elke vijftien minuten een volledige back-up van servers, desktops, laptops, waar een agent ook maar op draait.”

Alleen incrementals

De truc is dat de software van ReadyRECOVER eenmalig een volledige back-up schrijft, en daarna alleen maar de incrementals. “Maar die incrementals zijn net zo betrouwbaar als een volledige back-up”, legt Karssies uit. “Dat is mogelijk dankzij de kracht van ons file system op ReadyDATA en de checks die gedaan worden op de achtergrond in de software integratie.” ReadyRECOVER maakt daardoor een uitstekende back-up, met een minimale impact op de resources van een bedrijf. “Het is genoeg om één keer een back-up te maken”, verduidelijkt Eric Lindeman, technisch specialist en beta tester bij NETGEAR. “Daardoor is de footprint op je storage en ook de belasting van je netwerk minimaal. Je hoeft iedere keer alleen maar een paar bitjes van snapshots over te drukken. Je krijgt een complete back-up van je data, zonder om de zoveel tijd een complete back-up van het volledige systeem te hoeven maken.”

Het systeem maakt een incrementele back-up, maar gebruikt die als een volledige back-up. Karssies: “Zo wordt de back-up ook gezien. Maar omdat de back-up incrementeel is, kun je hem veel sneller verplaatsen, naar het internet of een lokaal netwerk, dat maakt niet uit. Je back-up window wordt daardoor korter. Je kan een volledige image restoren.” Lindeman: “Je slaat een back-up iedere keer op als een virtual image. Heb je een virtualisatie draaien, dan is het mogelijk om de server waarvan je een back-up hebt gemaakt gelijk aan te roepen. Binnen een paar minuten heb je weer een volledig draaiende oplossing, die hooguit een kwartier achterloopt.”

Pure MKB-oplossing

ReadyRECOVER is een pure MKB-oplossing, die optimaal werkt in combinatie met ReadyDATA. De oplossing is geschikt voor MKB-klanten die het duurdere StorageCraft niet kunnen betalen. Karssies: “Bij StorageCraft moet je normaal gesproken een heel stuk managementsoftware kopen om je back-ups te verdichten naar één back-up. Maar in de samenwerking tussen ReadyRECOVER en ReadyDATA zit zoveel intelligentie, dat je met een minimale inzet van zowel capaciteit als performance het maximale eruit haalt, tot aan een volledig herstel van je virtuele of fysieke omgeving. Dat is de kracht van ReadyRECOVER: zowel virtueel als fysiek. We hebben bovendien en speciale agent voor de back-up van data die worden aangemaakt door Exchange, die is los verkrijgbaar. Daarmee kun je items herstellen op e-mail niveau.”

De licenties voor het nieuwe product, ReadyRECOVER in combinatie met ReadyDATA, zijn sinds het vierde kwartaal te koop. NETGEAR heeft de oplossing al volledig geïntegreerd in zijn storage en sales trainingen. “We hebben het 'gepitcht' bij tien resellers en die lopen er allemaal mee weg”, vertelt Karssies. “Ze zien dat de positionering aanvullend is. Werkomgevingen in het MKB met zes tot acht machines en een of twee servers, daarvoor is dit een heel mooie oplossing. Resellers zouden dit trouwens ook nog als een dienst kunnen aanbieden, als Back-up as a Service (BAAS). Bij NETGEAR Sales kunnen resellers een demo aanvragen, en er staat een demo online.”

]]>
Fri, 05 Dec 2014 16:21:58 +0100 'ReadyRECOVER is uitkomst voor het MKB' http://executive-people.nl/item/520740/readyrecover-is-uitkomst-voor-het-mkb.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Crowdologist Irma Borst: 'Succes niet gegarandeerd met crowdsourcing' http://executive-people.nl/item/520499/crowdologist-irma-borst-succes-niet-gegarandeerd-met-crowdsourcing.html Crowdsourcing is een bekende term, maar verder dan 'laten we de klant vragen wat ze willen', komen de meeste bedrijven niet. Laat staan dat ze zich realiseren dat zowel viral marketing, co-creatie, crowdfunding als user generated content onder de term vallen. Irma Borst, crowdologist zoals ze zichzelf noemt, vertelt tijdens een presentatie op initiatief van SupportmyIT over crowdsourcing. Succes is niet zomaar gegarandeerd is. Kwaliteit is altijd een uitdaging.

Irma Borst begon met haar promotieonderzoek naar het fenomeen voordat de term 'crowdsourcing' bestond. Ze startte met het onderzoek met een focus op open source business. Geen onderzoek naar open source technologie, maar naar hoe het achterliggende business model in andere initiatieven toegepast kan worden. Toen Jeff Howe de term 'crowdsourcing' introduceerde in het blad Wired, wist ze dat dit precies was, waar ze onderzoek naar deed: hoe activiteiten voor bedrijven worden uitgevoerd door enthousiasteling en vrijwilligers buiten het bedrijf.

Wisselend succes

Crowdsourcing bestaat uit meerdere vormen, namelijk co-creatie, viral marketing, self-service, user generated content, crowdintelligence, folksonomy en crowdfunding. In elk van deze vormen wordt de crowd om verschillende soorten input gevraagd. Bij crowdintelligence wordt gebruik gemaakt van hun kennis. In co-creatie draait het om creativiteit. Bij viral marketing om vertrouwen. Crowdfunding haalt financiële middelen binnen. Maar sommige vormen draaien simpelweg om tijd, door de crowd in te zetten voor eenvoudige taken.

Neem Wikipedia, waarbij een grote groep vrijwilligers in plaats van een aantal experts uit een bedrijf hun kennis vastleggen. Onderzoek toont aan dat door inzet van de massa, Wikipedia een groter aantal onderwerpen sneller weet te beschrijven dan de traditionele encyclopedie Britannica Online. Overigens vecht de staf van Britannica Online de methode van het onderzoek nog steeds aan. Zij geloven niet dat de kwaliteit van Wikipedia daadwerkelijk hoger is.

Een ander voorbeeld van crowdsourcing is Innocentive. Op dit platform worden problemen gepost waar bedrijven lange tijd aan hebben gewerkt, maar niet uitkwamen. De problemen worden voorgelegd aan communityleden, voornamelijk bètawetenschappers. Ze komen uit andere disciplines, waardoor ze een andere kijk op de bedrijfsuitdagingen hebben. Zo wordt meer dan twee derde van de problemen alsnog opgelost. Ondanks het uiteindelijke succespercentage, blijkt ook Innocentive een groot aantal kwalitatief lage oplossingen te krijgen, namelijk 94% van de inzendingen. Bewaken van kwaliteit is dan ook een belangrijk punt in crowdsourcing initiatieven.

Collaboratie versus competitie

De vraag blijft: waarom doen mensen mee met dit soort initiatieven? In eerste instantie werd gedacht dat mensen die vrijwillig activiteiten voor bedrijven verrichten gedreven worden door sociale motivatie, vertelt Borst, maar daar bleek geen bewijs voor. Mensen worden eerder gedreven door kennisvergaring en plezier. Dit is in principe gunstig voor bedrijven die crowdsourcing inzetten, omdat zij vrijwilligers niet hoeven te belonen.

Echter, een groot aantal mensen wordt ook door extrinsieke motivatie gedreven, zoals door beloning of status. De extrinsieke en intrinsieke motivaties sluiten elkaar niet uit; iemand kan zowel met plezier meewerken én door een beloning gedreven worden. Door beloningen te geven, nemen de kosten voor het bedrijf toe, maar de kwaliteit van het werk van de online vrijwilligers kan beter gestuurd worden. De vrijwilligers zullen aan criteria moeten voldoen om voor de beloningen in aanmerking te komen. Ze hebben dus een beter beeld van de gewenste kwaliteit.

Naast de keuze om crowdsourcing betaald versus onbetaald te laten verrichten, kan het crowdsourcing initiatief collaboratief versus competitief worden uitgevoerd. In een competitieve vorm werkt iedere deelnemer afzonderlijk aan zijn eigen oplossing, terwijl bij een collaboratie mensen samen aan een oplossing werken. Soms gebeurt dat iteratief: één begint, de volgende werk daarop verder et cetera. Competitie wordt gekozen als meerdere creatieve of innovatieve oplossingen worden verwacht, terwijl samenwerking wordt ingezet als aanvullende kennis gebruikt moet worden in de uiteindelijke oplossing.

Succes in goud

Het Amerikaanse bedrijf Goldcorp heeft gekozen om deelnemers aan hun crowdsourcing initiatief te belonen als ze succesvol meewerkten. Het werd eveneens een competitief initiatief. Niet zonder succes: het goudmijnersbedrijf stond op het punt om failliet te gaan en besloot tot een drastische stap. Alle kaarten van het goudwinningsgebied werden online gezet. Iedereen mocht mee zoeken naar nieuwe goudaders en voor de vinders wachtte dus een beloning. Het project bleek een enorm succes en dankzij crowdsourcing bleef het bedrijf gespaard van de ondergang.

 

 

Expert sourcing bij SupportmyIT

Ronald Tensen zet expert sourcing in met zijn bedrijf SupportmyIT. Het is een gesloten vorm van crowdsourcing. Met andere woorden: niet iedereen kan zomaar toetreden tot de crowd van SupportmyIT. Op die manier wil Tensen de kwaliteit van de crowd van ict-experts beter kunnen bewaken. Op een zelf ontwikkeld, online platform wordt de groep experts samen gebracht met klanten met een ict-probleem. Niet opgelost? Dan hoeft de klant niet te betalen. Dit moet de kwaliteit voor de klant verder garanderen.

 

Door Anne van den Berg

 

]]>
Tue, 02 Dec 2014 09:50:01 +0100 Crowdologist Irma Borst: 'Succes niet gegarandeerd met crowdsourcing' http://executive-people.nl/item/520499/crowdologist-irma-borst-succes-niet-gegarandeerd-met-crowdsourcing.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Veeam maakt data en applicaties altijd beschikbaar http://executive-people.nl/item/520476/veeam-maakt-data-en-applicaties-altijd-beschikbaar.html De wereldwijde omzet van back-up –en recoverysoftware groeide in 2013 met 6,8 procent tot 4,7 miljard dollar, aldus onderzoeksbureau Gartner. Deze groei was deels te danken aan het feit dat bedrijven en overheden behoefte hebben aan geïntegreerde oplossingen voor back-up en recovery in de cloud en informatiebeheer. Daarnaast is de back-up markt voor gevirtualiseerde omgevingen in trek. Deze markt is nu goed voor 3,6 miljard dollar en in 2018 voor 7,1 miljard dollar. Die groei wordt veroorzaakt doordat organisaties hun data en applicaties vaker in de cloud plaatsen, waarbij deze 24/7 beschikbaar en beschermd moeten zijn. “Veeam Availability Suite versie 8 is hierbij de gepaste oplossing met technologie voor back-up, recovery en beschikbaarheid voor datacenters en de cloud”, aldus Veeam ceo Ratmir Timashev. “Veeam-technologie werkt goed samen met andere technologieën zoals VMware, Microsoft, EMC, NetApp, HP en Cisco. De wereldwijde 27.000 Veeam channel partners kunnen daardoor hun klanten een goede back-up met een hoge beschikbaarheid bieden. Veeam helpt hiermee resellers te transformeren naar service providers.”

Ratmir Timashev, ceo van availability specialist Veeam, is een ‘self-made man’. Begin jaren negentig reisde hij als jonge afgestuurde technologie student vanuit Moskou met 300 dollar op zak naar de Verenigde Staten om aan de Ohio State University te studeren. Hij is altijd geïnteresseerd geweest in IT-business. Zo had hij een handelsbedrijf in Rusland dat IT-onderdelen verkocht. In Noord-Amerika werd hij wederom IT-ondernemer, onder andere van een online winkel in 1995. Later interesseerde hij zich voor virtualisatietechnologie en startte hij in 2006 met Veeam, dat back-up, disaster recovery en security-toepassingen levert voor virtual machines (vm’s) van VMware en Microsoft Hyper-V. Veeam verkoopt zijn software uitsluitend indirect via channel partners.

De zelfverzekerde ondernemer Timashev leidt zelf het bedrijf dat bewust niet-beursgenoteerd is, zodat aandeelhouders geen druk op hem kunnen uitoefenen. De komende jaren wil de ceo van Veeam verder groeien, net zoals de voorgaande jaren. “In 2014 stijgt de omzet van Veeam naar 380 miljoen dollar. In 2015 moet dat met 35 procent zijn gestegen naar 500 miljoen dollar. In 2018 wil Veeam de magische omzetgrens van 1 miljard dollar halen. De meeste omzet wordt gerealiseerd door resellers in de EMEA-regio. Daarna volgt Noord-Amerika waar we iets meer concurrenten hebben dan op het Europese continent.”

Service Provider

Veeam stond de laatste jaren bekend als de back-upsoftware leverancier voor virtuele omgevingen. De ceo van Veeam ziet nu voor resellers enorme groeikansen met cloud-gebaseerde back-up van data en applicaties die altijd beschikbaar moeten zijn. Timashev spreekt hierbij van ‘availability’ ofwel beschikbaarheid. “Beschikbaarheid is voor datacenters en serverruimtes belangrijker dan alleen maar back-up en recovery van data. Dat komt omdat het datacenter verandert door de combinatie van storage, virtualisatie en cloud. Een rto (recovery time objective of maximaal toegestane onderbreking) en rpo (recovery point objective of maximaal toegestaan verlies van data) van een enkele uren is niet meer van deze tijd. Daarom biedt de nieuwe Veeam Availability Suite Versie 8 back-up, data availability, disaster recovery en Cloud Connect. Deze oplossing zorgt voor een snelle rto van enkele minuten. Dat kan met snapshot-oplossingen van HP, EMC en NetApp, waarbij Veeam een tool biedt voor back-up en replicatiefuncties. Tevens ondersteunt Veeam Availability Suite Versie 8 ook applicaties zoals Exchange, SharePoint, SQL en Active Directory. Resellers kunnen met de technologie van Veeam een service provider worden en daarmee Disaster-recovery-as-a-service (DRaaS) aanbieden voor back-up, recovery, replicatie en beschikbaarheid van data in de cloud.”

Cloud Connect

Met Cloud Connect kunnen channel partners back-up, recovery en availability als een ‘as-a-service’ verkopen, aldus Timashev. “Veeam Availability Suite v8 met Cloud Connect biedt verder ook data replicatie en volledige continue spiegeling van data sets. Daarnaast biedt Veeam replicatie ondersteuning voor VMWare en Microsoft Azure in de cloud. Veeam Cloud Connect biedt Veeam-klanten een geïntegreerde manier om back-ups naar een offsite back-up repository te verplaatsen, die beheerd wordt door een zelfgekozen service provider. Hierdoor zijn investeringen in een eigen offsite-infrastructuur niet nodig. De service providers wordt een platform geboden om snelle en veilige back-ups naar de cloud te bieden aan klanten. Veeam Cloud Connect is zo op te zetten dat elke Veeam ProPartner een service provider kan worden en binnen tien minuten offsite back-updiensten aan zijn klanten kan aanbieden door gebruik te maken van de cloud-infrastructuur van de service provider of van VMware vCloud Air of Microsoft Azure.”

ProPartner

Veeam werkt nauwer samen met Microsoft en VMware om partners te helpen hun diensten op het gebied van beschikbaarheid uit te breiden naar de cloud. Veeam is de samenwerking met beide partijen aangegaan om ervoor te zorgen dat Veeam Cloud Providers (VCP’s) in staat zijn Veeam Cloud Connect te implementeren in Microsoft Azure en VMware vCloud Air. Hierdoor beschikken resellers en service providers over twee oplossingen die een einde maken aan de kosten, complexiteit en zorgen die gepaard gaan met het ontwerp en implementatie binnen een datacenter. “De integratie van Veeam Cloud Connect met Azure en vCloud Air is interessant voor bestaande en nieuwe leden van het Veeam ProPartner-netwerk die service provider willen worden en hun klanten beschikbaarheid in de cloud willen bieden, zonder te hoeven investeren in hun eigen cloud-infrastructuur, aldus Timashev.

3-2-1-regel

Veeam raadt IT-organisaties aan de 3-2-1-regel toe te passen: drie kopieën van data op twee verschillende media, waarvan er één offsite staat. Timashev: “Met Veeam Cloud Connect kan de IT-afdeling aan deze offsite-vereiste voldoen, zonder te investeren in offsite-beheer of een offsite–infrastructuur. De cloud resources zijn namelijk op aanvraag beschikbaar. Als onderdeel om een cloud gebaseerde beschikbaarheid te bieden, kondigde Veeam onlangs de Veeam Cloud Provider (VCP)-partners aan die ondersteuning bieden voor cloud back-up met Veeam Cloud Connect zodra de Veeam Availability Suite v8 beschikbaar komt.”

Unique Selling Points

Volgens Timashev heeft Cloud Connect veel unique selling points voor resellers. “Het biedt veilige en nauwe integratie tussen server en storage hardware. Zo werkt Veeam nauwer samen met HP’s hardware. Hierdoor kopen Veeam klanten sneller een HP server. Ook integreert Veeam Cloud Connect nauw met storage-systemen van EMC, NetApp en Netgear. Zo kunnen NetApp-partners en -klanten met Veeam heel veel gebruikmaken van snapshots. Veeam Availlability Suite Versie 8 integreert ook nauw samen met software, zoals Microsoft Exchange en Microsoft SQL.”

Volgens Timashev kunnen de 27.000 wereldwijde Veeam resellers,  nu binnen no-time een service provider worden waarbij ze zijn verzekerd van maandelijkse inkomsten met availabiliy diensten. “Gartner voorspelt dat 66 procent van de resellers zal verdwijnen, de overige 33 procent wordt service provider. Onze 25.000 resellers kunnen aansluiten aan het Veeam Cloud Provider-programma. Inmiddels verkopen duizenden resellers Veeam Cloud Connect, een multi-channel service met back-updiensten. Dit biedt resellers een additionele omzetstroom. Veeam Cloud Connect wordt alleen via het Veeam Cloud Provider-programma aangeboden. Resellers kunnen zo verder groeien als service provider.”

‘Goede job’

De ceo verklaart zelf waarom Veeam snel is gegroeid. “Een succesvol IT-bedrijf heeft drie dingen nodig: goede producten, goede sales & marketing en goede partners. Veeam heeft ze alle drie en daarom zijn we leider in de markt voor back-up en recovery voor virtuele omgevingen. We hebben deze ‘availability’-markt zelf gecreëerd omdat data en applicaties in een modern datacenter altijd beschikbaar moeten zijn voor de business. Zo kunnen organisaties hun concurrentiepositie versterken en meer services bieden. De IT-afdeling speelt hierbij een strategische rol. Business-afdelingen hebben geen behoefte aan een legacy back-up. Ze hebben juist de nieuwste oplossingen nodig voor beschikbaarheid. Maar met Veeam zorgen onze partners dat het moderne datacenter altijd beschikbaar is.”

