02-06-2011

'Zorg voor een goede informatiestrategie’, interview met Kevin Quinn, vice president product marketing bij Information Builders

Deel dit bericht


Onlangs was Kevin Quinn, vice president product marketing bij Information Builders, in Nederland voor een aantal workshops met CIO’s onder de titel Developing an information strategy. Wij spraken met Quinn en Dennis Bartels, vice president EMEA Sales, over het belang van goed datamanagement.

“Het is de vraag van het kip en het ei. Wat was er eerst, de strategie of de data? Eigenlijk maakt het antwoord op die vraag niet uit, waar het om gaat is dat er een wederzijdse beïnvloeding is tussen data en strategie.” Kevin Quinn, vice president product marketing bij Information Builders, heeft de afgelopen tijd veel gesprekken gehad met CIO’s en IT Managers over dit onderwerp. “We zijn een technologiebedrijf, maar als klanten bij ons komen willen ze geen technologie, ze willen hulp. Ze willen meer halen uit hun data, en efficiënter omgaan met die data.”

“Soms kopen bedrijven een informatiesysteem omdat een executive per se een dashboard wil. Maar als je na een aantal maanden vraagt wat de ROI was op die aankoop moeten ze je het antwoord schuldig blijven. Want alleen een dashboard op executive niveau geeft je geen ROI. Het zijn de data op operationeel niveau die tot ROI leiden. Wat kun je missen: het dashboard bij de executive of het scherm met informatie bij de medewerker klantenservice die in contact staat met de klant? In het laatste geval staat de business stil.”

De stelling van Quinn is dat organisaties veel meer waarde kunnen halen uit hun informatie. “De strategie bepaalt welke data daarin het meest belangrijk zijn. Als je bijvoorbeeld je marktaandeel wilt vergroten is je database met gegevens over prospects bedrijfskritisch. Als je winstgevendheid wilt vergroten moet je meer doen met je bestaande klanten. Het zijn zowel CIO’s als business unit managers die zitten met vragen over het vergroten van de waarde van data. Het gaat zeker niet alleen om IT-managers, in veel gevallen zijn het juist de mensen uit de business units die de vragen formuleren.”

Kosten verdubbelen

“Het gaat dus om meer dan het dashboard, dat gaat de problemen van een bedrijf niet oplossen. Een fout van een procent in de beschikbare data kan de kosten van je bedrijf verdubbelen. Dat is nogal wat, zeker omdat veel organisaties zonder schroom zeggen dat 95 procent van hun data klopt. Maar dat betekent dat vijf procent niet klopt. Dat gaat om aanzienlijke bedragen.”

Hij merkt dat dit verhaal een snaar raakt bij zijn publiek. “Veel hebben ze al eens gehoord, maar het is nog nooit op deze manier bij elkaar gebracht. Hier hebben ze in praktijk iets aan. Het ging altijd om losse onderdelen, maar er zat geen formele strategie achter de omgang met data. Veel analyse wordt gedaan omdat het kan, niet omdat het integraal onderdeel is van de strategie. Als je weet welke klanten op het punt staan naar en andere leverancier te gaan en waarom moet je met die informatie actie ondernemen, dat moet onderdel zijn van de business, niet alleen van een rapportage.”

Hij pleit voor een praktische aanpak. “Begin met de belangrijkste business units en processen. Maak daarvan een top drie, en geef aan wat het belangrijkste criterium is van succes. Richt je vervolgens op één project en één criterium.” Als voorbeeld noemt hij het Amerikaanse Ministerie van Defensie met het Air Mobility Command, dat verantwoordelijk is voor het vervoeren van gewonde soldaten.

Excel

“Het is een groot logistiek probleem om een gewonde soldaat van het front te vervoeren naar een ziekenhuis ergens ter wereld waar hij gespecialiseerde zorg kan krijgen. Ze moeten weten wie de soldaat is en wat het probleem is. Vervolgens moeten alle transportmiddelen die beschikbaar zij kennen, ze moeten weten welk ziekenhuis gespecialiseerd is in de gewenste verzorging. Het gaat om vijf databases wereldwijd die worden samengevoegd. Zo zijn er allerlei organisaties die grote hoeveelheden data uit verschillende databases moeten samenvoegen, van ziekenhuizen tot restaurants.“

“Het zijn nog steeds in veel gevallen Excel sheets waar input uit diverse bronnen in wordt verwerkt. Het bezit van die data wil niet zeggen dat je daarmee de business op operationeel niveau beïnvloedt. Bovendien vertrouwen veel mensen hun eigen data niet. Organisaties verzamelen meer data dan ooit tevoren. Veel van die gegevens komen van het internet. Dat zijn vaak incomplete gegevens. Mensen kopen lijsten met veel incorrecte adressen. Bedrijven die samengaan hebben onontdekte dubbelingen in hun bestand door spellingafwijkingen. Het gebeurt op zoveel manieren. En veel bedrijven hebben geen beleid voor datakwaliteit, laat staan dat het onderdeel is van de strategie. De neiging is groot om het datawarehouse aan te passen, maar dat is niet waar de kern van het probleem zit. Het is belangrijk het probleem al voor het datawarehouse op te lossen, en te zorgen dat er überhaupt geen fouten in het systeem komen.”