23-04-2012

‘Retailers zouden rekening moeten houden met de apparaatvoorkeuren van consumenten’

Deel dit bericht


The Beatles of The Rolling Stones. Democraten of Republikeinen. Kop of munt. Zwart of wit. In het leven is er echter vaak sprake van verschillende tinten grijs. Waar moeten retailers nu precies voor kiezen in hun strijd om hun steeds meer verbonden klanten: de app of browser, de tablet of smartphone?

Mobiele toestellen, smartphones en tablets in het bijzonder, zijn niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven. Het aantal apps dat op deze toestellen wordt gebruikt, groeit met de dag. Interessant genoeg blijkt er geen sprake van een eenduidig fenomeen dat je met de term ‘mobiel’ kunt aanduiden. Ten eerste is er binnen de uiteenlopende retailcategorieën sprake van uiteenlopende voorkeuren voor mobiele toestellen, met een opvallende groei van het aantal consumenten dat via tablets en Facebook winkelt. Ten tweede geven consumenten de voorkeur aan browsergebaseerd en mobiel winkelen boven het gebruik van speciale winkel-apps. Dit blijkt uit een onderzoek naar verbonden consumenten uit januari 2012.

Volgens een onderzoek van Zmags naar het gedrag en de profielen van online en mobiele winkelbezoekers geeft slechts 4 procent van alle consumenten de voorkeur aan winkelen via mobiele apps op hun smartphone of tablet . Daarentegen zegt maar liefst 87 procent dat hun voorkeur uitgaat naar online winkelen vanaf een pc of laptop. Consumenten die liever winkelen vanaf een smartphone of tablet (respectievelijk 14 procent en 9 procent) doen dit via mobiele websites.

Het gebrek aan interesse voor winkelen van apps komt enigszins als een verrassing. De opmerking ‘daar is een app voor’ is immers overal te horen. Volgens Zmags concentreren veel winkels hun mobiele initiatieven op apps, terwijl ze browsergebaseerd winkelen een lagere prioriteit toekennen.

Minder verrassend is dat het gebruik van tablets een enorme vlucht heeft genomen. Dankzij het succes van de iPad biedt de tabletmarkt dezelfde draagbaarheid als een smartphone plus een groter schermoppervlak, dat kan worden gebruikt om een rijkere en boeiendere mobiele winkelervaring te bieden, compleet met creatieve retailproposities.

Hoewel de markt voor tablets nog geen twee jaar oud is, beginnen consumenten tekenen te vertonen van categoriespecifieke apparaatvoorkeuren. Zo blijkt uit de enquête van Zmags dat iets meer dan de helft (53 procent) van consumenten die elektronicawinkels bezoeken hiervoor het liefst een tablet gebruikt. Consumenten die naar speelgoed winkelen, tonen de grootste voorkeur voor winkelen vanaf een tablet (39 procent), gevolgd door bezoekers van online kledingwinkels (37 procent) en online reisbureaus (26 procent).

Wat betekent dit nu precies voor retailers? Net zoals bij een fysieke winkel is het voor mobiele winkels niet mogelijk om een passe-partoutaanpak te hanteren. Mobiele klanten moeten ongeacht hun locatie en het mobiele toestel waarvoor ze kiezen een verbinding kunnen maken. Dit kan het nodige programmeerwerk vereisen. Duidelijk is echter dat het voor retailers belangrijk is om zowel consumenten-apps als mogelijkheden voor browsergebaseerd winkelen aan te bieden. Ten tweede moeten retailers goed nadenken over het type platform dat ze binnen hun branche ondersteunen. Gezien de enquêteresultaten zouden elektronicawinkels er onverstandig aan doen om geen mobiele versie van hun webwinkel aan te bieden die voor tablets is geoptimaliseerd.

Retailers moeten er kortom voor zorgen dat hun tablet-, smartphone- en online winkelervaring optimaal zijn afgestemd op de groeiende apparaatvoorkeuren van consumenten. Dit vertegenwoordigt minstens zoveel kansen als investeringen. Het goede nieuws met een knipoog is dat deze voorkeuren voortdurend veranderen. Jazeker, er is geen eenduidig antwoord.

Fedor Hoevenaars, Verizon