Partners kunnen met Veeam Availabity Suite v8 hun klanten helpen met een hoge beschikbaarheid van een modern datacenter, aldus Timashev. “Partners zien de waarde van onze technologie voor het moderne datacenter. Veeam neemt een belangrijke plek in in moderne datacenters die gebruikmaken van de beste storage-, virtualisatie- en cloudtechnologie. Veeam zorgt dat data altijd beschikbaar is. Ons product is betrouwbaar en eenvoudig te beheren met ondersteuning van een toegankelijk partnerprogramma. Veeam en zijn channel partners doen samen een ‘goede job’, want we groeien. Ik zegt altijd tegen resellers: geef ons feedback. Zeg tegen ons wat voor sales- en marketingondersteuning je nodig hebt voor je verschillende klanten. Praat ook veel met IT-managers en IT-directeuren die nu bezig zijn met het bouwen van een modern datacenter in opdracht van de cio. Vervang daar oude back-upapplicaties voor de moderne Veeam availability-oplossingen. Laten we samen meer marktaandeel veroveren en groeien.”

Veeam gaat de komende jaren voor verdere groei. Daarbij heeft een Amerikaanse private equity investeerder uit een minderheidsaandeel van 5 procent in het bedrijf genomen. Veeam ziet onder andere groeikansen in data management en oplossingen voor OpenStack-omgevingen, aldus Timashev. “Daar willen we nummer één in worden. Komende jaren zullen we overnames doen en onze producten blijven we geheel via channel partners verkopen. Veeam blijft onafhankelijk, ik heb geen behoefte om een beursgenoteerd bedrijf te worden. Die visie past ook bij de trend om een niet-beursgenoteerd bedrijf te zijn. We kunnen zelfstandig met onze strategie groeien. Daardoor zijn we leider in de availability-markt die alleen maar verder groeit.”

Veeam Endpoint Backup Free

Het lijkt erop dat Veeam zijn zinnen heeft gezet op het worden van een speler in de markt van end-point back-upoplossingen. Daarvoor introduceert Veeam Endpoint Backup Free voor desktops en notebooks. Timashev: “Veeam staat er om bekend dat het gratis producten aan de developer community geeft. We bieden met Veeam Endpoint Backup Free complete functies voor IT-professionals in het mkb die voor organisaties back-ups moeten maken op notebooks. We wachten nu op de feedback van de community. We kijken daarna hoe we Veeam Endpoint Backup verder ontwikkelen, door bijvoorbeeld een full blow enterprise endpoint of server back-up oplossing van te maken. Veeam gelooft dat IT-omgevingen volledig geautomatiseerd worden, maar dat geldt niet voor een endpoint zoals een smartphone, tablet of notebook. Een eindpoint is altijd fysiek omdat mensen die altijd op zak willen hebben. Daarom willen we ook voor deze devices een betrouwbare oplossing bieden.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Mon, 01 Dec 2014 16:21:40 +0100 Veeam maakt data en applicaties altijd beschikbaar http://executive-people.nl/item/520476/veeam-maakt-data-en-applicaties-altijd-beschikbaar.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
SAP: 'Nederland is rijp voor Design Thinking' http://executive-people.nl/item/520196/sap-nederland-is-rijp-voor-design-thinking.html SAP richt op allerlei plekken in de wereld AppHauses in. Zo’n AppHaus is een creatieve omgeving waar multidisciplinaire teams samen met klanten aan nieuwe, slimme, creatieve oplossingen werken. Design thinking, het non-conformistisch denken vanuit de gebruiker en het eindresultaat, staat hierin centraal. We spraken met Jeffrey Raskeyn van SAP over dit concept.

 'Traditioneel worden problemen vaak analytisch en rechtlijnig benaderd, vanuit de linker hersenhelft', zegt Raskeyn. 'Design Thinking richt zich echter op creatief denken vanuit de rechter hersenhelft. Dat moet leiden tot creatieve oplossingen die de gebruiker centraal stellen.' Het creatieve proces verloopt in zes fasen: Understand, Observe, Point of View, Ideate, Prototype en Test. 'Dat proces kost tijd, het is niet even in een vrij uur achter het bureau of in een vergaderruimte gedaan. Mede vanuit dat perspectief zijn de AppHauses ontstaan. Een AppHaus geeft creativiteit alle ruimte.'

Multidisciplinair

Belangrijk voor de AppHauses is het multidisciplinaire aspect. Dat daagt iedereen uit verder te kijken dan zijn eigen vakgebied. 'Experts kunnen van elkaar leren en inspiratie opdoen. Juist de combinatie van verschillende visies en disciplines werkt ontzettend stimulerend. De sfeer heeft wel wat weg van een tech-startup of reclamebureau.'

Volgens Raskeyn is de naam niet voor niets gekozen. 'Het is een eerbetoon aan Bauhaus. Deze kunststroming uit de jaren ‘20 van de vorige eeuw hechtte ook enorm veel waarde aan het combineren van disciplines uit allerlei richtingen.'

Heidelberg

AppHaus is inmiddels een succesvol concept. Momenteel staan ze in onder andere Parijs, Dublin, Shanghai, Los Altos en Bangalore. Een bijzondere vestiging staat in Heidelberg, vlakbij de SAP campus. Een bijzondere, volgens Raskeyn: 'Het is de eerste 'customer facing' AppHaus, gevestigd in een voormalige sigarenfabriek. Het team werkt er op 900 vierkante meter aan ruim 250 projecten. Klein en groot: van interface-ontwerpen tot complexe implementaties.'

De teams in Heidelberg werken gemiddeld aan tien tot twintig projecten tegelijkertijd. Tien van de 27 medewerkers zijn afkomstig uit SAP zelf. De rest komt 'van buitenaf', ieder met een totaal verschillende achtergrond. Officieel is de club onderdeel van het SAP Design Services Team, maar volgens Raskeyn zijn ze bewust buiten de eigen campus gevestigd. 'Zo houden ze een frisse blik op hun klussen.'

Nederlands AppHaus

Inmiddels gaan de eerste voorzichtige stemmen op voor een Nederlands AppHaus. Een aantal Design Thinking-enthousiastelingen bij SAP Nederland neemt hierbij het voortouw. 'Vier afgevaardigden zijn dit jaar afgereisd naar Heidelberg om het concept beter te leren kennen en te brainstormen over een mogelijke Nederlandse afdeling', zegt Raskeyn. 'Momenteel bekijken we of een Nederlands AppHaus haalbaar is en of deze een fysieke locatie moet krijgen.'

Tijdens deze sessies is ook het idee van een DesignEd ontstaan. 'Momenteel hebben we de TechEd-sessies, maar die zijn gericht op de techniek. De DesignEd zou kunnen starten als een zij-event en uiteindelijk zelfstandig kunnen worden. Hoe dan ook, Nederland is wat mij betreft rijp voor Design Thinking.'

In samenwerking met VNSG dat eerder een artikel hierover publiceerde

]]>
Mon, 01 Dec 2014 15:49:07 +0100 SAP: 'Nederland is rijp voor Design Thinking' http://executive-people.nl/item/520196/sap-nederland-is-rijp-voor-design-thinking.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden? http://executive-people.nl/item/520342/de-keerzijde-van-de-nieuwe-economische-realiteit-zijn-we-naa-macr-eve-digitale-optimisten-geworden.html Een appartement huren voor je vakantie doe je goedkoop bij AirBNB, een taxi bestel je voordelig via Uber. Je kinderen werken op school met een iPad, en thuis bedien je met je tablet niet alleen de thermostaat, maar ook de televisie en de verlichting. Heb je nieuwe schoenen nodig? Ook die bestel je online en laat het de volgende dag keurig thuisbezorgen. Nieuwe technologische mogelijkheden maken ons leven vaak makkelijker, leuker en in veel gevallen goedkoper.

Maar, is er ook een keerzijde aan deze 'nieuwe economische realiteit'? Staan we vaak genoeg stil bij de impact die technologische ontwikkelingen hebben op onze economie en onze maatschappij? Stellen we voldoende kritische vragen, of laten we ons meeslepen door het luide 'halleluja' dat klinkt vanuit bedrijven als Google en Facebook? En hoe zou de rol van de overheid in dit debat eruit moeten zien?

Frits Bussemaker (voorzitter iPoort, partner CIOnet) ziet dat er tot nu toe weinig debat wordt gevoerd over deze vragen. Hier maakt hij zich zorgen over. “De gevolgen van technologische ontwikkelingen op de economie en de maatschappij als geheel zou een belangrijk onderwerp van debat zou moeten zijn, zowel in de politiek als daarbuiten”, stelt hij. Daarom organiseerde hij op 13 november een iPoort bijeenkomst met het thema: 'de digitale transitie – de keerzijde van de nieuwe economische realiteit.'

Executive-People sprak over dit onderwerp met de sprekers: Arda Gerkens (lid eerste kamer SP), Kees Verhoeven (lid tweede kamer D66) en Frans van der Reep (lector 'digital world' Hogeschool Inholland, spreker over dit onderwerp, strateeg bij KPN).

Is er een keerzijde?

Dat er wat aan de hand is, daar zijn Van der Reep, Verhoeven en Gerkens het over eens. Maar de definitie 'keerzijde' willen ze alle drie niet in de mond nemen. Gerkens denkt dat we het niet 'keerzijde' moeten noemen, omdat dit begrip een te negatieve lading heeft. “IT gaat onze maatschappij in toenemende mate veel kansen geven. In plaats van een keerzijde zou ik het willen zien als bezinningsmomenten.”

Dat die bezinningsmomenten ontbreken, ziet ook Frans van der Reep. “Of die keerzijde er is weet ik niet, maar we moeten er in ieder geval voor open staan. Dat gebeurt veel te weinig.” Verhoeven ziet ook geen reden om van een keerzijde te spreken. “In principe hoeft de digitale transitie geen keerzijde te hebben. Een transitie zal altijd een omslag meebrengen die voor spelers op de markt positief of negatief kan uitpakken, maar in principe zijn er meer positieve dan negatieve gevolgen.” Maar, zegt hij, we moeten er wel rekening mee houden dat het gebruik van nieuwe ICT en technologie mogelijkheden ook ruimte biedt voor misbruik. “Daarom moeten er goede afspraken worden  gemaakt voor gebruik van ICT en technologie.”

Geen technologiehater

Dat bezinningsmoment is precies dat wat Van der Reep mist. Hij ziet dat we weinig kritisch zijn als er nieuwe technologieën worden geïntroduceerd. “Tech is niet alleen fun, het heeft ook een evil kant. Er vliegen drones rond die op eigen gezag moorden. Dat vind ik levensgevaarlijk. Daar moeten we met elkaar iets van vinden. Begrijp me niet verkeerd: ik ben geen technologiehater, ik vind dat we in een leuke tijd leven. Maar er is ook een donkere kant, en daar moet je voor open staan. Dat geldt voor de technologie die er is en zeker voor de technologie die er aan komt. We moeten zorgen dat we met elkaar die mechanismes begrijpen en dat we zelf de regie in handen houden. En dat begint met het stellen van de juiste vragen.”

Maar wat zijn die vragen die we zouden moeten stellen en die we niet stellen? Volgens Verhoeven spreken we te weinig met elkaar over waar we naartoe willen met de samenleving. “Omarmen we de nieuwe innovatie, of houden we het op afstand? Wat zijn de kosten van ‘gratis’ diensten zoals Facebook en Twitter? Zijn consumenten zich genoeg bewust van hun rol en hun rechten in nieuwe verdienmodellen van bedrijven?”

Hoe ver willen we gaan?

Ook Gerkens maakt zich hier zorgen over. “We gaan van een oude wereld naar een nieuwe wereld en de vraag is of wij wel in staat zijn om zo snel met die nieuwe wereld mee te komen. Ik maak me zorgen om de mensen die er heel enthousiast mee bezig zijn, the sky is the limit voor hen. Die mensen gaan ontwikkelen maar vergeten daarbij een aantal aspecten van het dagelijks leven te betrekken. Dat vind ik een serieuze bedreiging.

Daarom pleit ze ervoor om het debat hierover met elkaar aan te gaan. “We kunnen straks alles, maar wat doet dat met ons leven? Hoe ver willen we daar in gaan? Ik geloof dat we al tegen de grens aan zitten, of er zelfs al overheen zijn gegaan. Mensen zijn zich daar nog niet bewust van, want oorzaak en gevolg liggen in de IT heel ver uit elkaar. Het is pas een onderwerp van discussie, als het al gebeurd is. Als de gegevens op straat liggen of mensen er last van ondervinden. Een voorbeeld daarvan is Google Street View: dat ontlokte een discussie omdat mensen zich realiseerden dat zij op internet stonden. Maar die discussie ontstond pas, toen het er al was.”

Van der Reep noemt het toenemende gebruik van iPads op scholen als voorbeeld van een ontwikkeling waarbij we geen vragen bij gesteld hebben. “Voordat we een nieuwe technologie omarmen, moeten we er met z’n allen bij stilstaan of we dat wel moeten willen. Kijk eerst eens wat die Ipad met de ontwikkeling van ogen en hersenen van jonge kinderen doet. Misschien is het wel oké, maar je moet het niet klakkeloos aannemen. Je moet de vraag stellen.”

Gelatenheid

Maar waar komt die 'gelatenheid' vandaan? Zijn we niet slim genoeg? Is er een gebrek aan interesse voor deze onderwerpen in de maatschappij? Van der Reep stelt dat we afhaken als onderwerpen te abstract zijn om onszelf een voorstelling van te maken. “Neem bijvoorbeeld cybersecurity. Dat is veel te abstract voor ons en op abstracte zaken reageren wij niet. We reageren alleen op concrete zaken, waar een concrete context voor is. Het Amber Alert is daar een goed voorbeeld van: als je een Amber Alert krijgt, reageer je meteen want je hebt er een beeld bij. Bij bedreigingen online is dat niet zo, we hebben geen idee wat die inhouden. Tegen de tijd dat het wel concreet wordt, is de weg terug te lang.”

Ook Gerkens denkt dat we het lang niet altijd doorhebben als er wat aan de hand is en daarom ook niet of niet snel genoeg reageren. “Ik wil de vooruitgang niet stuiten maar er moet wel meer bewustzijn komen rond technische ontwikkelingen. Er moet een omslag in ons denken komen. Ik denk echter niet dat die omslag er komt, vooral omdat oorzaak en gevolg in de IT dus zover uit elkaar liggen. Dat is ook niet iets dat weggroeit met generaties. Op een gegeven moment gaan we voorbij de menselijkheid met de ontwikkelingen, puur omdat het kan.”

Verhoeven stelt dat er wel aandacht is voor de 'keerzijde', maar dat deze lang niet altijd wordt ingevuld als 'bezinningsmoment'. “Wat dit betreft wordt het debat teveel beheerst door hypes en politici die angstbeelden scheppen in plaats van mogelijkheden en kansen zien. Ze kiezen voor nachtmerries in plaats van een positieve visie voor de toekomst. Een goed voorbeeld hiervan is minister Lodewijk Asscher (PVDA) die waarschuwt voor robots die onze banen afpakken.” Deze kijk op innovatie is niet waar Verhoeven voor pleit. “Nieuwe technologie verhoogt de productiviteit van arbeid, wat economische groei mogelijk maakt. Waar we het wel over moeten hebben, is of de ontwikkeling en groei op een verantwoorde manier plaatsvinden. Wij pleiten voor groene, duurzame groei waarbij er op verstandige wijze gebruik wordt gemaakt van technologie en mogelijkheden.”

Ook Gerkens gelooft niet dat automatisering per se leidt tot een kille gerobotiseerde wereld, het beeld dat soms geschetst wordt. “Ik geloof juist dat je door automatisering meer ruimte en tijd hebt voor menselijk contact en dat je daar je maatschappij op moet gaan inrichten.”

AirBNB: wel leuk, maar is het ook fair?

Van der Reep ziet vreemde dingen gebeuren als gevolg van het gebrek aan aandacht van de politiek voor nieuwe technologische mogelijkheden en businessmodellen. “Het is handig dat we bij elkaar kunnen slapen via AirBNB, maar is het wel fair tegenover hotels? Een AirBNB appartement hoeft zich niet aan dezelfde regels te houden als een hotel, maar concurreert wel direct met hotels. Een ander voorbeeld is dat het fijn is dat je in de supermarkt zelf je boodschappen kunt afrekenen, maar wist je dat het praatje met de caissière voor veel oude mensen het enige sociale contact op een dag is? Die vragen worden niet gesteld. Ik vind dat wij te makkelijk doen en onvoldoende rekenschap geven van de impact op de ordening van de maatschappij waar mijn kleinkinderen in zullen leven.” Hij ziet het als een taak van de politiek om in debat te gaan over deze onderwerpen en in actie te komen. 

Goede en eerlijke regels

Als het aan Verhoeven ligt, komen die regels er ook. “Goede regels moeten ruimte bieden aan innovatie en het juist stimuleren. Een overheid moet niet in de weg staan met bureaucratie en regels maar juist een vruchtbare bodem creëren waarop nieuwe initiatieven kunnen groeien. Aan de andere kant moet er een eerlijk speelveld gecreëerd worden waar bestaande spelers op de markt en nieuwkomers gelijkwaardig worden behandeld. Consumenten moeten beschermd worden als dat nog niet (goed) geregeld is met bestaande regel- en wetgeving.”

Daarnaast is er ook in het onderwijs werk aan de winkel. “Kamerlid Paul van Meenen heeft er recent voor gepleit om programmeren een examenvak te maken op het voortgezet onderwijs. De minister en andere politieke partijen zien hier dan de noodzaak niet van in, vinden het dus niet belangrijk en vinden het huidige onderwijs voldoende. Veel mensen zijn bang hun baan kwijt te raken door ICT en automatisering. We moeten ons niet verzetten tegen vooruitgang maar zorgen dat mensen op de arbeidsmarkt goed om kunnen gaan met ICT en technologie en daardoor kunnen profiteren van vooruitgang. Dat begint met goed onderwijs en mogelijkheden om bij te scholen/om te scholen.”

Geen zwart klusbedrijf

Gerkens vindt dat de politiek wakker moet worden. “De economie, die gaat echt veranderen. Ons hele economisch bestel gaat op de schop en we hebben nog geen idee van hoe. We gaan terug naar een diensteconomie en een deeleconomie, er zijn fantastische nieuwe business modellen. Maar de oude en de nieuwe economie raken met elkaar verweven en ik denk dat je dat moet scheiden. Een carpoolsysteem is heel goed, maar als je daar een zwart klusbedrijf van gaat maken, dan moet je het hele idee veranderen.”

Hoewel Van der Reep hoopt dat de overheid wakker gaat worden en echt iets gaat doen, heeft hij er niet veel vertrouwen in. “Ik denk niet dat de politiek wakker zal worden. Ik denk dat er helemaal niets zal gebeuren, we laten dit gewoon over ons heen komen.”

En als we echt verder slapen...

Dan zien de geïnterviewden het somber in. “Er komen straks allemaal slimme auto’s die op elkaar zijn afgestemd. Maar één hacker en het is totale chaos”, zegt Gerkens. “En er wordt zoveel informatie opgeslagen en verzameld. Door slimme energiemeters weet men straks precies hoeveel stroom je gebruikt. Ze kunnen je kenteken opvragen of zien waar je met de trein allemaal komt. De techneuten beslissen dan hoeveel privacy ik heb.”

Verhoeven: “Als we op deze manier verder gaan zullen we bij elke ‘disruptieve innovatie’ er tegenaan lopen dat de huidige regelgeving geen antwoord biedt op nieuwe vraagstukken. Daarom moeten we er voor zorgen dat we een samenleving neerzetten waarbij we een visie hebben voor de toekomst. Daarbij hoort het maken van keuzes en de overheid dient de burger daar op democratische wijze bij te betrekken omdat het uiteindelijk ons allemaal aangaat.”

Naïeve digitale optimisten

Hoe de toekomst eruit ziet? Van der Reep: “Het politieke probleem is dat de oude wereld voorbij is en de nieuwe wereld er nog niet is. Dan krijg je een machtsvacuüm en dat is wat je in de wereld ziet op dit moment. Dat is een groot probleem. De technologie is daar een enorme accelerator in denk ik, we kunnen steeds meer en de vraag is of we dat wel zouden moeten willen. We zijn een soort naïeve digitale optimisten die maar doorlopen en dan constateren dat we in een wereld terechtkomen die we eigenlijk helemaal niet willen.”

]]>
Sat, 29 Nov 2014 08:11:42 +0100 De keerzijde van de nieuwe economische realiteit: Zijn we naïeve digitale optimisten geworden? http://executive-people.nl/item/520342/de-keerzijde-van-de-nieuwe-economische-realiteit-zijn-we-naa-macr-eve-digitale-optimisten-geworden.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Software-Defined Data Center is geen quick fix http://executive-people.nl/item/520192/software-defined-data-center-is-geen-quick-fix.html Software-Defined Data Center. Het is geen hard- of softwareproduct dat je zo van de schappen kan pakken. Het gaat zowel business als IT aan. Alle onderdelen van een IT-infrastructuur leren met elkaar praten, maar ook business en IT moeten helder krijgen over wat ze nu precies willen bereiken. Het Software-Defined Data Center is een staat waarin de IT-omgeving kan komen. De vraag om een SDDC komt echter vaak vanuit de business.

Het onderwerp klinkt technisch: Software-Defined Data Center. Het is ook logisch dat de IT-afdeling als eerst aan de slag gaat, maar idealiter komt de initiële vraag voor een SDDC vanuit de business. Al zou een chief executive officer misschien niet weten dat het die benaming moet meekrijgen. De businessvraag komt vervolgens weer voort uit mogelijkheden die innovaties en ontwikkelingen, gebaseerd op technologie, vandaag de dag kunnen bieden. Denk maar aan Internet of Things, social media of mobility.

Dat de ontwikkelingen vragen om een SDDC heeft te maken met het behalen van business doelstellingen. Bij grote bedrijven worden die alleen gerealiseerd als de software ondersteuning kan bieden. En als dat snel en efficiënt kan gebeuren. Met andere woorden: je wilt oplossingen binnen het bedrijf als een service aanbieden aan de business. Dat vraagt een andere benadering van je IT-infrastructuur, maar ook een andere benadering voor het uitzetten van business vraagstukken.

Het inzetten van oplossingen op het moment dat het nodig is, is ook het grote voordeel van een SDDC. 'Het is precies op tijd en voor zolang als je het nodig hebt', vertelt Peter van der Torn, Pre-Sales Consultant bij i3 Groep. Dat betekent dat kosten worden beperkt. Ook hoeft IT niet langer handmatig opslag, licenties of servers te regelen op het moment dat de business ondersteuning wilt. De afdeling kan zich dan richten op complexere IT-aangelegenheden in plaats van het bouwen van de fundatie.

Een volmaakt SDDC heeft een schil van een gevirtualiseerde server, opslag en netwerk. Daar binnen zitten hard- en softwareonderdelen die met elkaar en de server, opslag en netwerk automatisch communiceren op basis van de business logic layer die in de kern zit. Hier zijn business processen en de autorisatie van medewerkers in kaart gebracht. Overigens is het zo dat als er aan de ene kant iets verandert, dat dat direct invloed heeft op de andere lagen. Een holistische aanpak is dus noodzakelijk.

Geen SDDC-pakketje

SDDC kan alleen niet uit een kast worden getrokken en als een pakket worden geïnstalleerd. 'Het is een staat, die je infrastructuur kan bereiken', aldus Van der Torn. In de virtualisatielaag werk je toe naar standaardisatie zodat hard- en software altijd met elkaar kunnen communiceren. Aan de business kant creëer je een service catalogus, waarmee eindgebruikers kunnen aangeven welke oplossing ze nodig hebben. Door een reeks van beslispaden en -bomen wordt door één druk op de knop de juiste bronnen, abonnementen en functionaliteiten in gebruik genomen.

De eindgebruiker hoeft niet meer langs de IT-afdeling voor het creëren van IT-functionaliteit, maar dat betekent niet dat business en IT niet meer met elkaar communiceren. Zeker bij het opzetten van een SDDC zijn duidelijke afspraken noodzakelijk, vertelt Eric Meybaum, Pre-Sales Consultant bij i3 Groep. 'Business processen zijn de uitgangspunten. Maak afspraken over de voorwaarden oftewel service level agreements (sla's). Wie doet en mag wat? Binnen een SDDC is het mogelijk om al deze afspraken om te zetten in technische stappen om automatisering mogelijk te maken.'

Veel Nederlandse bedrijven zijn daarom nog helemaal niet zo ver dat ze een SDDC staat kunnen behalen. Op dit moment is tachtig procent bezig met het virtualiseren van de server, de opslag en het netwerk, vertelt Meybaum. 'Ze zijn bezig met het uitbannen van de verschillen tussen verschillende soorten hardware. Hardware moet universeel worden en probleemloos met elkaar en de software kunnen communiceren.'

Meybaum: 'Overigens zijn de meeste bedrijven al zo ver dat de server gevirtualiseerd is. VMware is een grote leverancier, maar ook Microsoft zet grote stappen in de markt met de oplossing Hyper-V.' Nu zijn steeds meer bedrijven aan het kijken hoe ze hun storage-oplossingen kunnen virtualiseren. Het virtualiseren van de netwerkstructuren is het lastigst, omdat netwerkfunctionaliteit zich moeilijk op generieke hardware laat plaatsen.

Legacy staat in de weg

De beste manier om met SDDC aan de slag te gaan en zowel IT als business aan de slag te zetten, is het opstellen van een roadmap. Idealiter doe je dat in een samengesteld team. 'Je moet kleine stapjes zetten', vertelt Van der Torn. 'Je kunt niet verwachten dat je morgen een SDDC hebt staan. Het is geen revolutie, zoals cloud bijvoorbeeld is, maar een evolutie. Dat is maar goed ook, want je hebt een stabiele basis nodig voor je infrastructuur.'

Hoe snel een bedrijf stappen kan nemen naar een SDDC-omgeving hangt af van de volwassenheid van het bedrijf. Hoeveel gestandaardiseerde hard- of software gebruikt een bedrijf? Welke business processen zijn al in kaart gebracht? Is de IT-afdeling in staat om de traditionele inrichting van de architectuur los te laten? Onderdeel daarvan is ook: wat is mijn adoptiegraad? Wat is het draagvlak? Wat is het gedrag van de organisatie als nieuwe diensten in gebruik worden genomen?

'Je gaat een reis maken', vertelt Van der Torn. 'Je moet als organisatie aan de slag, het is geen IT-feestje.' Toch heeft een groot deel van de bedrijven al de cultuuromslag gemaakt, zonder dat ze het weten, aldus Van der Torn: 'Door het nieuwe werken of mobiliteit worden diensten binnen het bedrijf al snel vormgegeven vanuit de business. Als medewerkers willen werken met tablets dan wordt het al snel gerealiseerd. Het is niet meer zoals de traditionele IT, die zegt: 'Dat hebben we niet, dus het kan niet.''

Auteur:Anne van den Berg

]]>
Wed, 26 Nov 2014 09:22:53 +0100 Software-Defined Data Center is geen quick fix http://executive-people.nl/item/520192/software-defined-data-center-is-geen-quick-fix.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
SAP helpt markt te ontwikkelen met Design Thinking http://executive-people.nl/item/520077/sap-helpt-markt-te-ontwikkelen-met-design-thinking.html Met ICT is vaak veel meer te doen dan op het eerste gezicht mogelijk lijkt. Organisaties kunnen met de nieuwste technologische middelen de verkoop doen stijgen. Maar dan moeten zij wel de juiste ideeën hebben over hoe zij klanten beter van dienst kunnen zijn. De methode ‘Design Thinking’ helpt hierbij doordat organisaties buiten de platgetreden paden komen. “Dat betekent wel dat partners ook met vertegenwoordigers van de business om de tafel moeten zitten. Het is een andere manier van werken met vaak verrassende resultaten”, zegt Jeffrey Raskeyn (foto), Director General Business & Partner Ecosystems bij SAP Nederland.

Eén van de belangrijkste veranderingen in het IT-landschap is, volgens Raskeyn, dat het niet meer om de moertjes en nippeltjes, ofwel de bits en bytes gaat. Het gaat om de resultaten van die techniek. Zijn collega Mark Raben,Head of Customer Innovations, valt hem bij. “Wat het meeste opvalt, is dat de invloed van software veranderd. Voorheen spraken we te vaak over de vernieuwing van de automatisering zelf. Nu gaat het om de inzet van informatietechnologie om andere bedrijfsmodellen in te richten of nieuwe markten aan te boren. Eerst lag de focus op de vernieuwing van IT, nu gaat het om innovatie door IT. Dat vereist een wezenlijk andere benadering van klanten door partners. ”Sinds enige jaren gebruikt SAP zelf de methode Design Thinking om baanbrekende ideeën met haar klanten te genereren. Verder gebruikt SAP Design Thinking om richting te geven aan de producten en diensten die het bedrijf zelf ontwikkelt.

Innovation Center

Raskeyn wijst in dit verband ook naar het Innovation Center van SAP. Dit is het bedrijfsonderdeel van het softwarehuis, dat de geestdrift van een startende onderneming koppelt aan de decennialange ervaring die SAP rijk is. De eindgebruiker staat hier centraal. En heeft natuurlijk dus ook een stem in het werk dat het Innovation Center uitvoert. “Het gaat om samenwerking. In het centrum werken we met klanten met wie wij al jarenlang een innige relatie hebben; groot en klein. Maar ook met start-ups die nog helemaal geen SAP software gebruiken. Wij willen weten waar hun behoeften liggen; zo kom je tot gezamenlijke vernieuwing. Die aanpak kunnen partners ook doorvoeren: samen met de klant tot een vernieuwende inzet van IT komen. Uiteraard zijn wij bereid hierin een ondersteunende rol te spelen. Samenwerking is cruciaal.”

Voetbal

De jongste technologische ontwikkelingen van SAP vinden we bij mobile computing met het SAP Mobile Platform, cloud computing met eigen datacenters en cloud ready software, en het snel analyseren van grote hoeveelheden gegevens met het in-memory platform SAP HANA. “Maar het gaat niet om de technologie”, zegt Raskeyn. “Het gaat om wat je ermee kunt doen. Dat zien we aan de voorbeelden die worden ontwikkeld in het innovatiecentrum. Zoals een applicatie die heel snel gegevens over sporters kan analyseren. Het Duitse voetbalteam op de wereldkampioenschappen in Brazilië gebruikte dit om de prestaties te verbeteren. Maar het is ook inzetbaar om gegevens over sporters aan fans te presenteren, zodat zij nog meer plezier aan de wedstrijd beleven.

Zelf invullen

Bij de gebruikelijke bedrijfssoftware zoals ERP is het duidelijk, zo legt Raben uit: "Dan heb je gewoon een pakket met bepaalde functionaliteit. Die kun je uitbreiden, of op een bepaalde manier inrichten, afhankelijk van de behoefte van de organisatie. Dat is geen sinecure en we hebben de hulp van partners hier vaak hard bij nodig. Met mobile en cloud ligt dat anders. Het gaat hierbij niet om een pakket, maar om een platform. Juist hierbij moeten partners goed nadenken over de rol die zij daarbij kunnen vervullen."

"Neem VeliQ”, vervolgt Raskeyn. “Deze partner heeft zich van meet af aan gericht op het vergemakkelijken van mobiel werken. Dat hebben ze gecombineerd met cloud computing. Op basis van het SAP Mobile Platform hebben ze zelf MobiDM ontwikkeld. Dit is een manier om in de cloud mobiele apparatuur te beheren. Ze bieden klanten de mogelijkheid om greep op de apparatuur te houden en combineren dit met de voordelen van de cloud. De oplossing is laagdrempelig in gebruik, klanten hebben geen technische hogeschool nodig om ermee te werken, en de oplossing is tegen lage kosten beschikbaar."

Keuze maken

Raben geeft aan dat mobile en cloud prioriteit hebben bij SAP als het gaat om het ontwikkelen van nieuwe producten en diensten. Zo heeft het concern verscheidene vormen voor bedrijfssoftware geschikt gemaakt om via de cloud te gebruiken. Denk hierbij aan SAP All-in-One en Business byDesign.

Het is dan aan de partner of hij gebruik wil maken van de cloud-dienst die wij zelf aanbieden, of dat ze zelf een cloud-platform inrichten voor klanten. Raskeyn: "Ctac implementeert bijvoorbeeld Business byDesign met gebruikmaking van de public cloud van SAP. We zien bij onze huidige partners dat ze zich specialiseren, en daar succesvol mee zijn. Met generieke oplossingen maakt een partner immers geen verschil. Ze hebben zich vaak ook gericht op bepaalde sectoren, zodat ze hun kennis verdiepen over de bedrijfsprocessen die in deze specifieke markten plaatsvinden. Ze bieden dan zelf een cloud-toepassing aan."

Moeite

Raskeyn merkt in de praktijk dat de partners, maar ook hun klanten, moeite hebben met de vraag hoe zij het beste kunnen inspelen op de nieuwe ontwikkelingen. "Het gaat daarbij zoals gezegd niet zozeer om de techniek. Het gaat om de impact die dergelijke oplossingen kunnen hebben op de bedrijfsvoering en het concurrentievermogen. We hebben speciale programma's ingericht om onze partners daarbij te helpen."

Partners over SAP

Partners zijn te spreken over het Design Thinking concept van SAP. Henny Hilgerdenaar, CEO van Ctac: “In de loop der jaren hebben we veel ervaring opgedaan in verschillende sectoren: van manufacturing tot real estate en van retail tot wholesale. We kennen die branches dus als geen ander. Dat maakt dat we SAP-producten heel gericht kunnen afstemmen op onze klant. We ontwikkelen zelf bijvoorbeeld templates voor SAP HANA met geoptimaliseerde scenario’s. En hierbij kunnen we altijd rekenen op de ondersteuning van SAP.”

Frans Dagelet, directeur commercie bij Indicia: “Indicia heeft gekozen om puur de cloud-oplossingen voor klanten te willen realiseren. Door de continue investering van SAP in de cloud HCM kan Indicia haar domeinkennis optimaal inzetten om waarde te creëren. De waarde van SAP en Indicia's partnership wordt hiermee in elke case weer aangetoond.”

Martin Hoost, directeur bij Intenzz Nederland: “Innoveren is meer dan implementeren van nieuwe techniek. Het biedt de mogelijkheid om innovatieve ideeën op te doen en nieuwe paden te verkennen. Dit vraagt om een volledige andere visie op klanten, bedrijfsprocessen en IT. Daarom is de Intenzz Proof of Value Approach gebaseerd op het Design Thinking concept van SAP. Samen met SAP hebben wij deze methodologie omarmt om samen te werken aan een optimale customer experience. “

]]>
Tue, 25 Nov 2014 15:00:08 +0100 SAP helpt markt te ontwikkelen met Design Thinking http://executive-people.nl/item/520077/sap-helpt-markt-te-ontwikkelen-met-design-thinking.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Klanten onderschatten de impact van een SharePoint-implementatie' http://executive-people.nl/item/520165/klanten-onderschatten-de-impact-van-een-sharepoint-implementatie.html ICT-projecten die uitlopen, oneindig veel geld kosten of een online omgeving waar uiteindelijk niemand mee wil werken. Piet Vink, één van de directeuren van SharePointspecialist ETTU, heeft het allemaal gezien, maar kiest met zijn bedrijf voor een andere aanpak. Met een duidelijke project-aanpak voorkomt hij de hierboven beschreven situaties. Zonder de juiste aandacht voor alle facetten van een SharePoint-project gaat het volgens Vink altijd wel ergens mis. ETTU gaat daarom nog een stap verder dan andere partijen in de markt: de klant wordt door ETTU begeleid in het doorlopen van alle stappen die te maken hebben met het project. Een stap overslaan is er niet meer bij.

Vink ziet dat er niet altijd voor alle fases van een ICT-project voldoende aandacht is. “Wij hebben de laatste jaren gezien dat veel organisaties geld reserveren voor de realisatie van een project, maar eigenlijk al het andere daaromheen verwaarlozen. Dat kan betekenen dat er te weinig tijd en geld beschikbaar is, of dat organisaties zelf dingen willen doen waar ze niet in gespecialiseerd zijn.” Het gevolg daarvan is dat het project kwalitatief onder druk komt te staan.

Een kwalitatief goed ICT-project neerzetten begint al bij de initiatiefase. “Je moet heel goed begrijpen wat de klant wil: wie wil dat, waarom wil hij dat, wanneer wil hij dat en wat zijn eventuele knelpunten?” Die fase wordt vaak overgeslagen, terwijl het daar juist al verkeerd kan gaan. “Ik ben laatst bij een organisatie geweest, daar wilden ze een portaal in SharePoint. Maar wat blijkt, wat zij willen kan helemaal niet in SharePoint. Dus moet je andere afslagen gaan nemen.”

Iteratief ontwikkelen

Bij het functioneel ontwerp en technisch ontwerp kan er opnieuw van alles misgaan. “Meer en meer organisaties zeggen: laat dat maar achterwege, we gaan iteratief ontwikkelen. Wat je dan achteraf vaak ziet is dat wat ze wilden niet overeenkomt met wat er uiteindelijk gebouwd is. Daarom willen wij altijd graag een functioneel ontwerp. Zo weet je zeker dat het ontwerp bij de organisatie past. Hetzelfde geldt voor het technisch ontwerp. Dat heb je nodig als je een portaal gaat maken en aansluiting met andere systemen gaat zoeken. Als die er niet zijn moet je dus altijd maatwerk bouwen in de vorm van die koppeling. Dat is heel tijdsintensief. De koppeling tussen een portaal dat wij bouwen en andere applicaties wordt heel vaak onderschat en kan achteraf voor vervelende verrassingen zorgen als je het van tevoren niet goed in kaart brengt.”

Na de realisatie is het belangrijk dat de medewerkers op de juiste manier met SharePoint aan de slag gaan. “Hoe zorg je ervoor dat gebruikers ermee kunnen, willen en gaan werken? Dat zijn de drie belangrijke aspecten die je eigenlijk heel veel aandacht moet geven om het succesvol te laten zijn. Als je kijkt naar succesvolle SharePoint projecten, is denk ik 50 procent realisatie en de andere 50 procent zijn andere zaken zoals ontwerp, implementatie en adoptie.”

Als je geen aandacht besteedt aan training en coaching van medewerkers weten ze simpelweg niet hoe ze met SharePoint moeten werken. En belangrijker nog, ze willen er misschien niet mee werken. “Er is altijd weerstand tegen verandering. Mensen moeten op een andere manier gaan werken en communiceren. Als er teveel weerstand ontstaat en ze gaan er niet in mee, dan is je investering al waardeloos.”

Weerstand

Vink heeft dit in de praktijk weleens zien gebeuren. “Dan zeggen mensen: 'ik ga op deze manier geen documenten opslaan. Ik zet het gewoon niet op SharePoint.' Ze zeggen weleens dat het de oudere garde is die weerstand biedt, maar dat is ook niet helemaal waar. Die vinden het misschien lastiger, maar weerstand bieden is leeftijdsonafhankelijk.” Het is volgens Vink daarom essentieel dat organisaties aandacht besteden aan de adoptie van het project.

“Wij onderscheiden: willen, kunnen en doen. Willen is veranderingsmanagement, met name uitleggen waarom je het doet. Het kunnen is veel trainen en begeleiden. Cursusmaterialen, cursusfilmpjes en vele andere materialen. Doen is motiveren, op het moment dat mensen vastlopen, ze ter plekke helpen.”

In de meeste gevallen regelt ETTU ook het 'adoptieplan' van SharePoint voor de klant. “De klant kiest dan verschillende pakketten voor verschillende doelgroepen. Wij maken deze pakketten op basis van doelgroepanalyses. De organisatie moet snappen dat het een veranderingsproces is in plaats van een ICT project. En dat de gebruikers het moeten gaan doen en niet de techneuten. De techniek is redelijk simpel, dat komt wel op orde. Maar het gaat er om dat je die club meekrijgt. En dat wordt ontzettend onderschat.”

Transparantie en kennis

Dat er zoveel misgaat als organisaties voor het eerst met SharePoint aan de slag gaan, was voor Vink de reden om zijn boek 'Succes met SharePoint!' te schrijven. “Er zijn 12 boeken over SharePoint in Nederland, maar geen daarvan ging over het succesvol implementeren. Ze zijn allemaal toegespitst op de techniek. Het technische gedeelte is natuurlijk heel belangrijk, maar uiteindelijk gaat SharePoint over een andere manier van werken, transparantie en kennis delen, en niet om de techniek.”

Vink ziet een verschuiving in de relatie tussen aanbieders en afnemers. De klant en de leverancier werken steeds vaker als partners samen aan een project. Daar past ook de project-aanpak van ETTU goed bij: “Je moet intensief samenwerken met je klanten, de klant goed kennen, goed weten wat je aan die mensen hebt en zij moeten heel goed snappen wat jij doet en waarom je het doet. We geven de klant ook steeds meer advies. Als een klant zegt dat hij wil samenwerken, hebben wij consultants die alles weten over samenwerken. Business consultancy wordt steeds belangrijker in ons vakgebied. Al deze ontwikkelingen dragen eraan bij dat we samen met de klant het doel van de klant kunnen verwezenlijken. Want als je dat doel kan invullen, dan heb je die happy customer die je wilt hebben.”

Maaike Verschuren

 

]]>
Tue, 25 Nov 2014 06:20:56 +0100 'Klanten onderschatten de impact van een SharePoint-implementatie' http://executive-people.nl/item/520165/klanten-onderschatten-de-impact-van-een-sharepoint-implementatie.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
'Cloud moet functioneren als on-premise omgeving' http://executive-people.nl/item/520059/cloud-moet-functioneren-als-on-premise-omgeving.html NetApp verwacht de komende jaren weer verder te groeien door diverse nieuwe storage en infrastructuur technologieën te omhelzen voor de hybride cloud, waarbij eindgebruikers zelf bepalen waar ze hun data opslaan. NetApp biedt daarbij een Data Fabric strategie die moet zorgen voor een hoge databeschikbaarheid. Data Fabric bestaat uit technologie zoals hybride cloud, geïntegreerde oplossingen, flash storage, software defined storage en software die werkt met andere IT-merken, waardoor de bestaande IT-investeringen worden beschermd. “De cloud functioneert dan als verlengstuk van de on-premise omgeving”, aldus ceo Tom Georgens (foto) tijdens de NetApp Insight 2014 conferentie in Berlijn. Daar kwamen storage & data management professionals samen zoals system engineers, professional services consultants en channel partners.

Tom Georgens was speciaal naar Insight 2014 Berlijn gekomen om over de strategie en de toekomst van het bedrijf te vertellen tegenover de 3000 aanwezige partners en klanten. NetApp heeft een paar vlakke kwartalen achter de rug, maar de ceo is er van overtuigd dat zijn bedrijf genoeg potentieel heeft om verder te groeien. “De jaarlijkse omzet is 6,3 miljard dollar die wordt gedaan met onze 13.000 werknemers en channel partners. We staan wereldwijd op de derde plaats van de beste werkgevers. We zijn leiden de markt voor storage besturingssystemen met het Data ONTAP die verschillende workloads ondersteunt.”

NetApp is volgens Georgens vandaag de dag meer dan een storage leverancier. Het bedrijf levert naast Data ONTAP ook meer datamanagement software en infrastructuur oplossingen voor de hybride cloud waar drie op de vier eindgebruikers ook om vragen aldus Georgens. “We zijn vandaag de dag een ander bedrijf met een visie en aanbod op cloud, software & services en speciale oplossingen voor klanten.”

Equinix Cloud Exchange

De cloud is wat de ceo betreft meer een kans dan een concurrent van NetApp. Dat komt volgens Georgens omdat NetApp de technologie en koppelingen voor cloud infrastructuren levert, zoals voor publieke cloudaanbieders Amazon Web Services (AWS), IBM SoftLayer en Microsoft Azure. Daarop draaien de (saas) applicaties van softwareleveranciers waarmee NetApp nauw samenwerkt zoals Oracle, SAP en Microsoft. Service providers, zoals Equinix met zijn Equinix Cloud Exchange, springen daarop in door hun datacenters met NetApp technologie te koppelen aan AWS en Microsoft Azure.

ONTAP

Doordat bedrijven naast een on-premise omgeving ook een deel van hun IT en workloads verhuizen naar de cloud, is er ook behoefte aan technologie en diensten die zorgen dat data, informatie en applicaties altijd beschikbaar zijn. NetApp doet dit volgens Georgens door zijn vernieuwde aanbod van Data ONTAP, Cloud ONTAP, NetApp Private Cloud en OnCommand Cloud Manager. Gecombineerd maakt deze technologie het klanten mogelijk de hybrid cloud in gebruik te nemen zonder de controle over hun data te verliezen. Ook hebben zij de keuze uit een mix van private- en public-cloudresources. Data ONTAP 8.3 is geheel geschikt gemaakt voor de cloud. Clustered Data ONTAP 8.3 werkt in VMware, Microsoft, Citrix, OpenStack en OracleVM omgevingen waarin alle data vrij kunnen bewegen. Volgens Georgens biedt Cloud ONTAP IT-afdelingen voordelen; ze kunnen bijvoorbeeld met Data ONTAP verschillende andere merken storage systemen en arrays beheren zoals van EMC, IBM, HDS en HP. Cloud ONTAP maakt het mogelijk om een eigen storage omgeving binnen de public cloud van Amazon Web Services (AWS) in te richten. Dat kan vanaf een notebook, tablet of smartphone worden gedaan. 

Data Fabric

Een issue bij het overhevelen van data en applicaties naar de cloud is continue beschikbaarheid. Wat kan er precies wel en niet in de cloud? NetApp neemt volgens Georgens beperkingen weg met het Data Fabric concept, waarbij het datanetwerk in een cloud of storage pool nooit down gaat en altijd beschikbaar is. Volgens Georgens kan met Data Fabric de cloud als een extensie van de on-premise omgeving werken: “NetApp’s Data Fabric strategie biedt grip op public en private domeinen in een hybride cloud, waaronder van Microsoft Azure, Amazon Web Services en IBM SoftLayer.” Organisaties kunnen met Data Fabric hun data in interne en extreme datacenters opslaan, beheren, delen, archiveren en beschermen. NetApp Data Fabric ondersteunt het opbouwen van een hybrid cloud met business continuance & disaster recovery, cloud bursting, flexibele applicatie ontwikkeling en elasticiteit.

Riverbed SteelStore

Georgens zei tijdens Insight 2014 dat NetApp de komende jaren inspeelt op de wensen van klanten met zijn oplossingen voor cloud, hybride cloud, integrated solutions, flash, investment protection en software defined storage. Georgens ziet storage vooral richting cloud gaan: “Cloud biedt tal van voordelen zoals kosten-efficiency, tijdelijke opslag van data en back & up en archivering.” Daarom heeft NetApp recent de Riverbed SteelStore appliances overgenomen die disk-to-cloud en tape-to-cloud data kopiëren tussen datacenters van service providers. “Klanten kiezen het liefst voor hybride cloud, zodat ze zelf bepalen waar hun data wordt opgeslagen; in een geïntegreerde cloud of on-premise omgeving. Cloud moeten lijken op een on-premise infrastructuur.”

FlexPod

Klanten willen volgens Georgens de komende jaren vaker geïntegreerde oplossingen aanschaffen die diverse workloads en applicaties ondersteunen. NetApp biedt hiervoor de FlexPod die bestaat uit NetApp storage, Cisco UCS en VMware virtualisatie technologie. FlexPod wordt geleverd in drie versies. FlexPod Select is gebaseerd op de NetApp SAN E-series reeks die kan worden ingezet voor high performance computing (hpc) workloads. De FlexPod Express is een compacte serverruimte oplossing die onder andere vdi-omgevingen ondersteunt. Ten derde is de FlexPod Datacenter versie voor real-time data center workloads. FlexPod is één van de best verkochte systemen in de markt voor geintegreerde infrastructuur. Sinds de introductie van FlexPod in 2010 is er meer dan drie miljard dollar aan omzet verkocht. FlexPod wordt in verschillende branches ingezet zoals telecommunicatie, gezondheidszorg, retail en de overheid.

Referentie architectuur

Verder zien Georgens de strijd tussen server en storage leveranciers oplaaien. “Storage leveranciers winnen steeds meer klanten omdat ze steeds meer referentie architecturen bieden met best of breed componenten, integratie en support tegen een minimale risico voor klanten”, aldus Georgens. Netapp biedt enkele tientallen verschillende pre-gevalideerde en referentie oplossingen voor verschillende workloads en applicaties, zoals Microsoft, SAP, VMware en Citrix, voor cloud computing, hpc, datacenter consolidatie en Big Data. De kracht van NetApp is volgens de ceo het brede aanbod van technologie zoals Data ONTAP en database integratie met snapshot functies zoals SnapMirror en SnapVault.

Flash storage

Flash wordt een steeds meer belangrijk onderdeel in de storage hiërarchie, aldus Georgens. “Flash kan je onder andere inzetten voor workloads zoals databases. Maar gebruik niet overal flash storage. Gebruik flash als het echt nodig is, zoals bedrijfskritische applicaties. NetApp levert de FlashRay die werkt met het Mars besturingssysteem. Flashray maakt gebruik van triple level cell (tlc) flash technologie dat volgens NetApp zorgt voor een hogere storage densiteit en lagere kosten voor het gebruik van solid state storage (ssd’s). Triple level cell (tlc) flash slaat 3 bits per cell in ssd’s op, meer dan mlc’s 2 bits/cell en slc's 1 bit/cel.

Investeringen beschermd

NetApp zegt veel nieuwe technologie te bieden, maar benadrukt dat klanten niet afscheid hoeven te nemen van hun oude IT-infrastructuur, aldus Georgens. “Met ‘investment protection’ biedt NetApp zijn klanten een brug naar de toekomst. Klanten willen niet zomaar afscheid nemen van bestaande IT-omgevingen. NetApp heeft als beleid investeringen van klanten te beschermen en die goed te laten samenwerken met NetApp technologie, zoals software defined storage. Dat is het punt waar cloud en enterprise data management samenkomen waarbij ONTAP OS breed ingezet kan worden. NetApp ONTAP werkt prima met andere merken storage, zoals van IBM, EMC en HP. ONTAP werkt daarbij prima met virtuele machines van bijvoorbeeld VMware en Hyper-V en met publieke cloudomgevingen zoals Microsoft Azure en Amazon Web Services (AWS). NetApp ONTAP zorgt dat de cloud een verlengstuk wordt van de bestaande on-premise omgeving.”

Door: Witold Kepinski

]]>
Sat, 22 Nov 2014 10:32:30 +0100 'Cloud moet functioneren als on-premise omgeving' http://executive-people.nl/item/520059/cloud-moet-functioneren-als-on-premise-omgeving.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Arnoud Klerkx, Sanoma Learning: 'Het gaat om digitale producten, niet om ... http://executive-people.nl/item/520021/arnoud-klerkx-sanoma-learning-het-gaat-om-digitale-producten-niet-om-technologie.html In zijn vorige functie in een meer klassieke ‘CIO-rol’ was hij vooral ‘die man van de IT’. Nu is hij als een ‘Chief Digital Officer’ verantwoordelijk voor een ingrijpende digitale transformatie van de business, vanuit de Raad van Bestuur. Executive-People sprak met Arnoud Klerkx over zijn visie op technologie en de uitdagingen waar hij als Chief Business Technology Officer bij Sanoma Learning mee te maken heeft.

Arnoud Klerkx is Chief Business Technology Officer bij Sanoma Learning. Hij heeft een lang track record in IT. Hij is zijn carrière begonnen in consulting bij Accenture. Vervolgens heeft hij zeven jaar gewerkt bij Gartner, waar hij zich bezig hield met boardroom advisering op het gebied van IT strategie, outsourcing, IT-investeringen, reorganisaties en benchmarking. Na Gartner heeft hij leidinggevende functies gehad bij Robeco en Ziggo. Vanaf dit voorjaar is hij werkzaam bij Sanoma Learning in een functie waarvan de taakomschrijving naadloos past bij de ‘Chief Digital Officer’ waar Gartner op dit moment veel aandacht aan besteedt.

Sanoma Learning richt zich op het maken van lesmethodes voor lagere school, middelbare school en het mbo. Sanoma Learning is actief in vijf Europese landen, en levert leermiddelen in meer dan veertig landen wereldwijd. Het heeft een leidende positie in haar markten en in de digitalisering binnen het onderwijs. Intern werken er 1600 mensen, daarnaast zijn er nog ongeveer 3000 auteurs die de content verzorgen.

Digitale workflow

Klerkx benadrukt dat het hierbij gaat om leermethoden, wat meer is dan alleen een paar lesboeken. “Stel je voor dat je biologieleraar bent op een middelbare school. Dan heb je iedere schooldag zes verschillende klassen te onderwijzen”, zegt hij. “Als een leraar deze lessen allemaal elke dag  moet voorbereiden, dan is dat veel werk. Wij maken integrale lesmethodes waardoor die leerkracht efficiënt zijn lessen kan voorbereiden en elke les precies weet wat en hoe hij kan onderwijzen. Wij noemen dat ‘de workflow’. En met onze lesmethodes zorgen we ervoor dat leerlingen ook gemotiveerd worden en blijven om te leren. Door het volgen van de workflow en in combinatie met een gemotiveerde leerling, is de docent ook verzekerd dat de leerlingen aan het einde van het schooljaar de benodigde kennis zullen hebben.”

De belangrijkste opdracht die Klerkx als Chief Business Technology Officer heeft meegekregen, is vorm te geven aan de digitale transformatie van Sanoma Learning. “Dat gaat verder dan E-books”, zegt hij, “dat station is allang gepasseerd. Het gaat om de verdere digitalisering van de hele lesmethode. Denk daarbij aan het gebruik van meerdere kanalen: een e-book, tablets en de computer, maar ook aan de digitalisering van de eerder genoemde ‘workflow’.”

“Ook kun je dan met analytics aan de slag. Je kunt kinderen bijvoorbeeld thuis digitaal huiswerk laten maken. Voordat ze de volgende dag in de klas zijn, kan de docent al zien hoe ze dat gedaan hebben. Hierop kan de docent vervolgens een les voorbereiden dat weer inspeelt op de resultaten van het huiswerk. Dat werkt efficiënt voor de docent, verhoogt de motivatie bij de leerling en zal zorgen voor een beter leerresultaat”.

Gepersonaliseerd leren

“Big data is ook in onze branche heel belangrijk. Je kunt op basis van de instructie, oefeningen en testen van de kinderen veel analyses uitvoeren om te zien hoe de kinderen zich ontwikkelen. En deze informatie kun je aan de leerkrachten geven in dashboards, waarin ze zien hoe de voortgang is, wat goed gaat en wat niet. Uiteindelijk gaan we toe naar gepersonaliseerd leren.” Met beschikbare data kan dan per leerling een individueel leertraject worden opgebouwd, wat betere leerresultaten zal geven.

De tweede opgave voor Klerkx is zoveel mogelijk synergie te halen uit de investeringen die de organisatie doet op digitaal vlak. “Het doel is om ervoor te zorgen dat alle landen met elkaar samenwerken, en niet allemaal voor zichzelf bezig zijn. De manier van onderwijzen is per land weliswaar verschillend en de dynamiek in de markt is ook heel anders. Maar wanneer wij een platform ontwikkelen waarop leerlingen thuis huiswerk kunnen maken, is de technologie herbruikbaar voor ieder land.”

Om dit voor elkaar te krijgen is Klerkx lid van de Raad van Bestuur, is hij onderdeel van de business en rapporteert hij direct aan de CEO. “Dat vond ik erg aantrekkelijk aan deze functie. Heel vaak zit een CIO onder de board. Bij Ziggo bijvoorbeeld was ik veel meer ‘die man van de IT’. Dat is nu heel anders. Dat is een enorme omslag. We hebben het niet meer over technologie, “wanneer is dat systeem eens klaar?”, maar over het opleveren van digitale producten.”

Over de basis van IT, bijvoorbeeld het datacenter en de werkplekken hoeft hij zich niet druk te maken. Daar is een directeur IT voor verantwoordelijk die aan de CFO rapporteert. “Daarmee kan ik me in deze rol dus maximaal richten op de digitale transformatie. Daarom ben ik ook de CBTO, omdat ik me richt op de businesskant en niet op de back office-systemen. Daar zit ook de grootste toegevoegde waarde voor het bedrijf.

Hij ziet een aantal uitdagingen. “De eerste is natuurlijk wel dat je resultaten moet boeken, dat verandert nooit. De tweede is dat de timing van digitalisering uitdagend is, je kunt ook wel eens te snel zijn. We hebben onlangs een nieuw digitaal product gelanceerd dat achteraf gezien een paar jaar te vroeg is gekomen, omdat de markt er nog niet klaar voor was. Je moet dus heel goed kijken wanneer de markt er klaar voor is. Pushen heeft niet altijd zin.

De digitale transformatie staat volledig centraal binnen onze organisatie en is al heel concreet. “Dat komt onder meer doordat we een aantal succesvolle digitale producten op de markt hebben gezet, dan begint het echt te leven. Sanoma Learning loopt ook echt voorop in de markt met haar digitalisering. Wat ook goed werkt is dat er in ieder land een directeur Business Technology in de directie zit. Dat maakt de lijnen heel kort. En we hebben vaak uitwisselingen van showcases aan elkaar. Een mooi voorbeeld hiervan is dat we in België een huiswerkplatform voor lager onderwijs hebben geïntroduceerd: Bingel. Vorig jaar is ‘bingelen’ zelfs een officieel werkwoord geworden in België. Dat product hebben we in september in Zweden geïntroduceerd.”

Zijn belangrijkste les is dat alles begint bij de business. “Het gaat er in mijn rol niet over om de technologie naar binnen te duwen. Help de business met het begrijpen van de toegevoegde waarde van technologie. Daarnaast hoort in deze tijd technologie in de boardroom thuis. En een goed advies is: begin klein. Al die grote digitale programma’s die honderden miljoenen kosten en vijf jaar gaan duren, is voor digitalisering echt de verkeerde aanpak. Doe het agile, en werk schouder aan schouder, business en IT, aan het resultaat.”

]]>
Sat, 22 Nov 2014 08:00:58 +0100 Arnoud Klerkx, Sanoma Learning: 'Het gaat om digitale producten, niet om technologie' http://executive-people.nl/item/520021/arnoud-klerkx-sanoma-learning-het-gaat-om-digitale-producten-niet-om-technologie.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Fujitsu pakt uit op Forum in München http://executive-people.nl/item/520053/fujitsu-pakt-uit-op-forum-in-ma-frac14-nchen.html Veel partners en klanten van Fujitsu gingen half november 2014 mee naar het Fujitsu Forum in München, het op de Cebit na, grootste IT-evenement in Duitsland. De Nederlandse vestiging wilde laten zien wat ‘human centric innovation’ betekent. Het Japanse bedrijf pakte namelijk flink uit bij onze oosterburen en toont wat het heeft aan producten en diensten.

Op 19 en 20 november 2014 was München het toneel van Fujitsu. Er komen zo’n 12.000 mensen naar het evenement. Raimond van het Reve (foto), Head of Channel Sales bij Fujitsu Nederland, is er vol van: “Het is echt heel groots; je kijkt er je ogen uit.” 

Partners, klanten en prospects gaan elk jaar mee naar Duitsland. “Ons bedrijf heeft zo veel producten en diensten; daar heb je echt een heel groot evenementengebouw voor nodig om het te kunnen tonen. Wij hebben natuurlijk in Nederland ook een jaarlijkse partnerdag, maar pas in Duitsland krijgen ze echt een idee van het brede portfolio dat we voeren.”

En natuurlijk is er jaarlijks een bindingselement gedurende het bezoek. “Wij werken alleen met partners die zich aan ons committeren. Wij doen dat tenslotte ook: we verzorgen trainingen, we gaan mee als ondersteuning naar klanten, mocht dat nodig zijn, we voorzien onze partners van alle gewenste informatie, al dan niet online, maar daar staat wel tegenover dat zij zich bijvoorbeeld goed inlezen in onze visie, onze strategie, onze producten en diensten. Wij hebben leads genererende programma’s voor onze partners die samen met ons optrekken. We verwachten dat ze niet alleen voor de gezelligheid meegaan. Daarmee zouden zij zichzelf trouwens tekort doen, want de belangstelling voor ons bedrijf is goed gegroeid de afgelopen jaren. We hebben interessante klanten weten te bedienen; via onze partners.”

Geïntegreerd systeem

Fujitsu wil zich bijvoorbeeld onderscheiden door geïntegreerde systemen aan de man te brengen. Daar ligt ook enigszins de achtergrond van ‘human centric innovation’: de IT-fabrikant zorgt voor de technische invulling, zodat er meer ruimte is voor de menselijke invulling van automatisering. Neem bijvoorbeeld Fujitsu Integrated System Appliance for VMware EVO: Rail, een appliance voor geïntegreerde systemen die onder VMware draaien. Het biedt een datacenter infrastructuur in één ‘doos’; eenvoudig in het rack te schuiven, aan te sluiten en in het totale platform op te nemen. Van het Revel:“Veel mensen klagen erover dat het zo lang duurt voordat de implementatie van aanvullende rekenkracht of opslag is geïmplementeerd in het datacenter. Dat lossen wij op met deze appliance. Het scheelt veel tijd.” Het hardware platform voor deze appliance is de Fujitsu Server Primergy CX400, geoptimaliseerd voor VMware EVO: Rail. Behalve hogere prestaties (de Fujitsu x86 servers staan op dit moment bovenaan bij 9 van de 13 WMmark benchmarks), zorgt deze server voor tot 27 procent minder energie door het Coo-safe thermisch ontwerp.

Hyperconnected World

De nadruk bij Fujitsu ligt op de ‘Human Centric Intelligence Society’. Niet alleen in de producten en diensten, maar ook bij de talloze presentaties en workshops in München. Het portfolio van de Japanse fabrikant is ontworpen rond de Hyperconnected World. Deze term is gemunt door het World Economic Forum en duidt erop dat steeds meer mensen én dingen met elkaar verbonden zijn. Dat heeft verregaande gevolgen voor het automatiseringsplatform. Het technische centrum van deze verbonden wereld is het Internet of Things. De digitale wereld waarbij je op afstand met bijvoorbeeld een smartphone of tablet allerlei apparaten kunt bedienen: van koelkast tot auto, van wasmachine tot verlichting.

De technologie is er al; bedrijven kunnen steeds sneller innoveren, omdat ze bijvoorbeeld snel simulaties kunnen uitvoeren, of 3D-tekeningen kunnen maken. Als iedereen toegang heeft tot de modernste technologie, wat is dan de sleutel tot succes in de Hyperconnected World? Het antwoord van Fujitsu: de mensen. Zij maken het verschil. “Dat doen wij bijvoorbeeld door veel contact te onderhouden met onze klanten, via onze partners. We doen dat niet meteen om iets te verkopen, maar om met elkaar te bespreken of we kunnen helpen bepaalde uitdagingen aan te gaan. We stellen graag onze kennis ter beschikking”, vertelt Van het Reve.

Opnieuw uitvinden

De samenleving verandert snel en grondig als gevolg van automatisering en de mogelijkheden die betrouwbare netwerken als internet bieden. Fujitsu helpt de IT-oplossingen robuust en veilig te maken zodat organisaties nieuwe waarden kunnen creëren voor hun klanten. Het bedrijf draagt bij aan het proces waarlangs organisaties zich opnieuw uitvinden.

Human Centric Innovations is een nieuwe benadering om bedrijfs- en sociale waarde te scheppen door oplossingen te bieden die mensen, informatie en infrastructuur bij elkaar brengen. “In deze visie komen de elementen samen die tegenwoordig een belangrijke rol spelen”, licht Van het Reve toe. “De mens staat centraal met daaromheen, in de buitenste schil, big data, beveiliging, cloud, software defined connected infrastructure, mobiliteit, en integratie. Die onderwerpen zijn alle met elkaar verbonden en scheppen een nieuwe wereld waarbinnen organisaties hun eigen rol moeten zien te vinden. Wij ondersteunen daarbij.”

Digitaal ecosysteem

Juist door die onderlinge verbondenheid vormen bedrijven, overheden, partners en klanten met elkaar een digitaal ecosysteem. Vernieuwing ontstaat niet meer binnen de grenzen van één bedrijf of overheidsorganisatie. “Fujitsu voorziet een toekomst waarbij een ‘gedistribueerd bedrijf’ een open web-achtige vorm heeft dat zowel particuliere bedrijvigheid als openbare instanties omvat en zich uitstrekt over verschillende bedrijfssectoren. Dergelijke open digitale ecosystemen hebben twee kenmerken”, vertelt Van het Reve, “schaalbaarheid en verscheidenheid. Zij zijn in staat producten en diensten te leveren die niet veel kosten en toch een hoge toegevoegde waarde bieden.” Hij voegt eraan toe dat Fujitsu deze filosofie in de eigen bedrijfsvoering al toepast. “Wij zoeken naar nieuwe, eigentijdse oplossingen in nauwe samenwerking met onze partners en klanten.”

Door: Teus Molenaar

]]>
Fri, 21 Nov 2014 15:15:03 +0100 Fujitsu pakt uit op Forum in München http://executive-people.nl/item/520053/fujitsu-pakt-uit-op-forum-in-ma-frac14-nchen.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Infor richt al zijn pijlen op de cloud http://executive-people.nl/item/519983/infor-richt-al-zijn-pijlen-op-de-cloud.html Bedrijfssoftware-leverancier Infor hield 13 november zijn jaarlijkse Nederlandse klantendag (Inforum) in Amsterdam. Het Okura-hotel vormde het decor van een druk bezocht klantenfestijn dat vooral in het teken stond van cloudcomputing. Dutch IT-channel was erbij en sprak met Infor topmanagers Duncan Angove en Stephan Scholl.

“Het gaat ons goed”, zegt President Stephan Scholl van Infor: “Wij hebben in de laatste vier jaar onze omzet bijna verdubbeld naar nu rond de drie miljard dollar en we schrijven de laatste zes maanden dubbele groeicijfers. Dat is uniek in onze markt en om dat voort te zetten, hebben we de flexibiliteit nodig die Amazon ons biedt met zijn AWS-platform voor wat de infrastructuur betreft.” Met Amazons AWS raakt Scholl direct aan de kernboodschap van het onlangs gehouden Inforum-event in Amsterdam. Want de belangrijkste boodschap die Infor zijn klanten daar voorhield was dat het bedrijf volledig klaar is voor de cloud. Daarbij focust het zijn aandacht zelf volledig op de applicatie, terwijl het voor de onderliggende infrastructuur een hechte samenwerking is aangegaan met Amazon. En bedrijven die hun data niet aan dat bedrijf willen toevertrouwen, kunnen Infors software natuurlijk ook altijd nog ‘on premises’ draaien. Maar cloud is de toekomst waarop nu ook Infor al zijn pijlen richt. En één pijl heeft al doel getroffen. “Afgelopen kwartaal hebben we de grootste deal in de geschiedenis van Infor gesloten, en dat was een cloud-deal”, verklapt Scholl, die de naam van de klant nog niet kon noemen.

De weg omhoog is vier jaar geleden ingeslagen met het binnenhalen van de voormalig Oracle-president Charles Phillips als CEO. Met Phillips maakten nog wat meer Oracle-mensen de overstap naar Infor, waaronder Angove en Scholl. Onder Phillips werd er meer geïnnoveerd en ging er flink meer geld naar onderzoek en ontwikkeling.

Maart dit jaar lanceerde Infor zijn Infor CloudSuite, een groep branchespecifieke applicatiesuites die beschikbaar komt via de publieke cloudservice van Amazon (AWS). En in september werd Infor Xi aangekondigd, Infors nieuwste technologieplatform dat is gebaseerd op het Infor 10x-platform en zaken herbergt als ‘responsive design’ en ‘big data analyses’.

Design

De ook al door Phillips geëntameerde focus op ‘beautiful design’ kwam uitgebreid ter sprake op Inforum. Infor rekent af met ‘the tyranny’ van de super user, zo luidt de belofte. Het wil af van de ingewikkelde (‘ugly’) interfaces van gisteren en die vervangen door gelikte schermen op laptop, tablet of mobiel, waarop precies die functionaliteit is terug te vinden die de gebruiker nodig heeft. Maar dé gebruiker bestaat natuurlijk niet. Als het bijvoorbeeld voor de ‘gewone’ gebruiker allemaal een stuk eenvoudiger wordt, kan de super user – een gebruiker die als het ware is gecreëerd door de rijke feature-set van Infors software – dan nog wel aan zijn trekken komen? “Dat is een gerechtvaardigde vraag”, antwoordt Duncan Angove, eveneens President bij Infor. “Maar waar het bij een goed design nu juist om draait, is dat je vereenvoudigt zonder dat dat ten koste gaat van de functionaliteit. En dat is heel moeilijk, maar onze mensen van Hook & Loop, ons eigen nieuwe ontwerpbureau in New York, kunnen dat. Onze slogan luidt ‘great design is when there is nothing left to take away’. Je moet dus alle functionaliteit die je op een bepaald moment niet nodig hebt, weglaten. Zo worden bijvoorbeeld desktopschermen opnieuw doordacht voor het gebruik op de smartphone. Dat dwingt je tot wat wij noemen ‘feature aggregation’, het combineren van features zodat de totale set als het ware kleiner wordt. Een menu dat op de desktop constant zichtbaar is, zal zo bijvoorbeeld op je mobiel alleen tevoorschijn komen als het nodig is. En dat opnieuw doordachte proces brengen we ook weer terug naar de desktop. Het scherm past zich daarbij aan aan wat de gebruiker op een bepaald moment aan het doen is. Maar dat niet alleen. Het adapteert ook aan het niveau van de gebruiker. De applicatie leert als het ware de gebruiker kennen en past zich aan hem aan. Als jij bepaalde features vaker gebruikt, zal hij die uit zichzelf aan jou gaan tonen. En als jij een applicatie bijvoorbeeld zes maanden niet hebt gebruikt, dan wordt er door middel van ‘user experience degradation’ teruggeschakeld naar een eenvoudiger niveau.”

Infor Xi

Tot slot nog een paar woorden over het nieuwe Infor Xi-technologieplatform. De drie belangrijkste pijlers van Infor Xi zijn: (1) verbeterde cloudfunctionaliteit, Infor Xi-applicaties omvatten multi-tenancy en ondersteuning voor opensourcesystemen; (2) mobiel ontwerp, nieuwe Infor Xi-applicaties zijn met standaard application programming interfaces (API's) uitgerust, waardoor de gebruikerservaring voor mobiele apparaten geoptimaliseerd wordt door middel van responsive design, inclusief real-time data en analytics; en (3) geavanceerde data-analyse, nieuwe zogeheten Science-apps op basis van Infor Dynamic Science Labs helpen bedrijven bij het oplossen van hun ‘big data’-vragen voor bijvoorbeeld het kunnen opstellen van prognoses. “De eerste Xi-applicaties komen in januari 2015 beschikbaar”, belooft Angove. “We moeten allereerst de onderliggende technologie beschikbaar maken voor het Xi-platform. Dat wil zeggen zaken als ION (Intelligent Open Network, Infors integratieplatform) en Infors sociale platform Ming.le, zodat we in de loop van 2015 alle applicaties naar Xi-niveau kunnen tillen. Volgend jaar wordt voor ons dus het jaar van Xi!”

Door: Dick Schievels

]]>
Fri, 21 Nov 2014 10:46:24 +0100 Infor richt al zijn pijlen op de cloud http://executive-people.nl/item/519983/infor-richt-al-zijn-pijlen-op-de-cloud.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Suse beschermt zijn partners http://executive-people.nl/item/519950/suse-beschermt-zijn-partners.html Velen kunnen erover meepraten: heb je flink geïnvesteerd in product/fabrikant (in geld en kennis), dan kaapt een reseller die dat niet heeft gedaan een project weg, omdat hij goedkoper kan inschrijven. Suse wil die praktijk tegengaan door partners dealregistratie aan te bieden. “Zo beschermen wij partners die zich aan ons committeren. Met een marge van tien tot twintig procent kunnen ook zij scherp aanbieden”, zegt Ronald de Jong, VP Sales EMEA bij Suse.

Van 2006 tot 2009 was Ronald de Jong countrymanager Benelux voor Novell. In die tijd was Suse bedrijfsonderdeel van Novell dat de fabrikant van open source Linux-distributies in 2003 had gekocht. Hij heeft nog meegemaakt dat in 2011 Attachmate Novell inlijfde, want toen was De Jong VP Datacenter EMEA bij Novell.

Hij vertelt dat de Novell-tijd voor Suse niet zo gunstig heeft uitgepakt. “Wij waren als organisatie geïntegreerd in Novell. Dat is altijd lastig, want je hebt toch andere vaardigheden nodig om open source softwareproducten aan de man te brengen. De verkopers moesten proprietary én open source over de toonbank zien te krijgen. Dat is lastig.”

Hij was daarom blij met de overname door Attachmate. “Toen werden we een zelfstandig bedrijfsonderdeel met een eigen verkoopteam, eigen system engineers, eigen presales, enzovoorts. Dat maakt een wereld van verschil.”

Explosie

Toen Suse weer min of meer zelfstandig was, zijn ze alle bestaande klanten weer gaan bellen om de relatie weer te verstevigen, zo zegt De Jong. “Daar zijn heel veel vernieuwingen van contracten uit voortgekomen. Een explosie was het. Ook kregen we veel nieuwe klanten.”

De indruk bestond dat die aanwas alleen het eerste jaar zou zijn, omdat de klanten zo lang niet op de hoogte waren gehouden van de nieuwe ontwikkelingen en de supportmogelijkheden. “Maar het bleef duren; tot op de dag van vandaag. Zo’n zeventig procent van de contracten komt van organisaties die niet eerder al klant bij ons waren; new logo’s noemen we dat.”

SAP HANA

De relatie met SAP is warm te noemen. Dat beide bedrijven van oorsprong Duits zijn, speelt een belangrijke rol. De ontwikkelaars komen elkaar tegen, kennen elkaar wellicht van hun studie. SAP gebruikt in de eigen datacenters veel Suse. Maar tegenwoordig halen de twee firma’s het merendeel van hun omzet buiten Europa. Daarom ook is Nils Brauckmann, algemeen directeur van Suse, zo blij met de overname door Micro Focus. “Dat versterkt onze internationale aanwezigheid. Als je die niet hebt, dan ziet SAP je ook niet staan”, aldus Brauckmann.

Niettemin is Suse lange tijd de enige Linux-variant geweest waarvoor SAP ontwikkelde. En het ontwikkelplatform voor razendsnelle analyse van grote hoeveelheden gevarieerde data met de in memory database SAP HANA was tot voor kort alleen beschikbaar op Suse. Sinds kort is HANA ook geschikt gemaakt voor Suse’s concurrent Red Hat.

“Maar wij hebben de afgelopen anderhalf jaar veel ervaring opgedaan met de fijnregeling van HANA-systemen. Wij hebben onze mensen al langer getraind op dit platform. Dat moet Red Hat allemaal nog inhalen. Wij hebben een enorme voorsprong. Ook door onze nauwe relatie met HP, een van de grootste HANA-verkopers. HP heeft een complete stack ontwikkeld hiervoor, waarvan Suse onderdeel uitmaakt. De klant krijgt dan een complete, op elkaar afgestelde HANA-oplossing”, vertelt De Jong.

Hij zegt dat de Nederlandse vestiging van Suse heel goede relaties heeft met HP, IBM en Silicon Graphics. Dat zijn de hardwareleveranciers die veel HANA-systemen aan de man brengen.

Grotere groei

In Europa is Suse de laatste jaren flink gegroeid. Er kwamen onder andere vestigingen in Tsjechië, Denemarken, Israël, België en buiten Europa: Dubai en Rusland. “Dat is wel een apart verhaal, Rusland”, verklaart De Jong. “Want om daar zaken te mogen doen, halen ze software door een bepaalde controlestraat. Als alles goed is, krijg je licenties om in Rusland te mogen verkopen. Ik weet niet of ze de software echt doorlichten; misschien is het ze alleen maar om het geld te doen, want het kost behoorlijk wat centen om die licenties te krijgen.”

Het aantal medewerkers van Suse in Nederland is de afgelopen jaren verdubbeld. In Capelle aan den IJssel zit honderd man die derdelijns support levert. “Wij hebben daardoor het voordeel dat partners en klanten in het Nederlands ondersteuning kunnen krijgen. We hebben wereldwijd trouwens wel meer support centers, maar ik denk dat de Nederlandstalige support er mede voor heeft gezorgd dat de groei van Suse in Nederland groter is dan in de rest van Europa.”

Microsoft

NetIQ en Novell, die beide beheersystemen leveren en software voor Identity Management (op Suse), groeien volgens De Jong in Nederland. Onder meer vanwege outsourcingcontracten die IT-dienstverleners als Atos Origin en Capgemini afsluiten. “Daar hebben wij een behoorlijke footprint”, stelt De Jong tevreden vast.

Het succes van Suse verklaart hij onder meer doordat het bedrijf alleen software voor de infrastructuur levert. “Wij doen geen middleware, zoals Red Hat dat wel doet met zijn JBoss. Wij vormen dus geen bedreiging voor partners. Microsoft bijvoorbeeld wil natuurlijk het liefst zijn eigen besturingssysteem verkopen aan datacenterbeheerders, maar als de klant liever Linux heeft, dan houdt het op. Maar bij ons heeft Microsoft nog wel de kans andere producten te verkopen. Zo is in Nederland Microsoft één van de grootste wederverkopers van Suse.”

Groeisectoren

Suse is volledig open en kan bijvoorbeeld overweg met alle hypervisors. “Dat betekent dat de klant niet hoeft te desinvesteren in bestaande producten.”

Als het gaat om groeisectoren, dan noemt De Jong als eerste automotive. Gevolgd door aerospace en super computing. “En we groeien in retail. Wij hebben een speciale Point of Sale-oplossing gemaakt door bepaalde functionaliteit eruit te halen. Hardwarefabrikanten als NCR en Toshiba gebruiken die Suse-versie in hun kassasystemen.”

Telecom en mainframe zijn groeisegmenten. Hij ziet een lichte groei bij de verzekeringswereld en finance. “Bij oil&gas zijn we zwak. Shell gebruikt Red Hat. Die hebben daar een goeie job gedaan en voor Shell is er geen enkele reden om over te stappen op Suse.”

In Nederland verlopen alle klantcontacten via partners. Met het dealregistratieprogramma doet Suse een handreiking aan de partners die in Suse-kennis en –kunde investeren. “Ze moeten dan wel hun deals bij ons registreren. Dan kunnen wij ze een helpende hand bieden”, zegt De Jong.

WK

]]>
Thu, 20 Nov 2014 13:29:02 +0100 Suse beschermt zijn partners http://executive-people.nl/item/519950/suse-beschermt-zijn-partners.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Vivek Kundra: 'Dicht de innovatiekloof' (deel 2) http://executive-people.nl/item/519918/vivek-kundra-dicht-de-innovatiekloof-deel.html 'Ik voel me als een kind in een snoepwinkel', zo beschrijft Vivek Kundra zijn aanstelling als Executive Vice President bij salesforce.com. De digitale disruptie waar hij als CIO van de Verenigde Staten z'n grote voorstander van was kan hij in het kader van de Digitale Transformatie bij salesforce verder vorm geven. Executive people sprak exclusief met hem in Amsterdam over zijn ervaringen als Amerikaanse CIO en zijn plannen bij salesforce.com. Het interview wordt afgenomen door Frits Bussemaker van CIONET.

 

]]>
Thu, 20 Nov 2014 08:13:10 +0100 Vivek Kundra: 'Dicht de innovatiekloof' (deel 2) http://executive-people.nl/item/519918/vivek-kundra-dicht-de-innovatiekloof-deel.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Vivek Kundra: 'Dashboard bespaarde drie miljard dollar´ (deel 1) http://executive-people.nl/item/519917/vivek-kundra-dashboard-bespaarde-drie-miljard-dollara-acute-deel.html Na zijn aanstelling als CIO van de Verenigde Staten werd hij onder zijn collega´s even public enemy number one. Het dashboard dat Vivek Kundra introduceerde voor IT-projecten was echter zeer succesvol, en leidde tot een besparing van drie miljard dollar. Deze week was hij even in Nederland in zijn nieuwe functie als Executive Vice President bij salesforce.com. Executive People sprak exclusief met hem in Amsterdam over zijn ervaringen als Amerikaanse CIO en zijn plannen bij salesforce.com. Het interview wordt afgenomen door Frits Bussemaker van CIONET.

 

]]>
Thu, 20 Nov 2014 08:10:30 +0100 Vivek Kundra: 'Dashboard bespaarde drie miljard dollar´ (deel 1) http://executive-people.nl/item/519917/vivek-kundra-dashboard-bespaarde-drie-miljard-dollara-acute-deel.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Nieuwe kansen voor Suse met Microfocus http://executive-people.nl/item/519848/nieuwe-kansen-voor-suse-met-microfocus.html Een Duits bedrijf onder Britse vlag; geen alledaags verschijnsel. Maar sinds de recente goedkeuring van het Amerikaanse ministerie van justitie is Suse een volle dochter van de Micro Focus Group. Nils Brauckmann, algemeen directeur van Suse, is er bijzonder mee ingenomen. “Deze fusie geeft ons de schaalgrootte die we nodig hebben om internationaal door te groeien en toegang tot een klantengroep die we eerder niet bereikten.”

Tijdens Susecon 2014 in Orlando (Florida), de derde conferentie op rij, toont Brauckmann ontspannen. Hij heeft zojuist de verzamelde, internationale vakpers vertelt dat Suse een succesverhaal is. 22 Jaar geleden opgericht en het eerste bedrijf ter wereld dat een commerciële Linux-distributie op de markt bracht. Inmiddels is Suse Enterprise Linux aan zijn twaalfde versie toe, en het automatiseringsfundament voor onder meer de  complete Duitse automobielindustrie.

“We zitten nu op de helft van fiscaal 2015 en we hebben tot nog toe al onze voornemens gehaald, zelfs overtroffen:, zegt Brauckmann. “Onze omzet is met zestien procent gegroeid. We hebben wereldwijd, in elke regio, zeven en veertig procent meer licenties verkocht. En, hoewel we erg blij zijn met bestaande klanten die hun overeenkomst met ons vernieuwen, doet het ons erg veel genoegen dat van die groei vijf en zestig procent van nieuwe klanten komt. Want je kunt alleen maar groeien als je nieuwe klanten weet te werven en de bestaande klanten zo tevreden zijn dat ze blijven.”

Attachmate verdwijnt

In 2003 heeft Novell Suse gekocht en de openheid van de softwarefirma verder vergroot. Maar in 2011 ging Novell over in de handen van de Attachmate Group, een bedrijf dat met mainframe emulatie groot was geworden. Suse opereerde als een aparte bedrijfseenheid. Toch verdween de onderneming een beetje van de radar. “We groeiden wel de afgelopen jaren, maar er had wel meer geïnvesteerd mogen worden in onze zichtbaarheid op de markt”, klinkt het voorzichtig.

Met de overname van Attachmate door Micro Focus in november 2014 ziet Brauckmann het zonnig in. “Er zal op alle fronten enige versnelling optreden. Micro Focus heeft bewondering voor ons bedrijf en onze producten die een aanvulling zijn op het eigen portfolio; we kunnen elkaar versterken. Wij blijven onze eigen bedrijfsnaam houden, evenals ons logo en onze groene bedrijfskleur. Micro Focus zal investeren in onze onderneming. En het management van Suse blijft op zijn post”, stelt Brauckmann.

Een bewering die een dag later op Susecon gestand wordt gedaan door Kevin Loosemore, de directeur van Micro Focus.

De naam Attachmate zal evenwel van het automatiseringstoneel verdwijnen.

Synergie

Micro Focus is een begrip in de mainframewereld. Wie Cobol zegt, heeft het tegenwoordig eigenlijk alleen nog over dit Britse bedrijf. Enkele jaren geleden heeft het bedrijf Visual Cobol uitgebracht om enterprises die nog over veel legacy systemen beschikken te helpen de aansluiting te vinden op de moderne IT-omgevingen. Veel ondernemingen kunnen het zich niet veroorloven om hun legacy overboord te gooien. Met Micro Focus maken ze de reis van het mainframe naar het x86-platform.

“Daar zijn wij ook sterk in”, vertelt Brauckmann. “In 1999 al hebben wij, in nauwe samenwerking met partner IBM, een Suse-versie ontwikkeld die de overgang van Z-system naar x86 op het mainframe mogelijk maakt. Wij zijn marktleider op dat vlak. Hier zien we synergie met Micro Focus.”

Wat de fusie voor de klanten en partners betekent? Loosemore: “Met Visual Cobol creëren wij vrijheid voor de mainframegebruikers. Wij hebben wereldwijd negenduizend Cobol-klanten die een Linux-distributie gebruiken. Die kunnen het beste overgaan op Suse voor betere schaalbaarheid, flexibiliteit, stabiliteit, performance en beveiliging. Want door zijn openheid biedt Suse ook vrijheid voor zijn klanten.”

Zoals HP drie jaar geleden zijn Project Odyssey startte om zijn eigen HP-UX te vervangen door Suse voor zijn servers die bedrijfskritische applicaties draaien. HP heeft enige tijd geleden zijn ConvergedSystem 900 voor SAP HANA uitgebracht. De zware server die onderdeel uitmaakt van deze geïntegreerde oplossing had intern de naam HANA Hawk meegekregen, zo onthulde Mark Linesch, VP Strategy and Operations bij HP. Hij gaf aan dat die hang naar openheid in het voordeel van klanten uitpakt, omdat zij keuzevrijheid krijgen.

Toekomst

Toen twee jaar geleden de eerste Susecon plaatsvond, waren ‘Linux en IBM’, ‘SAP HANA’, en ‘High Performance Computing’ de toonaangevende thema’s. Vandaag is openheid de leidraad. Niet voor niets is ‘Always Open’ het thema van de 2014-conferentie.

Over drie jaar? Dan is Suse Enterprise Linux nog steeds een belangrijk element, aldus Brauckmann. Dat vormt immers de basis van alle ‘aanvullende’ producten. “Maar tegen die tijd ligt er nog meer nadruk op Cloud en Cloud infrastructuur. Als derde punt zou ik ‘geïntegreerde systemen’ willen noemen.”

Europa loopt achter

Europees Commissaris Neelie Kroes heeft de afgelopen jaren steeds gehamerd op het gebruik van open source software door overheden. Vanuit de politieke gedachte dat, vanwege de community rond een open source softwareproduct, de kwaliteit alleen maar toeneemt.

Heeft het geholpen? Brauckmann waardeert de inspanningen van Kroes, maar moet toch constateren dag Europa achterloopt bij de omarming van de open source gedachte. “Brazilië is voor ons een heel grote markt. Dat komt onder meer doordat politici overtuigd zijn van de maatschappelijke waarde van open source. Dat zien we ook in bijvoorbeeld China terug. Maar Europese politici zijn hier niet zo mee bezig.”

]]>
Wed, 19 Nov 2014 11:19:55 +0100 Nieuwe kansen voor Suse met Microfocus http://executive-people.nl/item/519848/nieuwe-kansen-voor-suse-met-microfocus.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Protinus IT 'geboren in de cloud' http://executive-people.nl/item/519719/protinus-it-geboren-in-de-cloud.html Protinus IT, de managed sourcing specialist uit Houten, bestaat alweer vier jaar. In die tijd heeft het bedrijf in samenwerking met fabrikanten, distributeurs en gespecialiseerde resellers een steeds groter klantportfolio weten op te bouwen bij de rijksoverheid, lokale overheden en in het bedrijfsleven. Marcel Hofstra, directielid van Protinus IT, ziet nog meer groeikansen met zijn ISO 9001 en ISO 14001 gecertificeerde diensten, onder andere op het gebied van software en infrastructuur. Hiermee wil Protinus IT meehelpen aan het bouwen van Shared Services Centers voor gemeenten en specialistische (maatwerk-)oplossingen aan het corporate bedrijfsleven leveren.

Protinus (Latijn: ‘onmiddellijk’) brengt IT-vraag en -aanbod bij elkaar en zorgt bovendien voor de beste gespecialiseerde partners, aldus Hofstra. “Dat zijn partners die normaliter moeilijk toegang hebben tot de corporate markt, terwijl grote bedrijven op hun beurt slecht toegang hebben tot deze specialistische IT-dienstverleners en hun kennis. De geldende (interne) voorschriften en sourcing methodiek zit de toegang tot deze leveranciers vaak in de weg. Met een intelligente methode van IT-sourcing en -contracting, het zogenaamde ‘managed sourcing’, groeit Protinus IT snel in de IT-sourcingmarkt. Dat onze managed sourcing formule werkt kunnen we concluderen door de snel groeiende klantenbase die Protinus IT mag bedienen. Dit zijn zowel centrale- als decentrale overheden, als ook klanten binnen de zakelijke dienstverlening”, Hofstra vervolgt. “We concentreren ons op organisaties met 5000 werkplekken of groter. Grote organisaties hebben vaak te maken met de problematiek van veel verschillende IT-contracten en leveranciers die gemanaged moeten worden. Protinus IT ontzorgt ze met haar managed sourcing propositie. Protinus IT heeft inmiddels een aardige positie binnen de IT-leveranciersmarkt verworven en bedient een leuke gevarieerde set van klanten.”

Vreemd

“In het begin, toen Protinus IT pas was begonnen, werd er in de IT-branche vreemd tegen ons concept aangekeken, vervolgt Hofstra. “We pasten volgens sommigen niet direct in de traditionele distributiemodellen die bestaan uit fabrikant, en/of distributeur en/of reseller. Maar we werken juist nauw samen met partners om de beste oplossingen aan klanten te leveren. Daar hebben veel resellers en IT-fabrikanten profijt van. Ons model werkt, want Protinus IT heeft de kennis en kunde in huis om specialistische partners naar de klant brengen. We zien dat er nog steeds veel aanbestedingen worden uitgeschreven die een veelvoud van specialismen vereisen. Dit is iets waar veel echt gespecialiseerde leveranciers niet aan kunnen voldoen. Via ons model lukt dat wel. Dat is een voordeel voor de reseller en de klant, want die krijgt de ‘best of breed’ aan IT-producten, advies en diensten.”

Waardeketen

Hofstra verklaart het succes van Protinus IT en de partners waarmee het samenwerkt: “We richten ons met een duidelijke focus op de grootzakelijke markt. Onderdeel van het succes is dat we als team veel ervaring bieden in de ICT-markt. Protinus IT heeft een enorme kennis van de markt, het leveranciersnetwerk en alle krachtenvelden die daar spelen. We weten daardoor heel goed de juiste partners te vinden. Met onze sourcing aanpak ontsluiten we niet alleen maar distributieketens, maar leggen we een sterke focus op de waardeketen. Elke organisatie heeft namelijk zijn eigen behoefte en daardoor een andere specialisatie en waarde nodig. Protinus IT voorziet in de behoefte van de klant met de juiste oplossing die worden geleverd door partners met expertise.” Laatst heeft Protinus IT ISO-certificeringen gekregen, vervolgt Hofstra: “Protinus IT is ISO 9001 en IS0 14001 gecertificeerd voor kwaliteit en milieu. De ISO-certificeringen geven aan dat je het kwaliteitsniveau goed voor elkaar hebt. Al onze medewerkers en afdelingen zijn geaudit en werken volgens het binnen het kwaliteitshandboek vastgelegde ISO-proces.”

Bid desk

Een ander aspect van het succes is dat Protinus IT een ‘born in the cloud’ speler is. “We zijn van scratch af aan gestart, waarbij we ons businessmodel hebben gebaseerd op de cloud. Ons businessmodel heeft een koppeling met telefonie van cloudprovider Voipro, Microsoft Office 365, Exact online en e-ordering via Onetrail. We koppelen deze technologie weer aan onze klanten, waardoor we een schaalbaar en eigentijds onderscheidend businessmodel hebben. Dat is een belangrijke succesfactor in combinatie met onze specialistische aanbestedingskennis. Protinus IT heeft een speciale bid desk die we, als gevolg van ons succes, aan het uitbreiden zijn. We groeien nog steeds door. We zoeken nog twee nieuwe medewerkers die gewend zijn in de wereld van aanbestedingen te werken.”

Ministerie van Veiligheid en Justitie

Protinus IT biedt zijn diensten op basis van vier kwadranten zegt Hofstra. “Dat is ten eerste de infrastructuur, van PDA tot backend, inclusief housing en hosting. Ten tweede is er de software bestaande uit kantoor-, systeem-, bedrijfssoftware en apps. Ten derde zijn er de human skills, mensen met specifieke vaardigheden. Ten vierde heb je ‘practices’, ofwel methodieken om IT te ontwerpen, te bouwen te onderhouden en te beheren.” Komende tijd ligt de focus op infrastructuur en software, zegt Hofstra. “Daar boeken we successen mee. Zo heeft het Ministerie van Veiligheid en Justitie (V&J) Perceel 4 (Levering van Standaardprogrammatuur & Dienstverlening van Overige Vendoren en open source) gegund aan onder andere Protinus IT en Comparex. De komende jaren moeten we in onderlinge concurrentie strijden om opdrachten voor meer dan 54 verschillende softwareleveranciers. Het perceel wordt door V&J geschat op ruim 10,5 miljoen euro, exclusief BTW per jaar. Het contract beloopt twee jaar en V&J kan deze periode door middel van een of meerdere verlengingen met in totaal 24 maanden verlengen.”

Hofstra zegt dat het contract met het Ministerie van Veiligheid en Justitie een uitgelezen business kans is voor specialistische partners. “Wij vinden dat software meer is dan alleen maar het leveren van licenties. Het gaat ook om diepte-skills, die we samen met partners aanbieden. Elke klant, in dit geval het Ministerie van Veiligheid en Justitie (V&J), krijgt daardoor de beste diensten rond licenties, beheer en onderhoud. We zorgen dat de klant niet ‘oversized’ wordt met licenties, maar dat ze aan de licentievoorwaarden voldoet die IT-leveranciers eisen. Zo betalen ze nooit teveel voor een licentie.”

Metgezel

Qua infrastructuur wil Protinus verder groeien op het gebied van werkplek en accessoires tot netwerken en servers en storage, aldus Hofstra. “We zien bijvoorbeeld groeikansen in het leveren van infrastructuur aan Shared Service Centers voor de centrale overheid en de lokale overheid. Je ziet daar meer digitalisering in het kader van de e-overheid. Zo kunnen gemeenten, door  een gedeelte van de contacten met haar burgers te digitaliseren, efficiënter en sneller bepaalde zaken afhandelen. Bij een aanbesteding voor een Shared Service Center adviseren we gemeenten niet van tevoren gelijk een oplossing te bepalen, maar eerst een leverancier te kiezen die je de benodigde vrijheid biedt en waarmee je wil samenwerken. In dit geval met Protinus IT. Daarna gaan we met de betrokken partners kijken wat de beste oplossing is. Gemeenten kunnen daarbij eventueel met hun vertrouwde partners blijven samenwerken. Dus: niet van tevoren het wiel uitvinden terwijl er genoeg partners zijn die al vaker een specifieke oplossing hebben geleverd. Deze werkwijze wordt door steeds meer gemeenten gewaardeerd. Zo werd Protinus IT dit jaar winnaar van de aanbesteding ‘Logistieke diensten met betrekking tot ICT-Hardware’ van het shared service center Syntrophos (Latijn: ‘metgezel’). Dit is een ICT-samenwerkingsverband tussen de gemeentes Spijkenisse, Bernisse, Brielle en Westvoorne. De aanbesteding bestaat uit twee percelen, te weten werkplekapparatuur en datacenter-apparatuur. Het doel van de gemeenschappelijke regeling Syntrophos is het beheren en verder ontwikkelen van de ICT infrastructuur, informatievoorziening voor de klantcontactcentra, voor het ‘midoffice’ en het coördineren van basisregistraties, geo-informatie en telefonie. Syntrophos functioneert samen in een netwerk van partners, bestaande uit klanten en belanghebbenden. Iedere partner is een schakel in het functioneren van het totaal. Om te komen tot een goed functionerende keten en het kunnen voldoen aan de verwachtingen, wordt het concept van een Shared Service Center in 2014 gezamenlijk verder uitgebouwd en geconcretiseerd. Uitgangspunt daarbij is en blijft dat Syntrophos gericht is op samenwerking met de vier gemeenten.”

Arsenaal

Hofstra is goed gestemd om verder te groeien met zijn software en infrastructuur diensten. “De markt trekt aan, het gaat beter want de klant kijkt weer naar nieuwe oplossingen. De aanbestedingen blijven doorgaan en je ziet dat ook bedrijven hun organisatie op kwaliteit willen inrichten, waardoor ze aanzienlijk de kosten kunnen besparen. Protinus IT kan dat leveren met oplossingen tegen de laagste beheerkosten. We staan open voor nieuwe partners. IT-resellers en consultants kunnen altijd met ons praten. Er zijn veel specialisten in de markt en het is moeilijk voor deze partijen om grote klanten te krijgen, maar in samenwerking met Protinus IT kunnen partners dat wel. Wij ontsluiten ze naar de eindklant. “Onze partners vormen bij elkaar het grootste arsenaal van échte specialisten in Nederland.”

WK

]]>
Mon, 17 Nov 2014 08:05:55 +0100 Protinus IT 'geboren in de cloud' http://executive-people.nl/item/519719/protinus-it-geboren-in-de-cloud.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
‘Zowel het verlies aan data als de downtime moet zo dicht mogelijk bij nul zitten.’ http://executive-people.nl/item/519715/a-zowel-het-verlies-aan-data-als-de-downtime-moet-zo-dicht-mogelijk-bij-nul-zitten-a.html Data en applicaties beschikbaar vanaf iedere locatie en een RTPO (Recovery Point Time Objective) van minder dan vijftien minuten. De 'Always-On-Business' noemen ze dat bij Veeam Software, aanbieder van oplossingen die beschikbaarheid van het moderne datacenter bieden. De Veeam Availability Suite v8 is een betaalbare oplossing die zorgt voor zo min mogelijk dataverlies en downtime. "Om dat te benadrukken hebben we RTO en RPO samengebracht tot RTPO", verklaart Regional Director Benelux Ronald Ooms.

Altijd en overal toegang hebben tot je mail en applicaties is allang geen overbodige luxe meer, weten ze ook bij Veeam. "Medewerkers willen de mogelijkheid hebben om op ieder moment van de dag te kunnen werken", vertelt Ronald Ooms. "Dat stelt eisen aan de IT-kant. 'Any time, any place, any device.' Vooral de toename van het aantal thuiswerkplekken brengt een enorme uitdaging met zich mee als het gaat om de beschikbaarheid en de beveiliging van de IT-omgeving en de back-up van bestanden. De tijd is voorbij dat we allemaal op een vast kantoor werken met een vaste infrastructuur, waar we allemaal hetzelfde werk doen en dezelfde printer gebruiken. Iedereen werkt overal. Als ik wil, werk ik door tot 8 uur 's avonds, maar dat moet dan wel mogelijk zijn. De IT-afdeling moet dit faciliteren door ervoor te zorgen dat data en applicaties ten alle tijde beschikbaar zijn."

Valt een systeem uit, dan willen we zo weinig mogelijk dataverlies en zo snel mogelijk weer aan het werk. Recovery Point Objective (RPO), het dataverlies dat een organisatie of gebruiker in het ergste geval moet accepteren, moet zo laag mogelijk zijn. Hetzelfde geldt voor RTO: Recovery Time Objective. Ook die moet zo beperkt mogelijk zijn. Ooms: "Veel mensen zijn al redelijk in paniek als ze langer dan vijf minuten niet kunnen mailen. Wij hebben RPO en RTO gecombineerd tot Recovery Point Time Objective (RTPO). Hiermee kunnen we met één waarde de hoeveelheid dataverlies en de downtime aangeven."

Er zijn oplossingen die het nulpunt benaderen of daar zelfs nagenoeg op uitkomen. Real-time replicatie bijvoorbeeld, de off-site oplossing met dubbele storage-oplossingen”, aldus Lodewijk van Klaveren, Manager Channels Benelux van Veeam Software. "Maar zulke oplossingen kunnen veel klanten niet betalen. Hoe minder dataverlies en downtime, hoe duurder de oplossing wordt. In het huidige aanbod zien wij een groot gat tussen wat bedrijven kunnen en willen betalen, en wat noodzakelijk is om de beschikbaarheid van de IT-omgeving te garanderen. De Veeam Availability Suite v8, als opvolger van onze Back-up Management Suite, dicht deze kloof."

Virtualisatie, cloud en storage

De suite combineert de modernste en belangrijkste virtualisatie-, cloud en opslagtechnologieën en integreert met oplossingen van verschillende opslagleveranciers. De nieuwe oplossing van Veeam dicht de kloof in de beschikbaarheid van de IT-omgeving, omdat deze voor alle data en applicaties een RTPO van minder dan vijftien minuten biedt. "De back-ups worden veel sneller uitgevoerd dan bij vergelijkbare oplossingen", beweert Van Klaveren. "We willen beide kanten, dus RPO en RTO, terugbrengen tot maximaal vijftien minuten."

Om continue beschikbaarheid van data en applicaties te garanderen, moet de IT-omgeving zelf ook goed functioneren. Zo niet, dan kunnen er ook geen goede back-ups gemaakt worden,” zegt Ooms. “Daarom zien wij real-time monitoring als een belangrijk onderdeel van availability. Net als capaciteitsplanning en rapportage van de virtuele infrastructuur. Als daar een fout in zit, kun je geen goede back-ups maken en kunnen je systemen en bestanden niet 24 uur per dag beschikbaar zijn. Availability is altijd een combinatie van real-time managen, planning, monitoring en het veilig stellen van je data. Je moet gewoon een goed platform hebben. Anders kan je availability-applicatie nog zo goed zijn, maar dan gaat het alsnog fout."

Vijf pijlers

De Availability Suite van Veeam combineert daarom vijf kernoplossingen: High speed Recovery, Data Loss Avoidance, Verified Protection, Risk Mitigation en Complete Visibility. Ooms: "Dat zijn de vijf pijlers waarmee je data beschermt en de beschikbaarheid garandeert. High Speed Recovery betekent dat een VM binnen een paar minuten gerestored kan worden, in plaats van binnen enkele uren. Dit is een belangrijke feature om de RTO terug te dringen. Met Data Loss Avoidance voorkom je dataverlies, of maak je dat verlies zo klein mogelijk, bijvoorbeeld door iedere tien minuten een back-up te maken in plaats van eens per dag, zoals de meeste gebruikers doen. Met Verified Protection controleer je of de gemaakte back-ups daadwerkelijk functioner en gebruikt kunnen worden om de VM, of data uit de VM terug te zetten. Risk Mitigation betekent het verlagen van risico’s door op ieder moment je applicaties te kunnen testen in een sandbox, voordat ze in productie genomen worden. Complete Visibility staat voor onze monitoring- en rapportageoplossingen, waardoor een compleet overzicht van de IT-omgeving gegarandeerd is.”

Veeam heeft momenteel ruim honderdduizend eindgebruikers. Eindklanten die hun back-up in de cloud willen opslaan, kunnen gebruik maken van Cloud Connect als onderdeel van de nieuwe Availability Suite. Dit biedt kansen voor serviceproviders. "Het grote voordeel is dat eindgebruikers vooraf geen investering hoeven te doen in een off-site infrastructuur", vertelt Van Klaveren, "Ze kunnen rechtstreeks back-ups maken naar een off-site back-up locatie. Cloud Connect is daarmee een uitgelezen mogelijkheid voor serviceproviders om nieuwe klanten te werven."

]]>
Sat, 15 Nov 2014 00:21:29 +0100 ‘Zowel het verlies aan data als de downtime moet zo dicht mogelijk bij nul zitten.’ http://executive-people.nl/item/519715/a-zowel-het-verlies-aan-data-als-de-downtime-moet-zo-dicht-mogelijk-bij-nul-zitten-a.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Wat komt er na IT? http://executive-people.nl/item/519379/wat-komt-er-na-it.html De blik op oneindig, voelhorens in elk deel van de samenleving. Nadenken over de moraliteit van informatietechnologie. Wat komt er eigenlijk na IT? Daar houdt Steve Prentice zich mee bezig; de futuroloog van Gartner. Hij beschouwt wat IT-gewijs mogelijk en wenselijk is na 2050. “Wij hebben robots nodig”, stelt hij.

Het is verrassend wat je toch kunt zeggen over een toekomst die nog zo ver weg ligt. Het is niet allemaal science fiction, meent Prentice. Hij vertelt dat hij nauwkeurig demografische gegevens analyseert, statistieken bijhoudt, weet dat mensen steeds ouder worden en dat het gemiddeld aantal geboorten in de Westerse wereld blijft afnemen.

Als hij dan op zijn schapenboerderij in Zuid-Engeland aan het werk is – hetgeen hij naast zijn werk als Gartner-fellow doet – puzzelt hij tot alle stukjes op zijn plaats vallen. “Het is een prachtige combinatie; het denkwerk en het doewerk.”

Prentice vertelt dat hij betrokken is bij de bouw van een nieuw ziekenhuis. Hoe ziet de technologie eruit rond 2025? “Daar moet je nu over nadenken, want je bouwt zoiets voor op zijn minst dertig jaar. Dan weet je nu al dat er veel met sensoren gewerkt gaat worden; dat mensen op afstand zijn te monitoren. Maar ook dat je veel te weinig handen aan het bed zult hebben. Dan kom je haast vanzelf op het idee dat we robots nodig hebben om het verpleegwerk te kunnen doen. En dan moet je robots hebben die in staat zijn talloze gegevens te analyseren.”

Je hoeft ook geen raketgeleerde te zijn om nu al te zien dat je geen kantoren meer gaat bouwen van tienduizend vierkante meter of meer. Tenzij het een kantoor is dat de ruimte verhuurt aan meerdere bedrijven, zoals Regus dat doet bijvoorbeeld.

Heilige of duivel

Technologie, zo gaat Prentice verder, heeft in de afgelopen eeuwen altijd banen vernietigd. Er zijn beroepen verdwenen, omdat ze door technologie overbodig zijn gemaakt. “Maar altijd kwamen er ook nieuwe banen bij. De netto som pakte altijd positief uit. Tot nu”, stelt hij. “Want nu zullen er meer banen verdwijnen dan er bijkomen. Is technologie een heilige of een duivel? Wat is de impact daarvan op de samenleving? Er bestaat geen goede of slechte technologie; is alleen goed of slecht gebruik van technologie. Er zit altijd een moreel aspect aan. Over die moraliteit moet je als bedrijf ook nadenken.”

Elke organisatie verzamelt gegevens. Wat ga je ermee doen? Hoe beveilig je dat? “Beth Jacob, de CIO van het Amerikaanse grootwinkelbedrijf Target, heeft uiteindelijk ontslag moeten nemen nadat de gegevens van miljoenen credit- en debetcard houders waren gestolen. Dit is een waarschuwing voor elke CIO: wie data verzamelt, zal zijn uiterste best moeten doen daar zorgvuldig mee om te gaan; en te vertellen aan betrokkenen wat je met die gegevens doet. Daar moet je maatregelen voor treffen.”

Het is goed om iemand te hebben die de horizon ver weg heeft, meent Prentice. “Want daar baseer je toch strategieën op. De meerderheid van de CIO’s kijkt echt niet verder dan vijf jaar. Hun tijd wordt opgeslokt door de problemen die ze vandaag moeten oplossen. Maar ze moeten toch ook gaan nadenken over de gevolgen van het Internet of Things voor hun bedrijf. De meesten pakken dat niet op, omdat ze hun handen al vol hebben. Zij zijn vooral bezig ervoor te zorgen dat de systemen werken. Maar ze vinden het wel prettig om af en toe te worden bijgepraat door iemand die wel de tijd heeft om verder te kijken”, praat hij zijn eigen baan goed.

Overigens is hij niet de enige. Hij noemt bedrijven als Amazon, Google en Apple die eveneens een toekomstgerichte blik hebben; sterker nog: die heel praktisch meehelpen de toekomst te modelleren.

“Branchegrenzen gaan vervagen”, meent Prentice. “Financiële instellingen zijn altijd gericht geweest op geld. Maar daar gaat het eigenlijk al heel lang niet meer om. Het gaat om informatie. Een bedrijf als Google heeft dat goed begrepen. Banken kunnen er zeker van zijn dat branchevreemde organisaties hun werkterrein gaan betreden.”

Reis

Thinking machines rammelen aan de deur. Watson is een voorbode. Sensoren kunnen aangeven wanneer onderhoud nodig is in een machine (en waar, en welk onderhoud) of aangeven dat de koeien moeten worden gemolken. Zelfrijdende auto’s, robots; welke wet- en regelgeving past daarbij? 3D printers die twee industrietakken op zijn kop zetten: de maakindustrie en de logistieke wereld.

Verbetering van menselijke vaardigheden, waardoor je bijvoorbeeld infrarood kunt zien of een veel breder gehoorscala krijgt.

Al deze technologische ontwikkelingen zijn nu al bezig; het is volgens Prentice zaak om na te gaan wat ze betekenen voor het bedrijfsleven en de samenleving.

Hij vindt dat CIO’s deze reis moeten maken. “Ze moeten nadenken over zaken waarover ze eerst niet hoefden na te denken. Maar technologie raakt op zoveel vlakken de bedrijfsvoering; en heeft zoveel impact op de klantrelatie, dat je er niet aan ontkomt.”

Het maken van een toekomststrategie is iets dat je vooral samen moet doen, aldus Prentice. “Er ligt geen recept klaar. Ook voor ons is het anders. Eerst zaten we met mensen aan tafel die wisten dat ze een probleem hebben; en konden wij de oplossing aandragen. Maar nu hebben we overleg met veel CIO’s aan wie we eerst moeten uitleggen dát ze een probleem hebben. Omdat hun horizon immers veel dichterbij ligt.”

Nieuwe technologie roept nieuwe problemen op. En die liggen tegenwoordig vooral niet in het technische vlak, maar veeleer in het menselijke vlak. Hoe maak je een goede samenleving? Welke rol speelt IT daarbij? “We worden omgeven door een oceaan aan gegevens; dat wordt alleen maar meer. Je zou kunnen zeggen dat de doos van Pandora open is gegaan. Nu moeten CIO’s zich buigen over de vraag hoe ze het voor elkaar krijgen technologie goed aan te wenden.”

]]>
Tue, 11 Nov 2014 08:00:54 +0100 Wat komt er na IT? http://executive-people.nl/item/519379/wat-komt-er-na-it.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Informatie met waarachtigheidsstempel http://executive-people.nl/item/519378/informatie-met-waarachtigheidsstempel.html Wie in de voorhoede van de digitale wereld een rol wil spelen, dient over de juiste informatie te beschikken op het juiste moment. Op de beste manier gegevens inzetten geeft een voorsprong. Maar dan moet je ook weten dat die data betrouwbaar zijn en passen binnen de context waarvoor je ze nodig hebt, aldus Wilto Hofman, algemeen directeur van Diskad.

Een zoekopdracht in Google levert al gauw honderden, zo niet duizenden verwijzingen op. De oogst van een beetje populair, actueel onderwerp, zoals een demonstratieverbod, doet de zoeker duizelen. “Daar kom je eigenlijk niet veel verder mee”, zegt Hofman. “Want de context ontbreekt vaak. En je weet niet waar de informatie vandaan komt. Stel dat je als jurist een verhandeling wilt schrijven over een demonstratieverbod aan de hand van wat er in de Haagse Schilderswijk is gebeurd, dan wil je meteen over de juiste gegevens beschikken. Als je een week later over de kennis beschikt, dan komt jouw mening als mosterd na de maaltijd. Bovendien wil je weten waar die informatie vandaan komt. Een essay van een hoogleraar? Dat kan nuttig zijn, maar dan moet je wel zeker weten dat die hoogleraar het geschreven heeft, en wanneer, en met welk doel. De context van informatie; daar gaat het om.”

Hofman weet waar hij over praat, want zijn bedrijf hakt al jaren met dit bijltje. Ooit begonnen als maker van (interactieve) games, heeft de onderneming zich toegelegd op het bewerken, verwerken en zinvol ontsluiten van informatie. Met het zelf ontwikkelde platform PublishOne zet Diskad alle mogelijke soorten tekst en beeld om in XML. Daarmee wordt die content automatisch publiceerbaar naar verschillende media, en binnen elk afzonderlijk medium ook naar verschillende verschijningsvormen. En dat alles verrijkt met informatie over herkomst en context.

Automatisch

Dergelijk kennismanagement, waarin Diskad zich heeft gespecialiseerd, is vooral mogelijk door al tijdens het creëren van een document tal van metadata toe te voegen. Maar niemand heeft zin om, als hij een verhandeling schrijft, dergelijke gegevens aan het document toe te voegen.

Daarom zorgt het platform ervoor dat de metadata automatisch aan bestanden worden toegevoegd. “Dankzij de snelle processoren van tegenwoordig is dat geen probleem. Terwijl iemand zijn stuk zit te tikken, lopen er automatisch zo’n dertig controlemechanismen op de achtergrond mee. Want wij weten ook wel dat iemand zich op de inhoud wil concentreren en niet op de bijbehorende administratie. Dankzij de snelle processoren van tegenwoordig is het trouwens mogelijk om dat automatisch te doen”, stelt Hofman.

Eraan toevoegend dat zijn oplossing is gebaseerd op Microsoft Windows. “Dat heeft voordelen. Bijvoorbeeld dat het met open standaarden werkt, zodat wij kunnen koppelen met alle andere content, zolang het ook maar aan de standaarden voldoet. Maar ook dat wij alle talen kunnen ondersteunen die Microsoft uit zichzelf aanbiedt. Zo hebben wij onlangs een proof of concept gemaakt voor een Chinese organisatie. Daarmee hebben we kunnen bewijzen dat het werkt.”

Voorop

Het zorgvuldig omgaan met informatie is de sleutel tot succes in de digitale wereld. Daarbij is het opvallend dat een relatief klein bedrijf als Diskad zo succesvol is in het buitenland. Italië, India, Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Verenigde Staten: overal zitten klanten. Hofman komt met een treffend voorbeeld: “Wij hadden een voorstel gedaan voor een organisatie in Frankrijk. Het ontluisterende antwoord was: ‘Ja; dat is een goed idee om alles digitaal te maken’. Wij lopen in Nederland ver voorop in de wereld. Onder meer omdat wij goede uitgeverijen in ons land hebben, maar ook omdat onze overheid aandringt op het werken met open data. In het buitenland moeten we altijd klein beginnen en niet meteen de volle breedte van onze oplossing inzetten. Want dan zouden we met een kanon op een mug schieten.”

Stempel

Uitgeverijen in Nederland hebben in het verleden de losbladige banden verzorgt voor bijvoorbeeld de rechterlijke macht en de medische wereld. Internet heeft er heel snel voor gezorgd dat dit wordt ervaren als een ‘grijs verleden’.

“Tien jaar geleden dacht men dat er geen rol meer was voor uitgeverijen, omdat informatie immers overal en vaak ook nog gratis beschikbaar is. Toch is dat een misvatting gebleken, want je wilt wel weten wat de waarde is van die informatie. Een ambtenaar die een oordeel over een uitkeringsaanvraag moet vellen, wil wel weten dat een bepaalde uitleg inderdaad afkomstig is van het ministerie van binnenlandse zaken. Eigenlijk moet er een waarachtigheidsstempel op het document staan. Daar zijn de uitgeverijen – en wij in hun kielzog – op ingesprongen. Eigenlijk is de rol van publicatiehuizen alleen maar belangrijker geworden.”

Markt breidt uit

Informatie is slechts één van de drijfveren die Gartner onderscheidt voor de digitale wereld. “En eigenlijk komt dat neer op kennismanagement. Daar hebben wij ons op gericht. Terwijl Enterprise zoekmachines als Autonomy, Verity en Fast steeds breder zijn gegaan door bijvoorbeeld niet gestructureerde data betekenisvol te ontsluiten, zijn wij juist smaller gegaan, meer gefocust op de structuur van informatie, op de waarde ervan. Dat ligt ook in onze aard, omdat je met XML de hiërarchie in informatiewaarden beschrijft. Zo kunnen we bijvoorbeeld ook de fysieke wereld XML-achtig beschrijven”, aldus Hofman.

Dat laatste is van belang, omdat hiermee zijn markt is te vergroten. Niet alleen juristen, medici en ambtenaren willen kunnen beschikken over betrouwbare gegevens. Ook bijvoorbeeld onderhoudsmonteurs, biosciences-ondernemingen als DSM of energiebedrijven willen waardevolle data. Sensoren vinden hun weg in tal van toepassingen. “Wij zijn er niet zozeer voor om al die gegevens te analyseren, maar we kunnen die informatie wel voorzien van de juiste ondersteunende kennis en context, zodat al die data een betekenis krijgen die meteen toepasbaar is. Ja, de komende jaren zal onze markt steeds groter worden”, stelt Hofman tevreden vast.

]]>
Tue, 11 Nov 2014 08:00:48 +0100 Informatie met waarachtigheidsstempel http://executive-people.nl/item/519378/informatie-met-waarachtigheidsstempel.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Driving Digital Business http://executive-people.nl/item/519356/driving-digital-business.html Volgens Tomas Nielsen, research director bij Gartner, staan we aan de vooravond van het derde tijdperk van bedrijfsmatige toepassing van informatietechnologie. Het eerste stond in het teken van vakmanschap, het tweede ontpopte zich als de automatisering van IT-processen; en het huidige tijdperk behelst de digitalisering van de bedrijfsvoering. CIO's dienen zich te bekwamen in het 'temmen van de digitale draak'. “Geen eenvoudige taak, maar als het lukt, beschik je over ongeëvenaarde kracht.”

Nielsen kan het zichzelf nog goed herinneren: die eerste fase. Daarbij ging het om vakmanschap; de kunst en kunde om programma's te schrijven, code te genereren. Om datgene wat je in de fysieke wereld deed letterlijk te vertalen naar de digitale wereld. “Ik ben een Deen en werkte destijds als programmeur. Wij gebruiken lettertekens die van de standaard afwijken. Die moesten wij zelf schrijven, anders werden ze niet afgedrukt. In den beginne was het digitale vakmanschap tot op dat detailniveau nodig. Dat is nu niet meer het geval. Mensen die tegenwoordig apps of applicaties ontwikkelen kunnen voor bepaalde functies de componenten in code gewoon downloaden en integreren in hun eigen programmeerwerk.”

Natuurlijk is die vakkundigheid nog steeds wel ergens in het digitale proces nodig, maar de nadruk ligt er al lang niet meer op.

Want allengs ontstond het besef dat IT beter moest worden georganiseerd. Het tweede tijdperk begon zo'n tien jaar geleden en betrof de industrialisatie van enterprise IT. Alle inspanningen waren erop gericht de geautomatiseerde systemen betrouwbaarder te maken, met een voorspelbaar gedrag, open en transparant. De era van certificaten. “Dat is een belangrijke fase geweest – die overigens bij veel organisaties nog doorloopt – maar de beperkte budgetten en risicomijdend gedrag hebben weinig ruimte overgelaten voor innovatieve projecten”, stelt Nielsen.

'Wat'

De bestuurders van organisaties verwachten nu van de CIO een heel ander kunstje. “Die eerste twee perioden gingen vooral over het hoe. Hoe kunnen we een elektronische winkel vormgeven en in de lucht houden, bijvoorbeeld? Maar in dit nieuwe tijdsgewricht staat de vraag 'wat' centraal. Wat kan automatisering bijdragen aan het halen van bedrijfsdoeleinden; misschien nog wel een stap verder: wat kan IT bijdragen aan het vormen van bedrijfsdoelstellingen? Dit vereist een wezenlijk andere benadering van IT en een andere opstelling van de CIO. Waren voorheen de medewerkers van zijn organisatie zijn klanten; nu zijn het zijn partners.”

Deze nieuwe benaderingswijze vindt zijn oorsprong, aldus de Gartner-analist, in het feit dat bedrijven in toenemende mate digitaal zijn. “GE Aviation – onderdeel van General Electric – bijvoorbeeld heeft zich ten doel gesteld een digital company te zijn. Het gaat sensoren toepassen in zijn straalmotoren. Dat levert een schat aan gegevens op die het bedrijf na analyse kan gebruiken om extra diensten te leveren aan zijn klanten. Informatietechnologie maakt dit mogelijk. IT heeft daarmee ook een bepalende stem in de vaststelling van het business model. IT is onderdeel van de primaire waardelevering aan klanten. Dat is een heel ander spel.”

De meeste CIO's hebben inmiddels wel laten zien IT-leiderschap te kunnen tonen. “Maar nu gaat het om digitaal leiderschap. IT moet niet alleen snel, veilig en betaalbaar zijn, maar een ongekende wereld ontsluiten voor de organisatie. Terwijl de infrastructuur nog steeds alle aandacht vereist, de budgetten onder druk staan, moet IT bedrijfsinnovaties aandragen, uitwerken en toepassen. Voorwaar een uitdagende klus”, stelt Nielsen.

Wie zou leiding moeten geven aan de digitalisering van organisaties? “De CIO is daarvoor het best uitgerust”, meent Nielsen. “Op de voet gevolgd door de Chief Marketing Officer en andere business managers. Zij zijn geschikt om aan het roer te gaan staan in de tocht naar digitaal leiderschap. Er is een kans, maar het gebeurt niet vanzelf”, waarschuwt hij.

Uit onderzoek dat Gartner in het vierde kwartaal 2013 heeft gedaan onder CIO's in 77 landen, blijkt dat 42 procent van zichzelf vindt dat hij of zij niet voldoende toegerust is om aan het roer te gaan staan. En 51 procent vind dat de digitale wolkbreuk veel sneller op ze afkomt dan dat ze wenselijk achten.

“Dat geeft toch wel aan dat er nog wel heel veel werk is te verzetten om tot digitaal leiderschap te komen”, stelt Nielsen nuchter vast.

CDO

De CIO zal zich gesteund weten door een Chief Digital Officer, juist om innovatieve toepassingen vorm te geven. Gedurende het hier aangehaalde onderzoek, gaven de ondervraagden aan dat er zeven tot acht procent CDO's werkzaam zijn binnen de bedrijven. “Uit een studie die we onder CEO's hebben gehouden blijkt dat meer dan de helft van de bestuurders verwacht dat eind 2015 er een CDO is op chief-niveau. Het is een groeiende rol binnen organisaties. Het komt voor dat CIO's ook die rol vervullen, maar eigenlijk kan dat niet”, meent Nielsen. “Want het is erg moeilijk om je te richten op innovaties binnen de bedrijfsvoering die mogelijk zijn met IT, als medewerkers ook nog aan jouw hoofd zeuren waarom bepaalde diensten niet beschikbaar zijn.”

Uit gesprekken en onderzoek blijkt volgens Nielsen dat CIO's wel de noodzaak voelen om een sturende rol te vervullen bij de digitalisering van hun organisatie. Zij willen overeind blijven om de Nexus of Forces (mobile computing, social media, informatieanalyes en cloud computing) naar hun hand te zetten. Ondanks de onzekerheid over hun eigen rol, vindt 42 procent wel dat de IT-organisatie er klaar voor is.

Maar er komt wel heel wat op de CIO af. Hij moet zich gaan bekommeren over samenwerking met partners (die voorheen nog klanten waren), over dingen (de kansen die Internet of Things biedt) en over de bedrijfsvoering. “De CIO moet zich terdege verdiepen in de aard van het bedrijf waarvoor hij werkt, anders zal hij nooit kunnen achterhalen welke waarde innovatieve informatietechnologie heeft te bieden. De focus moet gericht zijn op de waarde, niet op de onderliggende technologie”, onderwijst Nielsen.

Er zijn volgens hem wereldwijd wel voorbeelden van organisaties die hun eerste treden hebben gezet in het derde tijdperk van enterprise IT. “Maar de meeste staan nog aan de grens; hebben nog maar net de teen in het water gestoken.”

]]>
Sun, 09 Nov 2014 00:00:57 +0100 Driving Digital Business http://executive-people.nl/item/519356/driving-digital-business.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg
Peter Klint, VMware Benelux: ‘business benefit’ om nieuwe technologie te adopteren http://executive-people.nl/item/519386/peter-klint-vmware-benelux-a-business-benefita-om-nieuwe-technologie-te-adopteren.html Peter Klint is per 1 oktober de nieuwe regional director VMware Benelux. De Deen volgt Marc Groetelaars op die sinds 1 augustus Regional Director Benelux van ServiceNow, leverancier van enterprise IT-cloudoplossingen. Komende tijd wil hij VMware verder laten groeien door structuren en processen te optimaliseren. “Ik bezoek zoveel mogelijk klanten en partners.”

Klint was eerder verantwoordelijk als manager channel and general business van VMware Nordics and Baltics. Daarvoor was hij managing director van VMware Denemarken. Klint werkte voordat hij naar VMware overstapte 14 jaar bij Cisco. Nu heeft Klint zijn geboorteland Denemarken verruild voor de Benelux met als standplaats Nederland. “Het is een mooie kans, ik ken de Benelux-markt al heel goed door eerdere werkzaamheden bij VMware. Er bestaan weinig culturele verschillen: zo zijn Nederlanders net als Denen direct in het zaken doen.”
Maar er zijn volgens klint ook verschillen, vooral op de manier hoe klanten technologie adopteren. Nederland adopteert sneller nieuwe technologie dan Denemarken. Dat komt onder andere doordat VMware in Nederland veel grote klanten heeft die het als een ‘business benefit’ zien om nieuwe technologie te adopteren. ‘’Ik praat ook met veel klanten hoe ze technologie adopteren en waarom. De klanten in Nederland zijn zeer positief en willen meer. Er is een grote vraag naar onze services.”

Volgende stap

Klint heeft als target om de structuur en processen van VMware Benelux te optimaliseren. Daarbij wil de Deen de voordelen van VMware technologie belichten zoals van de NSX netwerk- en VSAN storage virtualisatie oplossingen. “Na het virtualiseren van de infrastructuur kunnen klanten zakelijke voordelen halen als ze een volgende stap maken met beheer van virtuele omgevingen, netwerk & storage virtualisatie en de bouw van een software defined datacenter (sddc). We bieden daarvoor oplossingen voor private-, public- en hybride cloud. Dat moeten we nog meer en beter aan de markt uitleggen.”

Klanten kunnen daarbij VMware gebruiken op verschillende hardware, aldus Klint. “VMware staat altijd open om samen te werken met grote leveranciers, zoals met HP, HDS, Fujitsu, SuperMicro en Dell rond VMware EVO: RAIL. Dit is een software-defined data center software stack dat bestaat uit VMware vSphere Enterprise Plus en ESXi, vCenter Server, VMware Virtual SAN (VSAN) voor storage en VMware vRealize Log Insight real-time log beheersoftware.”

Volume of Value

Klint zegt dat partners door het steeds grotere aanbod van VMware op den duur keuzes moeten maken waarin ze zich willen specialiseren. “Het VMware go-to-market model gaat via volume partners die licenties verkopen en value partners die gespecialiseerd zijn in verschillende VMware technologieën. Ik vraag aan ze wat ze willen zijn: volume of value partners. Dat doe ik in nauwe samenwerking met VMware channel manager Stef Koopman. Een value partner is bijvoorbeeld een systeem integrator die onze geavanceerde oplossingen verkoopt, zoals de VMware Horizon end-user computing oplossingen. Of ons cloud aanbod met een ‘inside en outside infrastructuur’. Of met VMware software defined datacenter software waarmee je iets unieks kan bouwen.”

Daar ligt volgens Klint ook tegelijkertijd een uitdaging. “Partners kunnen meer keuzes maken waarin ze willen specialiseren. Een partner kan niet alles van ons portfolio doen. Het gaat om focus. Ze kunnen zich specialiseren in end user computing, NXS, VSAN of met vCloud Air beheersoftware voor sddc. De partners maken allemaal zelf uit welke beslissing ze gaan nemen om verder te specialiseren. Je ziet nu wel resultaten. De meeste partners verkopen nu meer dan alleen maar VMware vSphere voor servervirtualisatie. Ze hebben hun aanbod uitgebreid met bijvoorbeeld VMware beheer oplossingen, het virtualiseren van netwerken of in het virtualiseren van storage.”

WK

 

]]>
Sat, 08 Nov 2014 10:54:09 +0100 Peter Klint, VMware Benelux: ‘business benefit’ om nieuwe technologie te adopteren http://executive-people.nl/item/519386/peter-klint-vmware-benelux-a-business-benefita-om-nieuwe-technologie-te-adopteren.html&field=Foto1&rType=crop&height=165&width=165.jpg